Bbp groeit met 0,4 procent in derde kwartaal 2019

© Hollandse Hoogte
Volgens de eerste berekening van het CBS, op basis van nu beschikbare gegevens, is het bruto binnenlands product (bbp) in het derde kwartaal van 2019 met 0,4 procent gegroeid ten opzichte van een kwartaal eerder. Dat is gelijk aan de groei in de twee voorgaande kwartalen van 2019. De toename van het bbp in het derde kwartaal is vooral te danken aan de consumptie.

Bruto binnenlandse product (volume), seizoengecorrigeerd (2010=100)
Jaar KwartaalIndex
20121e kwartaal100,8
2e kwartaal100,9
3e kwartaal100,5
4e kwartaal99,8
20131e kwartaal100,1
2e kwartaal99,9
3e kwartaal100,5
4e kwartaal101,1
20141e kwartaal101
2e kwartaal101,6
3e kwartaal101,9
4e kwartaal102,8
20151e kwartaal103,4
2e kwartaal103,7
3e kwartaal104,1
4e kwartaal104,1
20161e kwartaal105,1
2e kwartaal105,3
3e kwartaal106,5
4e kwartaal107,4
20171e kwartaal107,9
2e kwartaal108,9
3e kwartaal109,7
4e kwartaal110,5
20181e kwartaal111,2
2e kwartaal111,9
3e kwartaal112,2
4e kwartaal112,8
20191e kwartaal113,3
2e kwartaal113,7
3e kwartaal114,2

Het vervolg van het nieuwsbericht gaat over de groei van de economie t.o.v. het derde kwartaal 2018

Bbp 1,9 procent hoger dan in het derde kwartaal 2018

Volgens de eerste berekening was het bbp 1,9 procent groter dan in het derde kwartaal van 2018. De groei jaar op jaar was te danken aan de investeringen in vaste activa en de consumptie door huishoudens. De bijdrage van het handelssaldo was negatief.

Het derde kwartaal van 2019 telde een werkdag meer dan het derde kwartaal van 2018. Hiervoor gecorrigeerd bedraagt de groei van het bbp 1,7 procent.

Bestedingen naar categorie (volume) (%-verandering t.o.v. jaar eerder)
Categorie3e kwartaal 20192e kwartaal 2019
Bruto binnenlands product1,91,8
Invoer goederen en diensten3,22,9
Investeringen in vaste activa7,45,1
Uitvoer goederen en diensten2,22,8
Consumptie huishoudens1,61,8
Consumptie overheid1,51

Meer geïnvesteerd in bouw en machines

De investeringen in vaste activa lagen 7,4 procent hoger dan een jaar eerder. In het derde kwartaal van 2019 zijn met name de investeringen in bedrijfsgebouwen, vervoermiddelen (vooral personenauto’s) en machines gegroeid. Verder waren de investeringen hoger dan een jaar eerder doordat in het derde kwartaal van 2018 een substantiële desinvestering in immateriële activa (intellectueel eigendom) plaatsvond.

De groei van de investeringen gaat onder meer samen met een relatief hoge bezettingsgraad van de machines en installaties in de industrie. Die was bij aanvang van het vierde kwartaal van 2019 opnieuw hoger dan gemiddeld in 2018. Het vertrouwen van de industriële ondernemers was in het derde kwartaal van 2019 weliswaar minder positief dan een jaar eerder, maar ligt nog een stuk boven het gemiddelde van de afgelopen twintig jaar.

Meer besteed door consumenten

Consumenten hebben in het derde kwartaal 1,6 procent meer besteed dan in het derde kwartaal van 2018. De groei is ongeveer hetzelfde als een kwartaal eerder, toen consumenten 1,8 procent meer besteedden. In het derde kwartaal gaven ze vooral meer uit aan diensten (zoals horeca, vervoer en communicatie), elektrische apparaten, woninginrichting, dranken en tabak. Aan auto’s hebben consumenten echter opnieuw minder besteed.

Vooral meer chemische producten en machines uitgevoerd

De uitvoer van goederen en diensten groeide in het derde kwartaal van 2019 met 2,2 procent. De groei is lager dan in het tweede kwartaal. Nederlandse bedrijven hebben in het derde kwartaal vooral meer chemische producten, machines en apparaten uitgevoerd. De wederuitvoer (de uitvoer van eerder ingevoerde producten) groeide, terwijl de export van Nederlands product kromp.

De invoer van goederen en diensten groeide met 3,2 procent sterker dan de uitvoer. Net als in het eerste kwartaal droeg het saldo van in- en uitvoer in het derde kwartaal negatief bij aan de economische groei. In het tweede kwartaal was de bijdrage nog licht positief.

De groei van de import en de export in het derde kwartaal van 2019 wordt gedrukt door een bedrijf dat een deel van zijn activiteiten heeft verplaatst naar een ander land. Op het handelssaldo heeft dit geen effect.

De bouwnijverheid sterkst gegroeid

De productie van bouwbedrijven groeide met 5,3 procent het hardst in het derde kwartaal. Ook de productie van de landbouw en visserij groeide, met 4,1 procent, sterk. De industrie produceerde ruim 1 procent meer dan een jaar eerder. Dat was onder meer te danken aan de machine- en voedingsmiddelenindustrie. De delfstoffenwinning was opnieuw de bedrijfstak met de grootste krimp.

Toegevoegde waarde naar bedrijfstak (volume) (%-verandering t.o.v. jaar eerder)
Bedrijfstak3e kwartaal 20192e kwartaal 2019
Bouwnijverheid5,33,7
Landbouw en visserij4,11,2
Informatie en communicatie3,74
Verhuur en handel in onroerend goed2,92,7
Zakelijke dienstverlening2,53
Handel, vervoer en horeca2,52,1
Energie2,37,2
Cultuur, recreatie, overige diensten2,32,7
Overheid, onderwijs, zorg1,71,7
Industrie1,20,5
Water en afval-1,30,1
Financiële instellingen-1,4-2,3
Delfstoffenwinning-14,6-13

Eerste berekening

De eerste berekening, 45 dagen na afloop van een kwartaal, wordt gepubliceerd op basis van de dan beschikbare informatie. Hiermee geeft het CBS een eerste beeld van de stand van de Nederlandse economie. Na deze eerste berekening komt voortdurend meer informatie beschikbaar over de Nederlandse economie, die vervolgens wordt verwerkt in nieuwe berekeningen. De tweede berekening van de economische groei maakt het CBS bekend op dinsdag 24 december. De absolute bijstelling van de tweede berekening ten opzichte van de eerste berekening was de afgelopen vijf jaar gemiddeld bijna 0,1 procentpunt. De twee uitersten bedroegen -0,1 en +0,3 procentpunt.

Bij elke nieuwe berekening bepaalt het CBS ook de nieuwe seizoengecorrigeerde cijfers van de eerder gepubliceerde kwartalen. De groeicijfers van de drie voorgaande kwartalen zijn niet aangepast.