Veelgestelde vragen

Algemeen

Om statistiekgegevens via een beveiligde verbinding aan te leveren kunt u naar deze link gaan:

http://www.cbs.nl/bestandslevering

Na invullen van de enquêtecode en het correspondentienummer kunt u aangeven welk bestand er naar het CBS gestuurd moet worden.

Voor het downloaden van bestanden met identificerende gegevens kunt u, afhankelijk van de statistiek, naar één van de volgende links gaan:

BDFS: https://data.cbs.nl/bdfsdp3 

BUS: https://data.cbs.nl/busdp3

SRG: https://data.cbs.nl/srgdp3

U kunt inloggen met de inloggegevens die u via een brief en e-mail van het CBS heeft ontvangen. Nadat u op het hierboven genoemde internetadres heeft ingelogd en het gebruikersnummer en de toegangscode heeft ingevuld, komt u op een nieuwe pagina waar u bestanden kunt up- of downloaden. De bestanden die het CBS beschikbaar stelt, blijven 21 dagen na het uploaden beschikbaar en worden daarna automatisch verwijderd.

Voor het uitvoeren van zijn wettelijke taak verwerft en verwerkt het CBS gegevens voor het maken van statistieken. Het CBS houdt zich hierbij aan de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG), die helpt om de privacy van burgers te beschermen. Bovendien houdt het CBS zich aan de privacybepalingen in de CBS-wet, de Praktijkcode voor Europese statistieken, de Statistical Law en de CBS-gedragscode.

Het CBS voldoet hiermee aan de hoogste eisen met betrekking tot gegevensbescherming. Op de pagina CBS/privacy is meer informatie te vinden over de maatregelen die het CBS neemt om de privacy te waarborgen.

De maandelijkse aanlevering van statistische gegevens voor de BUS, SRG en BDFS is verplicht vanwege de informatiebehoefte van het ministerie van SZW en het CBS. Deze verplichting is vastgelegd in artikel 5 van de Regeling statistiek Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015 van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Volledige informatie over de gegevens die moeten worden aangeleverd vindt u in de richtlijnen die per statistiek zijn afgekondigd door de directeur-generaal van de statistiek.

Door uw gegevens op te geven in het contactformulier van de desbetreffende statistiek en daarbij ‘Aanmelding nieuwsbrief’ als onderwerp te vermelden.

Voor Sociale Zekerheid op Maat is een aanmeldingsformulier ontwikkeld, dat u hier kunt vinden.

Om het dashboard elk kwartaal te ontvangen, kunt u het contactformulier van de Bijstandsuitkeringenstatistiek invullen en daarbij ‘Aanmelding dashboard’ als onderwerp aangeven. U kunt ook een mail sturen naar SZ_Bijstand@cbs.nl.

Per statistiek is er een Gemeentepanel en een Klankbordgroep. Via beide organen ontvangt het CBS kennis en advies van gemeenten voor het verbeteren of aanpassen van de statistiek.

Gemeentepanel

Iedere statistiek beschikt over een Gemeentepanel met daarin contactpersonen van gemeenten die af en toe vragen met betrekking tot die statistiek krijgen en bereid zijn om voorrang te geven aan het beantwoorden hiervan. Deze vragen kunnen gaan over technische aspecten, de kwaliteit van de statistiek, en ontwikkelingen die gevolgen hebben voor de (richtlijnen van de) statistiek. Ook vragen van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid worden op deze wijze snel beantwoord. Leden van het Gemeentepanel hebben veel inbreng. Per gemeente kunnen meerdere personen lid zijn. Het aantal keren dat er (per e-mail) een beroep op het panel wordt gedaan varieert van één tot enkele keren per jaar. Het beantwoorden van deze vragen neemt weinig tijd in beslag. Het is wel van belang dat er snel wordt gereageerd.

...

Nieuwe leden zijn van harte welkom voor zowel het Gemeentepanel als voor de Klankbordgroep. U wordt daarom van harte uitgenodigd om uzelf op te geven als lid. Het volstaat daartoe om uw eigen naam, uw gemeente, e-mailadres, telefoonnummer en functie door te geven via SZ_Bijstand@cbs.nl. U ontvangt dan zo spoedig mogelijk aanvullende gegevens en informatie over de procedures die hier betrekking op hebben.

Bijstandsuitkeringenstatistiek (BUS)

In de BUS wordt sinds januari 2015 het aantal kostendelers uitgevraagd. Het gaat hierbij om zowel de bijstandsgerechtigde(n) als om de overige personen in de woning, voor zover deze meetellen bij de berekening van de individuele norm van die gerechtigde(n).

