Begrippen

Lijst met begrippen die CBS hanteert in zijn statistieken. Door overal dezelfde definities te gebruiken, kunnen cijfers beter met elkaar vergeleken worden.

Lijst van begrippen

Een samentelling van SBI-secties M en N.

Toelichting
Omvattend de SBI-categorieën:
M Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening:
69 Rechtskundige dienstverlening, accountancy, belastingadvisering en administratie
70 Holdings (geen financiële), concerndiensten binnen eigen concern en managementadvisering
71 Architecten, ingenieurs en technisch ontwerp en advies; keuring en controle
72 Speur- en ontwikkelingswerk
73 Reclame en marktonderzoek
74 Industrieel ontwerp en vormgeving, fotografie, vertaling en overige consultancy
75 Veterinaire dienstverlening
N Verhuur van roerende goederen en overige zakelijke dienstverlening:
77 Verhuur en lease van auto's, consumentenartikelen, machines en overige roerende goederen
78 Arbeidsbemiddeling, uitzendbureaus en personeelsbeheer
79 Reisbemiddeling, reisorganisatie, toeristische informatie en reserveringsbureaus
80 Beveiliging en opsporing
81 Facility management, reiniging en landschapsverzorging
82 Overige zakelijke dienstverlening

Een verlaging van de gemeentelijke heffingen met f 100,- per huishouden ter compensatie van de lastenstijging.

Toelichting
Deze maatregel is in 1998 door minister Zalm ingevoerd als compensatie voor de op grond van het rijksbeleid gestegen gemeentelijke heffingen. Om de maatregel te financieren is de uitkering aan de gemeenten uit het Gemeentefonds verhoogd. De maatregel is met ingang van 2005 afgeschaft.

Het zich benemen van het leven.

Een persoon die arbeid verricht voor eigen rekening of risico in een eigen bedrijf of praktijk.

Zie ook: Zelfstandige

Een persoon die arbeid verricht voor eigen rekening of risico. Hierbij worden twee invalshoeken gehanteerd: 1) Zelfstandige (sociaaleconomische invalshoek) Een persoon die arbeid verricht voor eigen rekening of risico - in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer), of - als directeur-grootaandeelhouder (dga), of - in het bedrijf of de praktijk van een gezinslid (meewerkend gezinslid), of - als overige zelfstandige (bijvoorbeeld in een zelfstandig uitgeoefend beroep). 2) Zelfstandige (economische invalshoek) Een persoon die arbeid verricht voor eigen rekening of risico - in een eigen bedrijf of praktijk, of - in het bedrijf of de praktijk van een gezinslid, of - als overige zelfstandige (bijvoorbeeld in een zelfstandig uitgeoefend beroep).

Toelichting
Voor directeuren-grootaandeelhouders (dga’s) geldt dat zij als werknemers kunnen worden gezien, omdat zij net als de andere werknemers loon ontvangen van het bedrijf waar zij in dienst zijn óf als zelfstandigen, omdat hun positie en verantwoordelijkheden in het bedrijf lijken op die van de andere zelfstandigen. Vanuit de economische invalshoek zijn dga’s daarom werknemers, vanuit de sociaaleconomische invalshoek zijn dga’s zelfstandigen. Meewerkende gezinsleden worden, ongeacht de invalshoek, tot zelfstandigen gerekend tenzij zij een arbeidsovereenkomst zijn aangegaan. Huishoudelijke hulpen, gastouders, babysitters, krantenbezorgers en folderaars worden ook beschouwd als zelfstandigen. In registraties en enquêtes komen deze vormen van arbeid slechts deels voor, voor de Arbeidsrekeningen worden deze activiteiten daarom bijgeraamd.

Personen die als werknemer én als zelfstandige werken, worden als zelfstandige geclassificeerd indien hun werk als zelfstandige qua inkomen (Arbeidsrekeningen en Inkomensstatistiek) of qua arbeidsduur (EBB) hun hoofdactiviteit is.

In de statistiek Bedrijvendemografie wordt het aantal bedrijven en hun activiteit vastgesteld. Hoewel er bedrijven geteld worden en geen zelfstandigen, kan er wel een link gemaakt worden tussen het bedrijf en de zelfstandig ondernemer en de dga.

Zie ook: Positie in de werkkring

Een persoon die arbeid verricht voor eigen rekening of risico - in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer), of - als directeur-grootaandeelhouder (dga), én - die daarbij personeel in dienst heeft.

Zie ook: Zelfstandige

Verlening van de Nederlandse nationaliteit aan meerderjarige niet-Nederlanders.

