Veiligheidsmonitor 2025
Over deze publicatie
Deze publicatie bevat de resultaten van de Veiligheidsmonitor (VM) 2025. Dit is een periodiek bevolkingsonderzoek naar leefbaarheid, veiligheid en slachtofferschap van criminaliteit, in samenwerking uitgevoerd door het ministerie van Justitie en Veiligheid en het Centraal Bureau voor de Statistiek. In totaal hebben ruim 200 duizend personen van 15 jaar of ouder aan het onderzoek deelgenomen. De thema’s die aan bod komen, zijn: leefbaarheid en overlast in de woonbuurt, veiligheidsbeleving, respectloos gedrag en discriminatie, traditionele criminaliteit, online criminaliteit, verdachte situaties, de relatie tussen burgers en politie, en preventie. Er wordt ingegaan op trends en verschillen tussen politieregio’s, (middel)grote gemeenten en bevolkingsgroepen.
1. Inleiding en samenvatting
Hoe ervaren inwoners van Nederland de leefbaarheid van hun woonomgeving? Voelen zij zich er veilig? Hoe vaak zijn ze slachtoffer van criminaliteit? Wat vinden ze van het functioneren van de politie? Welke maatregelen nemen mensen om criminaliteit te voorkomen? Hoe vaak ervaren ze respectloos gedrag en discriminatie? Welke ontwikkelingen op deze terreinen hebben zich in de afgelopen jaren voorgedaan en welke verschillen bestaan er tussen bevolkingsgroepen en tussen regio’s in ons land? Al deze vragen, en nog meer, worden in de Veiligheidsmonitor 2025 beantwoord.
De cijfers zijn gebaseerd op een grootschalige enquête onder de Nederlandse bevolking van 15 jaar of ouder. In 2025 hebben ruim 200 duizend personen de vragenlijst ingevuld. Dit grote aantal respondenten – de Veiligheidsmonitor is qua steekproefomvang een van de grootste slachtofferenquêtes ter wereld – maakt het mogelijk om tot op een gedetailleerd niveau uitspraken te doen over de veiligheid in Nederland.
De Veiligheidsmonitor wordt sinds 2005 jaarlijks en vanaf 2017 tweejaarlijks gehouden. In 2021 achtten het ministerie van Justitie en Veiligheid, het CBS en de betrokken partners bij de Veiligheidsmonitor (gemeenten, politie, en het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum) het noodzakelijk om de inhoud en opzet van de Veiligheidsmonitor tegen het licht te houden. Het onderzoeksterrein is immers continu in beweging: nieuwe vormen van criminaliteit ontstaan en ontwikkelen zich steeds sneller (denk aan online criminaliteit) en in het verlengde daarvan verandert ook de behoefte aan informatie vanuit bestuur en beleid.
Concreet betekent dit dat de vragenlijst van de Veiligheidsmonitor in 2021 grondig is herzien. Door deze aanpassingen in de vraagstellingen en door een andere manier van dataverzameling (het onderzoek werd voor het eerst uitsluitend als internetenquête uitgevoerd) zijn de uitkomsten van de Veiligheidsmonitor 2021 niet meer 1-op-1 vergelijkbaar met die van 2019 en eerdere edities. Voor een beperkt aantal kernindicatoren zoals slachtofferschap van traditionele criminaliteit en onveiligheidsgevoelens is dat wél het geval en kunnen dus langeretermijntrends worden weergegeven (zie de Onderzoeksbeschrijving voor meer informatie).
De vragenlijst van de Veiligheidsmonitor 2025 is weinig veranderd ten opzichte van die van 2021 en 2023. De belangrijkste verandering ten opzichte van 2023 is de toevoeging van een nieuw thema over ervaringen met verdachte situaties in de buurt. Dat betekent dat de cijfers van 2025 goed vergelijkbaar zijn met die van twee en vier jaar eerder. Wel is het zo dat de cijfers in de Veiligheidsmonitor 2021, zoals die over overlast- en veiligheidsbeleving en slachtofferschap van criminaliteit, betrekking hebben op de coronaperiode, toen veel mensen aan huis gebonden waren en andere beperkende maatregelen golden. In de Onderzoeksbeschrijving wordt ingegaan op wat de mogelijke gevolgen hiervan zijn voor de vergelijkbaarheid van de onderzoeksuitkomsten van 2021 met die van 2023 en 2025.
De Veiligheidsmonitor bevat niet alleen cijfers over Nederland als geheel maar ook over de regio’s van het land. Er worden uitkomsten gepresenteerd voor de 10 regionale eenheden, 43 districten en 166 basisteams van de politie en voor de 59 grootste gemeenten van Nederland met meer dan 70 duizend inwoners. Ook wordt gekeken naar de G4 (Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht) en naar de G40. De G40 is het netwerk van 41 (middel)grote steden in ons land, die elkaar vinden in stedelijke vraagstukken waar de leden van het netwerk voor staan.
De Veiligheidsmonitor is een samenwerking tussen het Centraal Bureau voor de Statistiek en het ministerie van Justitie en Veiligheid. De publicatie Veiligheidsmonitor 2025 is als webpublicatie en in pdf-vorm beschikbaar op de website van het CBS. Achterliggende cijfers zijn te vinden op StatLine, de elektronische databank van het CBS.
1.1 Samenvatting
Deze samenvatting bevat de onderzoeksresultaten van de Veiligheidsmonitor 2025 voor de diverse thema’s op hoofdlijnen. Eerst wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste landelijke uitkomsten. Daarna volgt een samenvatting van de regionale uitkomsten. Deze uitkomsten van de afzonderlijke regio’s worden schematisch afgezet tegen het landelijk gemiddelde als referentiepunt. De uitkomsten in de samenvatting gaan over de bevolking van 15 jaar of ouder.
Landelijke uitkomsten
Leefbaarheid en overlast in woonbuurt
- Het rapportcijfer voor de leefbaarheid in de buurt bedraagt, net als in 2023 en 2021, een 7,6.
- In twintig jaar tijd, vanaf 2005, is de ervaren sociale cohesie in de buurt weinig veranderd. Op een schaal van 0 tot 10 scoort de sociale cohesie in de buurt in 2025 een 6,4. De sociale cohesie loopt uiteen van een 5,8 in zeer sterk stedelijke buurten tot een 7,1 in niet-stedelijke buurten.
- 42 procent van de mensen is (zeer) tevreden over de aanpak van leefbaarheid en veiligheid in de buurt door de eigen gemeente. Dat is lager dan in 2023 en 2021.
- Volgens bijna een derde (32 procent) zijn gemeentelijke handhavers vaak of soms zichtbaar in de eigen buurt. 58 procent geeft aan dat dit het geval is voor andere plekken in de gemeente. Bijna een kwart (24 procent) is (zeer) tevreden over het functioneren van de handhavers in de eigen gemeente, 11 procent is (zeer) ontevreden. Zowel de zichtbaarheid als de tevredenheid daarover is in meer verstedelijkte buurten groter dan in minder verstedelijkte buurten.
- Bijna 9 op de 10 mensen geven aan (een beetje of veel) overlast in de buurt te ervaren, bij bijna de helft (46 procent) gaat het om veel overlast. Het vaakst ondervinden mensen veel verkeersoverlast (33 procent). Ook ervaart 22 procent veel fysieke verloedering, 14 procent veel sociale overlast en 12 procent veel milieuoverlast.
- Vooral het ervaren van veel sociale overlast komt in 2025 meer voor dan in de voorgaande jaren. Zo wordt er meer overlast ervaren van rondhangende jongeren, maar ook van dronken mensen op straat, verwarde personen, drugsgebruik en mensen die worden lastiggevallen op straat.
Veiligheidsbeleving
- Van de inwoners van Nederland voelt 37 procent zich weleens onveilig in het algemeen. Dat is meer dan in 2023 (35 procent) en 2021 (33 procent). 3 procent voelt zich vaak onveilig.
- De algemene onveiligheidsgevoelens zijn ten opzichte van 2005, het eerste vergelijkbare meetjaar, met 26 procent gedaald.
- 17 procent van de mensen voelt zich weleens onveilig in de eigen buurt. Dat is meer dan in 2023 (15 procent) en 2021 (14 procent). Ruim 2 procent voelt zich vaak onveilig in de eigen buurt.
- In 2025 zijn de onveiligheidsgevoelens in de buurt 6 procent hoger dan in 2008, het eerste jaar dat deze op een vergelijkbare manier gemeten zijn.
- Vrouwen voelen zich vaker onveilig dan mannen en jongeren vaker dan ouderen. Homoseksuele en biseksuele mannen voelen zich vaker onveilig dan heteroseksuele mannen, en biseksuele vrouwen vaker dan heteroseksuele vrouwen.
- ’s Avonds doet 9 procent vaak niet open omdat zij dat niet veilig vinden. 4 procent voelt zich ’s avonds vaak onveilig op straat in de eigen buurt en 3 procent rijdt of loopt vaak om vanwege onveilige plekken in de buurt. Verder is 2 procent vaak bang om zelf slachtoffer te worden van criminaliteit in de buurt, en voelt zich ’s avonds alleen thuis vaak onveilig.
- 9 procent van de mensen heeft het idee dat er veel criminaliteit in de eigen buurt voorkomt. Het grootste deel (63 procent) denkt dat er weinig criminaliteit plaatsvindt, en 21 procent denkt dat er geen criminaliteit voorkomt.
- Het percentage dat denkt dat de criminaliteit in de buurt in de afgelopen twaalf maanden is toegenomen, is groter dan het percentage dat denkt dat deze is afgenomen (13 tegen 4 procent). De meesten (59 procent) denken dat de criminaliteit gelijk gebleven is.
- Mensen waarderen de veiligheid in hun buurt met een gemiddeld rapportcijfer van 7,4, wat samenhangt met de stedelijkheid van de woonbuurt. Het rapportcijfer klimt op van 7,0 in zeer sterk stedelijke buurten naar 7,9 in niet-stedelijke buurten.
- 18 procent van de mensen denkt dat de kans heel groot of groot is om slachtoffer te worden van oplichting via internet. 6 procent schat de kans op inbraak in de eigen woning (heel) groot in, en 3 procent denkt dat het risico op mishandeling, zakkenrollerij of beroving (heel) groot is.
Respectloos gedrag en discriminatie
- 18 procent van de inwoners van Nederland zegt vaak of soms respectloos behandeld te worden door onbekenden op straat. Ruim 10 procent zegt vaak of soms door onbekenden in het openbaar vervoer respectloos te zijn behandeld, en een bijna vergelijkbaar deel door personeel van winkels of bedrijven. Het minst wordt respectloze behandeling ervaren van personeel van overheidsinstanties en van bekenden zoals partner, familie of vrienden (beide 7 procent).
- Ruim 1 op de 10 (12 procent) zegt zich gediscrimineerd te hebben gevoeld. Dat is iets meer dan in 2023.
- 41 procent van de mensen die in 2025 een of meer ervaringen met discriminatie hebben gehad, zegt dat dit was op grond van ras of huidskleur. In 2023 was dat met 39 procent iets minder. Bij 34 procent van de mensen met discriminatie-ervaring ging het om nationaliteit, bij 29 procent om geslacht, en bij 17 procent om leeftijd. Discriminatie op grond van godsdienst of levensovertuiging werd in 2025 door 19 procent van de mensen met discriminatie-ervaring genoemd, in 2023 was dat 16 procent.
- 57 procent van de mensen met discriminatie-ervaring geven aan dat dit kwam door ongelijke behandeling, benadeling of het voortrekken van bepaalde groepen. 47 procent zegt dat dit door discriminerende opmerkingen kwam, in 2023 werd dit minder vaak genoemd (44 procent).
- 40 procent van de mensen die discriminatie ervoeren, zegt dat dit op straat gebeurde. Dit is meer dan in 2023 toen 37 procent dit aangaf. Een kwart zegt dat dit op het werk plaatsvond en eveneens een kwart geeft aan dat het in een winkel gebeurde.
- 39 procent van de mensen met discriminatie-ervaring zegt dat dit door instanties of professionals gebeurde, bijvoorbeeld de landelijke overheid, een politicus, de gemeente of de politie.
- Ruim de helft (53 procent) van de mensen met discriminatie-ervaring geeft aan hierdoor minder vertrouwen in mensen te hebben. Ruim een kwart (26 procent) voelde zich er minder veilig door. In 2023 lag dit percentage lager (21 procent). Verder kreeg 14 procent depressieve klachten en 11 procent slaapproblemen.
- 11 procent van de mensen die zich gediscrimineerd voelden, hebben dit gemeld bij een of meer instanties. 2 procent van degenen die zich gediscrimineerd voelden, deed aangifte bij de politie. Dit komt overeen met 2023.
Traditionele criminaliteit
- In 2025 is 7 procent van de inwoners van Nederland in de afgelopen twaalf maanden slachtoffer geweest van geweld (mishandeling, bedreiging, seksueel geweld), 11 procent van vermogensdelicten (diefstal en inbraak) en 7 procent van vernielingen.
- In totaal is 20 procent slachtoffer geweest van één of meer van deze vormen van traditionele criminaliteit. Dat is evenveel als in 2023, maar meer dan in 2021 (17 procent). De toename in het slachtofferschap ten opzichte van 2021 is relatief het sterkst bij de geweldsdelicten.
- Vanaf 2005 is het slachtofferschap van traditionele criminaliteit met 52 procent afgenomen.
- Mannen zijn iets vaker slachtoffer van traditionele criminaliteit dan vrouwen. Jongeren zijn vaker slachtoffer dan ouderen.
- Ruim een kwart van de slachtoffers van traditionele criminaliteit geeft aan emotionele of psychische problemen, lichamelijke verwondingen of letsel en/of financiële problemen te (hebben) ervaren als gevolg van hun slachtofferschap.
- In 2025 deed 37 procent van de slachtoffers van traditionele criminaliteit melding bij de politie van wat hen overkomen was. Bijna 1 op de 3 slachtoffers (31 procent) deed aangifte. Dit is vergelijkbaar met 2023 en 2021.
- De belangrijkste reden voor slachtoffers om het delict niet bij de politie te melden of aan te geven is dat ‘het niets helpt’. Bij 4 op de 10 delicten werd dit genoemd als (een van) de reden(en).
Online criminaliteit
- In 2025 is 10 procent in de afgelopen twaalf maanden slachtoffer geweest van online oplichting en fraude, 6 procent van hacken, 3 procent van online bedreiging en intimidatie, en 1 procent van overige online delicten.
- In totaal is 17 procent in 2025 slachtoffer geweest van een of meer van deze vormen van online criminaliteit, dat is iets meer dan in 2023 (16 procent), maar evenveel als in 2021 (17 procent). Minder mensen zijn slachtoffer van hacken sinds 2021. Het slachtofferschap van online oplichting en fraude is iets toegenomen, met name aankoopfraude.
- 65-plussers zijn het minst vaak slachtoffer van online criminaliteit. Jongeren tussen de 15 en 25 jaar hebben relatief vaak te maken met online bedreiging en intimidatie.
- 21 procent van de slachtoffers van online criminaliteit geeft aan dat het online delict heeft geleid tot emotionele of psychische problemen en/of financiële problemen. Emotionele of psychische problemen worden het vaakst genoemd: 17 procent had hier last van. 8 procent kreeg financiële problemen.
- Van alle slachtoffers van online criminaliteit heeft 52 procent bij een instantie gemeld wat hen overkomen is, 15 procent heeft aangifte gedaan bij de politie.
Verdachte situaties
- In 2025 gaf 49 procent aan dat er zeker of vermoedelijk een of meer verdachte situaties in hun buurt voorkwamen in de afgelopen twaalf maanden.
- Vooral het dealen van drugs in de buurt wordt vaak vermeld. Ook bedrijven waar bijna nooit klanten komen en buurtbewoners met onrealistisch dure spullen worden relatief vaak genoemd als verdachte situaties.
- 10 procent van de mensen die een verdachte situatie opmerkt, maakte hier ergens melding van. Het vaakst werd het gemeld bij de politie (4 procent), de gemeente (3 procent) of de wijkagent (eveneens 3 procent).
Burgers en politie
- In 2025 geeft ruim een kwart van de inwoners van Nederland aan in de afgelopen twaalf maanden een of meerdere keren contact te hebben gehad met de politie. Dit is bijna hetzelfde als in 2023 en 2021.
- Hiervan hadden bijna 6 op de 10 het contact met de politie in de eigen buurt. Bijna 2 op de 10 hadden het contact elders in de eigen gemeente of buiten de eigen gemeente.
- De tevredenheid over het contact met de politie verschilt weinig naar de plek waar dit plaatsvond: ongeveer 2 op de 3 zijn (zeer) tevreden over dit contact, zowel in de eigen buurt, elders in de eigen gemeente als daarbuiten.
- Op de lange termijn, vanaf 2005, is de tevredenheid over het contact met de politie in de eigen gemeente met 20 procent toegenomen.
- 8 procent van de inwoners van Nederland geeft aan dat zij in de afgelopen twaalf maanden gecontroleerd zijn door de politie. Een ruime meerderheid van hen (81 procent) zegt dat de politie hen bij de controle rustig, respectvol en correct heeft behandeld.
- 10 procent van de personen die in de afgelopen twaalf maanden zijn gecontroleerd door de politie denkt dat hun afkomst, huidskleur of uiterlijk een reden was voor de controle.
- Ruim 1 op de 3 (35 procent) is (zeer) tevreden over het functioneren van de politie in de buurt. 8 procent is (zeer) ontevreden en 29 procent is niet tevreden en niet ontevreden. 28 procent geeft aan dit niet te kunnen beoordelen.
- Bijna de helft (48 procent) is (zeer) tevreden over het functioneren van de politie in het algemeen. 10 procent is (zeer) ontevreden en 29 procent is niet tevreden en niet ontevreden. De rest (13 procent) zegt dit niet te kunnen beoordelen.
- Vergeleken met 2005 is de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt met 4 procent gestegen. Vanaf 2019 is wel een afname zichtbaar.
- 9 procent zegt de politie vaak in de eigen buurt te zien, 35 procent soms, 42 procent zelden en 14 procent nooit. Een meerderheid (56 procent) geeft dus aan de politie zelden of nooit in de eigen buurt te zien. Dit is vrij vergelijkbaar met 2023 en 2021.
