Begrippen

Lijst met begrippen die CBS hanteert in zijn statistieken. Door overal dezelfde definities te gebruiken, kunnen cijfers beter met elkaar vergeleken worden.

Lijst van begrippen

Ontbinding van het huwelijk door een beschikking van de rechter.

Toelichting
Voor de periode tot en met september 1994 ging het om alle beschikkingen door een Nederlandse rechter, ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. Het maakte daarbij niet uit of de bij die echtscheiding betrokken personen al dan niet inwoners van Nederland waren.
Vanaf oktober 1994 gaat het om de echtscheidingen waarvan ten minste één van de partners staat ingeschreven in het bevolkingsregister van een Nederlandse gemeente. Het maakt hierbij niet uit of de echtscheiding al dan niet door een Nederlandse rechter is uitgesproken.
Een echtscheiding wordt van kracht zodra de echtscheidingsbeschikking is ingeschreven in het echtscheidingsregister van de gemeente van huwelijkssluiting. Huwelijken die in het buitenland zijn gesloten en in Nederland zijn geregistreerd kunnen in Nederland worden ontbonden door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in het echtscheidingsregister van de gemeente 's-Gravenhage.

Zie ook: Huwelijksontbinding

Overeenkomst tussen scheidende partners met afspraken over bijvoorbeeld alimentatie, toewijzing echtelijke woning, gezag over minderjarige kinderen en omgang met deze kinderen. Deze afspraken kunnen voorafgaand aan de procedure voor de rechter, en buiten de rechter om, worden vastgelegd. De rechter kan deze afspraken opnemen in zijn eindbeschikking.

Zie ook: Eindbeschikking, Nevenvoorziening echtscheidingsprocedure

Verzoekschriftprocedure voor de Nederlandse rechter waarin hij een beslissing neemt inzake een verzoek tot echtscheiding, een verzoek tot scheiding van tafel en bed, een verzoek tot ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, of een verzoek via de rechter tot ontbinding van het geregistreerd partnerschap.

Toelichting
Een ontbinding van een geregistreerd partnerschap kan door tussenkomst van de rechter, maar dit hoeft niet. De zogenaamde flitsscheidingen, scheidingen buiten de rechter om, na een voorafgaande omzetting van het huwelijk in een geregistreerd partnerschap en inschrijving daarvan in de registers van de burgerlijke stand, zijn niet in de statistiek "Echtscheidingsprocedures" opgenomen.

Zie ook: Echtscheiding, Verzoekschriftprocedure

Situatie waarbij het persoonlijke inkomen uit arbeid of eigen onderneming hoger is dan de bijstandsuitkering voor een alleenstaande

Toelichting
Economische zelfstandigheid is een begrip dat beleidsmatig verbonden is met het bestaansminimum: iemand wordt als economisch zelfstandig beschouwd als het individuele netto inkomen uit arbeid en eigen onderneming op of boven de drempelwaarde ligt van de beleidsnorm voor het individuele inkomensminimum. Die drempelwaarde is gelijkgesteld aan 70% van het wettelijke netto minimumloon, ofwel de netto bijstand van een alleenstaande. De drempelwaarde stijgt of daalt van jaar tot jaar overeenkomstig de ontwikkeling van het sociale minimum. De grensbedragen vanaf 2000 zijn opgenomen in de tabel Netto bijstand van een alleenstaande: Netto bijstand van een alleenstaande (inkomensgrens economische zelfstandigheid) (PDF: 0,1 MB)

De verzameling van werkzaamheden, gericht op de productie van goederen en diensten.

Toelichting
Het gaat hierbij niet alleen om activiteiten van het bedrijfsleven, maar ook om activiteiten van niet op winst gerichte instellingen en de overheid.

Zie ook: Standaard Bedrijfsindeling 2008 (SBI 2008)

Een groep economische transacties van dezelfde aard. De afbakening is gericht op een statistische beschrijving van economische processen.

De volumegroei van het bruto binnenlands product (meestal tegen marktprijzen).

Rechterlijk college bestaande uit één rechter, dat minder ingewikkelde of minder belangrijke economische strafzaken behandelt.

Zie ook: Meervoudige economische kamer, Wet op de economische delicten (WED)

Gebied bestaande uit één of meer gemeenten die in economisch-geografisch opzicht een eenheid vormen.

Toelichting
De indeling dateert uit 1920, waarbij destijds is uitgegaan van landschappelijke differentiatie uit economisch- en fysisch-geografisch oogpunt. De huidige indeling in 129 gebieden is vooral gebaseerd op de in het verleden geldende economische structuur en het eigen karakter van gebieden. Vanaf 2010 is deze indeling niet meer in gebruik.

