Werkenden

In het vierde kwartaal van 2018 hadden bijna 8,9 miljoen mensen betaald werk. Dat is ruim twee op de drie Nederlanders van 15 tot 75 jaar. Ten opzichte van het derde kwartaal van 2018 is het aantal werkenden met 53 duizend toegenomen.

De werkzame beroepsbevolking bestaat uit alle 15- tot 75-jarigen die in Nederland wonen en betaalde arbeid verrichten. Zij kunnen zowel in Nederland als in het buitenland werkzaam zijn.
In het vierde kwartaal 2018 waren er 424 duizend meer werkenden dan in het eerste kwartaal van 2009, toen het aantal werkenden piekte bij het begin van de crisis. De nettoarbeidsparticipatie - dat is het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking van 15 tot 75 jaar – bereikte daarmee een recordhoogte. Met 68,4 procent was deze nog iets hoger dan in het eerste kwartaal van 2009 op het hoogste punt bij het begin van de crisis.

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname en werkloosheid per maand

Ruim de helft van de werkenden werkt 35 uur of meer

In het vierde kwartaal van 2018 waren er ruim 4,5 miljoen voltijders: zij werken 35 uur of meer per week. Dat is meer dan de helft (51,1 procent) van alle werkenden. De laatste paar jaar nam het aandeel voltijders licht toe, maar in de afgelopen zes kwartalen was het toch weer iets lager dan een jaar eerder.

Vrouwen werken aanzienlijk minder vaak dan mannen voltijds. In het vierde kwartaal van 2018 ging het om ruim een kwart van alle werkende vrouwen. Van de mannen werkt bijna drie kwart voltijds.

Vier jaar nadat de arbeidsparticipatie op een dieptepunt was beland, is het percentage werkenden in 2018 (67,8) nagenoeg even hoog als in 2008 (67,9), het jaar voor de crisis. De toename van het aantal werkenden was het grootst bij voltijders en bij deeltijdwerkers met de meeste gewerkte uren.

 

Cijfers op Statline over aantallen voltijds- en deeltijdwerkers, uitgesplitst naar mannen en vrouwen: Arbeidsdeelname; kerncijfers