Economie

De afgelopen jaren was het vertrouwen van industriële ondernemers relatief hoog. Het producentenvertrouwen bereikte in februari 2018 de hoogste waarde sinds het begin van de metingen in 1985. Daarna liep het vertrouwen terug, maar bleef tot de uitbraak van de coronacrisis positief. In april 2020 verslechterde het producentenvertrouwen echter enorm. Het was niet alleen de grootste daling ooit, maar het vertrouwen belandde ook op het laagste niveau ooit. Vanaf mei veerde het vertrouwen van de industriële producenten wel weer een heel eind terug. Het herstel in het producentenvertrouwen stokte in oktober, maar zette door tot januari 2021. In februari nam het vertrouwen iets af ten opzichte van de maand ervoor, en in maart en april nam het producentenvertrouwen weer verder toe.

 

Economie deels teruggeveerd

Het bruto binnenlands product (bbp) is in het vierde kwartaal van 2020 met 0,1 procent gekrompen ten opzichte van een kwartaal eerder. Deze krimp volgt op een stijging van het bbp met 7,8 procent in het derde kwartaal. Hiermee is de economie deels teruggeveerd. In het tweede kwartaal kromp de economie met 8,5 procent en in het eerste met 1,5 procent. Een krimp zoals in het tweede kwartaal was niet eerder door het CBS gemeten. Al met al lijkt de impact van de coronacrisis in Nederland kleiner dan in veel andere Europese landen. Het bbp lag in het derde kwartaal 3 procent onder het niveau van eind 2019. Het bbp van de Europese Unie als geheel lag nog 4 procent onder het niveau van eind 2019.

Overheidssaldo negatief

De overheidsfinanciën waren begin 2020 goed op orde. Begin 2020 bedroeg de overheidsschuld 49,5 procent van het bbp. De inkomsten waren in 2019 groter dan de uitgaven. Door de maatregelen om de coronacrisis te bestrijden liepen de uitgaven echter bliksemsnel op. Tegelijkertijd namen de inkomsten af. Omdat de meeste coronaregelingen door het Rijk worden gefinancierd zullen de effecten op het saldo daar het meest tot uitdrukking komen. Het zogeheten kassaldo van het Rijk verslechterde in de maanden maart-december dan ook zeer sterk. In deze periode werd 60,8 miljard euro meer uitgegeven dan er binnenkwam. In maart 2021 was het kassaldo 14 miljard euro lager dan vorig jaar. 

 
Kassaldo Rijksoverheid, cumulatief
 2019 (mld euro)2020 (mld euro)2021 (mld euro)
januari11,414,911
februari20,921,99,7
maart17,418,24,2
april26,513,5
mei19,5-4,5
juni-0,7-15,8
juli10,4-30,9
augustus6,6-32,7
september4,9-33,6
oktober14-27,6
november8,9-36,7
december6-42,6

Consumentenvertrouwen gekelderd

Net als het producentenvertrouwen kende het consumentenvertrouwen in april 2020 de sterkste daling ooit gemeten. Na een verdere daling in mei steeg het vertrouwen heel licht in juni en juli. Tussen juli en oktober vertoonde het weer een kleine daling. In november en december 2020 veerde het consumentenvertrouwen gedeeltelijk terug, en steeg in de maanden daarna licht. Het consumentenvertrouwen is nog niet terug op het niveau van begin 2020.

Minder faillissementen

In de eerste helft van 2020 was het aantal faillissementen vergelijkbaar met 2019. Daarna, sinds week 26, lag het aantal faillissementen in 2020 bijna iedere week onder het niveau van 2019. Het totaal aantal faillissementen loopt sinds week 28 uiteen. In de eerste 28 weken van 2020 gingen ongeveer evenveel bedrijven en instellingen (incl. eenmanszaken) failliet als een jaar eerder. Maar tot en met week 52 gingen in 2020 in totaal 3 180 bedrijven en instellingen failliet, 605 minder dan in dezelfde periode van 2019. In de eerste 17 weken van 2021 zijn 639 bedrijven en instellingen failliet verklaard. Dat zijn er 624 minder dan in dezelfde periode van 2020.