Een project waarbij meerdere instanties hun tellingen trachten te harmoniseren door waar mogelijk met uniforme definities en berekeningsmethoden te werken dan wel van hetzelfde bronbestand gebruik te maken.

Toelichting
In toenemende mate zijn de Onderwijsstatistieken van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) gebaseerd op ééncijferprojecten. Bij zo’n project werkt het CBS doorgaans samen met een of meer van de volgende instanties:
- OCW (het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap);
- EL&I (het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;
- DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs; een agentschap van OCW);
- de VSNU (Vereniging van Universiteiten; een overkoepelend orgaan voor het wetenschappelijk onderwijs);
- de HBO-raad (een overkoepelend orgaan voor het hoger beroepsonderwijs);
- de MBO-raad (een overkoepelend orgaan voor het middelbaar beroepsonderwijs);
- de VO-raad (een overkoepelend orgaan voor het voortgezet onderwijs).

De statistieken over ingeschrevenen, eerstejaars en gediplomeerden in het hoger onderwijs zijn gebaseerd op het project ‘Eéncijfer Hoger Onderwijs’. Daarbij is in 2004 een nieuwe tijdreeks over studenten en geslaagden vanaf het studiejaar 1986/’87 opgebouwd.

Bij de statistieken over leerlingen en gediplomeerden in het middelbaar beroepsonderwijs zijn de uitkomsten vanaf het schooljaar 2007/’08 gebaseerd op het project ‘Eéncijfer Middelbaar Beroepsonderwijs’.

Bij de statistieken over leerlingen en gediplomeerden in het voortgezet onderwijs zijn de uitkomsten vanaf het schooljaar 2006/’07 gebaseerd op het project ‘Eéncijfer Voortgezet Onderwijs’.

Elke woning die tevens een geheel pand vormt. Hieronder vallen vrijstaande woningen, aaneen gebouwde woningen, zoals twee onder één kap gebouwde hele huizen, boerderijen met woningen en voorts alle rijenhuizen.

Totale waarde van een object gedeeld door de hoeveelheid ervan.

Toelichting
Eenheidswaarden of unit values zijn gemiddelden.
Op het gebied van internationale handel is de unit value de totale invoer- of uitvoerwaarde van een goed gedeeld door de hoeveelheid van de invoer respectievelijk uitvoer.

In prijsindexcijfertheorie is de unit value een methode ter herleiding van een prijs. De unit value is de totale waarde van een product of productengroep in een bepaalde periode gedeeld door de hoeveelheid van dat product of die productengroep in de betreffende periode. Dit product kan een goed of een dienst zijn. Op het gebied van diensten is de unit value de totale waarde van opbrengsten van een dienst of dienstengroep gedeeld door het aantal eenheden van de betreffende dienst of dienstengroep.

Rechtsvorm zonder rechtspersoonlijkheid met één natuurlijke persoon (m/v) als eigenaar van het bedrijf. Deze eigenaar is volledig aansprakelijk voor alle bedrijfshandelingen en vermogensaangelegenheden. Er is geen onderscheid tussen bedrijfs- en privébezittingen.

Toelichting
Zaakschuldeisers kunnen zich verhalen op privébezittingen en privéschuldeisers kunnen zich op de bezittingen van het bedrijf verhalen.
Er kunnen meerdere personen werken in de eenmanszaak; de eigenaar kan personeel in dienst hebben.

Zie ook: Natuurlijk persoon, Rechtsvorm van bedrijven

Particulier huishouden bestaande uit één ouder met ten minste één minderjarig thuiswonend kind, zonder verdere overige leden.

Zie ook: Eenouderhuishouden, Samenstelling huishouden

Particulier huishouden bestaande uit één ouder met thuiswonende kinderen.

Zie ook: Eenoudergezin met minimaal een minderjarig kind

Particulier huishouden bestaande uit één persoon

Toelichting
Het begrip eenpersoonshuishouden refereert aan de samenstelling van het huishouden.

Zie ook: Alleenstaand

Huishouden met een (echt)paar van wie slechts één partner verdiener is.

Toelichting
Tot 2000: Huishouden met een (echt)paar van wie slechts één van beide partners persoonlijk inkomen heeft.

Zie ook: Verdiener

Vermogensmisdrijf, omschreven in artikel 310 Wetboek van Strafrecht. Het wegnemen van een goed waarvan men weet dat het van een ander is, met de bedoeling om het te houden.

Toelichting
Fietsen- en winkeldiefstal en zakkenrollerij zijn voorbeelden van eenvoudige diefstal.

