Bedrijven

Artikelen bedrijven

Kenniseconomie: hoe gebruiken bedrijven en particulieren ICT? R&D en innovatie bij bedrijven. Kennispotentieel in NL.

Nederlandse groothandel in globaliserende wereld: kenmerken, import en export van goederen en diensten, waardeketens, omzet, werkgelegenheid, R&D en innovatie.

In deze derde editie van de Cybersecuritymonitor schetst het CBS een beeld van de ICT-incidenten waar bedrijven en personen slachtoffer van zijn geworden en de maatregelen die ze ertegen nemen.

Nederland Handelsland 2019 – export, investeringen en werkgelegenheid is een publicatie met jaarlijks terugkerende kerncijfers. Hierin worden de belangrijkste trends op het gebied van internationalisering gepresenteerd.

Relatie tussen de VS en Nederland: investeringen, handel, exportverdiensten, multinationals en werknemers, migratie.

Kenniseconomie: hoe gebruiken bedrijven en particulieren ICT?

De Internationaliseringsmonitor beschrijft trends in internationalisering en de consequenties hiervan voor de Nederlandse economie en samenleving

Bedrijven kunnen meerdere strategieën hebben om hun exportpositie te behouden en te verstevingen. Internationaliseringsmonitor 2018, derde kwartaal

Aan de hand van een twintigtal indicatoren wordt een beeld geschetst van de cybersecurity in Nederland

Globalisering, internationale handel en gevolgen voor werkgelegenheid. Offshoring, import concurrentie en de arbeidsmarkt.

Positie van Nederlandse handel vanuit internationaal en historisch perspectief.

Internationalisering en waardeketens: afhankelijkheden, multinationals en routinematigheid beroepen.

Kenniseconomie: hoe gebruiken bedrijven en particulieren ICT? R&D en innovatie bij bedrijven. Kennispotentieel in NL.

Eerste verkenning van dreigingen, incidenten en maatregelen van bedrijven, overheden en personen o.g.v. cybersecurity.

De kenniseconomie: hoe gebruiken bedrijven en particulieren ICT en internet, wat doen ze aan R&D en innovatie

Deze experimentele monitor is ontwikkeld door de provincie Overijssel.

CBS stelde nieuw basismateriaal samen over de rol van het midden- en kleinbedrijf (mkb) in deeconomie van Nederland, in opdracht van het ministerie van Economische Zaken. Deze publicatiepresenteert inzichten die op basis hiervan verkregen kunnen worden, aangevuld met reedsbestaande inzichten uit andere bronnen.

ICT, kennis en economie 2015 beschrijft uitgebreid hoe personen en bedrijven ICT gebruiken. Ook andere aspecten van de kenniseconomie, zoals onderwijs en onderzoek, komen uitvoerig aan bod. Historische trends en vergelijkingen met andere landen zorgen voor een scherpe duiding van de cijfers. De vele grafieken en tabellen maken de publicatie een toegankelijk en volledig naslagwerk.

Wat is het (economisch) belang van de topsectoren voor Nederland? Wat is hun innovatiekracht? Hoe ontwikkelen topsectoren zich en wijkt dit af van andere economische sectoren?

ICT, kennis en economie 2014 beschrijft uitgebreid hoe personen en bedrijven ICT gebruiken. Ook andere aspecten van de kenniseconomie, zoals R&D en innovatie, komen uitvoerig aan bod. Historische trends en vergelijkingen met andere landen zorgen voor een scherpe duiding van de cijfers. De vele grafieken en tabellen maken de publicatie een toegankelijk en volledig naslagwerk.

In de publicatie wordt aan de hand van een honderdtal indicatoren het ondernemingsklimaat in Nederland geschetst. Hierbij wordt Nederland stelselmatig vergeleken met een referentiegroep van 19 andere landen.

ICT, kennis en economie 2013 beschrijft uitgebreid hoe personen en bedrijven ICT gebruiken. Ook andere aspecten van de kenniseconomie, zoals onderwijs en onderzoek, komen uitvoerig aan bod. Historische trends en vergelijkingen met andere landen zorgen voor een scherpe duiding van de cijfers. De vele grafieken en tabellen maken de publicatie een toegankelijk en volledig naslagwerk.

Dit rapport toont de resultaten van het door EIM en CBS gezamenlijk uitgevoerde onderzoek naar de inkomens- en vermogenspositie van zzp-ers. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de totale groep zelfstandigen zonder personeel en de groep nieuwe zelfstandigen. Deel I geeft de belangrijkste resultaten en beschrijft de achtergrond en doelstelling van het onderzoek. Deel II is technischer van aard en gaat onder meer in op de koppelprocedure en detailuitkomsten van het onderzoek.