- Ruim 3 op de 10 zijn (zeer) tevreden over de zichtbaarheid van de politie in de eigen buurt; ruim 2 op de 10 zijn (zeer) ontevreden hierover. De rest is tevreden noch ontevreden (36 procent) of heeft geen oordeel over de zichtbaarheid van de politie in de buurt (12 procent). De tevredenheid over de zichtbaarheid van de politie in de buurt is in 2025 bijna hetzelfde als in 2023 en 2021.
- De zichtbaarheid van de politie in de buurt en de tevredenheid hierover is in meer verstedelijkte buurten groter dan in minder verstedelijkte buurten.
Preventie
- Driekwart van de inwoners van Nederland geeft aan vaak of altijd waardevolle spullen mee uit de auto te nemen om diefstal te voorkomen. Dit is vergelijkbaar met 2023 en 2021.
- De helft plaatst vaak of altijd de fiets in de bewaakte fietsenstalling als die mogelijkheid er is. Dat is iets meer dan in 2023 en 2021.
- 59 procent heeft extra veiligheidssloten of -grendels op ramen en deuren, 48 procent heeft buitenverlichting met een sensor, en 29 procent heeft thuis camerabewaking. Vooral het gebruik van camerabewaking is toegenomen tussen 2021 en 2025.
- Bijna een kwart geeft aan dat zijzelf of iemand anders van het huishouden deelneemt aan Whatsapp-buurtpreventie.
- De meest gebruikte maatregelen die mensen nemen om hun digitale gegevens te beschermen zijn sterke, moeilijk te raden wachtwoorden kiezen (74 procent). Ook gebruikt bijna de helft tweetrapsverificatie (49 procent), een virusscanner (47 procent), of voert updates uit of maakt back-ups (46 procent).
Regionale uitkomsten
70-duizend-plus-gemeenten
- Iets meer dan de helft (52 procent) van de inwoners van de 70-duizend-plus-gemeenten ervaart veel buurtoverlast, tegen 46 procent landelijk gemiddeld. Vooral in de vier grootste steden, de G4, wordt veel overlast ervaren (60 procent).
- 21 procent van de inwoners van de 70-duizend-plus-gemeenten voelt zich weleens onveilig in de eigen buurt, tegen 17 procent gemiddeld in Nederland. In de G4 voelt 28 procent zich weleens onveilig in de eigen buurt.
- Een kwart van de inwoners van de 70-duizend-plus-gemeenten is in 2025 slachtoffer geweest van één of meer vormen van traditionele criminaliteit (landelijk 20 procent). Het slachtofferschap is het grootst in de G4 (32 procent).
- In de 70-duizend-plus-gemeenten was 53 procent van de inwoners zeker of had een vermoeden van verdachte situaties in hun buurt. Dat is meer dan landelijk gemiddeld (49 procent). In de G4 geven inwoners het vaakst aan zeker te zijn van een verdachte situatie of hiervan een vermoeden te hebben (58 procent).
- De tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt is in de 70-duizend-plus-gemeenten met 35 procent gelijk aan het landelijke gemiddelde. In de G4 is men hierover iets positiever (36 procent).
| Gebied | Rapportcijfer leefbaarheid buurt | Veel fysieke verloedering in buurt | Veel sociale overlast in buurt | Veel verkeersoverlast in buurt | Veel milieuoverlast in buurt | Rapportcijfer veiligheid buurt | Weleens onvelig in buurt | Slachtofferschap geweldsdelicten | Slachtofferschap vermogensdelicten | Slachtofferschap vernielingen | Slachtofferschap traditionele criminaliteit | Tevredenheid zichtbaarheid politie in buurt | Tevredenheid functioneren politie in buurt | Aantal preventieve voorzieningen woning |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Noord-Nederland | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Fryslân | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Groningen | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Drenthe | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Oost-Nederland | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| IJsselland | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld |
| Twente | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Noord en Oost Gelderland | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Gelderland Midden | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Gelderland Zuid | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Midden-Nederland | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld |
| Gooi en Vechtstreek | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Flevoland | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Oost Utrecht | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Utrecht Stad | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| West Utrecht | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld |
| Noord-Holland | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Noord Holland Noord | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Zaanstreek Waterland | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld |
| Kennemerland | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Amsterdam | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Amsterdam Noord - Centrum | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Amsterdam Oost | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Amsterdam Zuid | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Amsterdam West | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Den Haag | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Den Haag Centrum | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Den Haag West | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Den Haag Zuid | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Zoetermeer - Leidschendam / Voorburg | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld |
| Westland - Delft | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Leiden - Bollenstreek | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Alphen aan den Rijn - Gouda | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld |
| Rotterdam | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Rijnmond Noord | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Rotterdam Stad | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Rijnmond Oost | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Rotterdam Zuid | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld |
| Rijnmond Zuid-West | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Zuid-Holland Zuid | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Zeeland - West-Brabant | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Zeeland | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| De Markiezaten | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| De Baronie | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Hart van Brabant | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Oost-Brabant | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| ’s Hertogenbosch | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Eindhoven | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld |
| Helmond | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Limburg | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Noord en Midden Limburg | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Parkstad-Limburg | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
| Zuid-West-Limburg | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Gelijk aan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Ongunstiger dan NL gemiddeld | Gunstiger dan NL gemiddeld |
2. Leefbaarheid en overlast in woonbuurt
In dit hoofdstuk staat het thema leefbaarheid en overlast in de woonbuurt centraal. Eerst komt aan de orde hoe inwoners van Nederland de fysieke voorzieningen en sociale cohesie in hun buurt ervaren. Vervolgens gaat het om de overlast in de buurt. Welke vormen van overlast komen het meest voor en van welke heeft men de meeste last? Meer cijfermateriaal over dit onderwerp, uitgesplitst naar regio en persoonskenmerken is beschikbaar op StatLine.
2.1 Fysieke voorzieningen en sociale cohesie in buurt
Fysieke voorzieningen
In de Veiligheidsmonitor is de tevredenheid over fysieke voorzieningen in de woonbuurt gemeten. Een meerderheid van 82 procent geeft aan (heel) tevreden te zijn over de straatverlichting in de buurt. Over het onderhoud van plantsoenen en parken is 64 procent (heel) tevreden. Verder is 59 procent (heel) tevreden over het onderhoud van de straten, stoepen en pleintjes en over de speelplekken voor kinderen. De tevredenheid over voorzieningen voor jongeren, zoals sportveldjes of een buurthuis, is met 44 procent lager1). De tevredenheid over de fysieke voorzieningen in de buurt is vrijwel hetzelfde als in 2023 en 2021.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Straatverlichting | 81,7 | 82,5 | 82,4 |
| Onderhoud van plantsoenen en parken | 64,4 | 65 | 64,7 |
| Onderhoud van stoepen, straten en pleintjes | 59,4 | 60,8 | 60,1 |
| Speelplekken voor kinderen | 59,3 | 59,5 | 60,1 |
| Voorzieningen voor jongeren | 44,1 | 45,3 | 45,4 |
Sociale cohesie
Ook de sociale cohesie in de eigen woonbuurt is onderzocht. Drie kwart vindt dat de mensen in de buurt op een prettige manier met elkaar omgaan. Ook zegt 72 procent dat zij de huissleutel aan de buren zouden durven geven als ze op vakantie gaan of langere tijd afwezig zijn. Over de bevolkingssamenstelling in de eigen buurt is 66 procent tevreden. Het percentage dat veel contact heeft met andere buurtbewoners is relatief laag (37 procent). Ruim een kwart geeft aan dat de mensen in de buurt elkaar nauwelijks kennen.
Het beeld rondom sociale cohesie is iets minder positief dan in 2021. Alleen het percentage dat aangeeft veel contact te hebben met andere buurtbewoners is niet gewijzigd.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| De mensen in de buurt gaan op een prettige manier met elkaar om | 74,6 | 75,3 | 75,8 |
| Als ik op vakantie zou gaan of langere tijd afwezig zou zijn, zou ik mijn huissleutel aan de buren durven te geven | 71,8 | 72,2 | 72,8 |
| Ik ben tevreden over de bevolkingssamenstelling in de buurt | 65,9 | 67,3 | 68,5 |
| Ik voel me thuis bij de mensen die in de buurt wonen | 61,6 | 62,1 | 63,5 |
| Ik woon in een gezellige buurt waar mensen elkaar helpen | 60,4 | 60,5 | 61,3 |
| In deze buurt durven de mensen elkaar aan te spreken op onwenselijk gedrag | 47,9 | 48,9 | 49,5 |
| Ik heb veel contact met andere buurtbewoners | 37,2 | 37 | 37,4 |
| De mensen in de buurt kennen elkaar nauwelijks | 26,2 | 26,1 | 24,6 |
Schaalscore fysieke voorzieningen en sociale cohesie
Op basis van de vragen over fysieke voorzieningen en sociale cohesie zijn schaalscores berekend. Deze schaalscores lopen van 0 tot en met 10, waarbij een hogere score overeenkomt met een positiever oordeel. De gemiddelde schaalscore voor fysieke voorzieningen bedraagt 6,5 en de gemiddelde schaalscore voor sociale cohesie is 6,4.
Fysieke voorzieningen en sociale cohesie naar stedelijkheid
Het oordeel over de fysieke voorzieningen in de buurt verschilt nagenoeg niet tussen meer verstedelijkte en minder verstedelijkte buurten. Het oordeel over de sociale cohesie in de buurt verschilt wel: bewoners van minder verstedelijkte buurten ervaren duidelijk meer sociale cohesie in hun buurt dan bewoners van meer verstedelijkte buurten.
| Zeer sterk stedelijk (schaalscore (0 = laag; 10 = hoog)) | Sterk stedelijk (schaalscore (0 = laag; 10 = hoog)) | Matig stedelijk (schaalscore (0 = laag; 10 = hoog)) | Weinig stedelijk (schaalscore (0 = laag; 10 = hoog)) | Niet stedelijk (schaalscore (0 = laag; 10 = hoog)) | |
|---|---|---|---|---|---|
| Fysieke voorzieningen | 6,4 | 6,5 | 6,5 | 6,5 | 6,4 |
| Sociale cohesie | 5,8 | 6,2 | 6,5 | 6,7 | 7,1 |
Trends in fysieke voorzieningen en sociale cohesie
In de periode 2008-2025 is het oordeel over de fysieke voorzieningen in de buurt relatief weinig veranderd. Ook het oordeel over de sociale cohesie in de buurt, dat gemeten is tussen 2005 en 2025, laat een vrij stabiel beeld zien.
| Fysieke voorzieningen (2005/2008 = 100) | Sociale cohesie2) (2005/2008 = 100) | |
|---|---|---|
| 2005 | 100,0 | |
| 2006 | 99,5 | |
| 2007 | 99,9 | |
| 2008 | 100,0 | 100,5 |
| 2009 | 100,6 | 100,8 |
| 2010 | 101,2 | 101,1 |
| 2011 | 102,8 | 101,6 |
| 2012 | 101,5 | 101,5 |
| 2013 | 101,1 | 101,2 |
| 2014 | 102,0 | 101,4 |
| 2015 | 102,0 | 101,3 |
| 2016 | 103,1 | 101,7 |
| 2017 | 102,2 | 101,3 |
| 2018 | ||
| 2019 | 103,5 | 102,4 |
| 2020 | ||
| 2021 | 103,9 | 104,9 |
| 2022 | ||
| 2023 | 104,3 | 104,1 |
| 2024 | ||
| 2025 | 103,7 | 103,6 |
| 1) Vanaf 2017 wordt de Veiligheidsmonitor tweejaarlijks uitgevoerd. 2) Sinds 2005 is het aantal stellingen over sociale cohesie in de vragenlijst uitgebreid van 4 naar 8. De trendcijfers van sociale cohesie zijn gebaseerd op schaalscores die samengesteld zijn uit de 4 stellingen die in alle jaren bevraagd zijn (prettige omgang in buurt, thuis voelen in buurt, gezellige buurt met saamhorigheid, veel contact met buurtbewoners). | ||
Leefbaarheid buurt
Mensen geven de leefbaarheid in hun buurt in 2025, net zoals in 2023 en 2021, gemiddeld een 7,6 als rapportcijfer. 10 procent vindt dat de buurt waarin zij wonen er in de afgelopen twaalf maanden op vooruit is gegaan, 18 procent is van mening dat hun buurt erop achteruit is gegaan. 69 procent, de overgrote meerderheid, ziet geen verandering. De rest (3 procent) heeft geen antwoord gegeven.
2.2 Functioneren gemeente rond leefbaarheid en veiligheid
Functioneren gemeente naar stedelijkheid
Van de inwoners van Nederland is 42 procent (zeer) tevreden over het functioneren van de eigen gemeente als het gaat om de aanpak van leefbaarheid en veiligheid. Dat is een iets kleiner deel dan in 2023 en 2021 toen het om 44 procent ging. Deze tevredenheid is bijna hetzelfde in stedelijke en minder-stedelijke gemeenten. Wel is de tevredenheid in 2025 iets lager dan in de voorgaande jaren.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Totaal | 42 | 43,7 | 44,1 |
| Stedelijkheid gemeente | |||
| Zeer sterk stedelijk | 41,2 | 42,7 | 43 |
| Sterk stedelijk | 41,5 | 43,2 | 43,3 |
| Matig stedelijk | 43,1 | 44,7 | 45,9 |
| Weinig stedelijk | 42,9 | 44,8 | 45,2 |
| Niet stedelijk | 42,5 | 43,9 | 44,4 |
Functioneren gemeente in 70-duizend-plus-gemeenten
In gemeenten met meer dan 70 duizend inwoners is 41 procent tevreden over het functioneren van de gemeente bij de aanpak van leefbaarheid en veiligheid. In de G4 is dit 39 procent. Dit percentage ligt iets lager dan in Nederland (42 procent) en in de G40 (42 procent).
Binnen de 70-duizend-plus-gemeenten varieert het percentage inwoners dat (zeer) tevreden is over het functioneren van de gemeente van 29 in Roosendaal tot 57 in Amstelveen.
| % van personen van 15 jaar of ouder (%) | |
|---|---|
| Groningen | 49,8 |
| Almere | 32,2 |
| Leeuwarden | 42,4 |
| Assen | 38,4 |
| Emmen | 36,4 |
| Almelo | 39,5 |
| Deventer | 51,7 |
| Enschede | 41,8 |
| Hengelo | 44 |
| Zwolle | 48,6 |
| Apeldoorn | 46,1 |
| Arnhem | 43 |
| Ede | 43,9 |
| Nijmegen | 49,3 |
| Amersfoort | 43,6 |
| Utrecht | 48,9 |
| Veenendaal | 48 |
| Alkmaar | 40,7 |
| Amstelveen | 57,2 |
| Amsterdam | 39 |
| Haarlem | 40 |
| Haarlemmermeer | 35,1 |
| Hilversum | 44,2 |
| Hoorn | 45,7 |
| Purmerend | 35,9 |
| Velsen | 37 |
| Zaanstad | 29,5 |
| Alphen aan den Rijn | 40,9 |
| Delft | 47,2 |
| Dordrecht | 38,2 |
| Gouda | 37 |
| 's-Gravenhage | 39,4 |
| Leiden | 48 |
| Rotterdam | 34,6 |
| Schiedam | 37 |
| Vlaardingen | 29,8 |
| Zoetermeer | 38,4 |
| Bergen op Zoom | 30,2 |
| Breda | 42,2 |
| Eindhoven | 45 |
| Helmond | 38,7 |
| 's-Hertogenbosch | 44,9 |
| Oss | 44,9 |
| Tilburg | 41,8 |
| Heerlen | 32,3 |
| Maastricht | 38 |
| Venlo | 34,3 |
| Lelystad | 32,3 |
| Roosendaal | 28,8 |
| Westland | 41,5 |
| Sittard-Geleen | 33,8 |
| Súdwest-Fryslân | 45,1 |
| Leidschendam-Voorburg | 48,4 |
| Nissewaard | 40,6 |
| Meierijstad | 38,4 |
| Hoeksche Waard | 39,7 |
| Dijk en Waard | 44,8 |
| Land van Cuijk | 42,3 |
| Voorne aan Zee | 34,2 |
Inzet gemeente voor leefbaarheid en veiligheid buurt
Ruim 4 op de 10 inwoners (43 procent) zijn het (helemaal) eens met de stelling dat hun gemeente zich inzet voor de leefbaarheid en veiligheid in de buurt. Verder is 38 procent van mening dat de gemeente de buurt informeert over de aanpak van de leefbaarheid en veiligheid in de buurt. En 31 procent vindt dat de gemeente de buurt betrekt bij de aanpak van de leefbaarheid en veiligheid in de buurt.
| (Helemaal) eens (% van personen van 15 jaar of ouder ) | Niet eens, niet oneens (% van personen van 15 jaar of ouder ) | (Helemaal) oneens (% van personen van 15 jaar of ouder ) | Geen antwoord (% van personen van 15 jaar of ouder ) | Geen oordeel (% van personen van 15 jaar of ouder ) | |
|---|---|---|---|---|---|
| De gemeente zet zich in voor de leefbaarheid en veiligheid in de buurt | 42,8 | 29,6 | 13,8 | 3,0 | 10,8 |
| De gemeente informeert de buurt over de aanpak van de leefbaarheid en veiligheid in de buurt | 38,0 | 27,7 | 19,7 | 3,8 | 10,8 |
| De gemeente betrekt de buurt bij de aanpak van de leefbaarheid en veiligheid in de buurt | 31,4 | 30,8 | 21,8 | 5,2 | 10,8 |
Zichtbaarheid gemeentelijke handhavers
Gemeentelijke handhavers houden zich bezig met het vergroten van de leefbaarheid en veiligheid. In de eigen buurt ziet 7 procent van de mensen gemeentelijke handhavers vaak en 24 procent ziet hen soms. Op andere plekken in de gemeente is dit respectievelijk 16 procent en 42 procent. De zichtbaarheid van de handhavers in de buurt en elders in de gemeente is in meer stedelijke gemeenten groter dan in minder stedelijke gemeenten.
| Vaak (% van personen van 15 jaar of ouder) | Soms (% van personen van 15 jaar of ouder) | (Zeer) tevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Zichtbaarheid handhavers in buurt | |||
| Totaal | 7,4 | 24,4 | |
| Zeer sterk stedelijk | 11,7 | 31,4 | |
| Sterk stedelijk | 8,4 | 26,2 | |
| Matig stedelijk | 4,9 | 21,5 | |
| Weinig stedelijk | 3,6 | 18,3 | |
| Niet stedelijk | 3,2 | 13,8 | |
| Zichtbaarheid handhavers elders in gemeente | |||
| Totaal | 15,7 | 42,1 | |
| Zeer sterk stedelijk | 25,3 | 46,2 | |
| Sterk stedelijk | 18,3 | 47,6 | |
| Matig stedelijk | 10,7 | 40,9 | |
| Weinig stedelijk | 6,9 | 35,1 | |
| Niet stedelijk | 5,2 | 26,6 | |
| Functioneren handhavers ¹⁾ | |||
| Totaal | 24,5 | ||
| Zeer sterk stedelijk | 26,6 | ||
| Sterk stedelijk | 25,2 | ||
| Matig stedelijk | 23,6 | ||
| Weinig stedelijk | 21,8 | ||
| Niet stedelijk | 20,6 | ||
| 1) Het gaat om degenen die weleens gemeentelijke handhavers in hun buurt of elders in de gemeente zien. | |||
Functioneren gemeentelijke handhavers
Bijna een kwart van de mensen die weleens gemeentelijke handhavers in hun buurt of elders in de gemeente zien is (zeer) tevreden over het functioneren van deze handhavers. Daarentegen is 11 procent hierover juist (zeer) ontevreden. Verder is 35 procent niet tevreden en niet ontevreden, en zegt 29 procent dit niet te kunnen beoordelen.