Zie ook: Vermogensmisdrijf

Verlenen van eerste medische hulp bij andere gebeurtenissen dan brand, waarvoor de hulp van de brandweer werd ingeroepen.

Zie ook: Brandweer, Hulpverlening (brandweer)

Een persoon die voor het eerst staat ingeschreven binnen het hoger onderwijs (ho), het hoger beroepsonderwijs (hbo) of het wetenschappelijk onderwijs (wo).

Toelichting
Een persoon die de overstap maakt van het hbo naar het wo (of omgekeerd van het wo naar het hbo) is twee maal eerstejaarsstudent: één maal in het hoger beroepsonderwijs en één maal in het wetenschappelijk onderwijs. Deze persoon is echter maar één maal eerstejaarsstudent hoger onderwijs, namelijk in het studiejaar waarin hij voor het eerst ingeschreven staat voor een studie in het hoger onderwijs.

Het aantal levendgeborenen dat binnen zeven dagen na de geboorte is overleden.

Alle toekomstige opbrengsten van een lening, uitgedrukt in procenten van de waarde van de lening op het moment van waarneming.

Toelichting
Het effectief rendement wordt berekend volgens de 'contante waarde theorie'. Hierbij wordt het effectief rendement gedefinieerd als de rentevoet waarbij de contante waarde van alle toekomstige betalingen, dat zijn de rente- en aflossingsbetalingen, uitgedrukt in procenten van het totaal uitstaande bedrag van de lening, gelijk is aan de koers van de lening vermeerderd met de opgelopen rente.

In de waarneming worden in principe alle euro-obligaties betrokken, die definitief zijn genoteerd op de Officiële Markt van de Amsterdamse Effectenbeurs en waarvan storting heeft plaatsgevonden. De obligaties dienen een vast aflossingsschema en één vaste rentebetaling per jaar te hebben, niet vervroegd aflosbaar of verlengbaar te zijn en niet converteerbaar. Voorts dienen de leningen een gemiddeld resterende looptijd van twee jaar of langer te hebben en op de betreffende beursdag voor 13.30 uur een koersnotering te hebben gehad.
De gevonden leningen worden in een vijftal deelmarkten ondergebracht naar aard van de emittent en van de lening. Per deelmarkt worden de kleinste leningen met een gezamenlijk geplaatst bedrag van 5% van het totaal (bij de staatsleningen leningen t/m 500 mln Euro) buiten de selectie gehouden; waarna de deelmarkten in looptijdklassen, oplopend met één jaar, worden ingedeeld. Van elk van de in de looptijdklassen ingedeelde leningen wordt het effectief rendement bepaald. Als rendementspercentage voor het betreffende marktsegment geldt de mediaan van de looptijdklasse.

Zie ook: Duration

Gezuiverd afvalwater dat van de zuiveringsinrichting wordt afgevoerd naar het oppervlaktewater.

Betreft de door de politie ambtshalve geconstateerde strafbare feiten.

Zie ook: Ambtshalve aangifte, Strafbaar feit

Het vervoer van goederen voor eigen rekening; de goederen zijn uitsluitend bestemd voor, of afkomstig van eigen onderneming of bedrijf.

Criterium toegepast bij het vaststellen van investeringscijfers. Alleen materiële vaste activa die verkregen zijn door koop, huurkoop, financial lease of door vervaardiging in eigen bedrijf worden daarbij in aanmerking genomen. Materiële vaste activa die ter beschikking komen op basis van operational lease en huur blijven buiten beschouwing.

Toelichting
Vanaf 2000 zijn de investeringscijfers gebaseerd op het eigendomscriterium, dus exclusief operational lease en huur.

Een werkgever die met toestemming van de bedrijfsvereniging het risico van de wettelijke ziekengeldverzekering zelf draagt.

Toelichting
In de Organisatiewet Sociale Verzekeringen (OSV) is de regeling opgenomen, dat de bedrijfsvereniging een werkgever op diens verzoek toestemming moet geven het risico van de wettelijke ziekengeldverzekering zelf te dragen. De werkgever zal wel een bankgarantie moeten overleggen dan wel een verzekeringsovereenkomst, die een soortgelijke dekking geeft als de bankgarantie. De hoogte van de bankgarantie wordt in het algemeen bepaald op een derde van het laatstelijk voor de werkgever vastgesteld ziekteverzuimcijfer maal de loonsom, waarover laatstelijk WW-voorschotpremie is vastgesteld.

Uitspraak door het gerechtshof waarmee een burgerlijke zaak wordt beëindigd die is begonnen met een dagvaarding.

Zie ook: Uitspraak (juridisch)

Uitspraak door de rechter waarmee een burgerlijke zaak wordt beëindigd die is begonnen met een verzoekschrift.

