Begrippen

Lijst met begrippen die CBS hanteert in zijn statistieken. Door overal dezelfde definities te gebruiken, kunnen cijfers beter met elkaar vergeleken worden.

Lijst van begrippen

Het loon per dag, inclusief een evenredig deel van het vakantiegeld, dat als grondslag dient voor de berekening van de (dag)uitkering.

Formele opvang in het kader van de Wet Kinderopvang (WKO) in een bij de gemeente geregistreerd kindercentrum of via een geregistreerd gastouderbureau, voor kinderen tot de basisschoolleeftijd gedurende één of meer dagdelen per week.

Toelichting
De peuterspeelzaal valt hier niet onder.

Terrein in gebruik voor dagrecreatie zoals dierentuinen, openluchtmusea en pretparken.

Toelichting
Tot dagrecreatief terrein wordt gerekend:
- dagcamping;
- dierentuin en safaripark;
- sprookjestuin;
- pretpark;
- openluchtmuseum;
- jachthavens excl. het water, maar inclusief terrein voor aanverwante bedrijvigheid, met een minimale oppervlakte van 0,1 ha;
- bijbehorende parkeerterreinen en bos- of heesterstroken.
De volgende terreinen worden eveneens tot deze categorie gerekend als ze geen deel uitmaken van park en plantsoen:
- speeltuinen;
- picknickplaatsen;
- hertenkampen;
- kinderboerderijen;
- midgetgolfterreinen;
- speelweiden.

Zie ook: Bodemgebruik, Classificatie

Een recreatieve activiteit waarvoor men ten minste twee uur van huis is, zonder dat daarbij een overnachting elders plaatsvindt. Bezoeken aan familie of kennissen behoren hier niet toe.

Toelichting
Wel een dagtocht zijn uitstapjes vanuit de eigen woning, school, kantoor of fabriek, en uitstapjes vanuit de woning van familie, kennissen of vrienden - waar men al dan niet logeert - indien deze zelf aanwezig zijn. Geen dagtocht zijn bezoek aan familie, kennissen of vrienden; uitstapje vanuit een vakantieadres: woning van familie, kennissen of vrienden die zelf niet thuis zijn, hotel, pension, recreatiebungalow, camping, tweede woning, (sta)caravan, 'geruilde' woning e.d. Iedere dagtocht staat voor één dagrecreant. Als een gezin van vier personen gezamenlijk een dagje naar een attractiepark gaat, dan zijn dat vier dagtochten.

Zie ook: Duur van de dagtocht, Recreatieve activiteiten

Officieel geschrift dat iemand oproept op een bepaalde tijd voor de rechter te verschijnen in verband met het beslechten van een geschil (burgerlijk recht), of de vervolging van een strafbaar feit (strafrecht).

Zie ook: Burgerlijk recht, Strafrecht

Formulier om een procedure bij de kantonrechter te beginnen. Rechtzoekenden konden dit formulier zelf invullen. Deze voorziening is in 1991 ingevoerd om de toegang tot de rechter te vereenvoudigen en is per 1 januari 2002 afgeschaft.

Procedure voor rechtszaken die, volgens de wet, beginnen met een oproep om voor het gerecht te verschijnen (dagvaarding). Deze rechtszaken eindigen met een vonnis.

Een aantal uren (minder dan 24 uur) durende vorm van verpleging of behandeling in een instelling voor gezondheidszorg, voorzienbaar en noodzakelijk in verband met het op dezelfde dag plaatsvinden van een onderzoek of behandeling.

Toelichting
In ziekenhuizen wordt dit dagverpleging, dagopname of dagbehandeling genoemd, in psychiatrische ziekenhuizen: psychiatrische deeltijdbehandelingsdagen en in verpleeghuizen en instellingen voor verstandelijk gehandicapten: dagbehandeling.

Instelling die uitsluitend gericht is op verzorging en opvang gedurende de dag, met als doel de sociale redzaamheid en de integratie van de gehandicapte in de samenleving te bevorderen en te behouden door het bieden van sociale en (ped)agogische vorming. Ter ondersteuning van deze vorming zorgt de instelling daarnaast voor de begeleiding van en voorlichting aan de directe omgeving van de gehandicapte.