Het percentage dat (zeer) tevreden is over het functioneren van gemeentelijke handhavers neemt toe met de stedelijkheidsgraad van de woongemeente: van 21 procent in niet-stedelijke gemeenten tot 27 procent in zeer sterk stedelijke gemeenten.
2.3 Overlast in buurt
Om een beeld te krijgen van de ervaren buurtoverlast is in de Veiligheidsmonitor voor zeventien vormen van overlast gevraagd of deze weleens voorkomen in de eigen buurt en, zo ja, in welke mate men daar zelf overlast van ervaart. Antwoordmogelijkheden zijn hierbij ‘veel overlast’, ‘een beetje overlast’, ‘weinig overlast’ en ‘geen antwoord’. De afzonderlijke overlastvormen zijn ingedeeld in vier categorieën: fysieke verloedering, sociale overlast, verkeersoverlast en milieuoverlast.
Hieronder wordt besproken in hoeverre mensen de verschillende vormen van overlast ervaren in hun buurt. Het gaat dan om een beetje of veel overlast. Ook wordt aangegeven welk deel veel overlast ervaart.
Fysieke verloedering
Fysieke verloedering bestaat uit vier overlastvormen: ‘rommel op straat’, ‘vernield straatmeubilair, bijvoorbeeld vuilnisbakken of bankjes’, ‘bekladde muren of gebouwen’, en ‘hondenpoep, bijvoorbeeld op de stoep of op grasveldjes’. Van alle 15-plussers zeggen 7 op de 10 overlast te hebben van een of meer vormen van fysieke verloedering in hun buurt. Ruim 2 op de 10 zeggen hiervan veel overlast te hebben. Het grootste fysieke overlastprobleem is hondenpoep: 57 procent van alle 15-plussers geeft aan hier zelf overlast van te ervaren en 16 procent ervaart zelfs veel overlast. Van rommel op straat heeft 44 procent zelf overlast, 9 procent ervaart veel overlast. Van vernieling van straatmeubilair en bekladde muren of gebouwen wordt minder vaak overlast ervaren.
In 2025 ervaren iets meer mensen veel overlast van rommel op straat, vernield straatmeubilair en bekladde muren of gebouwen dan 2021. Het ervaren van veel overlast door hondenpoep is juist iets lager.
Sociale overlast
Sociale overlast in de buurt omvat de volgende zeven vormen van overlast: ‘dronken mensen op straat’, ‘verwarde personen’, ‘drugsgebruik, bijv. op straat of bij coffeeshops’, ‘drugshandel’, ‘overlast door buurtbewoners’, ‘mensen die op straat worden lastiggevallen’ en ‘rondhangende jongeren’. In totaal zegt 46 procent te maken te hebben met een of meer vormen van sociale overlast. Bij 14 procent gaat het naar eigen zeggen om veel sociale overlast. De grootste sociale overlast komt van rondhangende jongeren (26 procent) en van buurtbewoners (20 procent). Respectievelijk 7 en 5 procent hebben hier naar eigen zeggen veel overlast van. Het lastigvallen van mensen op straat wordt met 7 procent het minst vaak als overlast ervaren.
In vergelijking met 2021 en 2023 wordt er vaker veel overlast ervaren van rondhangende jongeren, maar ook van dronken mensen op straat, verwarde personen, drugsgebruik en mensen die worden lastiggevallen op straat.
Verkeersoverlast
Bij verkeersoverlast in de buurt gaat het om ‘parkeerproblemen, bijvoorbeeld foutgeparkeerde voertuigen of te weinig plaatsen’, ‘te hard rijden’ en ‘agressief verkeersgedrag’. In totaal zegt 73 procent dat ze last hebben van een of meer vormen van verkeersoverlast. Bijna een derde ervaart veel verkeersoverlast. Te hard rijden is het grootste overlastprobleem: 57 procent geeft aan hiervan overlast te hebben, en 21 procent zegt hiervan veel overlast te hebben. Overlast door parkeerproblemen komt voor bij 45 procent en bij 18 procent komt dit veel voor. Van agressief verkeersgedrag wordt het minst vaak overlast ervaren.
Het percentage dat veel overlast ervaart door parkeerproblemen, agressief verkeersgedrag of te hard rijdend verkeer is iets toegenomen tussen 2021 en 2025.
Milieuoverlast
Milieuoverlast bestaat uit de volgende drie overlastvormen: ‘overlast van horecagelegenheden zoals cafés, restaurants of snackbars’, ‘geluidsoverlast’ en ‘stankoverlast’. In totaal zeggen bijna 4 op de 10 dat ze overlast ervaren van een of meer vormen van milieuoverlast. Ruim 1 op de 10 ervaart veel milieuoverlast. De meeste overlast wordt ervaren van geluid. Ruim 3 op de 10 ervaren geluidsoverlast in de buurt, 1 op de 10 heeft veel overlast hiervan. Van stankoverlast en overlast van horecagelegenheden ervaart men minder vaak hinder.
In 2025 verschillen de ervaren vormen van milieuoverlast vrijwel niet met die in voorgaande jaren.
Overlast totaal
Het percentage mensen dat overlast ervaart van een of meer van de zeventien onderzochte overlastvormen geeft de totaal ervaren overlast in de buurt weer. Een grote meerderheid van 89 procent zegt overlast te ervaren van ten minste één overlastvorm in de buurt, 46 procent geeft aan van ten minste één vorm veel overlast te ervaren.
| Ervaart beetje overlast (% van personen van 15 jaar of ouder) | Ervaart veel overlast (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|
| Fysieke verloedering | 49,2 | 21,8 |
| waarvan | ||
| Hondenpoep | 41,5 | 15,7 |
| Rommel op straat | 35,6 | 8,7 |
| Vernield straatmeubilair | 16,8 | 3,2 |
| Bekladde muren of gebouwen | 9,8 | 1,7 |
| Sociale overlast | 31,9 | 14,3 |
| waarvan | ||
| Rondhangende jongeren | 19,2 | 7,1 |
| Overlast door buurtbewoners | 15 | 4,9 |
| Verwarde personen | 11,8 | 3,4 |
| Dronken mensen op straat | 11,9 | 3,1 |
| Drugsgebruik | 9,3 | 3,6 |
| Drugshandel | 8,6 | 3,7 |
| Mensen op straat lastigvallen | 5,4 | 2,1 |
| Verkeersoverlast | 40,2 | 32,6 |
| waarvan | ||
| Te hard rijden | 36,2 | 20,9 |
| Parkeerproblemen | 26,7 | 18,4 |
| Agressief verkeersgedrag | 19,5 | 10,4 |
| Milieuoverlast | 25,4 | 12,3 |
| waarvan | ||
| Geluidsoverlast | 22,3 | 9,6 |
| Stankoverlast | 9,6 | 4,3 |
| Overlast van horecagelegenheden | 3,2 | 1,4 |
| Overlast totaal | 42,6 | 46,4 |
Trends in overlast
Het percentage dat van ten minste één vorm van fysieke verloedering veel overlast heeft is na 2012 afgenomen. Tussen 2023 en 2025 steeg dit weer enigszins, maar blijft met een index van 87 onder het niveau van 2012 (index=100).
Het percentage dat van ten minste één vorm veel sociale overlast ervaart, bereikte in 2019 het laagste punt. Sindsdien stijgt dit percentage en kwam in 2023 terug op het niveau van 2012. Tussen 2023 en 2025 nam dit percentage verder toe (index 2025=110).
Tussen 2012 en 2015 daalde het percentage mensen dat van ten minste één vorm veel verkeersoverlast ervaart. In de jaren daarna nam dit percentage weer toe. Daarmee kwam het indexcijfer in 2025 uit op 104.
| Veel overlast fysieke verloedering (2012 = 100) | Veel sociale overlast (2012 = 100) | Veel verkeersoverlast (2012 = 100) | |
|---|---|---|---|
| 2012 | 100 | 100 | 100 |
| 2013 | 99,4 | 98,4 | 99 |
| 2014 | 93,3 | 93 | 94,9 |
| 2015 | 93,4 | 90 | 93,8 |
| 2016 | 87,7 | 91,3 | 94,7 |
| 2017 | 88,7 | 88,9 | 97,1 |
| 2018 | |||
| 2019 | 84,9 | 87,9 | 99,6 |
| 2020 | |||
| 2021 | 86,8 | 95,9 | 99,6 |
| 2022 | |||
| 2023 | 84 | 99,9 | 100,7 |
| 2024 | |||
| 2025 | 87 | 109,8 | 103,7 |
| 1) Vanaf 2017 wordt de Veiligheidsmonitor tweejaarlijks uitgevoerd. 2) In 2021 is het item 'verwarde personen' toegevoegd aan sociale overlast. Voor de trend is dit item buiten beschouwing gelaten. 3) In 2021 zijn de items 'geluidsoverlast'en 'stankoverlast' voor het eerst gevraagd. Er is daarom geen langjarige trend te geven voor milieuoverlast. | |||
Overlast naar stedelijkheid
In sterker verstedelijkte buurten ervaren meer bewoners overlast dan in minder verstedelijkte buurten. In zeer sterk stedelijke buurten geeft 58 procent van de bewoners aan veel overlast van ten minste één van de zeventien onderscheiden overlastvormen te ervaren. In de niet-stedelijke buurten is dit 36 procent.
| Zeer sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Matig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Weinig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|---|
| Fysieke verloedering | 31,4 | 22,9 | 19,3 | 16,6 | 11,9 |
| Sociale overlast | 24,4 | 14,9 | 11,5 | 8,3 | 5,8 |
| Verkeersoverlast | 38,2 | 34,4 | 30,7 | 27,6 | 27,2 |
| Milieuoverlast | 18,9 | 11,8 | 9,9 | 8,6 | 8,6 |
| Overlast totaal | 57,5 | 48,2 | 43,2 | 39 | 36,1 |
Overlast naar politieregio
Op het schaalniveau van de tien regionale eenheden van de politie varieert het aandeel inwoners dat veel overlast in de buurt ervaart van 41 procent in Noord- en Oost-Nederland tot 56 procent in Amsterdam en Rotterdam. De overlast naar regionale eenheid is vrijwel gelijk aan die in 2021 en 2023.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder ) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder ) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder ) | |
|---|---|---|---|
| Amsterdam | 55,9 | 53,3 | 54 |
| Rotterdam | 55,7 | 53,8 | 54 |
| Limburg | 49,3 | 48,3 | 49 |
| Den Haag | 48,8 | 47,4 | 47,3 |
| Zeeland - West-Brabant | 46,8 | 46 | 46,2 |
| Noord-Holland | 45,9 | 45,9 | 45,2 |
| Midden-Nederland | 44,9 | 44,7 | 45,3 |
| Oost-Brabant | 43 | 42,8 | 42,9 |
| Oost-Nederland | 41,1 | 39,7 | 40,7 |
| Noord-Nederland | 40,7 | 38,5 | 38,9 |
Op het niveau van de 166 basisteams van de politie lopen de uitkomsten voor veel ervaren overlast uiteen van 29 procent in Achterhoek-Oost en Noordoost-Twente tot 86 procent in het Amsterdamse Centrum-Burgwallen.
| % van personen van 15 jaar of ouder (%) | |
|---|---|
| Noordwest-Fryslân | 38,6 |
| Noordoost-Fryslân | 34,6 |
| Oost-Fryslân | 41,5 |
| Zuidoost-Fryslân | 34 |
| Sneek | 32,4 |
| Leeuwarden | 46,3 |
| Westerkwartier | 34,8 |
| Ommelanden-Noord | 47,4 |
| Ommelanden-Oost | 42,6 |
| Ommelanden-Midden | 49,8 |
| Groningen-Zuid | 33,3 |
| Groningen-Centrum | 46,8 |
| Groningen-Noord | 45,9 |
| Noord-Drenthe | 40,5 |
| Zuidoost-Drenthe | 44,7 |
| Zuidwest-Drenthe | 38,9 |
| IJsselland-Noord | 40,5 |
| Zwolle | 44,7 |
| Vechtdal | 33,6 |
| IJsselland-Zuid | 41,8 |
| Twente-West | 33,2 |
| Twente-Noord | 45,4 |
| Twente-Midden | 41,7 |
| Noordoost-Twente | 29,3 |
| Enschede | 53,1 |
| Achterhoek-Oost | 29 |
| Achterhoek-West | 39,4 |
| IJsselstreek | 37,1 |
| Apeldoorn | 43,1 |
| Veluwe-Noord | 42 |
| Veluwe-West | 41,1 |
| Veluwe Vallei-Noord | 32,7 |
| Ede | 43,5 |
| Veluwe Vallei-Zuid | 37,3 |
| Arnhem-Noord | 50,6 |
| Arnhem-Zuid | 49,8 |
| Rivierenland-West | 37,7 |
| IJsselwaarden | 45,9 |
| Rivierenland-Oost | 41,9 |
| Nijmegen-Noord | 42,8 |
| Nijmegen-Zuid | 45,5 |
| Tweestromenland | 36,9 |
| De Waarden | 46,7 |
| Gooi en Vechtstreek-Noord | 39,4 |
| Gooi en Vechtstreek-Zuid | 48,4 |
| Dronten / Noordoostpolder / Urk | 40,5 |
| Lelystad / Zeewolde | 44,3 |
| Almere Buiten Hout | 49,3 |
| Almere-Stad Haven | 50,9 |
| Almere-West-Poort | 54,1 |
| Amersfoort | 47 |
| De Bilt / Eemdal / Soest | 45 |
| Zeist / Bunnik / Leusden / Woudenberg | 33,5 |
| Heuvelrug | 41,6 |
| Utrecht-West | 41,6 |
| Utrecht-Noord | 65,4 |
| Utrecht-Centrum | 42,2 |
| Utrecht-Zuid | 55,7 |
| Stichtse Vecht / De Ronde Venen | 42,2 |
| De Copen | 45,6 |
| Lekpoort | 39,8 |
| Den Helder | 41,1 |
| Alkmaar | 45,5 |
| Hoorn | 44,9 |
| Heerhugowaard | 39,8 |
| Zaanstad | 55,2 |
| Purmerend | 39,8 |
| IJmond | 51,5 |
| Haarlem | 49,9 |
| Kennemer Kust | 40 |
| Haarlemmermeer | 45 |
| Centrum-Burgwallen | 86,2 |
| Centrum-Amstel | 63,2 |
| Centrum-Jordaan | 69,4 |
| Boven IJ | 63 |
| Oost-Zeeburg | 50,5 |
| Oost-Watergraafsmeer | 56,8 |
| Amstelland-Oost | 41 |
| Zuidoost-Bijlmermeer | 61,4 |
| Zuidoost-Gaasperdam | 54,7 |
| Zuid de Pijp | 54,1 |
| Zuid Buitenveldert | 52,8 |
| Amstelveen | 33,5 |
| Aalsmeer - Uithoorn | 43,9 |
| West-Haarlemmerweg | 57,9 |
| West-Overtoomsesluis | 61,3 |
| Nieuw West-Zuid | 61,3 |
| Nieuw West-Noord | 69,6 |
| Jan Hendrikstraat | 57,8 |
| De Heemstraat | 79,8 |
| Hoefkade | 77,8 |
| Overbosch | 40 |
| Loosduinen | 48,4 |
| Scheveningen | 52,5 |
| Segbroek | 54,3 |
| Laak | 76,7 |
| Beresteinlaan | 62,5 |
| Zuiderpark | 70,6 |
| Leidschenveen - Ypenburg | 49,8 |
| Zoetermeer | 50,3 |
| Leidschendam - Voorburg | 41,2 |
| Wassenaar | 37 |
| Pijnacker - Nootdorp | 40,1 |
| Rijswijk | 51,9 |
| Westland | 40 |
| Delft | 44,4 |
| Hillegom-Lisse-Teylingen | 43,6 |
| Katwijk-Noordwijk | 46,1 |
| Leiden-Noord | 38,2 |
| Leiden-Zuid | 38,3 |
| Leiden-Midden | 52,5 |
| Alphen aan den Rijn | 48,3 |
| Kaag en Braassem | 40,7 |
| Gouda | 47,7 |
| Waddinxveen / Zuidplas | 46,3 |
| Krimpenerwaard | 43,4 |
| Waterweg | 60,2 |
| Schiedam | 60,2 |
| Midden-Schieland | 48,6 |
| Delfshaven | 75,6 |
| Centrum | 80 |
| Maas-Rotte | 63,9 |
| IJsselland | 49,9 |
| Charlois | 69,9 |
| Feijenoord | 67,4 |
| IJsselmonde | 66,9 |
| Haringvliet | 49,8 |
| Nissewaard | 52,4 |
| Oude Maas | 48,5 |
| Hoeksche Waard | 42,6 |
| Drechtsteden Buiten | 50,7 |
| Drechtsteden Binnen | 58,6 |
| Lek en Merwede | 43,7 |
| Havens (RT) | |
| Walcheren | 43,8 |
| Zeeuws-Vlaanderen | 44,4 |
| Oosterscheldebekken | 38,3 |
| Bergen op Zoom | 51,1 |
| Roosendaal | 51,6 |
| Weerijs | 45,7 |
| Markdal | 48,5 |
| Dongemond | 47,1 |
| Tilburg-Centrum | 58,2 |
| Leijdal | 44,1 |
| Groene Beemden | 40 |
| Langstraat | 46,9 |
| 's-Hertogenbosch | 51,2 |
| Meierij | 40,4 |
| Maasland | 41,9 |
| Maas en Leijgraaf | 39,6 |
| Eindhoven-Zuid | 46,2 |
| Eindhoven-Noord | 54,2 |
| De Kempen | 37,4 |
| Dommelstroom | 37,8 |
| Peelland | 42,9 |
| Venray / Gennep | 37,7 |
| Horst / Peel en Maas | 32,5 |
| Venlo / Beesel | 52 |
| Weert | 45 |
| Roermond | 52,5 |
| Echt | 41,5 |
| Brunssum / Landgraaf | 54,5 |
| Kerkrade | 66 |
| Heerlen | 63,1 |
| Heuvelland | 44 |
| Maastricht | 50,3 |
| Westelijke Mijnstreek | 54,5 |
In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams de buurtoverlast – rekening houdend met de betrouwbaarheidsintervallen rond de uitkomsten – in 2025 hoger of lager is dan het landelijke gemiddelde, en hoger of lager is dan in 2023 en 2021.