Zie ook: Uitspraak (juridisch)

Uitspraak van de rechter waardoor een strafzaak wordt beëindigd.

Zie ook: Strafrecht, Uitspraak (juridisch)

Pensioenregeling waarbij het pensioen gebaseerd is op het laatste salaris voor pensionering.

Toelichting
In principe resulteert een inkomen dat gelijk is aan (veelal) 70 procent van het laatstverdiende salaris. Pensioenbreuken bij wisseling van werkgever en een werkzaam leven van minder dan 40 jaar verhinderen dat dit percentage ook werkelijk wordt behaald.

Uitspraak door de rechter, die een burgerlijke zaak, begonnen met een dagvaarding, beëindigt.

Zie ook: Burgerlijk recht, Dagvaarding

Eindvoorraad grond- en hulpstoffen en verpakkingsmiddelen.

Toelichting
De op de balans vermelde waarde voor grond- en hulpstoffen (inclusief ingekochte halffabricaten) en verpakkingsmiddelen aan het einde van de periode.

Waarde op de balans van handelsgoederen aan het einde van de periode

Stroom van elektronen die wordt gebruikt om bijvoorbeeld lampen te laten branden of wasmachines te laten draaien. Elektronen zijn elementaire deeltjes in een atoom met een negatieve lading, die door een spanningsverschil gaan stromen.

Tehuis waarin gedetineerden 's nachts en in het weekend verblijven waarbij zij een zender bij zich dragen in de vorm van een enkelband. Overdag volgen de gedetineerden een gemeenschappelijk dagprogramma (arbeid) buitenshuis. Een computer registreert op welke tijdstippen de deelnemers het tehuis verlaten en terugkeren en waar ze zich in het tehuis ophouden.

Toelichting
Het Elektronisch Detentiehuis wordt gerekend tot de overige capaciteit van penitentiaire inrichtingen en telt dus mee in de totale capaciteit daarvan.

Zie ook: Gedetineerde

Vertrek van personen naar het buitenland.

Toelichting
Tot en met september 1994 werd men uit het bevolkingsregister afgevoerd wanneer men Nederland voor langer dan 360 dagen dacht te verlaten. Met ingang van oktober 1994 geldt dat de verwachte verblijfsduur in het buitenland ten minste acht maanden bedraagt. Het gaat hier steeds om de aan de gemeente gemelde emigratie.

Zie ook: Buitenlandse migratie

Emigratie inclusief het saldo van de administratieve correcties.

Zie: Emigratie, Saldo administratieve correcties

De uitgifte van effecten (aandelen of obligaties) door ondernemingen, overheid, e.a. ter verkrijging van nieuw vermogen.

Zie ook: Herplaatsing (aandelen), Openbare emissie

Uitstoot, lozing.

Het bedrag dat middels de uitgifte van aandelen of obligaties door de emittent is aangetrokken.

Toelichting
Het emissiebedrag is het product van de uitgiftekoers en het aantal uitgegeven aandelen respectievelijk het totale gevraagde nominale bedrag van de obligaties.

Het effectief rendement van de obligatie op de stortingsdatum op basis van de koers van uitgifte.

Het vermogen om arbeid te kunnen verrichten.

Toelichting
Meestal is het doel om warmte
of kracht nuttig te gebruiken. Voorbeelden van energie zijn aardgas,
aardolie, windenergie en elektriciteit.

Het totaal van grondstoffen en producten dat volgens de Gecombineerde Nomenclatuur (GN, ofwel goederennaamlijst voor de internationale handel) wordt geregistreerd onder hoofdstuk 27, de statistieknummers 29022000 t/m 29029090 en de tariefposten 3403 en 3811. Hieronder vallen onder meer ruwe aardolie, aardolieproducten, aardgas, steenkool en elektriciteit.

Warmte die ontstaat in een afvalverbrandingsinstallatie, de warmte die verbranding van hout oplevert en het gas dat ontstaat bij de gisting van organisch materiaal.

De hoeveelheid energie die in het land primair beschikbaar komt (invoer plus winning en voorraadonttrekking) minus de hoeveelheid die het land verlaat (uitvoer en brandstofbunkering voor grensoverschrijdend verkeer).

Industrie, transport, huishoudens, diensten en landbouw. Anders gezegd: alle bedrijven, instellingen en particulieren, behalve de energiebedrijven.

Bedrijf dat energie wint, omzet of produceert voor derden.

Toelichting
Voorbeelden: aardgaswinningsbedrijven, raffinaderijen, elektriciteitscentrales, aardgas- en elektriciteitsdistributiebedrijven.