Toelichting
Om het Nederlanderschap te kunnen toekennen, mogen er geen bedenkingen bestaan tegen het verblijf voor onbepaalde tijd in Nederland, de Nederlandse Antillen of Aruba.
Degene die om naturalisatie verzoekt, moet ten minste vijf jaren onmiddellijk voorafgaand aan het verzoek in Nederland, de Nederlandse Antillen of Aruba woonplaats of werkelijk verblijf hebben gehad.
Verzoeker moet als ingeburgerd worden beschouwd in de Nederlandse, de Nederlands-Antilliaanse of Arubaanse samenleving (hetgeen onder andere blijkt uit een redelijke kennis van de Nederlandse taal en de opname in de Nederlandse, de Nederlands-Antilliaanse of Arubaanse samenleving).
Op de woonplaatstermijn van vijf jaar bestaat een aantal uitzonderingen. Zo geldt bijvoorbeeld deze termijn niet voor verzoekers die ooit de Nederlandse nationaliteit hebben bezeten en is deze termijn drie jaar voor verzoekers die gehuwd zijn met een Nederlander of een duurzame relatie anders dan het huwelijk met een Nederlander hebben.

Bedrijfseenheden in SBI 86.92.4 ('Medische laboratoria, trombosediensten en overige instellingen voor behandelingondersteunend onderzoek') met als enige activiteit trombosedienst.

Toelichting
Hieronder vallen ook diensten die een onderdeel zijn van het Nederlandse Rode Kruis.

Zie ook: Trombosedienst

Een persoon die arbeid verricht voor eigen rekening of risico - in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer), of - als directeur-grootaandeelhouder (dga), of - als overige zelfstandige (bijvoorbeeld in een zelfstandig uitgeoefend beroep), én - die daarbij geen personeel in dienst heeft.

Zie ook: Zelfstandige

Klasse uit de indeling Vaarwegen bevaarbaarheid (CEMT). Vaarweg uitsluitend geschikt voor vaartuigen met een maximale lengte van 270 meter en een maximale breedte van 22,80 meter (lange formatie), of een maximale lengte van 193 meter en een maximale breedte van 34,20 meter (brede formatie). In beide gevallen is de maximale diepgang 4,00 meter. Het laadvermogen van dergelijke schepen is over het algemeen maximaal 18 000 ton.

Zie ook: Vaarwegen, bevaarbaarheid (CEMT)

Per 1 januari 2006 buiten werking gestelde wet die tot doel had om personen met een inkomen beneden de loongrens te verzekeren van een goede geneeskundige verzorging. De wet gaf geen recht op geld, maar op de gezondheidsvoorzieningen zelf (in natura). Vanaf 1 januari 2006 opgevolgd door de Zorgverzekeringswet.

Medisch-specialistisch centrum voor behandeling en verpleging met overnachting, waar gedurende dag en nacht aan personen met een specifieke fysieke ziekte één of meer vormen van medische specialistische hulp en de daarmee verband houdende verpleging en verzorging geboden worden.

Een trombosedienst die onderdeel is van een ziekenhuis.

Toelichting
Tromboseactiviteiten zijn hier vaak op zodanige wijze in de totale ziekenhuisadministratie geïntegreerd dat uitsplitsing van de gegevens niet altijd mogelijk is.

Zie ook: Trombosedienst

Het aantal verzuimde kalenderdagen (inclusief weekends) gedeeld door de personeelsomvang vermenigvuldigd met het aantal kalenderdagen.

Toelichting
Bij parttimers wordt het aantal verzuimde kalenderdagen vermenigvuldigd met de deeltijdfactor. De personeelsomvang wordt uitgedrukt in voltijdsequivalenten (fte). Het ziekteverzuimpercentage heeft betrekking op de lopende gevallen in de verslagperiode.

Het ziekteverzuimpercentage is het totaal aantal ziektedagen van de werknemers, in procenten van het totaal aantal beschikbare werkdagen van de werknemers in de verslagperiode.

Toelichting
Ziekteverzuimpercentage inclusief verzuim langer dan één jaar en exclusief zwangerschaps- en bevallingsverlof. Met ingang van 1 december 2001 valt het reguliere zwangerschaps- en bevallingsverlof niet meer onder de Ziektewet, maar onder de Wet Arbeid en Zorg. Alleen ziekte als gevolg van zwangerschap valt nog onder de Ziektewet.

Bij de berekening van het ziekteverzuimpercentage bij deeltijdwerk dient in de teller het aantal verzuimde kalenderdagen per persoon vermenigvuldigd te worden met de deeltijdfactor. Dit wordt vervolgens uitgedrukt als percentage. De personeelssterkte is het aantal fulltime-equivalenten (fte).

Dit is het aantal door ziekte verzuimde dagen, in procenten van het totaal aantal beschikbare dagen van de werknemers van particuliere bedrijven in het kwartaal.