Overlast in 70-duizend-plus-gemeenten
In de 70-duizend-plus-gemeenten is vaker sprake van veel overlast in de buurt op ten minste één van de zeventien onderscheiden overlastvormen dan gemiddeld in het land. In deze gemeenten ervaart ruim de helft van de inwoners (52 procent) veel buurtoverlast. Gemiddeld is dit 46 procent (zie figuur 2.3.1). Binnen de groep van 70-duizend-plus-gemeenten wordt de meeste buurtoverlast ervaren in de G4 (60 procent), gevolgd door de G40 (49 procent) en ten slotte de overige 70-duizend-plus-gemeenten (45 procent).
Binnen de 70-duizend-plus-gemeenten varieert het percentage inwoners dat veel overlast in de buurt ervaart van 33 in Amstelveen tot 65 in Rotterdam.
| % van personen van 15 jaar of ouder (%) | |
|---|---|
| Groningen | 41,7 |
| Almere | 51,5 |
| Leeuwarden | 46,3 |
| Assen | 51,5 |
| Emmen | 48,1 |
| Almelo | 51,3 |
| Deventer | 46,2 |
| Enschede | 53,1 |
| Hengelo | 48,8 |
| Zwolle | 44,7 |
| Apeldoorn | 43,1 |
| Arnhem | 50,3 |
| Ede | 43,5 |
| Nijmegen | 44,3 |
| Amersfoort | 47 |
| Utrecht | 50,7 |
| Veenendaal | 43 |
| Alkmaar | 54,7 |
| Amstelveen | 33,5 |
| Amsterdam | 59,6 |
| Haarlem | 49,9 |
| Haarlemmermeer | 45 |
| Hilversum | 49,6 |
| Hoorn | 47,3 |
| Purmerend | 42,8 |
| Velsen | 55,2 |
| Zaanstad | 57,5 |
| Alphen aan den Rijn | 48,3 |
| Delft | 44,4 |
| Dordrecht | 58,6 |
| Gouda | 52,4 |
| 's-Gravenhage | 59,9 |
| Leiden | 45,9 |
| Rotterdam | 64,6 |
| Schiedam | 60,2 |
| Vlaardingen | 61,2 |
| Zoetermeer | 50,3 |
| Bergen op Zoom | 54,2 |
| Breda | 51,3 |
| Eindhoven | 50,4 |
| Helmond | 53,8 |
| 's-Hertogenbosch | 51,2 |
| Oss | 46 |
| Tilburg | 52,7 |
| Heerlen | 63,1 |
| Maastricht | 50,3 |
| Venlo | 52,7 |
| Lelystad | 44 |
| Roosendaal | 55,2 |
| Westland | 40,5 |
| Sittard-Geleen | 55,7 |
| Súdwest-Fryslân | 34,9 |
| Leidschendam-Voorburg | 41,2 |
| Nissewaard | 52,4 |
| Meierijstad | 37,4 |
| Hoeksche Waard | 42,6 |
| Dijk en Waard | 43 |
| Land van Cuijk | 39,4 |
| Voorne aan Zee | 49,1 |
In tabellenbijlage III is weergegeven in welke 70-duizend-plus-gemeenten de buurtoverlast in 2025 hoger of lager is dan het gemiddelde van deze 70-duizend-plus-gemeenten, en hoger of lager is dan in 2023 en 2021.
3. Veiligheidsbeleving
In dit hoofdstuk staat centraal hoe mensen veiligheid ervaren. Het gaat om gevoelens van onveiligheid in het algemeen en in de eigen woonbuurt. Daarna komt aan de orde hoe mensen de criminaliteit in hun buurt beoordelen en hoe ze de kans inschatten om zelf slachtoffer van criminaliteit te worden. Meer achtergrondcijfers over verschillen in veiligheidsbeleving naar regio en naar persoonskenmerken zijn te vinden op StatLine.
3.1 Onveiligheidsgevoelens in buurt en in algemeen
Van de inwoners van Nederland voelt 17 procent zich weleens onveilig in de eigen buurt. Dat is meer dan in 2023 (15 procent) en 2021 (14 procent). In 2025 gaf ruim 2 procent aan zich vaak onveilig te voelen in de buurt. Dit betreft ongeveer 377 duizend 15-plussers.
In algemene zin voelt 37 procent zich weleens onveilig. Dat is meer dan het dubbele van de onveiligheidsgevoelens in de eigen buurt. Het percentage dat zich weleens onveilig voelt is in 2025 hoger dan in 2023 (35 procent) en 2021 (33 procent). Verder voelt 3 procent zich in 2025 in algemene zin vaak onveilig.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Onveiligheidsgevoelens in de eigen buurt | |||
| voelt zich weleens onveilig in eigen buurt | 16,8 | 15 | 13,9 |
| voelt zich vaak onveilig in eigen buurt | 2,5 | 2,2 | 2 |
| Onveiligheidsgevoelens in het algemeen | |||
| voelt zich weleens onveilig | 37,2 | 34,9 | 33 |
| voelt zich vaak onveilig | 2,5 | 2,1 | 2 |
Trends in onveiligheidsgevoelens
In twintig jaar tijd heeft de algemene veiligheidsbeleving zich per saldo gunstig ontwikkeld. De daling van de onveiligheidsgevoelens was het sterkst in de periode 2005-2008. Tussen 2019 en 2021 is het beeld stabiel, daarna is er een stijging. In 2025 waren de onveiligheidsgevoelens terug op het niveau van 2015. Ten opzichte van 2005 zijn de algemene onveiligheidsgevoelens met 26 procent afgenomen (index 2025=74).
De buurtgerelateerde onveiligheidsgevoelens (gemeten vanaf 2008) laten na een aanvankelijke stijging in 2009 een fluctuerend beeld zien tot ongeveer 2015. Daarna is er een dalende trend zichtbaar die vanaf 2019 ombuigt in een stijgende trend. Ten opzichte van 2008 zijn de onveiligheidsgevoelens in de buurt met 6 procent toegenomen (index 2025 = 106).
| Voelt zich weleens onveilig in eigen buurt (2005/2008 = 100) | Voelt zich weleens onveilig in het algemeen (2005/2008 = 100) | |
|---|---|---|
| 2005 | 100 | |
| 2006 | 87,8 | |
| 2007 | 80,8 | |
| 2008 | 100 | 78,2 |
| 2009 | 110,3 | 79,2 |
| 2010 | 107,2 | 80,8 |
| 2011 | 111,6 | 77,5 |
| 2012 | 107,5 | 75,8 |
| 2013 | 112 | 76 |
| 2014 | 108,6 | 74,3 |
| 2015 | 107,6 | 73,6 |
| 2016 | 97,8 | 71,8 |
| 2017 | 97,9 | 70,5 |
| 2018 | ||
| 2019 | 85,8 | 65,9 |
| 2020 | ||
| 2021 | 87,4 | 66 |
| 2022 | ||
| 2023 | 94,5 | 69,7 |
| 2024 | ||
| 2025 | 105,8 | 74,4 |
| 1) Vanaf 2017 wordt de Veiligheidsmonitor tweejaarlijks uitgevoerd. | ||
Onveiligheidsgevoelens naar geslacht, leeftijd en seksuele oriëntatie
De veiligheidsbeleving verschilt naar geslacht, leeftijd en seksuele oriëntatie. Meer vrouwen dan mannen voelen zich onveilig, zowel in de eigen buurt (21 tegen 13 procent) als in het algemeen (48 tegen 26 procent). De jongere leeftijdsgroepen (15- tot 25-jarigen en 25- tot 45-jarigen) voelen zich vaker onveilig dan 45- tot 65-jarigen en vooral 65-plussers.
Het meest onveilig voelen zich jonge vrouwen van 15 tot 25 jaar. Van hen voelt 28 procent zich weleens onveilig in de eigen buurt, 60 procent voelt zich weleens onveilig in het algemeen. Deze percentages zijn ruim twee keer zo hoog als die van de mannen in dezelfde leeftijdsgroep (respectievelijk 13 procent en 27 procent). In elke leeftijdsgroep voelen vrouwen zich vaker onveilig dan mannen, maar dit verschil is kleiner bij oudere leeftijdsgroepen.
Homoseksuele en bi-plus mannen voelen zich vaker onveilig dan heteroseksuele mannen, en bi-plus vrouwen voelen zich vaker onveilig dan heteroseksuele vrouwen, zowel in de buurt als in het algemeen. Vooral bi-plus vrouwen voelen zich vaak onveilig: 27 procent voelt zich weleens onveilig in de buurt, 60 procent weleens in het algemeen. Homoseksuele vrouwen en heteroseksuele vrouwen verschillen minder in hun veiligheidsbeleving.
| Voelt zich weleens onveilig in eigen buurt (% van personen van 15 jaar of ouder) | Voelt zich weleens onveilig in het algemeen (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|
| Totaal | 16,8 | 37,2 |
| Geslacht | ||
| Mannen | 12,7 | 26,3 |
| Vrouwen | 20,9 | 47,9 |
| Leeftijd | ||
| 15 tot 25 jaar | 20,2 | 43 |
| 25 tot 45 jaar | 20,4 | 42,6 |
| 45 tot 65 jaar | 16,0 | 37,1 |
| 65 jaar of ouder | 11,6 | 27,2 |
| Seksuele oriëntatie | ||
| Homoseksuele mannen | 19,3 | 43,3 |
| Homoseksuele vrouwen | 23,9 | 52,9 |
| Bi-plus mannen | 14,6 | 31,7 |
| Bi-plus vrouwen | 26,9 | 60,4 |
| Heteroseksuele mannen | 11,6 | 25,1 |
| Heteroseksuele vrouwen | 19,8 | 48,3 |
| Aseksuele personen | 19,2 | 36,6 |
| Anders | 33,3 | 55,2 |
| Weet (nog) niet | 21,2 | 36,3 |
Onveiligheidsgevoelens naar politieregio
Tussen de tien regionale eenheden van de politie varieert het aandeel inwoners dat zich weleens onveilig voelt in de eigen buurt van 14 procent in Oost-Nederland en Noord-Nederland tot 25 procent in Amsterdam. In alle regionale eenheden zijn de onveiligheidsgevoelens in de buurt toegenomen tussen 2021 en 2025. Vooral de eenheid Noord-Nederland laat een relatief grote stijging zien in vergelijking met vier jaar eerder.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Amsterdam | 24,8 | 21,9 | 21,7 |
| Rotterdam | 21,7 | 19,8 | 18,1 |
| Den Haag | 18,5 | 15,9 | 15,2 |
| Limburg | 17,5 | 17,6 | 15,3 |
| Midden-Nederland | 16,9 | 15,2 | 13,7 |
| Zeeland - West-Brabant | 15,9 | 15,3 | 14,1 |
| Noord-Holland | 15,6 | 13,7 | 12,7 |
| Oost-Brabant | 14,6 | 13,1 | 12,3 |
| Noord-Nederland | 14,2 | 12,3 | 10,4 |
| Oost-Nederland | 13,6 | 11,4 | 10,9 |
Op het niveau van de 166 basisteams van de politie lopen de onveiligheidsgevoelens in de buurt uiteen van 5 procent in Noordoost-Twente tot 49 procent in het Amsterdamse Centrum-Burgwallen.
| Basisteam | % van personen van 15 jaar of ouder (%) |
|---|---|
| Noordwest-Fryslân | 9,0 |
| Noordoost-Fryslân | 7,8 |
| Oost-Fryslân | 12,5 |
| Zuidoost-Fryslân | 10,9 |
| Sneek | 9,8 |
| Leeuwarden | 20,7 |
| Westerkwartier | 9,0 |
| Ommelanden-Noord | 10,5 |
| Ommelanden-Oost | 18,3 |
| Ommelanden-Midden | 18,0 |
| Groningen-Zuid | 16,9 |
| Groningen-Centrum | 29,1 |
| Groningen-Noord | 24,2 |
| Noord-Drenthe | 12,3 |
| Zuidoost-Drenthe | 14,7 |
| Zuidwest-Drenthe | 10,9 |
| IJsselland-Noord | 11,1 |
| Zwolle | 15,8 |
| Vechtdal | 10,0 |
| IJsselland-Zuid | 14,4 |
| Twente-West | 8,0 |
| Twente-Noord | 13,8 |
| Twente-Midden | 13,6 |
| Noordoost-Twente | 5,4 |
| Enschede | 22,5 |
| Achterhoek-Oost | 9,3 |
| Achterhoek-West | 11,9 |
| IJsselstreek | 11,9 |
| Apeldoorn | 17,3 |
| Veluwe-Noord | 12,0 |
| Veluwe-West | 13,9 |
| Veluwe Vallei-Noord | 10,7 |
| Ede | 15,1 |
| Veluwe Vallei-Zuid | 14,5 |
| Arnhem-Noord | 24,0 |
| Arnhem-Zuid | 20,4 |
| Rivierenland-West | 7,8 |
| IJsselwaarden | 14,2 |
| Rivierenland-Oost | 11,0 |
| Nijmegen-Noord | 16,3 |
| Nijmegen-Zuid | 22,3 |
| Tweestromenland | 8,9 |
| De Waarden | 13,8 |
| Gooi en Vechtstreek-Noord | 10,3 |
| Gooi en Vechtstreek-Zuid | 14,2 |
| Dronten / Noordoostpolder / Urk | 12,4 |
| Lelystad / Zeewolde | 16,1 |
| Almere Buiten Hout | 20,0 |
| Almere-Stad Haven | 25,1 |
| Almere-West-Poort | 23,1 |
| Amersfoort | 20,0 |
| De Bilt / Eemdal / Soest | 14,0 |
| Zeist / Bunnik / Leusden / Woudenberg | 14,3 |
| Heuvelrug | 11,6 |
| Utrecht-West | 19,1 |
| Utrecht-Noord | 31,3 |
| Utrecht-Centrum | 21,4 |
| Utrecht-Zuid | 28,7 |
| Stichtse Vecht / De Ronde Venen | 13,5 |
| De Copen | 9,6 |
| Lekpoort | 15,2 |
| Den Helder | 14,1 |
| Alkmaar | 12,0 |
| Hoorn | 15,6 |
| Heerhugowaard | 12,3 |
| Zaanstad | 18,0 |
| Purmerend | 14,9 |
| IJmond | 16,9 |
| Haarlem | 20,8 |
| Kennemer Kust | 14,2 |
| Haarlemmermeer | 16,1 |
| Centrum-Burgwallen | 49,3 |
| Centrum-Amstel | 27,2 |
| Centrum-Jordaan | 24,1 |
| Boven IJ | 24,5 |
| Oost-Zeeburg | 23,7 |
| Oost-Watergraafsmeer | 33,2 |
| Amstelland-Oost | 19,7 |
| Zuidoost-Bijlmermeer | 35,9 |
| Zuidoost-Gaasperdam | 28,8 |
| Zuid de Pijp | 17,9 |
| Zuid Buitenveldert | 20,5 |
| Amstelveen | 14,5 |
| Aalsmeer - Uithoorn | 17,7 |
| West-Haarlemmerweg | 20,4 |
| West-Overtoomsesluis | 21,2 |
| Nieuw West-Zuid | 35,2 |
| Nieuw West-Noord | 30,8 |
| Jan Hendrikstraat | 29,7 |
| De Heemstraat | 37,1 |
| Hoefkade | 42,1 |
| Overbosch | 16,6 |
| Loosduinen | 22,5 |
| Scheveningen | 19,4 |
| Segbroek | 20,4 |
| Laak | 42,6 |
| Beresteinlaan | 29,2 |
| Zuiderpark | 37,1 |
| Leidschenveen - Ypenburg | 17,9 |
| Zoetermeer | 18,3 |
| Leidschendam - Voorburg | 16,1 |
| Wassenaar | 12,5 |
| Pijnacker - Nootdorp | 8,0 |
| Rijswijk | 20,7 |
| Westland | 9,1 |
| Delft | 22,8 |
| Hillegom-Lisse-Teylingen | 13,0 |
| Katwijk-Noordwijk | 11,5 |
| Leiden-Noord | 16,0 |
| Leiden-Zuid | 13,7 |
| Leiden-Midden | 23,6 |
| Alphen aan den Rijn | 14,2 |
| Kaag en Braassem | 13,6 |
| Gouda | 17,7 |
| Waddinxveen / Zuidplas | 11,1 |
| Krimpenerwaard | 8,0 |
| Waterweg | 25,7 |
| Schiedam | 24,6 |
| Midden-Schieland | 19,7 |
| Delfshaven | 37,1 |
| Centrum | 43,5 |
| Maas-Rotte | 31,2 |
| IJsselland | 21,1 |
| Charlois | 30,6 |
| Feijenoord | 35,0 |
| IJsselmonde | 35,9 |
| Haringvliet | 12,2 |
| Nissewaard | 16,3 |
| Oude Maas | 16,5 |
| Hoeksche Waard | 9,8 |
| Drechtsteden Buiten | 16,1 |
| Drechtsteden Binnen | 17,5 |
| Lek en Merwede | 11,6 |
| Havens (RT) | |
| Walcheren | 14,6 |
| Zeeuws-Vlaanderen | 14,2 |
| Oosterscheldebekken | 10,6 |
| Bergen op Zoom | 18,2 |
| Roosendaal | 19,4 |
| Weerijs | 16,1 |
| Markdal | 20,4 |
| Dongemond | 12,4 |
| Tilburg-Centrum | 28,8 |
| Leijdal | 15,4 |
| Groene Beemden | 12,9 |
| Langstraat | 9,0 |
| 's-Hertogenbosch | 21,6 |
| Meierij | 11,4 |
| Maasland | 12,8 |
| Maas en Leijgraaf | 11,7 |
| Eindhoven-Zuid | 18,3 |
| Eindhoven-Noord | 25,2 |
| De Kempen | 8,7 |
| Dommelstroom | 11,0 |
| Peelland | 15,1 |
| Venray / Gennep | 13,2 |
| Horst / Peel en Maas | 9,0 |
| Venlo / Beesel | 21,7 |
| Weert | 13,7 |
| Roermond | 20,5 |
| Echt | 13,7 |
| Brunssum / Landgraaf | 14,6 |
| Kerkrade | 29,6 |
| Heerlen | 27,6 |
| Heuvelland | 12,4 |
| Maastricht | 20,5 |
| Westelijke Mijnstreek | 18,4 |
In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams de onveiligheidsgevoelens in de buurt – rekening houdend met de betrouwbaarheidsintervallen rond de uitkomsten – in 2025 hoger of lager zijn dan het landelijke gemiddelde, en hoger of lager zijn dan in 2023 en 2021.
