Arbeidsmarkt herstelt in alle provincies

Mannen bekijken vacatures op een bord

Erratum: 13-3-2017 13:54

Dit is een gecorrigeerd artikel. De cijfers en tekst over vacatures in het derde kwartaal van 2016 zijn gecorrigeerd. De overige cijfers in het artikel zijn ongewijzigd. In de alinea ‘In alle provincies meer vacatures’ zijn het na correctie niet Zeeland en vervolgens Drenthe en Flevoland die de sterkste ontwikkeling laten zien, maar Noord-Holland, Limburg en Overijssel. In de alinea ‘Overal meer spanning op de arbeidsmarkt’ is het aantal werklozen per openstaande vacature in Zeeland niet vrijwel in evenwicht, maar zijn er 2 werklozen per openstaande vacature. De arbeidsmarkt is het ruimst in Groningen in plaats van in Zuid-Holland. In Groningen zijn er 5 werklozen per openstaande vacature.

 De oorspronkelijke versie is hier te vinden.

In alle provincies is de werkloosheid lager dan drie jaar geleden, vooral in Flevoland, Friesland en Limburg. Toch ligt de werkloosheid overal nog boven het niveau van het derde kwartaal van 2008, net voor de economische crisis. Ook nam in alle provincies het aantal openstaande vacatures en de spanning op de arbeidsmarkt toe, het meest in Zeeland en het minst in Zuid-Holland. Dat meldt CBS.

In het derde kwartaal van 2016 was gemiddeld 5,6 procent van de Nederlandse beroepsbevolking werkloos. De werkloosheid was met 7,1 procent het hoogst in de provincie Groningen. Deze provincie loste in 2015 Flevoland af dat daarvoor de hoogste werkloosheid kende. Zeeland heeft al jaren de laagste werkloosheid: 3,5 procent in het derde kwartaal van 2016.

Werkloosheid per provincie (3e kwartaal)
Werkloosheid per provincie (3e kwartaal)
 200820132016
Groningen4,18,27,1
Zuid-Holland3,58,26,9
Flevoland3,69,26,6
Overijssel3,176,1
Noord-Holland3,47,35,4
Friesland3,37,65,3
Drenthe3,67,15,3
Gelderland3,36,75,2
Utrecht2,96,55
Noord-Brabant36,84,9
Limburg47,14,8
Zeeland3,25,63,5

In alle provincies meer vacatures

In het derde kwartaal van 2016 waren er in Nederland 159 duizend openstaande vacatures. Dat is een toename van 70 procent sinds het derde kwartaal van 2013. In alle provincies is het aantal vacatures in de afgelopen drie jaar toegenomen. De ontwikkeling was het sterkst in Noord-Holland (82 procent), vervolgens in Limburg en Overijssel (79 procent). In Zuid-Holland waren in beide jaren de meeste vacatures te vinden: 20 procent van alle vacatures in het derde kwartaal van 2016, 21 procent in het derde kwartaal van 2013.

Vacatures per provincie (3e kwartaal)
Vacatures per provincie (3e kwartaal)
 20132016
Flevoland20423159
Drenthe21223476
Zeeland17873110
Groningen25654238
Friesland25624011
Limburg55789958
Overijssel55719943
Utrecht909515288
Gelderland1041617303
Noord-Brabant1416624072
Noord-Holland1770932161
Zuid-Holland2008832418

Overal meer spanning op de arbeidsmarkt

Het aantal werklozen per vacature geeft een indicatie van de spanning op de arbeidsmarkt. De spanning neemt toe naarmate er minder werklozen per openstaande vacature zijn. De arbeidsmarkt wordt dan krapper. In het derde kwartaal van 2016 was de arbeidsmarkt het krapst in Zeeland, waar er ruim 2 werklozen per openstaande vacature waren. De arbeidsmarkt was het ruimst in Groningen. Daar waren vijf werklozen per openstaande vacature. De afgelopen drie jaar is in alle provincies de spanning op de arbeidsmarkt toegenomen, het meest in Zeeland en het minst in Zuid-Holland.

Werklozen per vacature per provincie (3e kwartaal)
Werklozen per vacature per provincie (3e kwartaal)
 20132016
Zeeland6,22,3
Utrecht4,92,3
Noord-Holland6,12,5
Limburg7,42,7
Noord-Brabant6,42,7
Gelderland73,2
Overijssel7,53,6
Drente8,53,7
Zuid-Holland7,64
Flevoland9,84,4
Friesland10,14,5
Groningen9,75

Arbeidsparticipatie bijna overal gestegen

Ook de arbeidsparticipatie laat regionale verschillen zien. In de provincie Utrecht werken relatief de meeste mensen: in het derde kwartaal van 2016 had 69,1 procent van alle inwoners van 15 tot 75 jaar betaald werk. In de provincie Groningen werken relatief de minste mensen: 62,9 procent. Het gemiddelde voor Nederland als geheel lag op 66,2 procent. In de meeste provincies is de arbeidsparticipatie in het derde kwartaal van 2016 hoger dan in het derde kwartaal van 2013. In deze periode is de arbeidsparticipatie het sterkst toegenomen in Zeeland en Noord-Holland.

Meer banen van werknemers

In december 2015 waren er in alle provincies in Nederland meer banen van werknemers dan in december 2013. Niet in alle provincies was er in deze jaren een jaarlijkse stijging van het aantal banen. In Drenthe nam het aantal banen tussen 2013 en 2014 nog wel toe tot bijna 195 duizend; in 2015 liep dit licht terug tot bijna 194 duizend. In Overijssel was er sprake van een lichte afname tussen 2013 en 2014, maar steeg het aantal banen in 2015 weer naar 518 duizend.

De provincies waar in absolute zin het aantal werknemersbanen het meest toenam in deze periode zijn achtereenvolgens Noord-Holland, Zuid-Holland en Noord-Brabant. Ook in relatieve zin nam in Noord-Holland het aantal banen het meest toe, 3,7 procent tussen 2013 en 2015. Op de tweede plaats staat Noord-Brabant met 2,4 procent en in Zuid-Holland, Groningen en Friesland steeg het aantal banen in deze periode met 2,1 procent.

Werknemersbanen per provincie
Werknemersbanen per provincie
 201320142015*
Zuid-Holland1591,81599,991625,01
Noord-Holland1400,81419,861452,64
Noord-Brabant1184,51190,371212,92
Gelderland879,1885,29892,68
Utrecht658,9662,1665,29
Overijssel512,6511,35517,99
Limburg482,9486,34490,03
Friesland242,1242,16247,09
Groningen238,6239,3243,52
Drenthe190,5194,53193,84
Zeeland146,9147,99148,13
Flevoland141,6141,89143,33

Groot-Amsterdam is uitschieter

Op Corop-niveau is Groot-Amsterdam een uitschieter. Daar nam het aantal banen tussen 2013 en 2015 met zo’n 46 duizend toe tot ruim 900 duizend, vooral in de gemeente Amsterdam. Ook in Eindhoven en Tilburg nam het aantal banen in deze periode relatief fors toe.

In de krimpregio’s, de regio’s waar de bevolking is afgenomen, bleef het niveau stabiel met lichte afnames en een enkele toename van het aantal werknemersbanen. Alleen de krimpregio’s Achterhoek en Zuid-Limburg laten in deze twee jaren een stijging zien van het aantal werknemersbanen. Eerder was sprake van een bovengemiddelde daling in de krimpregio’s.