In de publicatie wordt aan de hand van een honderdtal indicatoren het ondernemingsklimaat in Nederland geschetst. Hierbij wordt Nederland stelselmatig vergeleken met een referentiegroep van 19 andere landen.

Het topsectorenbeleid richt zich op de sectoren die belangrijk zijn voor de concurrentiepositie van Nederland. Op verzoek van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie is er door het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving)en het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek), een studie verricht naar de ratio achter ruimtelijk-economisch topsectorenbeleid vanuit het Rijk.

ICT, kennis en economie 2012 beschrijft de Nederlandse kenniseconomie aan de hand van de pijlers ICT, innovatie en R&D. Het boek bevat een ruime hoeveelheid informatie over telecommunicatie, het gebruik van ICT door huishoudens en bedrijven, en innovatieve activiteiten van het Nederlandse bedrijfsleven.

Dit onderzoek brengt de ontwikkeling in werkgelegenheid bij buitenlandse en Nederlandse ondernemingen in de jaren 2007 tot en met 2010 in kaart. Daarbij wordt een expliciet onderscheid gemaakt tussen buitenlandse ondernemingen uit BRIC en niet BRIC landen (Brazilië, Rusland, India, China).

Deze publicatie beschrijft aan de hand van een honderdtal indicatoren de economische prestaties en het bijbehorende ondernemingsklimaat van twintig landen. De meeste aandacht gaat hierbij uiteraard uit naar de situatie in Nederland. Nederland komt hieruit naarvoren als een land met relatief goede macro-economische prestaties, groeiend ondernemerschap, maar matige prestaties op het terrein van R&D en innovatie.

Het artikel ICT en economie bespreekt de rol van ICT in de Nederlandse economie.

Economic globalisation is characterised by increasing international trade, foreign investment and international outsourcing. For the Netherlands, this concerns activities by Dutch multinational firms abroad as well as foreign enterprises in the Netherlands. Not only do these cross-border activities have important economic consequences, they also raise a number of questions with respect to employment.These employment effects of globalisation constitute the central theme of this fourth edition of the Internationalisation Monitor.

Dit onderzoek geeft inzicht in de invloed van buitenlandse investeringen op de werkgelegenheid in Nederland. Daarnaast brengt het de totale jaarlijkse banengroei door inkomende buitenlandse investeringen in beeld en houdt daarbij rekening met de effecten van eigendomswisselingen van Nederlandse naar buitenlandse bedrijven. De analyses worden uitgesplitst naar onder andere bedrijfstak en omvang van de ondernemingen.

ICT, kennis en economie is een voortzetting van de publicatiereeksen De digitale economie en Kennis en economie, zoals die tot voor kort jaarlijks door het Centraal Bureau voor de Statistiek werden uitgebracht.

In deze publicatie beschrijft het CBS aan de hand van 36 indicatoren de eerste gevolgen van de financiële crisis voor het ondernemingsklimaat in Nederland.

This third edition of the Internationalisation Monitor presents a connected and coherent set of newly-developed statistics and indicators on the various economic, technological and social dimensions of globalisation.

Kennis en economie 2009 biedt aanknopingspunten, kennis en toetsingskaders voor het bedrijfsleven, beleidsmakers en onderzoekers, die informatie zoeken over de Nederlandse kenniseconomie.

Nederlanders hebben steeds meer ICT-vaardigheden en gebruiken in toenemende mate mobiel internet. Verder verdringt de laptop de desktop uit de huishoudens en hebben scholen steeds meer pc’s met internet. Dit zijn slechts enkele feiten uit de publicatie ‘De digitale economie 2009’. Het boek bevat nog veel meer informatie over het gebruik van ICT door personen, bedrijven en in de publieke sector.

The Internationalisation Monitor 2009 presents in six in-depth articles and more than 45 clearly annotated tables trends and impacts of economic globalisation in the Netherlands.

Deze publicatie beschrijft aan de hand van een honderdtal indicatoren de economische prestaties en het bijbehorende ondernemingsklimaat van twintig landen. De meeste aandacht gaat hierbij uiteraard uit naar de situatie in Nederland.

Kennis en economie 2008 biedt aanknopingspunten, kennis en toetsingskaders voor het bedrijfsleven, beleidsmakers en onderzoekers, die informatie zoeken over de Nederlandse kenniseconomie

Nederland kan zich op ICT-gebied goed meten met andere toonaangevende landen. Zo is telewerken sterk toegenomen: de helft van de bedrijven in Nederland liet hun personeel in 2007 telewerken. Steeds meer Nederlanders kopen online producten en diensten en ook in de publieke sector is ICT verder doorgedrongen.