Toelichting
Dagvoorzieningen gehandicapten omvatten dagverblijven voor verstandelijk en/of meervoudig gehandicapten, maar ook activiteitencentra voor lichamelijk en/of zintuiglijk gehandicapten.
- Zintuiglijk gehandicapt: slecht tot niet functioneren van de zintuigen. Hieronder worden gerekend handicaps als autisme, visuele, auditieve en motorische handicaps.
- Meervoudig gehandicapt: slechts incidenteel kunnen lopen met steun of zich vrij zelfstandig kunnen verplaatsen met hulpmiddelen en/of door grote fysieke zwakte en/of handicap extra hulpbehoevend.

Draagvermogen van een schip uitgedrukt in ton (1000 kg).

Toelichting
Het draagvermogen is het verschil tussen de waterverplaatsing van een schip in maximaal beladen toestand en het leeggewicht van het schip (zonder vracht, zonder brandstof of smeerolie, zonder ballastwater, zonder vers water of drinkwater in de tanks, zonder proviand, zonder passagiers of bemanningsleden en zonder hun persoonlijke bezittingen).

Het totaal van provincies, gemeenten, waterschappen en de gemeenschappelijke regelingen.

Toelichting
De decentrale overheid omvat publiekrechtelijke overheidslichamen met een zelfstandige boekhouding. In internationale afspraken wordt het begrip Sector lokale overheid gehanteerd. Het sectorbegrip is enerzijds ruimer dan het begrip Decentrale overheid omdat er buiten provincies, gemeenten, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen nog andere (privaatrechtelijke) eenheden onder worden begrepen. Anderzijds is het sectorbegrip beperkter omdat bedrijfsmatige onderdelen van de publiekrechtelijke overheden worden genegeerd.

Zie ook: Sector lokale overheid

De productie van elektriciteit door thermische installaties die leveren aan een bedrijfsnetwerk of aan het openbare midden- of laagspanningsnet, plus alle productie van elektriciteit uit windenergie, waterkracht en zonne-energie.

Toelichting
Het openbare midden- of laagspanningsnet bestaat uit de netten met een spanning lager dan 110 kV. Thermische installaties wekken elektriciteit op door het verbranden van brandstoffen als aardgas, steenkool en biomassa.

De hoeveelheid goederen van één zelfde soort, die in één keer van één laadplaats naar één losplaats wordt vervoerd op één vervoermiddel.

Baan van een werknemer waarbij op een bepaald peilmoment/-periode het aantal overeengekomen uren lager ligt dan het aantal dat behoort bij een volledige dag- en weektaak.

Zie ook: Voltijdbaan

Onderwijs voor personen die hun studie willen combineren met andere bezigheden, zoals werk, zorgtaken of vrijwilligerswerk.

Toelichting
Bij deeltijdonderwijs doorloopt men hetzelfde onderwijsprogramma als bij voltijdonderwijs, maar kan men zelf het studietempo bepalen. Bij deeltijdonderwijs vinden de lessen of colleges op aangepaste tijden plaats, bijvoorbeeld op een aantal middagen of avonden per week. In vergelijking met het voltijdonderwijs worden er minder lessen of colleges gegeven, maar neemt zelfstudie een belangrijker plaats in.
In de Onderwijsstatistieken van het CBS vallen onder deeltijdonderwijs de volgende onderwijssoorten, die voornamelijk door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) en het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) worden bekostigd:
- de (basis-)educatie;
- het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (vmbo theoretische leerweg, havo en vwo);
- het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) met minder dan 850 uren onderwijs (lessen, stages en begeleiding) per jaar (deeltijd-bol);
- het hoger onderwijs (hbo en wo) dat in deeltijd wordt aangeboden;
- de Open Universiteit.

Zie ook: Opleidingsvorm

Werknemer met een deeltijdbaan.

Zie ook: Deeltijdbaan, Werknemer

Factor waarmee uit een waardeverandering een volumeverandering kan worden berekend. De factor corrigeert voor een verandering in prijzen.

Toelichting
De deflator bepaalt samen met de volumemutatie de waardemutatie.

Zie ook: Prijsmutatie

De waarde van de uitvoer als percentage van de waarde van de invoer.

Terrein voor het winnen van grondstoffen uit de bodem.

Toelichting
Tot delfstofwinplaats wordt gerekend:
- terrein voor diepte- en oppervlakwinning van grondstoffen;
- de tot dat terrein behorende gebouwen, parkeergelegenheden, opslagplaatsen van winningsproducten en afvalstoffen;
- bijbehorende parkeerterreinen.
Water met een oppervlakte van meer dan 1 ha liggend binnen een delfstofwinplaats wordt gerekend tot de categorie “binnenwater voor delfstofwinning”.
Bij delfstofwinplaatsen worden tot grondstoffen gerekend:
- aardgas;
- aardolie;
- gesteente;
- grind;
- klei;
- leem;
- mergel;
- veen;
- zand.
Winplaatsen van aardgas en aardolie zijn op de topografische kaart in de regel met een afrastering afgebakend. Als begrenzing van een object wordt dan de afrastering aangehouden.