Voorbeeld situatie: Alleenstaande bijstandsontvanger met een 28-jarig kind met hoofdverblijf in
dezelfde woning.
Het aantal kostendelers = 2 (de alleenstaande + het meerderjarige kind)
 
Voorbeeld situatie: Alleenstaande bijstandsontvanger die samen met een student inwoont bij de persoon met wie hij een commerciële relatie heeft.
Het aantal kostendelers: geen
 
Voorbeeld situatie: Alleenstaande bijstandsontvanger die met een niet-gerechtigde meerderjarige partner hoofdverblijf heeft in dezelfde woning.
Het aantal kostendelers = 2 (de alleenstaande + de niet gerechtigde partner)
Voorbeeld situatie: Echtpaar met een bijstandsuitkering met studerende kinderen van 19 en 23 jaar, een niet-studerend kind van 24 jaar en een inwonende neef van 26 jaar.
Het aantal kostendelers = 4 (het echtpaar + het niet studerende kind + de
inwonende neef)
Voorbeeld situatie: Echtpaar met bijstandsuitkering en twee inwonende volwassen kinderen van 24 en 26 jaar.
Het aantal kostendelers = 4 (het echtpaar + de inwonende kinderen)

Kostendelen is per 1 juli 2015 van toepassing bij het vaststellen van de hoogte van een IOAW- of IOAZ-uitkering. Het verschil met de algemene bijstand is, dat een individueel berekende norm nooit lager wordt vastgesteld dan 50 procent, ongeacht het aantal kostendelers. Ten behoeve van de BUS wordt bij het vaststellen van de hoogte van de bovengenoemde uitkeringen vanaf juli 2015 altijd het werkelijke aantal kostendelers opgegeven, ook al heeft dit hogere aantal geen invloed (meer) op de hoogte van de individueel berekende norm.

Statistiek Re-integratie door Gemeenten (SRG)

Wij hebben veel voorzieningen geregistreerd. Welke voorzieningen moeten wij aanleveren voor de SRG?

Lever de voorzieningen aan die zijn ingezet voor cliënten van de gemeente met het doel van re-integratie of participatie. Hierbij geldt dat de (eventuele) kosten (voor het merendeel) ten laste (zijn ge)komen van het re-integratiebudget van de gemeente. Zowel uitkeringsgerechtigden als niet-uitkeringsgerechtigden (NUG’ers) behoren tot de populatie. Voorzieningen kunnen worden ingezet voor zowel personen met als zonder arbeidsbeperking. Lever voorzieningen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) niet aan.

...

Moet ik informatie aanleveren over personen waarvoor geen voorziening wordt ingezet?

Nee. De populatie van de SRG bestaat alleen uit personen voor wie door de gemeente één of meerdere voorzieningen met het doel van re-integratie of participatie zijn ingezet. Er hoeft dus geen informatie worden aangeleverd over personen op wie dit niet van toepassing is.

Welke onderdelen van de SRG vormen input voor het verdeelmodel van de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds?

De aan het einde van een verslagjaar opgegeven aantallen typen voorzieningen ‘Loonkostensubsidies op grond van de Participatiewet’ (10) en de ‘Forfaitaire loonkostensubsidie’ (11) vormen input voor het verdeelmodel van het Gemeentefonds van het daarop volgende jaar. Zie b.v. de Meicirculaire Gemeentefonds 2018.

...

Kan een niet-financiële voorziening structureel ingezet worden?

Dit zou kunnen, afhankelijk van de aard van de voorziening.

Wordt met type voorziening ‘Proefplaatsing t.b.v. loonwaardebepaling’ (23) de praktijkroute bedoeld?

Nee, maar de ‘Proefplaatsing t.b.v. loonwaardebepaling’ (23) is wel een re-integratie instrument waarmee invulling wordt gegeven aan de praktijkroute.

De praktijkroute zelf wordt niet als een SRG-voorziening beschouwd en dient daarom niet aangeleverd te worden. De ‘Proefplaatsing t.b.v. loonwaardebepaling’ (23) dient wel aangeleverd te worden.

...

Over welke situatie gaat het arbeidsvermogen, nu of in de toekomst?

Het arbeidsvermogen gaat niet over wat de persoon nu al kan, maar wat de persoon naar verwachting zou kunnen wanneer er bepaalde voorzieningen worden of zijn ingezet.

In de SRG wordt de inschatting opgegeven van wat het hoogst haalbare arbeidsvermogen van de persoon is, eventueel na aanbieding van voorzieningen. Bij de inschatting van het arbeidsvermogen maakt het niet uit welke voorzieningen de persoon op dit moment heeft, maar welke voorzieningen de persoon nodig zou hebben om het WML te kunnen verdienen.

...

Wat is het verschil tussen Re-integratie (code 1) en Participatie (code2)?

‘Participatie’ (code 2) is van toepassing als de voorzieningen die op dit moment voor de persoon worden ingezet worden voornamelijk zijn gericht op het gaan of blijven deelnemen aan de maatschappij. ‘Re-integratie’ (code 1) is van toepassing als de persoon naar oordeel van de gemeente in voldoende mate meedoet aan de samenleving en de voorzieningen op dit moment meer zijn gericht op het verkrijgen of behouden van werk, dan het actuele overkoepelende doel.

...