Een heffing op aardgas, elektriciteit en andere verwarmingsbrandstoffen (huisbrandolie, petroleum, LPG voor zover niet gebruikt voor het aandrijven van motorrijtuigen en pleziervaartuigen).

Toelichting
Deze belasting werd op 1 januari 1996 ingesteld (Stb. 95-662).

De energiebelasting voor de verwarmingsbrandstoffen werd in drie tranches ingevoerd, zodat op 1 januari 1998 de uiteindelijk in de wet genoemde hoogte daarvan bereikt was. Voor wat betreft elektriciteit was het bereik van de energiebelasting beperkt tot de verbruiker die beschikt over een aansluiting met een maximale doorlaatwaarde van 3x80 ampère. M.i.v. 1 januari 1997 (Stb. 96-688) werd deze beperking opgeheven.

Voor elektriciteit en aardgas werden afnamezones vastgesteld waarover de belasting geheven wordt. De oorspronkelijke zones waren: elektriciteit 801 t/m 50 000 kWh aardgas 801 t/m 170 000 m3

Aardgas ingezet ten behoeve van elektriciteitsopwekking, alsmede aardgas ingezet in een WKK-installatie, zijn vrijgesteld van energiebelasting.

Anders dan voorzien in de oorspronkelijke regeling werden per 1 januari 1999 de afnamezones sterk gewijzigd en de tarieven per geleverde hoeveelheid elektriciteit en aardgas verhoogd. Per 1 januari 2000 vonden eveneens tariefsverhogingen plaats.

Met ingang van 1 januari 2001 zijn de belastingvrije voeten voor aardgas en elektriciteit, 800 m3, resp. 800 kWh per jaar, vervangen door één belastingvermindering per elektriciteitsaansluiting. In 2001 bedroeg deze belastingvermindering 312 gld (142 euro) (Stb. 2000-568). Tevens is opnieuw de energiebelasting per geleverde hoeveelheid aardgas en elektriciteit verhoogd. De belastingvermindering van 312 gld vindt plaats ongeacht de verbruikte hoeveelheden aardgas en elektriciteit.

Voor propaan/butaan, huisbrandolie en petroleum zijn maximum hoeveelheden vastgesteld waarover de belasting geheven wordt. Deze hoeveelheden zijn: propaan/butaan 119 000 kg huisbrandolie 159 000 ltr petroleum 153 000 ltr.

Een product dat energie bevat in de vorm van een brandstof, warmte of kracht.

Toelichting
Aardolie, aardgas en steenkool zijn fossiele energiedragers. Het zijn ook primaire energiedragers omdat ze uit de natuur gewonnen worden. Secundaire energiedragers zijn energiedragers die ontstaan door omzetting. Een voorbeeld hiervan is de elektriciteit die in een elektriciteitscentrale wordt opgewekt. De met windmolens of met waterkracht opgewekte elektriciteit is echter een primaire energiedrager.

Zie ook: Primaire energiedrager, Secundaire energiedrager

Energie niet afkomstig uit fossiele, hernieuwbare of nucleaire energiedragers.

Toelichting
Energie niet afkomstig uit fossiele, hernieuwbare of nucleaire energiedragers. Hieronder vallen:
- Het niet-biogene deel van huishoudelijk en industrieel afval dat is gebruikt voor productie van energie,
- Elektriciteit opgewekt door het uitzetten van gas in gasexpansieturbines,
- Warmte die vrijkomt bij chemische reacties,
- Energie die afkomstig is van een diepte van minder dan 500 (bodemenergie boven deze diepte is grotendeels afkomstig van uitwisseling van energie met de atmosfeer op seizoensbasis, ondiepe bodemenergie staat ook bekend als warmte/koudeopslag),
- Warmte uit de buitenlucht (deze wordt benut voor verwarming van woningen en utiliteitsgebouwen door gebruik te maken van een warmtepomp),
- Warmte uit net gemolken melk.

Het veranderen van de ene energiedrager in de andere.

Toelichting
Dit kan de omzetting zijn van een brandstof in elektriciteit of warmte. Het kan ook de omzetting zijn van een brandstof in een andere soort brandstof, zoals de omzetting van ruwe aardolie in benzine.

Zie ook: Saldo energieomzetting

De hoeveelheid energie die is gebruikt door bedrijven, huishoudens en vervoer in Nederland.

Toelichting
Energie kan zijn verbruikt:
- bij omzetting in andere energiedragers, dit is de inzet minus de productie van energie, anders zou deze energie dubbel meetellen,
- als finaal verbruik.

