Werkloosheid naar leeftijd en geslacht

In het vierde kwartaal van 2019 was 3,3 procent (niet-seizoengecorrigeerd) van de beroepsbevolking werkloos. Een jaar eerder was dat in het vierde kwartaal van 2018 nog 3,5 procent. In het afgelopen jaar daalde de werkloosheid het meest onder vrouwen van 55 jaar en ouder.

Vrouwen van 35 tot 55 jaar minder vaak werkloos dan mannen

Mannen in de beroepsbevolking waren in het vierde kwartaal van 2019 iets vaker werkloos dan vrouwen. Het werkloosheidspercentage was voor mannen 3,4 en voor vrouwen 3,2. De werkloosheid tussen mannen en vrouwen verschilt naar leeftijd. Vrouwen van 35 tot 55 jaar waren vaker werkloos dan mannen. Tot 35 jaar en van 55 tot 75 jaar is dit andersom en waren mannen juist vaker werkloos.

Werkloosheid vooral gedaald onder vrouwen van 55 jaar en ouder

Tussen het vierde kwartaal van 2018 en het vierde kwartaal van 2019 nam het werkloosheidspercentage bij vrouwen af (-0,4 procentpunt) terwijl het percentage werkloze mannen gelijk bleef. De daling was het sterkst voor vrouwen van 55 tot 65 jaar (-1,8 procentpunt) en voor de relatief kleine groep vrouwen in de beroepsbevolking van 65 tot 75 jaar (-2,2 procent).

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname; kerncijfers

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname; kerncijfers

Ontwikkeling afgelopen tien jaar

In de afgelopen tien jaar waren er ook verschillen tussen mannen en vrouwen wat betreft de ontwikkeling van de werkloosheid per leeftijdsgroep. Bij vrouwen was de werkloosheid in 2019 in alle leeftijdsgroepen lager dan in 2009. Ook bij mannen tot 25 jaar en van 45 tot 65 jaar was dat zo, maar bij mannen van 25 tot 45 jaar en van 65 tot 75 jaar was de werkloosheid in 2019 nog hoger dan tien jaar eerder. Wel vertoonde de werkloosheid ook in deze groepen de laatste jaren een dalende trend. 

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname; kerncijfers

Cijfers op StatLine: Arbeidsdeelname; kerncijfers