Zie ook: Bodemgebruik, Classificatie

De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar.

Toelichting
Dit cijfer geeft inzicht in de verhouding van het niet-werkende deel van de bevolking tot het werkende deel van de bevolking.

Het onderscheid tussen openbaar onderwijs en verschillende categorieën van het bijzonder onderwijs.

Toelichting
In Nederland worden openbare en bijzondere scholen onderscheiden. Openbare scholen bieden hun onderwijs niet vanuit een bepaalde godsdienst of levensbeschouwing aan. Bijzondere scholen geven vaak wel onderwijs vanuit een bepaalde godsdienst of levensbeschouwing. Bijvoorbeeld rooms-katholieke, protestants-christelijke, reformatorische en islamitische scholen. Een deel van het bijzonder onderwijs bestaat uit niet-confessionele scholen. Dit zijn de vrije school, samenwerkingsverbanden tussen openbare en bijzondere scholen en scholen voor algemeen bijzonder onderwijs. Deze scholen voor algemeen bijzonder onderwijs kennen een grote verscheidenheid aan stromingen. Ze worden enerzijds gekenmerkt door de eigen wijze waarop zij vorm geven aan hun onderwijs (het pedagogisch concept) en anderzijds door een aantal gemeenschappelijke waarden, zoals een grote betrokkenheid van de ouders, uitgesproken ideeën van de ouders over het onderwijs, hoge kwalitatieve eisen en openheid voor vernieuwingen.

Zowel openbare als bijzondere scholen zijn vrij hun onderwijs in te richten volgens een bepaalde opvoedingsvisie of onderwijsmethode. Voorbeelden hiervan zijn het Montessori-, Dalton- en Jenaplanonderwijs.

In de Onderwijsstatistieken van het CBS wordt het begrip denominatie uitsluitend gebruikt bij tabellen over het primair en voortgezet onderwijs.

Internationaal vervoer tussen twee in verschillende landen gelegen plaatsen, verricht door een vervoermiddel dat in een derde land staat geregistreerd.

Toelichting
Bij derdelandenvervoer met Nederlandse vervoermiddelen ligt de plaats van lading in een ander land als de plaats van lossing. Beiden liggen zij buiten Nederland.

Persoon met een andere nationaliteit dan die van één van de lidstaten van de Europese Unie, Noorwegen, IJsland, Liechtenstein of Zwitserland.

Toelichting
Ook staatlozen worden tot derdelanders gerekend.

De waarde van materiële vaste activa die definitief aan het productieproces zijn onttrokken.

De verkoop van niet-zelfvervaardigde goederen, zowel nieuw als tweedehands, aan consumenten (niet bedrijfsmatige gebruikers).

Akte waarmee aan een gedaagde wordt meegedeeld dat hij op een bepaald tijdstip voor de rechter moet verschijnen.

Zie ook: Gedaagde

Aanduiding van de aard van de ziekte of het gebrek die heeft geleid tot arbeidsongeschiktheid.

Toelichting
De diagnosecode wordt weergegeven conform de classificatie van ziekten in de ‘Classificaties voor Arbo en Sociale verzekering’ (CAS).

Geweldsmisdrijf, omschreven in artikel 312 Wetboek van Strafrecht. Het onder gebruik van geweld wegnemen van een goed waarvan men weet dat het van een ander is, met de bedoeling om het te houden.

Zie ook: Geweldsmisdrijf, Wetboek van Strafrecht

Agentschap van het Ministerie van Justitie met de taak ervoor te zorgen dat de opgelegde vrijheidsstraffen en maatregelen op een doelmatige en menswaardige manier ten uitvoer worden gelegd.

Toelichting
Bijvoorbeeld terbeschikkingstelling of plaatsing in een inrichting voor jeugdigen. Deze straffen en maatregelen kunnen ten uitvoer worden gelegd in gevangenissen en huizen van bewaring, inclusief inrichtingen voor vreemdelingenbewaring en strafrechtelijke opvang verslaafden, inrichtingen voor Terbeschikkingstelling (tbs) en jeugdinrichtingen.

Zie ook: Terbeschikkingstelling

Producten die niet tastbaar zijn, zoals horeca, handel, transport, zorg, overheid.