Engels en Nederlandstalig internationaal voortgezet onderwijs op het niveau van het Nederlandse havo voor leerlingen met een buitenlandse of Nederlandse nationaliteit van wie de ouders voor een bepaalde tijd in Nederland of in het buitenland werken.

Toelichting
De Engelse Stroom vormt samen met het Internationaal Baccalaureaat het Internationaal Georiënteerd Voortgezet Onderwijs (IGVO). De opleiding is bedoeld voor leerlingen vanaf 11 jaar en duurt 4 of 5 jaar. De vakken die de leerlingen volgen zijn vergelijkbaar met die in het voortgezet onderwijs op het niveau van het Nederlandse havo (o.a. wiskunde, geschiedenis, scheikunde), maar worden voor het merendeel in het Engels aangeboden. Daarnaast is voor alle leerlingen een cursus Nederlands verplicht. Het leerplan van de Engelse Stroom is mede gericht op de mogelijkheid om de leerlingen door te laten stromen naar het eerste leerjaar van het Internationaal Baccalaureaat (IB) of tussentijds het onderwijs te vervolgen in het vwo, havo of vmbo. De cursus leidt op voor een internationaal erkend diploma.

Bij Nederlandse leerlingen geldt dat zij ten minste twee jaar in het buitenland onderwijs moeten hebben genoten of in de nabije toekomst zullen gaan volgen.

Zie ook: Internationaal Baccalaureaat (IB)

Verdachte die in het peiljaar één of meer misdrijven heeft gepleegd die tot dezelfde categorie horen.

Zie ook: Meersoortige verdachte, Misdrijf, Pleegprofiel, Tweesoortige verdachte, Verdachte

Bevalling waarbij één kind wordt geboren.

Toelichting
Een bevalling waarbij twee of meer kinderen worden geboren (tweeling, drieling, enz.) wordt meervoudige geboorte genoemd.

Het aankopen van goederen door een bedrijf bij een niet-ingezeten bedrijf. Deze goederen worden tot het moment van doorverkoop aan een ander niet-ingezeten bedrijf opgeslagen in een douane-entrepot in Nederland. De doorverkochte goederen verlaten Nederland weer zonder in Nederland te zijn ingeklaard. Het betreft hier alleen goederen die buiten de EU zijn aangekocht.

Toelichting
Goederen kunnen na uitslag uit het entrepot direct doorgaan naar het buitenland (entrepotdoorvoer) of worden vrijgemaakt in Nederland. In het laatste geval betreft het invoer. Van deze goederen neemt het CBS alleen het brutogewicht waar; over de waarde zijn geen gegevens beschikbaar.

De eigen gezondheidstoestand zoals een persoon die zelf ervaart.

Toelichting
De vraagstelling luidt: Hoe is over het algemeen uw gezondheid/de gezondheid van uw kind? Tot 2001 kon deze vraag beantwoord worden met (1) zeer goed, (2) goed, (3) gaat wel, (4) soms goed en soms slecht, (5) slecht. Vanaf 2001 zijn de antwoordmogelijkheden (1) zeer goed, (2) goed, (3) gaat wel, (4) slecht, (5) zeer slecht. Een consistente voortzetting van trends in alle afzonderlijke categorieën is daarmee niet meer mogelijk. Wel kunnen consistente trends worden gepresenteerd voor de categorieën 'zeer goed', 'goed' en 'minder goed' (samenvoeging van categorieën 3+4+5).

Een koolwaterstof bestaande uit twee koolstof- en zes waterstofatomen (C2H6)

Loodvrije motorbenzine met een octaangetal tussen 95 en 98.

Loodvrije motorbenzine met een octaangetal kleiner dan 98.

Europees samenwerkingsverband met rechtspersoonlijkheid van minstens twee natuurlijke en/of niet-natuurlijke personen uit verschillende lidstaten, die economische activiteiten in de Europese Unie ontplooien. Het samenwerkingsverband is gebaseerd op verordening 2137/85 van de Europese Unie. Doel is niet het maken van winst voor zichzelf, maar het ontwikkelen, bevorderen of ondersteunen van de economische activiteiten van de leden door het samenbrengen van middelen, activiteiten en vakkennis.

Toelichting
De activiteiten van het samenwerkingsverband hangen samen met die van de leden maar mogen deze niet vervangen. Eventueel gemaakte winst wordt onder de leden verdeeld en overeenkomstig belast. De leden zijn elk onbeperkt en hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden van het samenwerkingsverband.

Zie ook: Europese Unie, Natuurlijk persoon, Niet-natuurlijke persoon, Rechtspersoon

Verblijfsvergunning, bedoeld voor werknemers die hooggekwalificeerde arbeid verrichten binnen de Europese Unie.