Toelichting
Met ingang van 1 januari 2002 valt het reguliere zwangerschaps- en bevallingsverlof niet meer onder de Ziektewet, maar onder de Wet Arbeid en Zorg. Alleen ziekte als gevolg van zwangerschap valt nog onder de Ziektewet. Vanaf het eerste kwartaal 2002 moet het ziekteverzuim inclusief zwangerschaps- en bevallingsverlof geïnterpreteerd worden als 'Ziekteverzuim en verzuim als gevolg van zwangerschaps- en bevallings- verlof'. De cijfers hebben betrekking op alle bedrijven en instellingen met uitzondering van :
- overheidsinstellingen;
- personeel in dienst van huishoudens;
- internationale gemeenschapsorganen;
- bedrijven en instellingen die volgens het Algemeen bedrijfs- register van het CBS geen werknemers in dienst hebben.

het ziekteverzuim overheid, inclusief verzuim langer dan een jaar en exclusief zwangerschaps- en bevallingsverlof. (Hierbij een verwijzing naar het begrip ziekteverzuim overheid).

Toelichting
Voortschrijdende jaargemiddelden worden elk kwartaal opnieuw berekend door aan de verslagperiode een nieuw kwartaal toe te voegen en het oudste kwartaal weg te laten. Hierdoor worden de seizoensinvloeden grotendeels uitgeschakeld. Het voortschrijdend jaargemiddelde van het ziekteverzuimpercentage is aangegeven bij het laatste kwartaal in de periode.

Deze wet biedt zieke werknemers een uitkering als zij geen werkgever meer hebben die hun loon moet doorbetalen.

Toelichting
Ziek is iemand die door ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling niet in staat is om zijn arbeid te verrichten.

Juni tot en met augustus.

De zomerperiode loopt van 1 mei tot 1 oktober en omvat 22 weken.

Toelichting
De zomerperiode omvat 22 weken in de maanden mei tot oktober.

Zonnestraling gebruikt voor de productie van warm water of elektriciteit door zonnecollectoren of zonnecellen.

Zonnestraling omgezet in elektriciteit.

Toelichting
Ook bekend als fotovoltaïsch opgewekte zonne-energie.

Zonnestraling omgezet in warmte.

Tot en met 2005: verzekering tegen ziektekosten welke is opgesplitst in een collectief en een particulier deel. Het collectieve deel is gebaseerd op de Ziekenfondswet (ZFW) en de Algemene wet bijzondere ziektekosten (AWBZ). Het particuliere deel bestaat uit particuliere en publiekrechtelijke ziektekostenverzekeringen (IZA\IZR). Vanaf 2006: verzekering tegen ziektekosten welke is opgesplitst in een collectief en een particulier deel. Het collectieve deel bestaat uit de AWBZ en de basisverzekering van de zorgverzekeringswet met uitkeringen in natura. Het particuliere deel bestaat uit de aanvullende verzekeringen met uitkeringen in geld.

Zie ook: Zorgverzekeringswet (ZVW)

Wet die een verplichte basisverzekering regelt voor kortdurende, op genezing gerichte zorg voor iedereen die rechtmatig in Nederland woont of hier loon- of inkomstenbelasting betaalt. Deze wet is op 1 januari 2006 in werking getreden en vervangt o.a. de Ziekenfondswet (ZFW).

Zie ook: Zorgverzekering

De kosten en/of de heffingen of belastingen die direct verband houden met het zuiveren van afvalwater.

Duur in maanden (eventueel weken en dagen) van de periode tussen de conceptie en de (dood)geboorte.

Persoon die minstens één keer per week zes of meer (mannen) of vier of meer (vrouwen) glazen alcohol op een dag drinkt.

Toelichting
Tot en met 2012 gold voor zowel mannen als vrouwen de grens van zes of meer glazen alcohol op een dag.

Persoon die gemiddeld twintig of meer sigaretten of shagjes per dag rookt.

Een persoon die arbeid verricht voor eigen rekening of risico - in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer), of - als directeur-grootaandeelhouder (dga), of - als overige zelfstandige (bijvoorbeeld in een zelfstandig uitgeoefend beroep), én - die daarbij geen personeel in dienst heeft, én - waarbij het belangrijkste doel van het bedrijf het aanbieden van eigen arbeid of diensten is.

Zie ook: Zelfstandige

Een persoon die arbeid verricht voor eigen rekening of risico - in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer), of - als directeur-grootaandeelhouder (dga), of - als overige zelfstandige (bijvoorbeeld in een zelfstandig uitgeoefend beroep), én - die daarbij geen personeel in dienst heeft, én - waarbij het belangrijkste doel van het bedrijf het verkopen van producten of het aanbieden van grondstoffen is.

Zie ook: Zelfstandige