Ziekteverzuim

Het ziekteverzuim onder werknemers van bedrijven en overheid is in het eerste kwartaal van 2022 gestegen tot 6,3 procent, het hoogste percentage dat het CBS ooit heeft gemeten. Het betekent dat van de duizend te werken dagen 63 werden verzuimd wegens ziekte. In dezelfde periode van 2021 was het verzuim 4,8 procent.

In het eerste kwartaal van 2022 verzuimden werknemers opnieuw het meest in de bedrijfstak gezondheids- en welzijnszorg (8,9 procent). Het ziekteverzuim was het laagst in de financiële dienstverlening (3,4 procent). Deze bedrijfstak kende samen met de landbouw (4,2 procent) ook de laagste toename, 0,6 procentpunt. In de informatie en communicatie was het verzuim door ziekte 4,2 procent, dit is 1 procentpunt hoger dan een jaar eerder.

Lange tijd was de horeca de bedrijfstak met het laagste ziekteverzuim, maar met 6,0 procent is het verzuim er inmiddels hoger dan in de meeste andere bedrijfstakken. Met een toename van 2,1 procentpunt kende de horeca zelfs de grootste stijging ten opzichte van een jaar eerder, samen met de zorg en de overige dienstverlening. In deze laatste bedrijfstak, waar onder andere haarsalons, sauna’s en wasserijen onder vallen, verzuimden naar verhouding ook meer werknemers dan ooit, 6,7 procent.

Cijfers op StatLine: Ziekteverzuim

Bij de kleinste bedrijven nam het ziekteverzuimpercentage met 0,9 procentpunt het minste toe tot 4,3 procent. Hoewel het verzuim bij deze bedrijven het laagst is, was het wel het hoogste ziekteverzuimpercentage gemeten tot nu toe bij bedrijven met minder dan 10 werknemers. Ook bij de middelgrote bedrijven is het ziekteverzuim met 5,7 procent toegenomen tot een record. Grote bedrijven kenden een verzuim van 7,0 procent. In 2001 werd bij deze bedrijven met 100 werknemers of meer het record gemeten van 7,8 procent.

Cijfers op StatLine: Ziekteverzuim