Zie ook: Dienstverlening

Prijsindexcijfers van diensten die bedrijven in de commerciële dienstverlening leveren.

Toelichting
De dienstenprijsindex heeft betrekking op de volgende sectoren:
- Vervoer en opslag;
- Logies-, maaltijd- en drankverstrekking;
- Informatie en communicatie;
- Financiële instellingen;
- Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening;
- Verhuur van roerende goederen en overige zakelijke dienstverlening.

Baan van een werknemer.

De productie van diensten. .

Toelichting
In SBI-termen is dit op sectie-niveau het totaal van de SBI-secties G t/m U, daardoor omvattend:
G Groot- en detailhandel; reparatie van auto's
H Vervoer en opslag
I Logies-, maaltijd- en drankverstrekking
J Informatie en communicatie
K Financiële instellingen
L Verhuur van en handel in onroerend goed
M Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening
N Verhuur van roerende goederen en overige zakelijke dienstverlening
O Openbaar bestuur, overheidsdiensten en verplichte sociale verzekeringen
P Onderwijs
Q Gezondheids- en welzijnszorg
R Cultuur, sport en recreatie
S Overige dienstverlening
T Huishoudens als werkgever; niet-gedifferentieerde productie van goederen en diensten door huishoudens voor eigen gebruik
U Extraterritoriale organisaties en lichamen

Zie ook: Commerciële dienstverlening, Diensten, Niet-commerciële dienstverlening

Een voor het publiek toegankelijke dierenverzameling, vogelpark, reptielenzoo, aquarium, dolfinarium, safaripark, natuur(dieren)park e.d., echter niet een dierenopvangcentrum, kinderboerderij, hertenkamp of reizende menagerie.

Diploma van een wettelijk erkende vervolgopleiding in het hoger beroepsonderwijs (hbo) vóór invoering van het bachelor-masterstelsel.

Toelichting
Vóór invoering van het bachelor-masterstelsel in het hoger onderwijs konden gediplomeerden van bepaalde hbo-opleidingen zich inschrijven voor een vervolgopleiding. Deze opleidingen werden ook wel voortgezette of tweede-fase-opleidingen genoemd. Bij deze vervolgopleidingen ging het vooral om opleidingen voor leraar speciaal onderwijs, eerstegraadslerarenopleidingen en opleidingen op het gebied van kunst, architectuur en stedenbouw. Na invoering van het bachelor-masterstelsel in 2002/’03 zijn de meeste van deze vervolgopleidingen in het hbo omgezet in masteropleidingen.

De wettelijk erkende opleidingen voor het diploma van een vervolgopleiding in het hbo zijn opgenomen in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO).

Zie ook: Masterdiploma

De regelmatig verrichte betalingen in geld die tot het brutoloon sociale verzekering behoren, vermeerderd met de waarde van niet-belaste vakantiebonnen, spaarloon, werkgeversbijdrage in de levensloopregeling, gespaard bedrag levensloopregeling, de werknemersbijdrage pensioen en vut én de vergoedingen voor woon-werkverkeer.

Toelichting
Tot het direct loon worden niet gerekend: bijdrage spaarregelingen, loon voor niet-gewerkte tijd, loon bij ziekte en tegemoetkomingen in de ziektekosten.

Een onderneming met directe investeringen uit het buitenland is een onderneming waarin een investeerder uit een ander land tenminste 10% bezit van het gewone aandelenkapitaal of van de stemrechten of het equivalent daarvan. Het gaat hierbij om een blijvend belang en om verkrijging van substantiële invloed in het management van de onderneming. Directe investeringen zijn opgebouwd uit aandelenkapitaal, deelnemingen in groepsmaatschappijen in het buitenland en kredietverlening.

Toelichting
Tot de ondernemingen behoren dochtermaatschappijen (de investeerder bezit meer dan 50% van het gewone aandelenkapitaal of van de stemrechten of het equivalent daarvan), partnerschappen (de investeerder bezit ten hoogste 50%) en filialen (ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid waarvan de moeder eigenaar of mede-eigenaar is) die al dan niet rechtstreeks eigendom zijn van de investeerder.

Eigenaar van een bedrijf die als directeur in loondienst is van het eigen bedrijf.

Zie ook: Zelfstandige

Misdrijf tegen de openbare orde, omschreven in art. 137c t/m 137g Wetboek van Strafrecht. Belediging van een bevolkingsgroep en ongeoorloofd onderscheid maken bij de uitoefening van een beroep of ambt vallen hieronder.