De Internationaliseringsmonitor 2008 omvat de meest recente cijfers over de ontwikkelingen het gebied van globalisering. Aan de orde komen o.a. de internationale handel, verkeer en vervoer, buitenlandse directe investeringen en de activiteiten van internationaal opererende ondernemingen.

In deze publicatie brengen Denemarken, Finland, Nederland, Noorwegen en Zweden gezamenlijk de resultaten van het Eurostatonderzoek International Sourcing naar buiten. De cijfers hebben betrekking op 2007.

Nederland blijft internationaal koploper als het gaat om de beschikbaarheid van ICT in huishoudens. De belangstelling voor digitale televisie is in Nederland toegenomen: eind 2006 maakten ruim 2 miljoen huishoudens gebruik van deze toepassing. Verder hadden 7,5 miljoen personen wel eens elektronisch gewinkeld.

Het vermogen van een land of bedrijfstak om te innoveren steunt onder meer op research en development en ook kennis en vaardigheden. De uitgaven aan R&D in Nederland blijven echter achter bij die van veel andere landen, terwijl uit deze publicatie juist blijkt dat bedrijven die aan R&D doen meer dan gemiddeld innovatief zijn. Verder in deze publicatie ook informatie over het kennis- en opleidingsniveau.

De investeringen door ICT-bedrijven stijgen weer. Ook de productie en toegevoegde waarde nemen toe. Dit herstel wordt vooral gedragen door de ICT-dienstensector.

Het aantal innovatieve bedrijven in Nederland is toegenomen. Ook wordt er door deze bedrijven bij het innoveren vaker samengewerkt met andere partijen.

Vanaf 2004 trekken vooral de investeringen in computers weer aan en lijkt het tij voor de ICT-sector te keren. In de periode hiervoor namen de ICT-bestedingen minder snel toe. Ook de binnenlandse ICT-sector groeide minder hard.

De periode van grote investeringen in informatie- en communicatietechnologie (ICT) en grote economische groei van de binnenlandse ICT-sector lijkt voorlopig voorbij. De verspreiding van ICT in de vorm van computers, internet en mobiele telefonie groeit nog nauwelijks.

In de publicatie Kennis en economie 2003, de achtste uit de reeks, presenteert het Centraal Bureau voor de Statistiek statistische gegevens over de Nederlandse kenniseconomie.

Vinodh Lalta, Gerhard Meinen en André Meurink (oktober 2003)In de innovatie-enquête 1998-2000 zijn voor de tweede maal bedrijven met 1 tot 10 werknemers bevraagd. In dit rapport wordt het innovatiegedrag van deze kleine bedrijven beschreven. Naast een bespreking van de uitkomsten van de innovatie-enquête 1998-2000 worden, waar mogelijk, de resultaten vergeleken met die van 1996-1998.

Nu de hype rondom de nieuwe economie is weggetrokken, wordt het werkelijke effect van ICT op de samenleving steeds beter zichtbaar. De digitale economie 2003 beschrijft hoe enerzijds het computerbezit en de computerservicesector verzadigd lijken te raken, terwijl aan de andere kant (vooral het gebruik van) internet nog steeds groeit. De ICT wordt hierbij vanuit bedrijven en huishoudens bekeken, maar ook macro-economisch belicht.

Pc-bezit, internettoegang en elektronisch winkelen onder de bevolking verklaard. In tal van beschrijvende tabellen komt naar voren dat pc-bezit, internettoegang en elektronisch winkelen onder de bevolking verschilt naar inkomen, opleiding, leeftijd, regio e.d. Een aantal van deze kenmerken hangt echter met elkaar samen, zoals opleiding en inkomen. Hierdoor is niet altijd duidelijk welke kenmerken nu het meest van belang zijn om bijvoorbeeld verschillen in internettoegang te verklaren. In dit rapport zijn de belangrijkste verklarende achtergrondkenmerken voor pc-bezit, internettoegang en het al dan niet elektronisch winkelen onder de Nederlandse bevolking via statistische analyse blootgelegd.