Onveiligheidsgevoelens in 70-duizend-plus-gemeenten
Van de inwoners van de 70-duizend-plus-gemeenten voelt 21 procent zich weleens onveilig in de eigen buurt, tegen 17 procent landelijk gemiddeld. Deze onveiligheidsgevoelens zijn met 28 procent het hoogst in de G4, gevolgd door de G40 met 20 procent en de overige 70-duizend-plus-gemeenten met 15 procent. Op het niveau van de 59 afzonderlijke 70-duizend-plus-gemeenten varieert het aandeel inwoners dat zich weleens onveilig voelt in de buurt van 9 procent in Westland en Súdwest-Fryslân tot 31 procent in Rotterdam.
| Gemeente | % van personen van 15 jaar of ouder (%) |
|---|---|
| Westland | 8,5 |
| Súdwest-Fryslan | 8,9 |
| Hoeksche Waard | 9,8 |
| Meierijstad | 11 |
| Dijk en Waard | 11,9 |
| Voorne aan Zee | 12,2 |
| Land van Cuijk | 12,5 |
| Alphen aan den Rijn | 14,2 |
| Amstelveen | 14,5 |
| Alkmaar | 15 |
| Ede | 15,1 |
| Oss | 15,1 |
| Veenendaal | 15,5 |
| Hilversum | 15,5 |
| Hengelo | 15,5 |
| Zwolle | 15,8 |
| Leidschendam-Voorburg | 16,1 |
| Haarlemmermeer | 16,1 |
| Nissewaard | 16,3 |
| Lelystad | 16,5 |
| Almelo | 17,1 |
| Apeldoorn | 17,3 |
| Dordrecht | 17,5 |
| Emmen | 18,2 |
| Velsen | 18,2 |
| Zoetermeer | 18,3 |
| Deventer | 18,4 |
| Purmerend | 18,7 |
| Assen | 18,9 |
| Nijmegen | 19,6 |
| Breda | 19,6 |
| Hoorn | 19,7 |
| Sittard-Geleen | 19,7 |
| Zaanstad | 20 |
| Amersfoort | 20 |
| Maastricht | 20,5 |
| Helmond | 20,5 |
| Gouda | 20,7 |
| Leeuwarden | 20,7 |
| Haarlem | 20,8 |
| Leiden | 20,9 |
| 's-Hertogenbosch | 21,6 |
| Tilburg | 21,9 |
| Eindhoven | 22 |
| Venlo | 22,3 |
| Arnhem | 22,3 |
| Enschede | 22,5 |
| Delft | 22,8 |
| Almere | 22,8 |
| Groningen | 22,9 |
| Bergen op Zoom | 24,4 |
| Schiedam | 24,6 |
| Utrecht | 24,9 |
| Roosendaal | 26,2 |
| Amsterdam | 26,3 |
| Heerlen | 27,6 |
| 's-Gravenhage | 27,9 |
| Vlaardingen | 29,2 |
| Rotterdam | 31 |
In tabellenbijlage III is weergegeven in welke 70-duizend-plus-gemeenten de onveiligheidsgevoelens in de buurt hoger of lager zijn dan het gemiddelde van deze gemeenten, en hoger of lager zijn dan in 2023 en 2021.
3.2 Onveiligheidsgevoelens ’s avonds en vermijdingsgedrag
’s Avonds doet 9 procent vaak niet open omdat zij dat niet veilig vinden, 19 procent doet dat soms niet. 4 procent van de mensen voelt zich ’s avonds vaak onveilig op straat in de eigen buurt en 3 procent rijdt of loopt vaak om vanwege onveilige plekken in de buurt. Verder is 2 procent vaak bang om zelf slachtoffer te worden van criminaliteit in de buurt, en voelt een vergelijkbaar deel zich ’s avonds alleen thuis vaak onveilig. Meer mensen zeggen dit soort onveiligheidsgevoelens en vermijdingsgedrag soms te hebben.
In 2025 geven meer mensen aan ’s avonds in hun eigen buurt onveiligheidsgevoelens te ervaren dan in voorgaande jaren. Waar in 2021 nog 8 procent ’s avonds de deur vaak niet open deed en 17 procent dit soms niet deed, was dit in 2025 hoger met respectievelijk 9 en 19 procent. Ook bij de andere onveiligheidsgevoelens en vormen van vermijdingsgedrag zijn de percentages in 2025 hoger dan in de jaren daarvoor.
| Vaak (% van personen van 15 jaar of ouder) | Soms (% van personen van 15 jaar of ouder) | Zelden (% van personen van 15 jaar of ouder) | Nooit (% van personen van 15 jaar of ouder) | Geen antwoord (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|---|
| Doet 's avonds niet open | 8,9 | 18,7 | 24,8 | 44,8 | 2,8 |
| Voelt zich 's avonds onveilig op straat | 4,4 | 15,0 | 22,4 | 56,3 | 1,9 |
| Loopt of rijdt om vanwege onveilige plekken | 3,4 | 11,6 | 15,3 | 68,0 | 1,7 |
| Is bang om zelf slachtoffer te worden van criminaliteit in buurt | 2,5 | 14,0 | 25,2 | 56,1 | 2,2 |
| Voelt zich 's avonds onveilig alleen thuis | 1,9 | 8,6 | 17,7 | 70,9 | 1,0 |
3.3 Oordeel (ontwikkeling) criminaliteit in woonbuurt
Bijna 1 op de 10 mensen heeft het idee dat er veel criminaliteit in de eigen buurt voorkomt. Het grootste deel (63 procent) denkt dat er weinig criminaliteit plaatsvindt, en 21 procent denkt dat er géén criminaliteit voorkomt.
| % van personen van 15 jaar of ouder | |
|---|---|
| Veel | 9,3 |
| Weinig | 63,3 |
| Geen | 20,5 |
| Geen antwoord | 6,9 |
Wat betreft de ontwikkeling van de criminaliteit in de buurt denkt 13 procent dat de criminaliteit in de afgelopen twaalf maanden is toegenomen en 4 procent denkt dat deze is afgenomen. De meesten (59 procent) denken dat de criminaliteit gelijk gebleven is.
| % van personen van 15 jaar of ouder | |
|---|---|
| Toegenomen | 13,4 |
| Afgenomen | 3,7 |
| Gelijk gebleven | 59,0 |
| Geen antwoord | 23,9 |
Inwoners van Nederland waarderen de veiligheid in hun buurt met een gemiddeld rapportcijfer van 7,4, wat samenhangt met de stedelijkheid van de woonbuurt. Het rapportcijfer klimt op van 7,0 in zeer sterk stedelijke buurten naar 7,9 in niet-stedelijke buurten.
3.4 Inschatting kans op slachtofferschap
In de Veiligheidsmonitor is gevraagd hoe groot mensen de kans inschatten dat zij zelf in de komende twaalf maanden slachtoffer worden van verschillende vormen van criminaliteit. 18 procent acht de kans (heel) groot dat zijzelf slachtoffer worden van oplichting via internet. Verder schat 6 procent de kans op inbraak in de eigen woning (heel) groot in, en 3 procent denkt dat het risico op mishandeling, zakkenrollerij of beroving (heel) groot is.
De inschatting van de kans om slachtoffer te worden van delicten op het gebied van traditionele criminaliteit (zakkenrollerij, beroving, woninginbraak, mishandeling) neemt af met de stedelijkheid van de gemeente. Stedelingen achten die kans groter dan mensen die niet in een stad wonen. Bij de inschatting van de kans om opgelicht te worden via internet, een vorm van online criminaliteit, bestaat er geen verband met stedelijkheid.
| Totaal (% van personen van 15 jaar of ouder) | Zeer sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Matig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Weinig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Zakkenrollerij (diefstal op straat zonder geweld) | 2,9 | 4,8 | 2,9 | 2,1 | 1,7 | 1,4 |
| Beroving (diefstal op straat met geweld) | 2,6 | 4,3 | 2,8 | 1,8 | 1,3 | 0,9 |
| Woninginbraak | 6,2 | 7,5 | 6,3 | 5,7 | 5,3 | 4,4 |
| Mishandeling | 3 | 4,5 | 3,3 | 2,3 | 1,8 | 1,4 |
| Oplichting via internet | 17,6 | 17,7 | 17,8 | 17,3 | 17,6 | 17,6 |
| 1) Het gaat om de inschatting zelf slachtoffer te worden in de komende twaalf maanden. | ||||||
4. Respectloos gedrag en discriminatie
In dit hoofdstuk staan twee thema’s centraal die ook aan de veiligheidsbeleving van mensen kunnen raken. Eerst komt respectloos gedrag aan de orde. Er wordt geschetst hoeveel mensen zich in bepaalde situaties respectloos behandeld voelen. Daarna gaat het over ervaren discriminatie: hoeveel mensen hebben zich in de afgelopen twaalf maanden gediscrimineerd gevoeld? Op welke gronden? Door wie? Wat zijn de gevolgen? Is de discriminatie gemeld? Dit heeft betrekking op alle discriminatie-ervaringen die mensen in de afgelopen twaalf maanden hebben meegemaakt. Meer achtergrondcijfers over verschillen in respectloos gedrag en discriminatie naar regio en persoonskenmerken zijn te vinden op StatLine.
4.1 Respectloos gedrag
Respectloos gedrag is gedrag waarbij de grenzen van goed fatsoen worden overschreden. Van de inwoners van Nederland zegt 18 procent dat zij in 2025 vaak of soms respectloos behandeld zijn door onbekenden op straat. Ruim 10 procent zegt vaak of soms door onbekenden in het openbaar vervoer respectloos te zijn behandeld, en een bijna vergelijkbaar deel door personeel van winkels of bedrijven. Het minst wordt respectloze behandeling ervaren door personeel van overheidsinstanties en door bekenden zoals partner, familie of vrienden. In beide gevallen zegt 7 procent dat dit vaak of soms gebeurt.
Het percentage dat te maken krijgt met respectloos gedrag door anderen is toegenomen tussen 2021 en 2025. Zo had 15 procent in 2021 vaak of soms te maken met respectloze behandeling op straat, tegen 18 procent in 2025. De ervaring met respectloze behandeling in het openbaar vervoer is in deze periode toegenomen van 9 naar 13 procent, en de ervaring met respectloze behandeling door winkelpersoneel van 9 naar 11 procent. Met respectloze behandeling door overheidspersoneel krijgen mensen juist iets minder vaak te maken.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Onbekenden op straat | 17,9 | 15,4 | 14,6 |
| Onbekenden in het openbaar vervoer | 12,5 | 10,4 | 8,9 |
| Personeel van winkels of bedrijven | 11 | 10,2 | 9,3 |
| Bekenden zoals partner, familie of vrienden | 6,9 | 6,6 | 6,3 |
| Personeel van overheidsinstanties | 6,7 | 7 | 7,5 |
Met respectloos gedrag door onbekenden op straat - de meest voorkomende van de onderzochte vormen van respectloos gedrag - worden vrouwen vaker (vaak of soms) geconfronteerd dan mannen, en jongeren vaker dan ouderen. Vergeleken met heteroseksuele mensen hebben homoseksuele mensen, bi-plus vrouwen en mensen met aan andere seksuele oriëntatie er vaker mee te maken. Stedelingen worden er vaker mee geconfronteerd dan mensen die niet in een stedelijke gemeente wonen. Verder krijgt de tweede generatie er vaker mee te maken dan mensen met een andere herkomst. Het verschil ten opzichte van mensen met een Nederlandse herkomst hangt volledig samen met het feit dat de tweede generatie relatief jong is en vaak in een stad woont.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|
| Totaal | 17,9 |
| Geslacht | |
| Mannen | 16,1 |
| Vrouwen | 19,5 |
| Leeftijd | |
| 15 tot 25 jaar | 20,8 |
| 25 tot 45 jaar | 20,1 |
| 45 tot 65 jaar | 18,9 |
| 65 jaar of ouder | 11,9 |
| Herkomst | |
| Nederlandse herkomst | 17,8 |
| Geboren in Nederland, ouder(s) in het buitenland | 19,9 |
| Geboren in het buitenland | 16,5 |
| Seksuele oriëntatie | |
| Homoseksuele mannen | 25,2 |
| Homoseksuele vrouwen | 25,3 |
| Bi-plus mannen | 18,1 |
| Bi-plus vrouwen | 27,6 |
| Heteroseksuele mannen | 15,5 |
| Heteroseksuele vrouwen | 18,9 |
| Asekuele personen | 17,0 |
| Anders | 37,1 |
| Weet (nog) niet | 18,5 |
| Stedelijkheid gemeente | |
| Zeer sterk stedelijk | 24,4 |
| Sterk stedelijk | 18,7 |
| Matig stedelijk | 15,4 |
| Weinig stedelijk | 12,4 |
| Niet stedelijk | 10,9 |
4.2 Ervaren discriminatie
Verder is gevraagd of mensen zich in de afgelopen twaalf maanden gediscrimineerd hebben gevoeld. Het gaat dus om een inschatting: de discriminatie hoeft niet feitelijk te hebben plaatsgevonden maar is wel zo ervaren. Ruim 1 op de 10 (12 procent) zegt zich in de afgelopen twaalf maanden gediscrimineerd te hebben gevoeld. Dat is iets meer dan in 2023.
Meer vrouwen dan mannen voelen zich gediscrimineerd. Bij de leeftijdsgroepen ervaren 65-plussers dit het minst vaak (5 procent). Van de mensen met een herkomst buiten Nederland heeft ongeveer 20 procent zich in de afgelopen twaalf maanden gediscrimineerd gevoeld, tegen 8 procent van de mensen met een Nederlandse herkomst. Dit verschil hangt voor een klein deel samen met de samenstelling van de groepen naar leeftijd en stedelijkheid van de woongemeente.
Bi-plus mensen en vooral homoseksuele mensen voelen zich vaker gediscrimineerd dan heteroseksuele mensen. Van de homoseksuele mannen en vrouwen zegt ongeveer 25 procent zich in het afgelopen jaar gediscrimineerd te hebben gevoeld.
Van de onderscheiden religies of levensbeschouwingen, voelen joden zich met 39 procent relatief vaak gediscrimineerd. Discriminatiegevoelens komen naar verhouding ook vaak voor bij hindoes (32 procent) en moslims (30 procent). Rooms-katholieken (9 procent) en protestanten of gelovigen van een andere christelijke kerk (10 procent) ervaren minder vaak discriminatie.
In sterk stedelijke gemeenten en vooral in zeer sterk stedelijke gemeenten voelen meer mensen zich gediscrimineerd dan in minder stedelijke gemeenten. In de zeer sterk stedelijke gemeenten is het aandeel dat zich gediscrimineerd voelt met 17 procent meer dan dubbel zo hoog als in de weinig of niet-stedelijke gemeenten (ongeveer 7 procent).