Diploma van een wettelijk erkende universitaire opleiding (doctoraalstudie) vóór de invoering van het bachelor-masterstelsel.

Toelichting
Met ingang van het studiejaar 2002/’03 is in het hoger onderwijs het bachelor-masterstelsel ingevoerd. Als gevolg daarvan zijn de wetenschappelijke opleidingen opgedeeld in een bacheloropleiding van 3 jaar en een daarop aansluitende masteropleiding van 1, 2 of 3 jaar.
In de periode daarvoor bestonden deze opleidingen uit een propedeuse van 1 jaar gevolgd door een doctoraalfase van 3 of 4 jaar. Deze studies werden toen afgesloten met een doctoraaldiploma.

De wettelijk erkende opleidingen voor een doctoraaldiploma zijn opgenomen in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO).

Zie ook: Bachelordiploma, Beroepsdiploma, Masterdiploma

Aanduiding voor categorie geweldsmisdrijven, omschreven in art. 307 t/m 309 Wetboek van Strafrecht.

Zie ook: Geweldsmisdrijf

Kind dat na een zwangerschapsduur van ten minste 24 weken dan wel 28 weken ter wereld is gekomen en na de geboorte geen enkel teken van leven heeft vertoond (ademhaling, hartactie, spieractie).

Zie ook: Doodgeborene (24+), Doodgeborene (28+)

Kind dat na een zwangerschapsduur van ten minste 24 weken ter wereld is gekomen en na de geboorte geen enkel teken van leven heeft vertoond (ademhaling, hartactie, spieractie).

Kind dat na een zwangerschapsduur van ten minste 28 weken ter wereld is gekomen en na de geboorte geen enkel teken van leven heeft vertoond (ademhaling, hartactie, spieractie).

Toelichting
Doodgeborenen (28+) worden onderscheiden overeenkomstig de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).

Formulier waarop een arts de doodsoorzaak van een overledene vermeldt.

Toelichting
Bij overlijden van een persoon in Nederland dient de arts zowel een A-verklaring (overlijdensverklaring) als een B-verklaring (doodsoorzaakverklaring) in te vullen en deze op te sturen naar de gemeente waar het overlijden plaatsvond. Opgave is verplicht op grond van artikel 12A van de Wet op de lijkbezorging.

Kredietvorm waarbij met de kredietnemer wordt overeengekomen tot welk bedrag (limietbedrag) deze naar behoefte geld kan opnemen. De kredietnemer lost periodiek een (vast) bedrag af en de rente die verschuldigd is over het opgenomen bedrag, wordt periodiek aan het debetsaldo toegevoegd. Afgeloste bedragen kunnen opnieuw worden opgenomen.

Toelichting
Private label cards, klantenkaarten en winkelpassen zijn vormen van doorlopend krediet.

Verkeersmisdrijf, omschreven in artikel 7, lid 1 Wegenverkeerswet.

Toelichting
Meestal gaat het om doorrijden na het veroorzaken van een verkeersongeval waarbij schade of letsel is ontstaan.

Huishouden dat binnen Nederland verhuisd en zowel voor als na de verhuizing de hoofdbewoner van een woning is.

De goederenstroom die, op weg van het ene naar het andere land, over Nederlands grondgebied vervoerd wordt maar in buitenlands bezit blijft.

Toelichting
De doorvoer maakt, anders dan de wederuitvoer, geen deel uit van de invoer en de uitvoer.

Zie ook: Wederuitvoer

Klasse uit de indeling Vaarwegen bevaarbaarheid (CEMT). Vaarweg uitsluitend geschikt voor vaartuigen met een maximale lengte van 85 meter, een maximale breedte van 8,20 meter en een maximale diepgang van 2,70 meter. Het laadvermogen van dergelijke schepen is over het algemeen maximaal 1 250 ton.

Zie ook: Vaarwegen, bevaarbaarheid (CEMT)

Overheidsdienst die belast is met de controle op het internationale goederen- en reizigersverkeer.

Opslagplaats in Nederland voor goederen die nog onderhevig zijn aan accijns en invoerrechten.

Toelichting
In het douane-entrepot zijn goederen opgeslagen die zich fysiek in Nederland bevinden, maar waarvoor geen accijns en invoerrechten zijn betaald. Voor een klein deel van deze goederen worden accijns en invoerrechten op een later tijdstip dan bij binnenkomst in Nederland alsnog betaald, waarmee deze goederen terecht gekomen zijn in het economisch vrije verkeer in Nederland. De rest van de goederen verlaat het douane-entrepot op enig moment weer met bestemming buitenland. Deze laatste hoeveelheid wordt beschouwd als doorvoer.