Op het hoogtepunt van de internethype leek het wel alsof bedrijven, overheden en huishoudens collectief stonden te trappelen om massaal on line te gaan. Ook de overheid versterkte het gevoel dat Nederland internationaal achterop zou raken als niet op grote schaal geïnvesteerd zou worden in het gebruik van ICT. Beleidsmatig is het daarom van belang om vast te stellen of er bepaalde knelpunten zijn die een massale en hoogwaardige toepassing van ICT voor het bedrijfsleven in de weg staan. In deze publicatie schetst het CBS een beeld van de grote knelpunten die bedrijven ervaren (of vrezen) om e-commerce in te passen bij de inkoop en verkoop van goederen en diensten

De hype rondom de 'nieuwe economie' mag dan voorbij zijn, de koersen van de technologiefondsen mogen dan fors gedaald zijn en de verwachtingen getemperd; in de samenleving is nog wel degelijk sprake van een steeds verdergaande verspreiding en toepassing van informatie- en communicatie-technologie (ICT). Het CBS schetst in deze publicatie over de digitale economie die ontwikkeling.

In de publicatie Kennis en economie 2002, de zevende uit de reeks, staan de uitkomsten van de R&D- en innovatie-enquête over 1998-2000 centraal

Het CBS beschrijft in Kennis en economie 2001 verschillende indicatoren op het gebied van wetenschap en technologie binnen het raamwerk van het nationaal innovatiesysteem. Input, throughput en output van kennis en innovatie in Nederland komen aan bod.Hoe verloopt de instroom van hoger opgeleiden in het arbeidsproces? Zijn de R&D-uitgaven in Nederland laag in vergelijking met die van andere landen? Welke rol spelen researchinstellingen en universiteiten bij de verspreiding van kennis? Loont het voor bedrijven om te innoveren?

Luuk Klomp en Gerhard Meinen (januari 2001)In de innovatie-enquête 1996-1998 zijn voor het eerst bedrijven met 1 tot 10 werknemers bevraagd. Dit rapport beschrijft de belangrijkste uitkomsten voor deze groep bedrijven. De kleinste bedrijven blijken een niet te verwaarlozen rol te spelen in het nationale innovatiesysteem van Nederland.

Michel Croes (dec. 2000)In opdracht van de OESO en het ministerie van EZ zijn gegevens verzameld over immateriële investeringen in 15 OESO-landen. Dit rapport bevat data op het gebied van R&D, software, onderwijs, marketing (adverteren), en betalingen voor buitenlandse technologie. De periode die beschreven wordt zijn de jaren 1985 tot en met 1997.

Eind 2000 organiseerde het CBS de conferentie ‘Vernieuwende economie ? Nieuwe Statistiek’. Zo’n honderd betrokkenen van binnen en buiten het CBS bogen zich over de vraag of de gangbare economische statistieken nog wel valide zijn en welke nieuwe leemten in de statistische informatie optreden. Hierbij het verslag van de conferentie.

H.J.D. de Lanoy Meijer (Mrt. 2000)Van alle R&D (in fte's gemeten) in 1998 bij bedrijven met 10 of meer werknemers wordt bijna een kwart (24 %) besteed aan onderzoek op het gebied van innovatieve software. Deze raming is ontleend aan de uitkomsten van een eind 1999 door het CBS uitgevoerde enquêtering. Voor het ramen van genoemd percentage is gebruik gemaakt van twee methoden. Bij de eerste (directe) methode wordt het percentage berekend door gebruik van de desbetreffende data uit de vragenlijst. Bij de tweede (indirecte) methode wordt uitgegaan van groeivoeten die op hun beurt zijn ontleend aan de enquête en aan bestaand CBS-materiaal.

A. Meurink, R. van Vliet, J.J.M. Pronk (CBS); J.W. Stumpel, M. van der Steen (EZ) (Dec. 1999)Het rapport ‘ICT-markt in Nederland’ geeft een overzicht van de economische waarde van de ICT-sector en de K&C-sector in de Nederlandse economie over de periode 1995-1998. Met de ICT-sector wordt bedoeld dat deel van de economie dat producten en diensten levert op het gebied van Informatie, Communicatie en Technologie. Hiermee is het facilitaire aspect beschreven. Met de K&C-sector komt het deel van de economie aan bod dat met de ICT-faciliteiten op elektronische wijze ‘inhoud’ voortbrengt en verspreidt. Hier is dit aangeduid als ‘productie en andere activiteiten op het gebied van Kunst en Cultuur’.Vrijwel alle informatie in het rapport is gebaseerd op de uitkomsten van de Nationale rekeningen van het CBS. Dit maakt het mogelijk om op consistente wijze een financieel overzicht te presenteren over de waarde en het belang van de ICT- en deK&C-sector in de totale economie.In appendices wordt aandacht besteed aan internetgebruik door bedrijven, telecommunicatie en investeringen in software.