Voor de meeste groepen geldt dat de ervaren discriminatie niet is veranderd tussen 2023 en 2025. Voor vrouwen, 45- tot 65-jarigen en 65-plussers liggen de percentages in 2025 iets hoger dan in 2023. Bij joden is een grotere stijging zichtbaar. In 2023 gaf 24 procent van hen aan zich gediscrimineerd te hebben gevoeld, tegen 39 procent in 2025.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|
| Totaal | 11,6 |
| Geslacht | |
| Mannen | 10,8 |
| Vrouwen | 12,3 |
| Leeftijd | |
| 15 tot 25 jaar | 14,6 |
| 25 tot 45 jaar | 15,7 |
| 45 tot 65 jaar | 11,1 |
| 65 jaar of ouder | 5,1 |
| Herkomst | |
| Nederlandse herkomst | 7,5 |
| Geboren in Nederland, ouder(s) in het buitenland | 21,3 |
| Geboren in het buitenland | 22,1 |
| Seksuele oriëntatie | |
| Homoseksuele mannen | 25,1 |
| Homoseksuele vrouwen | 25,8 |
| Bi-plus mannen | 13,5 |
| Bi-plus vrouwen | 18,2 |
| Heteroseksuele mannen | 9,7 |
| Heteroseksuele vrouwen | 11,3 |
| Asekuele personen | 10,7 |
| Anders | 35,9 |
| Weet (nog) niet | 18,1 |
| Religie of levensbeschouwing | |
| Jodendom | 39,2 |
| Hindoeïsme | 31,5 |
| Islam | 29,7 |
| Boeddhisme | 16,8 |
| Protestantse of andere christelijke kerk | 9,7 |
| Rooms-katholieke kerk | 9,3 |
| Andere religie of levensbeschouwing | 20,6 |
| Geen religie of levensbeschouwing | 9,4 |
| Stedelijkheid gemeente | |
| Zeer sterk stedelijk | 16,6 |
| Sterk stedelijk | 11,9 |
| Matig stedelijk | 9,2 |
| Weinig stedelijk | 7,8 |
| Niet stedelijk | 7,4 |
Van de mensen die in 2025 discriminatie ervoeren, geeft 36 procent aan dat dit een enkele keer gebeurde, 44 procent dat het soms gebeurde en 18 procent dat het vaak gebeurde. De rest gaf geen antwoord. Bij 3 procent van de mensen met een discriminatie-ervaring vond de discriminatie (uitsluitend) online/via internet plaats, bij verreweg de meesten (72 procent) op een andere manier (in de ‘echte’ wereld dus), en bij 20 procent zowel online als op een andere manier. De rest heeft geen antwoord gegeven.
4.3 Grond voor discriminatie
Discriminatie kan op een of meerdere gronden zijn ervaren. Van de mensen die zich in de afgelopen twaalf maanden gediscrimineerd voelden, ging het bij 41 procent om discriminatie op grond van ras of huidskleur. Bij 34 procent van de mensen die discriminatie ervoeren, ging het om nationaliteit, bij 29 procent om geslacht, bij 19 procent om godsdienst of levensovertuiging, en bij 17 procent om leeftijd. Bij 10 procent of minder betrof het de overige bevraagde discriminatiegronden, zoals politieke overtuiging of seksuele oriëntatie. Bij een substantieel deel, 13 procent, ging het om andere, niet nader genoemde gronden.
Het percentage mensen met discriminatie-ervaring dat zich op grond van hun ras of huidskleur gediscrimineerd heeft gevoeld, is toegenomen van 38 procent in 2023 naar 41 procent in 2025. Ook kwam discriminatie op grond van godsdienst of op grond van politieke overtuiging vaker voor.
| 2025 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | 2023 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | |
|---|---|---|
| Ras, huidskleur | 40,9 | 38,5 |
| Nationaliteit | 34,0 | 33,0 |
| Vrouw of man zijn | 29,4 | 28,3 |
| Godsdienst of levensovertuiging | 18,9 | 15,7 |
| Leeftijd | 17,0 | 17,3 |
| Politieke overtuiging | 10,0 | 8,5 |
| Seksuele oriëntatie | 8,7 | 9,0 |
| Handicap of chronische ziekte | 7,8 | 7,9 |
| Arbeidsduur (fulltime of parttime) | 4,6 | 4,7 |
| Burgerlijke staat | 4,3 | 4,3 |
| Soort contract (vast of tijdelijk) | 3,9 | 3,7 |
| Zwangerschap, bevalling of moederschap | 2,5 | 2,5 |
| Transgender achtergrond of non-binair zijn | 1,6 | 1,5 |
| Intersekse zijn | 0,3 | 0,2 |
| Anders | 13,4 | 16,6 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | ||
4.4 Manier van discriminatie
Discriminatie kan op verschillende manieren zijn ervaren. Van de mensen die in 2025 discriminatie ervoeren, zeggen de meesten (57 procent) dat dit kwam door ongelijke behandeling, benadeling of het voortrekken van bepaalde groepen. 47 procent zegt dat dit door discriminerende opmerkingen kwam, 32 procent geeft aan dat ze zich gediscrimineerd voelden door een negatief beeld of stigmatisering (bijvoorbeeld in de media), en 28 procent zegt dat dit door negeren of uitsluiting kwam.
Mensen die zich in de afgelopen twaalf maanden gediscrimineerd hebben gevoeld, geven in 2025 vaker aan dat dit kwam door discriminerende opmerkingen (47 procent) dan in 2023 (44 procent). Ook noemen zij vaker een negatief beeld of stigmatisering. Ongelijke behandeling of benadeling is minder vaak ervaren bij discriminatie.
| 2025 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | 2023 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | |
|---|---|---|
| Ongelijke behandeling/benadeling/ voortrekken van bepaalde groepen | 57,2 | 59,5 |
| Discriminerende opmerkingen | 46,7 | 44,1 |
| Negatief beeld/stigmatisering (bijv. in de media) | 31,8 | 29,7 |
| Negeren/uitsluiting | 28,1 | 27,9 |
| Was meer een gevoel dan dat er iets gebeurde | 19,2 | 19,3 |
| Roddels | 15,1 | 14,9 |
| Geweld/agressief gedrag | 7,7 | 7,5 |
| Bedreiging | 7 | 6,3 |
| Vernieling/beschadiging van eigendom | 2,3 | 2,3 |
| Anders | 7,1 | 7,2 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | ||
4.5 Situatie ervaren discriminatie
De ervaring met discriminatie kan in verschillende situaties of op verschillende locaties zijn opgedaan. Van de mensen die in 2025 ervaring met discriminatie hebben gehad, zegt 40 procent dat dit op straat gebeurde. Een kwart geeft aan dat dit op het werk plaatsvond en eveneens een kwart zegt dat het in een winkel gebeurde. 17 procent zegt dat dit gebeurde in het openbaar vervoer, 14 procent tijdens het uitgaan, en eenzelfde deel bij het zoeken naar werk of een sollicitatie. Bij een aanzienlijk deel, 29 procent, ging het om andere, niet nader genoemde situaties.
Mensen die zich in de afgelopen twaalf maanden gediscrimineerd hebben gevoeld, geven in 2025 vaker aan dat dit op straat gebeurde (40 procent) dan in 2023 (37 procent).
| 2025 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | 2023 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | |
|---|---|---|
| Op straat | 39,9 | 37,1 |
| Op het werk | 25,4 | 26,1 |
| In een winkel | 24,6 | 24,5 |
| In het openbaar vervoer | 17,1 | 15,4 |
| Zoeken naar werk of sollicitatie | 14,4 | 14,1 |
| Tijdens het uitgaan | 13,6 | 14,4 |
| Zoeken naar een woning | 8,6 | 9,2 |
| Op school of opleiding | 6,9 | 7,9 |
| Tijdens het sporten | 5,1 | 4,9 |
| Toelating tot school of opleiding | 2,0 | 2,2 |
| In een andere situatie | 28,8 | 28 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | ||
4.6 Discriminatie door instanties en professionals
Discriminatie gebeurt niet alleen in de privésfeer, maar ook door instanties, werknemers van instanties en andere professionals. In totaal zeggen bijna 4 op de 10 mensen (39 procent) die in 2025 discriminatie ervoeren dat dit door instanties of professionals gebeurde. 17 procent van de mensen die zich gediscrimineerd hebben gevoeld, zegt dat dit door de landelijke overheid of een politicus gebeurde. 10 procent geeft aan door de gemeente of een gemeenteambtenaar gediscrimineerd te zijn, 9 procent door de politie, en eveneens 9 procent door een (huis)arts, ziekenhuis of andere zorgverlener. Andere instanties of professionals werden elk door minder dan 5 procent genoemd.
Van de mensen die zich in 2025 gediscrimineerd voelden, gaf een kleiner deel (4 procent) dan in 2023 (6 procent) aan discriminatie door de belastingdienst te hebben ervaren. Ook de ervaren discriminatie door de politie is afgenomen. Daarentegen was de van een kerk, moskee of andere religieuze instelling ervaren discriminatie iets groter.
| 2025 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | 2023 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | |
|---|---|---|
| Landelijke overheid of politicus | 17,1 | 16,9 |
| Gemeente of gemeente-ambtenaar | 10,4 | 10,8 |
| (Huis)arts, ziekenhuis of andere zorgverlener/-instelling | 8,8 | 8,5 |
| Politie | 8,7 | 9,7 |
| Belastingdienst | 4,1 | 5,6 |
| Bank, verzekeraar of andere financiële instelling | 3,9 | 4,2 |
| Kerk, moskee of andere religieuze instelling | 3,3 | 2,5 |
| UWV | 2,9 | 3,1 |
| Rechtbank of rechter | 1,7 | 2,1 |
| Een andere instantie | 6,0 | 5,5 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | ||
4.7 Gevolgen discriminatie
Discriminatie kan uiteenlopende persoonlijke gevolgen hebben. Het vaakst leidt discriminatie tot emotionele of psychische problemen: 29 procent van de mensen met discriminatie-ervaring geeft aan deze te hebben of te hebben gehad. Verder zegt 6 procent financiële problemen door het voorval te hebben (gehad) en 1 procent lichamelijke verwonding of letsel. Deze percentages verschillen niet van die in 2023.
Van de mensen met discriminatie-ervaring geeft meer dan de helft (53 procent) aan minder vertrouwen in andere mensen te hebben. Ruim een kwart (26 procent) voelt of voelde zich minder veilig, 14 procent heeft of had depressieve klachten en 11 procent slaapproblemen. Dit komt grotendeels overeen met het beeld in 2023. Alleen het percentage dat zich door de discriminatie minder veilig voelt of voelde, is toegenomen. In 2023 gaf 21 procent dit aan.
| 2025 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | 2023 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | |
|---|---|---|
| Minder vertrouwen in mensen | 53,0 | 51,4 |
| Minder veilig voelen | 25,7 | 21,0 |
| Depressieve klachten | 13,9 | 14,9 |
| Slaapproblemen | 10,9 | 10,8 |
| Angstklachten en/of paniekaanvallen | 8,1 | 8,5 |
| Beleefde het voorval telkens opnieuw | 7,7 | 8,1 |
| Geen van deze | 28,6 | 31,1 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | ||
4.8 Melding en aangifte discriminatie
Van de mensen die zich in 2025 gediscrimineerd voelden, heeft 11 procent dit gemeld bij een of meer instanties. 5 procent meldde het bij de eigen werkgever of de opleiding, 3 procent bij de politie, 1 procent bij een meldpunt voor discriminatie, en minder dan een half procent bij het College voor de Rechten van de Mens. Ruim 3 procent meldde een discriminatie-ervaring bij een andere dan de genoemde instanties. Dit beeld komt overeen met dat in 2023. Van degenen die zich gediscrimineerd voelden, deed 2 procent aangifte bij de politie, net als in 2023.
| 2025 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | 2023 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring) | |
|---|---|---|
| Gemeld totaal | 10,5 | 10,8 |
| bij volgende instanties: | ||
| Mijn werkgever / opleiding | 4,9 | 4,8 |
| Politie | 2,5 | 3,1 |
| Een meldpunt voor discriminatie | 1,1 | 1 |
| College voor de Rechten van de Mens | 0,4 | 0,4 |
| Andere instantie | 3,5 | 4,1 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | ||
De meest genoemde reden om geen melding of aangifte van discriminatie bij de politie te doen is dat het toch niets helpt: voor 43 procent van de mensen met discriminatie-ervaring die geen melding of aangifte deden, was dat een reden. 29 procent vond het niet belangrijk, 15 procent had er geen zin in of tijd voor en 9 procent vond het geen zaak voor de politie. De andere redenen werden telkens door 7 procent of minder genoemd. Ruim 1 op de 10 deed geen melding of aangifte om een andere dan de genoemde redenen.
| 2025 (% van 15-plussers met discriminatie-ervaring dat geen melding of aangifte deed) | |
|---|---|
| Helpt toch niets | 43,1 |
| Heb hier niet aan gedacht/ was niet zo belangrijk | 29,4 |
| Geen zin of tijd voor gehad/ te veel moeite | 14,7 |
| Geen zaak voor de politie | 9,2 |
| Uit angst voor vervelende reactie of wraak | 6,6 |
| Door schuld- of schaamtegevoel | 3,0 |
| Is al opgelost | 2,9 |
| Lukte niet om digitaal melding of aangifte te doen | 0,6 |
| Nog niet aan toegekomen, maar gebeurt wel nog | 0,5 |
| Op advies van de politie | 0,4 |
| Financiële schade is al vergoed | 0,1 |
| Andere reden | 13,2 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | |
5. Traditionele criminaliteit
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de mate waarin inwoners van Nederland in de afgelopen twaalf maanden geconfronteerd werden met een of meer vormen van traditionele criminaliteit. Het gaat om gebeurtenissen die burgers zelf en in een privé-situatie hebben meegemaakt. Het gaat in dit hoofdstuk om criminaliteitsvormen zoals geweld, inbraak en diefstal, en vernieling. Online criminaliteit, dat wil zeggen vormen van criminaliteit waarvan mensen via het internet, e-mail of app slachtoffer worden, komt aan de orde in hoofdstuk 6.
Het slachtofferschap van traditionele criminaliteit in de afgelopen twaalf maanden is uitgesplitst naar type delict, persoonskenmerken en regio. Ook komt aan de orde wat de gevolgen hiervan zijn voor slachtoffers, of er melding dan wel aangifte van is gedaan bij de politie, en bij geweldsdelicten wie de dader was. Deze gegevens hebben betrekking op het laatste delict waar mensen in de afgelopen twaalf maanden mee te maken hebben gehad. Ook wordt de traditionele criminaliteit weergegeven in het aantal ondervonden delicten. Meer cijfermateriaal over slachtofferschap, naar regio en persoonskenmerken, en over ondervonden delicten, uitgesplitst naar regio en persoonskenmerken, is beschikbaar op Statline.
5.1 Slachtoffers traditionele criminaliteit
In 2025 zijn ongeveer 3 miljoen van de inwoners van Nederland van 15 jaar of ouder slachtoffer geweest van een of meer geweldsdelicten, vermogensdelicten of vernielingen. Dit is met 20 procent van alle 15-plussers evenveel als in 2023, maar meer dan in 2021 (17 procent). Het vaakst werden zij slachtoffer van vermogensdelicten (11 procent), gevolgd door vernielingen en geweldsdelicten (beide 7 procent). Ook voor deze delictsvormen geldt dat het slachtofferschap in 2025 gelijk is aan dat in 2023, maar hoger is dan in 2021.
Geweldsdelicten zijn delicten waarbij daadwerkelijk geweld wordt gebruikt of hiermee gedreigd wordt. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen mishandeling, geweldsdelicten met (vermeende) seksuele bedoelingen, en (be)dreiging met fysiek geweld. Bedreiging komt het vaakst voor (5 procent). 2 procent was slachtoffer van geweld met seksuele bedoelingen en 1 procent was slachtoffer van mishandeling. Bedreiging, seksuele delicten en mishandeling kwamen even vaak voor als in 2023, maar vaker dan in 2021.
Van de onderscheiden vormen van vermogensdelicten komt fietsdiefstal het meest voor: 5 procent werd hiervan slachtoffer. Met woninginbraak of een poging daartoe is 2 procent geconfronteerd. Van zowel diefstal uit de eigen auto (bijvoorbeeld van een autoradio of tas) als diefstal vanaf de eigen auto (bijvoorbeeld van buitenspiegels of wieldoppen) was 1 procent slachtoffer. Van autodiefstal was 0,1 procent slachtoffer van diefstal van een ander voertuig zoals een brommer of scooter 0,2 procent. Het afgelopen jaar is 1 procent slachtoffer geweest van (poging tot) zakkenrollerij of beroving. Verder heeft 2 procent te maken gehad met andere, niet nader genoemde vormen van diefstal. Al deze delicten kwamen in 2025 even vaak voor als in 2023, maar fietsdiefstal, zakkenrollerij of beroving en overige diefstal zijn gestegen ten opzichte van 2021.
Van vernieling was 7 procent in 2025 slachtoffer. Het gaat hierbij om het met opzet iets vernielen of beschadigen zonder dat er iets gestolen wordt, zoals het bekrassen van een auto, het lek prikken van fietsbanden of het bekladden van muren. In 2025 was het percentage slachtoffers van vernieling gelijk aan dat in 2023, maar het lag hoger dan in 2021.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Totaal delicten | 20 | 19,9 | 17,1 |
| Geweldsdelicten totaal | 6,7 | 6,4 | 5,2 |
| Mishandeling | 1,3 | 1,1 | 1 |
| Bedreiging met fysiek geweld | 4,9 | 4,6 | 4 |
| Seksuele delicten | 1,9 | 1,9 | 1,1 |
| Vermogensdelicten totaal | 10,7 | 10,8 | 9 |
| (Poging tot) inbraak | 2 | 2 | 1,8 |
| Fietsdiefstal | 4,9 | 5 | 3,8 |
| Autodiefstal¹⁾ | 0,1 | 0,1 | 0,1 |
| Diefstal uit auto¹⁾ | 0,6 | 0,6 | 0,6 |
| Diefstal vanaf auto¹⁾ | 0,9 | 0,9 | 0,9 |
| Diefstal andere voertuigen¹⁾ | 0,2 | 0,2 | 0,2 |
| (Poging tot) zakkenrollerij, beroving | 1,4 | 1,4 | 0,9 |
| Overige diefstal | 2,4 | 2,4 | 2,1 |
| Vernielingen | 6,8 | 6,5 | 6 |
| 1) Afgeleid voor 18-plussers, maar gepercenteerd op de bevolking van 15 jaar of ouder. | |||
Aantal delicten traditionele criminaliteit
In 2025 bedroeg het aantal gewelds- en vermogensdelicten en vernielingen in Nederland samen 40 per 100 inwoners. Dit verschilt niet van het aantal in 2023 (39 per 100), maar ligt wel hoger dan in 2021 (33 per 100). Het aantal ondervonden geweldsdelicten bedroeg 13 per 100 inwoners, het aantal vermogensdelicten 16 per 100 inwoners en het aantal vernielingen 11 per 100 inwoners. Ook voor de drie hoofdcategorieën geldt dat het aantal per 100 inwoners is gestegen ten opzichte van 2021, maar gelijk is gebleven in vergelijking met 2023.
| 2025 (aantal per 100 inwoners) | 2023 (aantal per 100 inwoners) | 2021 (aantal per 100 inwoners) | |
|---|---|---|---|
| Totaal delicten | 40,4 | 39,1 | 33,3 |
| Geweldsdelicten totaal | 13,3 | 12,7 | 10,3 |
| Mishandeling | 1,8 | 1,6 | 1,5 |
| Bedreiging met fysiek geweld | 8,2 | 7,8 | 6,8 |
| Seksuele delicten | 3,4 | 3,4 | 2,0 |
| Vermogensdelicten totaal | 16,2 | 16,0 | 13,4 |
| (Poging tot) inbraak | 2,8 | 2,8 | 2,4 |
| Fietsdiefstal | 6,4 | 6,5 | 5,0 |
| Autodiefstal¹⁾ | 0,1 | 0,1 | 0,1 |
| Diefstal uit auto¹⁾ | 0,8 | 0,7 | 0,7 |
| Diefstal vanaf auto¹⁾ | 1,1 | 1,1 | 1,1 |
| Diefstal andere voertuigen¹⁾ | 0,3 | 0,2 | 0,2 |
| (Poging tot) zakkenrollerij, beroving | 1,5 | 1,4 | 1,0 |
| Overige diefstal | 3,2 | 3,2 | 2,8 |
| Vernielingen | 10,8 | 10,4 | 9,6 |
| 1) Afgeleid voor 18-plussers, maar bepaald voor inwoners van 15 jaar of ouder. | |||
Trends slachtofferschap traditionele criminaliteit
Tussen 2005 en 2021 liet het slachtofferschap van traditionele criminaliteit, op enkele fluctuaties na, een dalend trend zien. Tussen 2021 en 2023 was er sprake van een stijging, die relatief sterk was bij de geweldsdelicten. Tussen 2023 en 2025 bleef het slachtofferschap stabiel.