Toelichting
Om in aanmerking te komen voor een Europese Blue Card moeten werknemers voldoen aan een loon- en opleidingseis.

Zie ook: Immigratie

Europese rechtspersoon, gebaseerd op Verordening 1435/2003 van de Europese Unie, specifiek gericht op bedrijven die als een coöperatie op de Europese markt economisch actief willen zijn. De rechtspersoon is niet gebonden aan een enkele lidstaat, maar heeft een eigen Europees juridisch kader.

Toelichting
Het eigen Europees juridisch kader maakt het de leden gemakkelijker om grensoverschrijdende activiteiten te ontwikkelen door samenwerking of fusie van bestaande coöperaties uit verschillende lidstaten, of door het opzetten van nieuwe coöperaties op Europese schaal.

Een Europese coöperatieve vennootschap kan worden opgericht:
• door minstens vijf natuurlijke personen uit minstens twee verschillende lidstaten;
• door minstens vijf natuurlijke personen en/of rechtspersonen die zelf rechtstreeks of via vestigingen onder het recht van verschillende lidstaten vallen;
• door vennootschappen die zelf rechtstreeks of via vestigingen onder het recht van verschillende lidstaten vallen;
• door coöperaties uit minstens twee verschillende lidstaten;
• door omzetting van een coöperatie die al minstens twee jaar een vestiging of filiaal heeft die onder het recht van een andere lidstaat valt.

Zie ook: Coöperatie, Europese Unie, Rechtspersoon

Samenwerkingsverband van Europese staten, onder deze naam opgericht in 1993 door het Verdrag van Maastricht, maar met voorlopers in de jaren '50 van de vorige eeuw, gericht op het bereiken van gemeenschappelijke doelen op het politieke, economische en juridische vlak.

Toelichting
"De Europese Unie, met voorlopers in de jaren '50 van de vorige eeuw, bestaat uit de volgende landen:
Vanaf 1-1-1958: België, Bondsrepubliek Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland.
Toegetreden op 1-1-1973: Denemarken, Ierland en Verenigd Koninkrijk.
Toegetreden op 1-1-1981: Griekenland.
Toegetreden op 1-1-1986: Portugal en Spanje.
Toegetreden op 1-1-1995: Oostenrijk, Finland en Zweden.
Toegetreden op 1-5-2004: Cyprus, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Malta, Polen, Slowakije, Slovenië en Tsjechië.
Toegetreden op 1-1-2007: Bulgarije, Roemenië.
Toegetreden op 1-7-2013: Kroatië
Een belangrijk doel van de EU is het vrije verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal binnen het samenwerkingsverband. Op veel terreinen hebben de lidstaten bevoegdheden overgedragen aan het samenwerkingsverband, daarnaast zijn er terreinen waarbij het zelfbeschikkingsrecht van de lidstaten is gehandhaafd en besluiten alleen bij eenstemmigheid kunnen worden genomen."

De samenstelling van de Europese Unie per 1 januari 1981: België, Bondsrepubliek Duitsland, Denemarken, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland en het Verenigd Koninkrijk.

Zie ook: Europese Unie

De samenstelling van de Europese Unie per 1 januari 1986: België, Bondsrepubliek Duitsland, Denemarken, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Portugal, Spanje en het Verenigd Koninkrijk.

Zie ook: Europese Unie

De samenstelling van de Europese Unie per 1 januari 1995: België, Duitsland, Denemarken, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk en Zweden.

Zie ook: Europese Unie

De samenstelling van de Europese Unie per 1 mei 2004: België, Duitsland, Cyprus, Denemarken, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Slowakije, Slovenië, Spanje, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk en Zweden.

Zie ook: Europese Unie

De samenstelling van de Europese Unie per 1 januari 2007: België, Bulgarije, Duitsland, Cyprus, Denemarken, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slowakije, Slovenië, Spanje, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk en Zweden.

Zie ook: Europese Unie

De samenstelling van de Europese Unie per 1 januari 2013: België, Bulgarije, Duitsland, Cyprus, Denemarken, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Kroatië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slowakije, Slovenië, Spanje, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk en Zweden.

Zie ook: Europese Unie

De samenstelling van de Europese Unie per 1 januari 1958: België, Bondsrepubliek Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland.

Zie ook: Europese Unie

De samenstelling van de Europese Unie per 1 januari 1973: België, Bondsrepubliek Duitsland, Denemarken, Frankrijk, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland en het Verenigd Koninkrijk.

Toelichting
.