In de energiestatistiek wordt het douane-entrepot alleen onderscheiden voor aardoliegrondstoffen en niet voor aardolieproducten of andere producten.

Onderwijs waarbij werken en leren worden gecombineerd.

Toelichting
Duaal leren is meer dan stage lopen. De leerprocessen op de opleiding en op de werkplek vullen elkaar aan en versterken elkaar. Soms krijgt een scholier of student opdrachten vanuit de opleiding mee die op de werkplek moeten worden uitgevoerd. Omgekeerd komt de opgedane werkervaring terug in de lessen of colleges van de opleiding die men volgt. Duale opleidingen komen vooral voor in het middelbaar beroepsonderwijs (bbl) en het hoger beroepsonderwijs.

Zie ook: Opleidingsvorm

Maatstaf voor de looptijd van alle uitkeringen (rente + aflossingen) van een obligatie. De maatstaf is gelijk aan de gemiddelde resterende looptijd, waarbij elke looptijd van de afzonderlijke betalingen (rente + aflossingen) wordt gewogen met de contante waarde van de op elk tijdstip te verrichten betalingen.

Toelichting
De duration wordt berekend voor dezelfde (deel)populatie, die wordt gehanteerd bij de CBS-herbeleggingsindex voor obligaties. In principe worden alle euro-obligaties van Nederlandse emittenten met een vast aflossingsschema en een vaste couponrente meegenomen. Het genoteerde bedrag van de lening moet groter zijn dan 25 miljoen euro. De duration voor een (sub)groep leningen wordt berekend als gewogen gemiddelde van de durations van de individuele leningen van de betreffende groep, waarbij de koerswaarde van de lening, inclusief opgelopen rente, als wegingsfactor geldt. Durations worden berekend vanaf augustus 2000.

Zie ook: Effectief rendement

Verschil tussen de opgegeven vertrek- en terugkomsttijd van de dagtocht. Een dagtocht duurt minimaal twee uur.

Zie ook: Dagtocht

Een product dat gewoonlijk meer dan een keer en over een langere periode gebruikt kan worden.

Toelichting
Tijdens het gebruik verandert de hoeveelheid van het product nagenoeg niet, het wordt niet 'opgebruikt' zoals voeding, sigaren, parfum, e.d.

Duurzame ontwikkeling is een ontwikkeling die voorziet in de behoeften van de huidige generatie, zonder de behoeften van toekomstige generaties, zowel hier als in andere delen van de wereld, in gevaar te brengen.

Toelichting
Het gaat er hier om de vraag of wij onze kwaliteit van leven in het hier en nu op een manier vormgeven die geen al te grote druk legt op de behoeften van een voldoende kwaliteit van leven van mensen elders in de wereld of van toekomstige generaties. Zaken zoals consumptie, natuur, gezondheid, vertrouwen, kennis en zelf gerapporteerde tevredenheid van burgers over deze aspecten dragen bij aan hun kwaliteit van leven. #\\Mspv1f\standaards1\Stat_Coord\StatCoord\bos\Documentatie\BegrippenInfo\1987-brundtland.pdf#

Bakvormig, voor lading bestemd vaartuig, zonder eigen beweegkracht (eventueel met stuurmotor), dat voor de voortbeweging geduwd wordt door een duwboot of een motorschip.

Motorschip met een vermogen van ten minste 37 kW, dat is ontworpen of aangepast om duwbakken of duwsleepschepen te duwen, maar niet om zelf goederen te vervoeren.

Vaart waarbij een of meer laadbakken (zonder eigen beweegkracht) worden voortgeduwd door een duwboot, centraal bestuurd.

De ontwikkeling van de koopkracht van een persoon, berekend als de voor prijsverandering gecorrigeerde verandering van het gestandaardiseerde huishoudensinkomen.

Toelichting
De dynamische koopkracht kan door allerlei oorzaken veranderen. Het inkomen verandert bijvoorbeeld door een algemene of periodieke loonsverhoging, promotie, het aanvaarden van (ander) werk en pensionering. Ook wijzigingen in de huishoudenssamenstelling (een kind gaat het huis uit, partners gaan uit elkaar, enz.) leiden tot een inkomensverandering. In de dynamische koopkrachtontwikkeling zijn al deze veranderingen verdisconteerd.