Materiële welvaart

Een belangrijke maat voor de materiële welvaart is de consumptie. Na ruim vijf jaar van groei, kromp de consumptie door huishoudens in maart 2020 met ruim 6 procent. Zo’n krimp was niet eerder vertoond. De grootste klap moest toen echter nog komen. In april lag de consumptie door huishoudens liefst 16,5 procent lager dan een jaar eerder. Ook in mei-oktober kromp de consumptie harder dan ooit vóór maart 2020 werd gemeten. In december 2020 hebben consumenten 11,9 procent minder besteed dan in december 2019. Dat is de grootste krimp na mei 2020.

  

Sparen zinvoller

Als onderdeel van het onderzoek naar consumentenvertrouwen wordt aan huishoudens gevraagd of ze sparen nu zinvol achten. Voor aanvang van de crisis vond een meerderheid dat sparen minder zinvol was. Vanaf de start van de crisis is dit beeld scherp veranderd en vindt juist een ruime meerderheid van de respondenten het nu een goed moment om te sparen.

 

Toename beschikbare inkomen

Het reëel beschikbare inkomen van huishoudens is de laatste jaren voortdurend toegenomen. In het eerste kwartaal van 2020 was de toename 1,6 procent ten opzichte van het eerste kwartaal van 2019. In het tweede kwartaal was de toename 1 procent ten opzichte van een jaar eerder, en in het derde kwartaal was dit 1,9 procent De voor inflatie gecorrigeerde ontwikkeling van het beschikbaar inkomen wordt bepaald op basis van het voortschrijdend gemiddelde van vier kwartalen. Deze toename is in het eerste kwartaal van 2020 ongeveer de gemiddelde toename in de voorbije vijf jaar. Het reëel beschikbare inkomen reageert nooit heel snel op crisissituaties. Gepensioneerden en werknemers met een vaste baan, twee omvangrijke groepen met vaste inkomsten, zorgen ervoor dat het totale inkomen maar weinig beweegt. Aan het begin van een crisis worden deze groepen doorgaans nog niet geraakt. Ook heeft de overheid allerlei maatregelen getroffen om ontregeling van de economie en inkomensderving tegen te gaan.

Bijstandsuitkeringen

De ontwikkeling van de bijstand hangt sterk samen met de economie en de arbeidsmarkt. Vanaf het voorjaar van 2017 tot het eind van 2019 daalde het aantal ontvangers van een bijstandsuitkering bijna ononderbroken. Daarna was dit aantal een paar maanden min of meer stabiel, maar na het uitbreken van corona in maart liep het weer op waarbij er eind juni bijna 15 duizend meer personen met een bijstandsuitkering waren dan eind februari. Daarna daalde het aantal echter weer, maar eind november waren er nog steeds meer bijstandsontvangers dan aan het begin van de coronacrisis.

Personen tot de AOW-leeftijd met bijstandsuitkering
JaarMaandPersonen met bijstand (x 1 000)
2015januari436,17
2015februari438,96
2015maart441,9
2015april443,5
2015mei443,84
2015juni442,41
2015juli441,55
2015augustus439,43
2015september440,04
2015oktober441,36
2015november444,55
2015december448,68
2016januari452,57
2016februari455,73
2016maart458,49
2016april459,55
2016mei460,46
2016juni460,05
2016juli460,11
2016augustus458,55
2016september458,26
2016oktober459,25
2016november461,53
2016december464,5
2017januari466,83
2017februari469,58
2017maart471,59
2017april 470,79
2017mei469,13
2017juni467,92
2017juli466,12
2017augustus462,49
2017september459,34
2017oktober457,15
2017november456,84
2017december456,83
2018januari456,76
2018februari456,2
2018maart455,42
2018april452,83
2018mei450,55
2018juni447,65
2018juli444,87
2018augustus439,96
2018september435,83
2018oktober433,34
2018november432,49
2018december432,46
2019januari432,55
2019februari432,09
2019maart431,56
2019april430,03
2019mei427,64
2019juni425,47
2019juli423,44
2019augustus419,51
2019september416,34
2019oktober414,87
2019november414,14
2019december414,62
2020januari**414,67
2020februari**415,08
2020maart**421,3
2020april**427,22
2020mei**429,5
2020juni**429,86
2020juli**429,96
2020augustus**426,58
2020september*423
2020oktober*425
2020november*425
*Voorlopige cijfers