Welzijn

Het onderzoek Sociale Samenhang en Welzijn geeft cijfers over samenleving en welzijn op jaarbasis. Vanwege de coronacrisis zijn van een aantal indicatoren uit dit onderzoek cijfers gemaakt over het tot en met het vierde kwartaal van 2020.

Vertrouwen in andere mensen onveranderd

Het aandeel in de bevolking van 15 jaar of ouder dat de stelling onderschrijft dat de meeste mensen over het algemeen te vertrouwen zijn, is indicatief voor de sociale cohesie in een samenleving. Door een ingrijpende gebeurtenis in de samenleving zoals de coronapandemie kan dit sociale vertrouwen zowel af- als toenemen. Dat is niet gebeurd. In alle vierde kwartalen van 2020 gaf ruim 6 van de 10 personen aan vertrouwen in de medemens te hebben. Dat was ook zo in 2019. Verschillen tussen bevolkingsgroepen zijn niet onderzocht.

Vertrouwen in de Tweede Kamer nog altijd hoog

In het vierde kwartaal van 2020 is het percentage van de bevolking van 15 jaar of ouder dat vertrouwen heeft in de Tweede Kamer wederom hoog. In het eerste kwartaal was dit 44 procent, in het tweede 58 procent. Een dergelijke sterke stijging is in voorgaande jaren niet voorgekomen. In het derde kwartaal zakte het vertrouwen in de Tweede Kamer naar 52 om in het vierde kwartaal weer te stijgen naar 58 procent.

Vertrouwen en participatie
Indicator1e kwartaal 2020 (% personen van 15 jaar of ouder)2e kwartaal 2020 (% personen van 15 jaar of ouder)3e kwartaal 2020 (% personen van 15 jaar of ouder)4e kwartaal 2020 (% personen van 15 jaar of ouder)
Vertrouwen in andere mensen6362,963,263
Vertrouwen in de Tweede Kamer43,758,352,458,3
Vrijwilligerswerk afgelopen 4 weken28,615,617,422
Minder dan wekelijks contact4,94,24,64,8

Vrijwilligerswerk ingezakt en nog niet op peil

Het aandeel 15-plussers dat aangeeft in de vier weken voorafgaand aan het onderzoek vrijwilligerswerk te verrichten, viel in het tweede kwartaal van 2020 terug naar 16 procent. In het eerste kwartaal was dit nog 29 procent. Een dergelijke terugval is in de jaren daarvoor niet voorgekomen. Het percentage schommelde voorheen jaarlijks tussen de 30 en 31. De afname viel samen met de lockdown in het tweede kwartaal, waarbij ook verenigingen hun deuren moesten sluiten. Ondanks dat de maatregelen minder streng waren in het derde kwartaal, is het aandeel mensen dat vrijwilligerswerk deed niet wezenlijk veranderd. In het vierde kwartaal steeg het aandeel mensen dat in de vier weken voorafgaand aan het onderzoek vrijwilligerswerk heeft gedaan naar 22 procent.

Groep met minder dan wekelijks contact redelijk stabiel

Tijdens de lockdown in het tweede kwartaal van 2020 moest face-to-face contact met anderen zoveel mogelijk vermeden worden. De richtlijnen voorzagen in zo veel mogelijk thuis werken, geen café- of restaurantbezoek, en niet meer op bezoek in het verpleegtehuis. Het percentage mensen van 15 jaar of ouder met minder dan wekelijks contact met vrienden, familie of buren (4 procent) is in het tweede kwartaal van 2020 iets lager ten opzichte van het eerste kwartaal (5 procent). In het derde en vierde kwartaal is dit weer 5 procent. Dit percentage verschilt daarmee niet van het percentage met minder dan wekelijks contact in het eerste kwartaal. De rest van de mensen had minimaal wekelijks contact met een of meerdere van deze groepen.

Wel zijn alle vormen van contact hierbij meegenomen. Denkbaar is dat mensen hun face-to-face contacten deels hebben vervangen door andere contacten zoals bellen of een berichtje sturen via sociale media. Met de beschikbare gegevens kon dit niet worden onderzocht. Ontwikkelingen bij de afzonderlijke contactgroepen (familie, vrienden, buren) in dagelijkse en/of wekelijkse contacten zijn niet onderzocht. Tussen deze groepen zouden er verschuivingen kunnen zijn. Evenmin is ingegaan op de sociale contacten van specifieke bevolkingsgroepen.