Het sterkst afgenomen over de hele periode 2005-2025 is het slachtofferschap van vermogensdelicten. Dit is met 59 procent gedaald (index 2025 = 41), gevolgd door vernielingen (index 2025 = 44) en geweldsdelicten (index 2025 = 76). In totaliteit is het slachtofferschap van traditionele criminaliteit sinds 2005 met 52 procent gedaald (index 2025 = 48).
| Totaal (2005=100) | Geweldsdelicten (2005=100) | Vermogensdelicten (2005=100) | Vernielingen (2005=100) | |
|---|---|---|---|---|
| 2005 | 100 | 100 | 100 | 100 |
| 2006 | 94,6 | 88,2 | 95,3 | 92,5 |
| 2007 | 89,7 | 91,4 | 85,7 | 89,8 |
| 2008 | 77,6 | 79,8 | 69,9 | 80 |
| 2009 | 79,8 | 84,1 | 70,5 | 83,7 |
| 2010 | 75,6 | 82,3 | 66,4 | 74,4 |
| 2011 | 74 | 77,5 | 68,4 | 72,1 |
| 2012 | 72,2 | 78,9 | 67,9 | 68,9 |
| 2013 | 71,8 | 73,2 | 70,6 | 64,1 |
| 2014 | 68,7 | 69,7 | 66,9 | 61,2 |
| 2015 | 64,1 | 66,7 | 62,7 | 56,1 |
| 2016 | 63,1 | 71,1 | 59,2 | 56,3 |
| 2017 | 55,3 | 64,4 | 51,4 | 49,1 |
| 2018 | ||||
| 2019 | 49,7 | 60 | 44,3 | 45,8 |
| 2020 | ||||
| 2021 | 40,9 | 58,6 | 34,3 | 39,4 |
| 2022 | ||||
| 2023 | 47,4 | 72,6 | 41,4 | 42,2 |
| 2024 | ||||
| 2025 | 47,7 | 75,7 | 40,8 | 44,2 |
| 1) Vanaf 2017 wordt de Veiligheidsmonitor tweejaarlijks uitgevoerd. | ||||
Slachtofferschap traditionele criminaliteit naar geslacht en leeftijd
Het slachtofferschap van criminaliteit verschilt naar geslacht en vooral naar leeftijd. Mannen zijn vaker slachtoffer van traditionele criminaliteit, maar alleen van vernielingen en vermogensdelicten. Van geweldsdelicten zijn mannen en vrouwen even vaak slachtoffer.
Groter zijn de verschillen naar leeftijd. Jongeren zijn vaker slachtoffer dan ouderen. In totaal zijn 15- tot 25-jarigen met 28 procent en 25- tot 45-jarigen met 25 procent ruim 2 keer zo vaak slachtoffer als 65-plussers (11 procent). Bij geweldsdelicten zijn de leeftijdsverschillen nog groter: 12 procent van de 15- tot 25-jarigen was in 2025 slachtoffer van een geweldsdelict, van de 65-plussers 2 procent. Bij vernielingen is het beeld anders. Hier zijn de 25- tot 45-jarigen het vaakst slachtoffer (9 procent).
| % | Totaal (% van personen van 15 jaar of ouder) | Geweldsdelicten (% van personen van 15 jaar of ouder) | Vermogensdelicten (% van personen van 15 jaar of ouder) | Vernielingen (% van personen van 15 jaar of ouder) |
|---|---|---|---|---|
| Geslacht | ||||
| Man | 21 | 6,8 | 11,3 | 7,5 |
| Vrouw | 19 | 6,6 | 10,1 | 6 |
| Leeftijd | ||||
| 15 tot 25 jaar | 28,2 | 12,4 | 16,2 | 6,5 |
| 25 tot 45 jaar | 25,1 | 8,4 | 13,5 | 8,8 |
| 45 tot 65 jaar | 18,5 | 5,7 | 9,5 | 7 |
| 65 jaar of ouder | 10,7 | 2,5 | 5,5 | 4,1 |
Slachtofferschap traditionele criminaliteit naar politieregio
Binnen de tien regionale eenheden van de politie varieert het percentage inwoners dat aangeeft slachtoffer te zijn geweest van traditionele criminaliteit in 2025 van 17 in Oost-Nederland en Noord-Nederland tot 33 in Amsterdam. In alle regionale eenheden is het slachtofferschap in 2025 net als in heel Nederland hoger dan in 2021.
| RE | 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) |
|---|---|---|---|
| Amsterdam | 32,9 | 30,8 | 27,4 |
| Rotterdam | 23,3 | 22,7 | 21,2 |
| Den Haag | 22,3 | 21,9 | 19,2 |
| Midden-Nederland | 21,2 | 20,1 | 18,4 |
| Noord-Holland | 19,4 | 19,1 | 16,3 |
| Oost-Brabant | 17,7 | 17,9 | 14,6 |
| Limburg | 17,6 | 18,1 | 15,4 |
| Zeeland - West-Brabant | 17,6 | 18,5 | 15 |
| Noord-Nederland | 17 | 17,4 | 13,7 |
| Oost-Nederland | 16,5 | 17 | 14,5 |
Bij de basisteams van de politie loopt het slachtofferschapspercentage van traditionele criminaliteit uiteen van 10 in Twente-West, Horst/Peel en Maas, Vechtdal en Noord-Oost Twente tot 54 in het Amsterdamse Centrum-Burgwallen.
| Basisteam | % van personen van 15 jaar of ouder (%) |
|---|---|
| Noordwest-Fryslân | 16,7 |
| Noordoost-Fryslân | 12,3 |
| Oost-Fryslân | 16,2 |
| Zuidoost-Fryslân | 14,3 |
| Sneek | 14,7 |
| Leeuwarden | 18,0 |
| Westerkwartier | 12,7 |
| Ommelanden-Noord | 17,9 |
| Ommelanden-Oost | 13,2 |
| Ommelanden-Midden | 15,0 |
| Groningen-Zuid | 22,1 |
| Groningen-Centrum | 42,0 |
| Groningen-Noord | 27,8 |
| Noord-Drenthe | 13,7 |
| Zuidoost-Drenthe | 15,8 |
| Zuidwest-Drenthe | 14,1 |
| IJsselland-Noord | 12,7 |
| Zwolle | 21,7 |
| Vechtdal | 10,1 |
| IJsselland-Zuid | 17,8 |
| Twente-West | 9,6 |
| Twente-Noord | 16,7 |
| Twente-Midden | 16,2 |
| Noordoost-Twente | 10,3 |
| Enschede | 25,3 |
| Achterhoek-Oost | 12,0 |
| Achterhoek-West | 14,7 |
| IJsselstreek | 13,6 |
| Apeldoorn | 19,5 |
| Veluwe-Noord | 11,2 |
| Veluwe-West | 16,9 |
| Veluwe Vallei-Noord | 13,2 |
| Ede | 17,3 |
| Veluwe Vallei-Zuid | 16,5 |
| Arnhem-Noord | 30,2 |
| Arnhem-Zuid | 21,8 |
| Rivierenland-West | 15,1 |
| IJsselwaarden | 17,8 |
| Rivierenland-Oost | 13,9 |
| Nijmegen-Noord | 26,3 |
| Nijmegen-Zuid | 23,9 |
| Tweestromenland | 13,3 |
| De Waarden | 15,2 |
| Gooi en Vechtstreek-Noord | 17,1 |
| Gooi en Vechtstreek-Zuid | 20,6 |
| Dronten / Noordoostpolder / Urk | 14,3 |
| Lelystad / Zeewolde | 22,6 |
| Almere Buiten Hout | 20,6 |
| Almere-Stad Haven | 22,5 |
| Almere-West-Poort | 24,8 |
| Amersfoort | 23,9 |
| De Bilt / Eemdal / Soest | 18,9 |
| Zeist / Bunnik / Leusden / Woudenberg | 16,7 |
| Heuvelrug | 16,2 |
| Utrecht-West | 24,2 |
| Utrecht-Noord | 34,9 |
| Utrecht-Centrum | 37,1 |
| Utrecht-Zuid | 29,2 |
| Stichtse Vecht / De Ronde Venen | 18,3 |
| De Copen | 15,3 |
| Lekpoort | 18,2 |
| Den Helder | 16,2 |
| Alkmaar | 18,6 |
| Hoorn | 17,0 |
| Heerhugowaard | 17,7 |
| Zaanstad | 21,4 |
| Purmerend | 16,3 |
| IJmond | 19,3 |
| Haarlem | 28,0 |
| Kennemer Kust | 21,1 |
| Haarlemmermeer | 18,6 |
| Centrum-Burgwallen | 53,5 |
| Centrum-Amstel | 42,5 |
| Centrum-Jordaan | 39,2 |
| Boven IJ | 26,1 |
| Oost-Zeeburg | 33,7 |
| Oost-Watergraafsmeer | 40,1 |
| Amstelland-Oost | 20,7 |
| Zuidoost-Bijlmermeer | 31,7 |
| Zuidoost-Gaasperdam | 24,5 |
| Zuid de Pijp | 43,6 |
| Zuid Buitenveldert | 40,0 |
| Amstelveen | 22,2 |
| Aalsmeer - Uithoorn | 14,6 |
| West-Haarlemmerweg | 34,7 |
| West-Overtoomsesluis | 44,2 |
| Nieuw West-Zuid | 36,2 |
| Nieuw West-Noord | 32,5 |
| Jan Hendrikstraat | 36,3 |
| De Heemstraat | 30,3 |
| Hoefkade | 33,6 |
| Overbosch | 23,8 |
| Loosduinen | 23,3 |
| Scheveningen | 28,7 |
| Segbroek | 30,5 |
| Laak | 35,9 |
| Beresteinlaan | 24,1 |
| Zuiderpark | 34,0 |
| Leidschenveen - Ypenburg | 20,2 |
| Zoetermeer | 18,3 |
| Leidschendam - Voorburg | 21,1 |
| Wassenaar | 20,5 |
| Pijnacker - Nootdorp | 13,8 |
| Rijswijk | 25,7 |
| Westland | 16,6 |
| Delft | 26,5 |
| Hillegom-Lisse-Teylingen | 17,7 |
| Katwijk-Noordwijk | 19,0 |
| Leiden-Noord | 21,2 |
| Leiden-Zuid | 22,8 |
| Leiden-Midden | 31,9 |
| Alphen aan den Rijn | 17,7 |
| Kaag en Braassem | 16,7 |
| Gouda | 19,9 |
| Waddinxveen / Zuidplas | 14,7 |
| Krimpenerwaard | 12,3 |
| Waterweg | 21,6 |
| Schiedam | 29,7 |
| Midden-Schieland | 23,0 |
| Delfshaven | 37,1 |
| Centrum | 42,8 |
| Maas-Rotte | 39,7 |
| IJsselland | 20,9 |
| Charlois | 32,7 |
| Feijenoord | 27,6 |
| IJsselmonde | 27,7 |
| Haringvliet | 16,4 |
| Nissewaard | 17,0 |
| Oude Maas | 18,5 |
| Hoeksche Waard | 13,1 |
| Drechtsteden Buiten | 18,1 |
| Drechtsteden Binnen | 23,8 |
| Lek en Merwede | 15,7 |
| Havens (RT) | |
| Walcheren | 17,1 |
| Zeeuws-Vlaanderen | 13,0 |
| Oosterscheldebekken | 13,9 |
| Bergen op Zoom | 17,7 |
| Roosendaal | 18,1 |
| Weerijs | 17,9 |
| Markdal | 23,6 |
| Dongemond | 14,0 |
| Tilburg-Centrum | 27,0 |
| Leijdal | 18,2 |
| Groene Beemden | 19,3 |
| Langstraat | 13,9 |
| 's-Hertogenbosch | 19,6 |
| Meierij | 14,8 |
| Maasland | 18,2 |
| Maas en Leijgraaf | 15,6 |
| Eindhoven-Zuid | 24,0 |
| Eindhoven-Noord | 26,8 |
| De Kempen | 13,3 |
| Dommelstroom | 16,1 |
| Peelland | 16,5 |
| Venray / Gennep | 14,4 |
| Horst / Peel en Maas | 9,8 |
| Venlo / Beesel | 20,9 |
| Weert | 14,9 |
| Roermond | 16,6 |
| Echt | 12,5 |
| Brunssum / Landgraaf | 18,1 |
| Kerkrade | 23,1 |
| Heerlen | 21,8 |
| Heuvelland | 15,2 |
| Maastricht | 24,2 |
| Westelijke Mijnstreek | 17,8 |
In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams het slachtofferschap van traditionele criminaliteit – rekening houdend met de betrouwbaarheidsintervallen rond de uitkomsten – hoger of lager is dan het landelijke gemiddelde, en hoger of lager is dan in 2023 en 2021.
Slachtofferschap traditionele criminaliteit naar 70-duizend-plus-gemeente
Het percentage dat in 2025 slachtoffer is geweest van traditionele criminaliteit is in de 70-duizend-plus-gemeenten met 25 procent hoger dan gemiddeld in Nederland (20 procent). Het hoogst is het slachtofferschap in de G4 (32 procent). In de G40 is 23 procent slachtoffer geweest en in de overige 70-duizend-plus-gemeenten 17 procent.
Op het niveau van de 59 afzonderlijke 70-duizend-plus-gemeenten varieert het percentage inwoners dat slachtoffer is geweest van traditionele criminaliteit van 13 in Meijerijstad en Hoeksche Waard tot 36 in Amsterdam.
| Gemeente | % van personen van 15 jaar of ouder (%) |
|---|---|
| Groningen | 29,4 |
| Almere | 22,7 |
| Leeuwarden | 18,0 |
| Assen | 17,2 |
| Emmen | 17,5 |
| Almelo | 19,5 |
| Deventer | 20,0 |
| Enschede | 25,3 |
| Hengelo | 20,3 |
| Zwolle | 21,7 |
| Apeldoorn | 19,5 |
| Arnhem | 26,3 |
| Ede | 17,3 |
| Nijmegen | 25,0 |
| Amersfoort | 23,9 |
| Utrecht | 31,2 |
| Veenendaal | 18,2 |
| Alkmaar | 20,6 |
| Amstelveen | 22,2 |
| Amsterdam | 35,8 |
| Haarlem | 28,0 |
| Haarlemmermeer | 18,6 |
| Hilversum | 22,1 |
| Hoorn | 18,0 |
| Purmerend | 15,9 |
| Velsen | 19,8 |
| Zaanstad | 22,2 |
| Alphen aan den Rijn | 17,7 |
| Delft | 26,5 |
| Dordrecht | 23,8 |
| Gouda | 21,5 |
| s-Gravenhage | 29,1 |
| Leiden | 29,5 |
| Rotterdam | 31,0 |
| Schiedam | 29,7 |
| Vlaardingen | 23,2 |
| Zoetermeer | 18,3 |
| Bergen op Zoom | 20,9 |
| Breda | 22,7 |
| Eindhoven | 25,4 |
| Helmond | 19,6 |
| s-Hertogenbosch | 19,6 |
| Oss | 20,9 |
| Tilburg | 23,7 |
| Heerlen | 21,8 |
| Maastricht | 24,2 |
| Venlo | 21,9 |
| Lelystad | 24,1 |
| Roosendaal | 23,1 |
| Westland | 16,5 |
| Sittard-Geleen | 20,3 |
| S�dwest-Frysl�n | 16,2 |
| Leidschendam-Voorburg | 21,1 |
| Nissewaard | 17,0 |
| Meierijstad | 13,2 |
| Hoeksche Waard | 13,1 |
| Dijk en Waard | 18,6 |
| Land van Cuijk | 14,1 |
| Voorne aan Zee | 17,6 |
In tabellenbijlage III is weergegeven in welke 70-duizend-plus-gemeenten het slachtofferschapspercentage hoger of lager is dan het gemiddelde van deze gemeenten en hoger of lager is dan in 2023 en 2021.
5.2 Daders geweldsdelicten
Aan slachtoffers van geweld is gevraagd of ze de dader(s) kenden en zo ja, wie dat waren, dat wil zeggen wat hun relatie met de dader was. Ruim een derde van de geweldsslachtoffers kende de dader of de daders. In het geval van mishandeling was de dader bij 41 procent van de slachtoffers bekend, bij fysieke bedreiging bij 34 procent, en bij seksuele delicten bij 32 procent.