Zie ook: Europese Unie

Europese rechtspersoon, gebaseerd op Verordening 2157/2001 van de Europese Unie, met een in aandelen verdeeld maatschappelijk kapitaal, die vrij overdraagbaar zijn. De rechtspersoon is niet gebonden aan een enkele lidstaat, maar heeft een eigen Europees juridisch kader.

Toelichting
Het eigen Europees juridisch kader voorkomt dat grensoverschrijdende fusies en zetelverplaatsing worden gehinderd door juridische en praktische bezwaren die voorvloeien uit het bestaan van verschillende nationale rechtsorden.

De Europese vennootschap kan op vier manieren worden opgericht:
• door een fusie van naamloze vennootschappen uit verschillende lidstaten;
• door oprichting van een Europese holdingmaatschappij door naamloze of besloten vennootschappen die zelf rechtstreeks, of via dochtervennootschappen of bijkantoren, onder het recht van verschillende lidstaten vallen;
• door oprichting van een gezamenlijke dochtervennootschap door publiek- en/of privaatrechtelijke lichamen die zelf rechtstreeks, of via dochtervennootschappen of bijkantoren, onder het recht van verschillende lidstaten vallen;
• door omzetting van een naamloze vennootschap met een dochtervennootschap of bijkantoor die onder het recht van een andere lidstaat valt.
De Europese vennootschap kan haar hoofdkantoor (zetel) gemakkelijk binnen de Europese Unie verplaatsen, zonder dat ze in de eerste lidstaat moet worden ontbonden en in de andere opnieuw opgericht.

Zie ook: Europese Unie, Rechtspersoon

Alle landen die deelnemen aan de Economische en Monetaire Unie van Europa:

Toelichting
Vanaf 1-1-1999: België, Duitsland, Ierland, Spanje, Frankrijk, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal en Finland.
Toegetreden op 1-1-2001: Griekenland.
Toegetreden op 1-1-2007: Slovenië.
Toegetreden op 1-1-2008: Cyprus en Malta.
Toegetreden op 1-1-2009: Slowakije.
Toegetreden op 1-1-2011: Estland.
Toegetreden op 1-1-2014: Letland.

De opzettelijke beëindiging van het leven door een ander dan de betrokkene op diens uitdrukkelijke verzoek.

Toelichting
Voor de statistiek is sprake van euthanasie indien de arts heeft aangegeven dat het overlijden van de patiënt het gevolg is geweest van het gebruik van een middel dat door hem/haar of door een collega is voorgeschreven, verstrekt of toegediend met het uitdrukkelijke doel het levenseinde te bespoedigen én tevens is aangegeven dat de patiënt het middel niet uitsluitend zelf heeft toegediend of tot zich heeft genomen én dat deze beslissing is genomen op uitdrukkelijk verzoek van de patiënt.

Het aantal gehele jaren dat op de laatste verjaardag van een persoon is verstreken sinds zijn of haar geboortedatum.

Toelichting
Dit is de leeftijd die doorgaans in de spreektaal wordt gehanteerd.

De toegevoegde waarde na aftrek van de beloning van werknemers en het saldo van overige belastingen en subsidies op productie, zoals onroerendezaakbelasting (ozb) en motorrijtuigenbelasting.

Toelichting
Het saldo dat resteert nadat het binnenlands product (marktprijzen) is verminderd met de beloning van werknemers en het saldo van betaalde belastingen op productie en invoer en ontvangen subsidies. Afhankelijk van de behandeling van de afschrijvingen is het exploitatieoverschot bruto (incl. afschrijvingen) of netto (excl. afschrijvingen).
Bij vennootschappen kan het worden opgevat als beloning voor de inzet van kapitaal. Bij zelfstandigen bevat het daarnaast een beloning voor de inzet van arbeid door zelfstandigen en hun meewerkende gezinsleden.

Een ruimte waar archiefmateriaal kan worden tentoongesteld.

De mogelijkheid om via een computer van het bedrijf te communiceren met de computer(s) van derden.

Vorm van vrijheidsbeperking waarbij gevangenen buiten de muren van een penitentiaire inrichting verblijven.

Toelichting
Onder extramurale detentie vallen de extramurale penitentiaire programma's (met en zonder elektronisch toezicht), elektronische toezicht en elektronische detentie. Het elektronisch detentiehuis (EDH) valt niet onder extramurale detentie omdat hier de gedetineerden in een penitentiaire inrichting verblijven.

Zie ook: Elektronisch Detentiehuis (EDH), Gedetineerde, Penitentiaire inrichting

Leerlingen of studenten die uitsluitend ingeschreven staan om examen te doen.

Toelichting
In het middelbaar beroeps- en hoger onderwijs bestaat de mogelijkheid om zich in te schrijven voor een examen zonder lessen of colleges te volgen.