Stemmingsmeters - De geschiedenis van de conjunctuurenquêtes van het CBS

2014 Ontwikkeling van het ondernemersvertrouwen

Het CBS berekent vanaf 2014 ieder kwartaal het ondernemersvertrouwen met antwoorden op vragen uit de Conjunctuurenquête Nederland (COEN). Waar het producentenvertrouwen de stemming weergeeft in de industrie, doet het ondernemersvertrouwen dat voor het hele Nederlandse niet-financiële bedrijfsleven.

‘Voorzichtig herstel’

De Europese staatsschuldencrisis (eurocrisis) ontstaat eind 2009, in de nasleep van de kredietcrisis. De staatsschuld van Griekenland werd onhoudbaar en het land kon niet meer aan zijn betalingsverplichtingen voldoen. Ook andere eurolanden komen tussen 2010 en 2012 in de problemen. Op voorwaarde van economische hervormingen verlenen de EU, het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Europese Centrale Bank (ECB) financiële steun. Langzaam herstelde het vertrouwen van de financiële markten in deze landen. Het ondernemersvertrouwen verbeterde zodoende vanaf het tweede kwartaal van 2013 gestaag. In het eerste kwartaal van 2018 bereikt het vertrouwen het hoogste niveau, om daarna te dalen. Dit hangt mogelijk samen met de grotere spanning op de arbeidsmarkt in die tijd. Steeds meer bedrijven ervaren dan belemmeringen in de activiteiten door een tekort aan arbeidskrachten, zo blijkt uit de conjunctuurenquête.

Aan het begin van het tweede kwartaal 2020 daalt het ondernemersvertrouwen abrupt door de coronacrisis. Na de eerdere dieptepunten tijdens de krediet- en eurocrisis is het niveau dan niet eerder zo sterk negatief geweest. Het ondernemersvertrouwen laat tijdens de coronapandemie grote schommelingen zien, die sterk samenhangen met de geldende coronamaatregelen. Dat geldt in het bijzonder voor bedrijfstakken die direct door lockdowns worden geraakt. Vervolgens daalt het ondernemersvertrouwen eind 2021 tot eind 2022 opnieuw sterk tot -20,3. De coronamaatregelen vervallen begin 2022 dan wel, maar de energievraag neemt wereldwijd toe terwijl het aanbod achterblijft. Een tekort aan grondstoffen en verstoorde toeleveringsketens, verergert door de inval van Russische troepen in Oekraïne, leiden tot een energiecrisis met hoge energieprijzen en inflatie. Als de energieprijzen normaliseren, herstelt het ondernemersvertrouwen vanaf 2023 voorzichtig.

Ondernemersvertrouwen
JaarMaandOndernemersvertrouwen (Gemiddelde van de deelindicatoren)
2012Januari-25,1
2012April-22,8
2012Juli-24,8
2012Oktober-24,1
2013Januari-27,4
2013April-26,2
2013Juli-19
2013Oktober-10,6
2014Januari-1,9
2014April2,2
2014Juli0,8
2014Oktober0,3
2015Januari2,3
2015April5
2015Juli7,4
2015Oktober8
2016Januari8,9
2016April5,7
2016Juli5,5
2016Oktober9,5
2017Januari14,4
2017April13,4
2017Juli12,3
2017Oktober14,5
2018Januari16,6
2018April12,8
2018Juli10,9
2018Oktober9,1
2019Januari4
2019April2
2019Juli1
2019Oktober-3,4
2020Januari-0,5
2020April-51,2
2020Juli-22,4
2020Oktober-14,8
2021Januari-11
2021April0,1
2021Juli13
2021Oktober14,4
2022Januari-0,3
2022April-7,6
2022Juli-10,9
2022Oktober-20,3
2023Januari-12
2023April-6,8
2023Juli-7,4
2023Oktober-8,7
2024Januari-7,1
2024April-5,8
2024Juli-3,7
2024Oktober-3,1
2025Januari-5,2
2025April-7,1
2025Juli-3,9
2025Oktober-4,1
2026Januari-1,8
Bron: CBS, EIB, KVK, MKB Nederland, VNO-NCW

Nieuwe methode ondernemersvertrouwen

Toen het CBS de berekeningswijze van het ondernemersvertrouwen ontwikkelde, moest de nieuwe stemmingsindicator vooral voorzien in een regionale gegevensbehoefte (CBS, 2013). Ook was het belangrijk dat het ondernemersvertrouwen een snelle aanwijzing gaf van de richting waarin de Nederlandse economie zich naar verwachting ontwikkelt. Daarom stond in de methode van 2014 de samenhang centraal tussen het ondernemersvertrouwen en het bruto binnenlands product (bbp). Mede daarom verschilden de vragen die het CBS gebruikte om het ondernemersvertrouwen per bedrijfstak te berekenen. De keuze voor de gebruikte vragen in een bedrijfstak, hing namelijk samen met de ontwikkeling van bruto toegevoegde waarde in die bedrijfstak. Ook kregen de saldo’s van negatieve en positieve antwoorden op de vragen in enkele bedrijfstakken extra correcties om het gemiddelde van de reeks naar nul te brengen. Bij andere bedrijfstakken gebeurde dit niet. Dit zorgde ervoor dat je de uitkomsten voor het ondernemersvertrouwen per bedrijfstak beperkt met elkaar kon vergelijken. Daarnaast zorgden deze verschillen ervoor dat het cijfer voor het totale niet-financiële bedrijfsleven lastig te interpreteren was (CBS, 2023).

Om het ondernemersvertrouwen te gebruiken, zijn consistentie en onderlinge vergelijkbaarheid van het cijfer belangrijk. Daarom maakte het CBS in 2023 de berekening van het ondernemersvertrouwen duidelijker. De vragen in de nieuwe methode baseert het CBS nu niet meer op een samenhang met het bbp. De twee gekozen vragen gaan over de ontwikkeling van het economisch klimaat in de afgelopen drie maanden en de verwachting daarvan in de komende drie maanden. De saldo’s van de twee vragen worden alleen gecorrigeerd voor seizoeneffecten. Het ondernemersvertrouwen geeft nu vooral aan in hoeverre de stemming onder de ondernemers in het Nederlandse bedrijfsleven positief of negatief is. De historische reeks volgens de huidige methode laat alsnog een samenhang zien met het bbp, maar wel minder sterk dan in de oude methode (CBS, 2023).

Bronnen

https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/85612NED/table?ts=1723666519533