De relatie tussen slachtoffer en dader varieert naar het soort geweldsdelict. Bij bedreiging met fysiek geweld en bij mishandeling gaven 15 procent en 11 procent van de slachtoffers aan dat een buurtgenoot de dader was. Bij seksuele delicten werden een vriend(in) of collega met elk 5 procent relatief vaak genoemd. Mishandeling wordt vaker dan de andere delicten door de partner of ex-partner gepleegd (respectievelijk 2 en 5 procent). Een substantieel deel van de slachtoffers zegt dat een andere, niet nader genoemde bekende de dader is (bij mishandeling 14 procent, en bij zowel fysieke bedreiging als seksueel geweld 11 procent).
| % daders | Mishandeling (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Bedreiging met fysiek geweld (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Seksuele delicten (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) |
|---|---|---|---|
| Partner | 1,6 | 0,5 | 1 |
| Ex-partner | 4,8 | 2 | 3,5 |
| Familielid | 4 | 1,7 | 0,6 |
| Buurtgenoot | 11,2 | 14,8 | 4,4 |
| Vriend / vriendin | 2,7 | 1,4 | 4,7 |
| Collega | 1,1 | 1,1 | 5 |
| Leidinggevende | 0,2 | 0,4 | 1,7 |
| Medestudent / -scholier | 2,8 | 2,2 | 0,7 |
| Docent of andere leraar | 0,1 | 0 | 0,4 |
| Bekende van sport of hobby | 1 | 0,6 | 1,7 |
| Zorgverlener | 0,2 | 0,2 | 0,1 |
| Andere bekende | 13,7 | 11,3 | 10,6 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | |||
5.3 Gevolgen traditionele criminaliteit voor slachtoffers
Ruim een kwart van de slachtoffers van traditionele criminaliteit gaf aan emotionele of psychische problemen, lichamelijke verwondingen of letsel en/of financiële problemen te (hebben) ervaren als gevolg van hun slachtofferschap. Emotionele of psychische problemen werden het vaakst gerapporteerd: 22 procent van de slachtoffers had hier last van.
Het percentage slachtoffers dat gevolgen heeft ondervonden is het grootst bij geweldsdelicten: 35 procent van de geweldsslachtoffers heeft emotionele, financiële en/of fysieke gevolgen ervaren. Emotionele problemen kwamen met 32 procent verreweg het meest voor, gevolgd door lichamelijk letsel (7 procent) en financiële problemen (3 procent). Ook bij vermogensdelicten en vernielingen hadden slachtoffers het vaakst emotionele problemen, maar bij deze delicten worden ook financiële problemen relatief vaak gerapporteerd.
| Totaal (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Emotionele of psychische problemen (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Financiële problemen (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Lichamelijke verwondingen of letsel (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|
| Totaal | 27,9 | 22,3 | 9,7 | 3,0 |
| Geweldsdelicten | 35,0 | 32,2 | 3,0 | 7,0 |
| Vermogensdelicten | 27,0 | 19,5 | 12,7 | 1,0 |
| Vernielingen | 20,9 | 14,6 | 9,1 | 0,9 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | ||||
5.4 Melding en aangifte traditionele criminaliteit
Percentage slachtoffers dat melding en aangifte doet
In 2025 deed 37 procent van de slachtoffers van traditionele criminaliteit melding bij de politie van wat hen overkomen was. Bijna 1 op de 3 slachtoffers (31 procent) deed aangifte. Dit is vergelijkbaar met 2023 en 2021 toen telkens 37 procent een melding en 32 procent aangifte deed.
Het aangiftepercentage verschilt per delictsoort. Slachtoffers van vermogensdelicten doen het vaakst aangifte (40 procent). Vooral autodiefstal en diefstal van andere voertuigen worden vaak aangegeven: respectievelijk 86 procent en 78 procent van de slachtoffers van deze delicten doen aangifte. Ook (poging) tot inbraak en diefstal uit de auto worden vaak aangegeven (door 51 procent en 57 procent van de slachtoffers). Slachtoffers van geweldsdelicten en vernielingen doen minder vaak aangifte van wat hen overkomen is (17 procent en 18 procent). Slachtoffers van seksuele delicten doen het minst vaak aangifte (8 procent).
Soms melden slachtoffers bij de politie wat hen overkomen is maar doen ze geen aangifte. Vooral bij geweldsdelicten komt dit relatief vaak voor en dan vooral bij bedreiging met fysiek geweld en bij mishandeling. Van de slachtoffers van geweldsdelicten heeft 27 procent dit bij de politie gemeld, terwijl 17 procent aangifte doet. Bij vermogensdelicten zijn deze percentages 44 (melding) en 40 (aangifte), en bij vernielingen 22 en 18.
| % slachtoffers | Melding (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Aangifte (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) |
|---|---|---|
| Totaal delicten | 36,5 | 30,8 |
| Geweldsdelicten totaal | 27,1 | 17,4 |
| Mishandeling | 49,4 | 35,4 |
| Bedreiging met fysiek geweld | 27,9 | 17,2 |
| Seksuele delicten | 11,2 | 7,6 |
| Vermogensdelicten totaal | 44,3 | 40,5 |
| (Poging tot) inbraak | 61,4 | 51,3 |
| Fietsdiefstal | 41,3 | 39,3 |
| Autodiefstal | 85,6 | 85,6 |
| Diefstal uit auto | 60 | 57,1 |
| Diefstal vanaf auto | 40,5 | 38,8 |
| Diefstal andere voertuigen | 80 | 78,4 |
| (Poging tot) zakkenrollerij, beroving | 42,2 | 38,7 |
| Overige diefstal | 25,6 | 22,6 |
| Vernielingen | 21,9 | 17,9 |
Percentage ondervonden delicten waarvan melding en aangifte is gedaan
Melding en aangifte zijn hierboven uitgedrukt in het percentage slachtoffers dat meldt en aangifte doet. Melding en aangifte kunnen ook worden uitgedrukt in het percentage door slachtoffers ondervonden delicten waarvan melding en aangifte is gedaan.
In 2025 is 32 procent van alle geweldsdelicten, vermogensdelicten en vernielingen die in Nederland hebben plaatsgevonden bij de politie gemeld. Van 27 procent van alle ondervonden delicten werd aangifte gedaan. Deze percentages zijn vergelijkbaar met 2023 maar lager dan in 2021 toen 35 procent van de delicten werd gemeld en van 29 procent aangifte werd gedaan. Het aangiftepercentage verschilt per delictsoort. Vermogensdelicten worden met 39 procent relatief vaak aangegeven. Vooral bij autodiefstal en diefstal van andere voertuigen is het aangiftepercentage met 86 en 77 hoog. Van geweldsdelicten wordt minder vaak aangifte gedaan (18 procent). Vooral seksuele delicten worden relatief weinig aangegeven. Van 8 procent van de seksuele delicten wordt aangifte gedaan. Van vernielingen wordt net als van de geweldsdelicten 18 procent aangegeven.
Soms wordt een delict wel gemeld bij de politie, maar wordt er geen aangifte van gedaan. Met name bij geweldsdelicten komt dit relatief vaak voor en dan vooral bij bedreiging met fysiek geweld en bij mishandeling. In totaal wordt van alle geweldsdelicten 28 procent gemeld en wordt 18 procent aangegeven. Bij vermogensdelicten is dit respectievelijk 43 en 39 procent, en bij vernielingen 23 en 18 procent.
| in % van ondervonden delicten | Melding (in % van ondervonden delicten) | Aangifte (in % van ondervonden delicten) |
|---|---|---|
| Totaal delicten | 32,5 | 26,6 |
| Geweldsdelicten totaal | 27,5 | 18,2 |
| Mishandeling | 48,9 | 36,3 |
| Bedreiging met fysiek geweld | 29,7 | 18,6 |
| Seksuele delicten | 11,1 | 7,7 |
| Vermogensdelicten totaal | 43,1 | 39,3 |
| (Poging tot) inbraak | 60,5 | 50,9 |
| Fietsdiefstal | 41 | 38,7 |
| Autodiefstal | 86 | 86 |
| Diefstal uit auto | 61,1 | 58 |
| Diefstal vanaf auto | 43,1 | 41,2 |
| Diefstal andere voertuigen | 79,1 | 77 |
| (Poging tot) zakkenrollerij, beroving | 38,1 | 34,8 |
| Overige diefstal | 26 | 22,6 |
| Vernielingen | 22,6 | 18,1 |
Redenen voor geen melding of aangifte
De belangrijkste reden voor slachtoffers om het delict niet bij de politie te melden of aan te geven is dat ‘het toch niets helpt’. Bij 44 procent van de ondervonden delicten werd dit als (een van) de reden(en) genoemd. Ongeveer een kwart van de ondervonden delicten is niet gemeld of aangegeven omdat men ‘er niet aan gedacht had of het niet zo belangrijk vond’. In 18 procent van de gevallen werd het ‘niet als een zaak voor de politie gezien’.
De redenen om niet te melden of aangifte te doen variëren per delictsoort. Bij vermogensdelicten en vernielingen wordt relatief vaak gezegd dat ‘het toch niets helpt’ of men er ‘geen zin of tijd voor heeft’. Bij geweldsdelicten worden vaker dan bij de andere delicten ‘angst voor een vervelende reactie of wraak’, ‘schuld- of schaamtegevoel’, ‘het is al opgelost’ en ‘op advies van de politie’ als redenen genoemd om niet te melden of geen aangifte te doen.
| % van niet aangegeven delicten | Totaal (in % van niet gemelde/aangegeven delicten) | Geweldsdelicten (in % van niet gemelde/aangegeven delicten) | Vermogensdelicten (in % van niet gemelde/aangegeven delicten) | Vernielingen (in % van niet gemelde/aangegeven delicten) |
|---|---|---|---|---|
| Het helpt toch niets | 43,7 | 40,6 | 47,7 | 43 |
| Niet aan gedacht / niet zo belangrijk | 25,8 | 25,8 | 26 | 25,5 |
| Dit is geen zaak voor de politie | 18,3 | 19,3 | 12,3 | 23,6 |
| Geen zin of tijd / teveel moeite | 16,2 | 13,1 | 19,8 | 15,9 |
| Uit angst voor vervelende reactie of wraak | 7,1 | 13,8 | 2,5 | 3,7 |
| Het is al opgelost | 6,3 | 8,7 | 5,4 | 4,4 |
| Op advies van de politie | 2,8 | 4 | 2,1 | 2,2 |
| Door schuld- of schaamtegevoel | 2,3 | 5 | 1,1 | 0,4 |
| Financiële schade is al vergoed | 1,2 | 0,1 | 1,2 | 2,6 |
| Digitaal aangifte/melding doen lukt niet | 1 | 0,6 | 1,4 | 0,9 |
| Nog niet aan toe gekomen, ga ik nog doen | 0,8 | 0,5 | 0,9 | 0,9 |
| Andere reden | 14,1 | 16,2 | 13,7 | 12 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. | ||||
6. Online criminaliteit
In dit hoofdstuk wordt beschreven hoeveel mensen in 2025 slachtoffer zijn geweest van online criminaliteit. Het gaat dan om delicten en incidenten die via internet, e-mail of app plaatsvinden. Het betreft strafbare feiten in de sfeer van oplichting en fraude (aan- en verkoopfraude, fraude betalingsverkeer, identiteitsfraude, phishing), hacken, stalken, shamesexting en om andere incidenten tussen mensen die niet altijd strafbaar zijn zoals bedreigen en pesten. Het slachtofferschap van online criminaliteit is in dit hoofdstuk beperkt tot gebeurtenissen die burgers zelf en in een privé-situatie hebben meegemaakt. Het gaat niet om online criminaliteit bij bedrijven.
Net als in hoofdstuk 5 over traditionele criminaliteit wordt ook hier behalve aan slachtofferschap aandacht besteed aan daderschap, gevolgen voor het slachtoffer, en melding en aangifte. Deze gegevens hebben betrekking op het laatste online delict waar mensen in de afgelopen twaalf maanden mee te maken hebben gehad. Verder staan in dit hoofdstuk geen cijfers over online ondervonden delicten, omdat bij sommige vormen van online criminaliteit niet altijd duidelijk is om hoeveel incidenten het gaat. Meer cijfers over het slachtofferschap van online criminaliteit naar regio en persoonskenmerken zijn te vinden op Statline.
6.1 Slachtoffers online criminaliteit
In 2025 is 17 procent van de bevolking van 15 jaar of ouder slachtoffer geweest van een of meer online delicten of incidenten. Dit zijn ongeveer 2,5 miljoen mensen. Van online oplichting en fraude werden zij het vaakst slachtoffer (10 procent), gevolgd door hacken (6 procent), online bedreiging en intimidatie (3 procent) en overige online delicten (1 procent).
Aankoopfraude en hacken komen het meest voor. Bij aankoopfraude worden online gekochte producten of diensten niet geleverd terwijl ze wel betaald zijn. In het geval van hacken breekt iemand met kwade bedoelingen zonder toestemming in op een apparaat (zoals een computer of tablet) of een account (zoals een e-mail- of bankaccount). Meer mensen zijn slachtoffer van het hacken van een account dan van het hacken van een apparaat (5 procent en 2 procent). Van zowel online pesten, online bedreiging als online stalken was in 2025 1 procent slachtoffer. Met shamesexting - het (dreigen met) online verspreiding van naaktfoto’s of -filmpjes - werd 0,5 procent geconfronteerd.
Het slachtofferschap van online criminaliteit is iets gestegen ten opzichte van 2023 (16 procent), maar is vergelijkbaar met 2021 (17 procent). De stijging ten opzichte van 2023 komt vooral doordat meer mensen te maken kregen met online oplichting en fraude, aankoopfraude in het bijzonder. Hacken komt minder voor dan in 2021.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Online criminaliteit totaal | 16,8 | 15,6 | 16,9 |
| Online oplichting en fraude | 10,3 | 9,3 | 9,7 |
| Aankoopfraude | 7,9 | 6,9 | 6,9 |
| Verkoopfraude | 1,5 | 1,4 | 1,4 |
| Fraude betalingsverkeer | 1,2 | 1,1 | 1,3 |
| Identiteitsfraude | 0,7 | 0,8 | 0,8 |
| Phishing | 0,9 | 0,8 | 0,8 |
| Hacken | 5,5 | 5,5 | 6,9 |
| Hacken account | 4,7 | 4,5 | 5,7 |
| Hacken apparaat | 2,3 | 2,4 | 2,9 |
| Online bedreiging en intimidatie | 2,6 | 2,5 | 2,3 |
| Online bedreiging | 0,9 | 0,9 | 0,9 |
| Online pesten | 1 | 0,9 | 0,8 |
| Online stalken | 0,9 | 0,8 | 0,8 |
| Shamesexting | 0,5 | 0,4 | 0,4 |
| Overige online delicten | 0,7 | 0,5 | 0,6 |
Slachtoffers online criminaliteit naar geslacht en leeftijd
Mannen en vrouwen zijn vrijwel even vaak slachtoffer van online criminaliteit. Ze krijgen doorgaans in gelijke mate met de verschillende online delictsoorten te maken.
| Mannen (% van personen van 15 jaar of ouder) | Vrouwen (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|
| Online criminaliteit totaal | 16,8 | 16,7 |
| Online oplichting en fraude | 10,4 | 10,2 |
| Aankoopfraude | 7,8 | 8 |
| Verkoopfraude | 1,6 | 1,4 |
| Fraude betalingsverkeer | 1,3 | 1,1 |
| Identiteitsfraude | 0,7 | 0,6 |
| Phishing | 0,9 | 0,9 |
| Hacken | 5,5 | 5,5 |
| Hacken account | 4,7 | 4,8 |
| Hacken apparaat | 2,4 | 2,2 |
| Online bedreiging en intimidatie | 2,8 | 2,5 |
| Online bedreiging | 0,9 | 0,9 |
| Online pesten | 1 | 1 |
| Online stalken | 0,8 | 1 |
| Shamesexting | 0,7 | 0,3 |
| Overige online delicten | 0,6 | 0,7 |
Evenals het slachtofferschap van traditionele criminaliteit (zie paragraaf 5.1) varieert het slachtofferschap van online criminaliteit naar leeftijd. 65-plussers kwamen in 2025 met 12 procent het minst vaak in aanraking met online criminaliteit. Bij de andere leeftijdsgroepen ligt dit tussen 17 en 19 procent. Jongeren van 15 tot 25 jaar hebben relatief vaak te maken met online bedreiging en intimidatie. De 25- tot 45-jarigen worden vaker dan de andere leeftijdsgroepen slachtoffer van hacken, en de 45- tot 65- jarigen krijgen juist vaker te maken met aankoopfraude.
| 15 tot 25 jaar (% van personen van 15 jaar of ouder) | 25 tot 45 jaar (% van personen van 15 jaar of ouder) | 45 tot 65 jaar (% van personen van 15 jaar of ouder) | 65 jaar of ouder (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|
| Online criminaliteit totaal | 17,1 | 18,6 | 18,4 | 12,3 |
| Online oplichting en fraude | 8,3 | 11 | 12,4 | 8 |
| Aankoopfraude | 6,6 | 8,2 | 9,7 | 6 |
| Verkoopfraude | 1,5 | 1,8 | 1,7 | 0,9 |
| Fraude betalingsverkeer | 0,6 | 1,2 | 1,5 | 1,2 |
| Identiteitsfraude | 0,6 | 0,9 | 0,7 | 0,4 |
| Phishing | 0,4 | 0,8 | 1 | 1,1 |
| Hacken | 5,6 | 6,4 | 5,7 | 4,1 |
| Hacken account | 4,9 | 6 | 4,8 | 2,9 |
| Hacken apparaat | 1,8 | 1,9 | 2,5 | 2,7 |
| Online bedreiging en intimidatie | 5,4 | 3,2 | 2,1 | 1,1 |
| Online bedreiging | 2,3 | 1 | 0,6 | 0,2 |
| Online pesten | 2,1 | 1,2 | 0,7 | 0,3 |
| Online stalken | 1,4 | 1 | 0,7 | 0,6 |
| Shamesexting | 1,1 | 0,7 | 0,4 | 0,1 |
| Overige online delicten | 0,5 | 0,6 | 0,8 | 0,6 |
6.2 Daders online bedreiging en intimidatie
Aan slachtoffers van online bedreiging en intimidatie is gevraagd of zij bekend waren met de dader(s) en zo ja, welke relatie zij met de dader(s) hebben. Bij 20 procent van de slachtoffers van stalken is de ex-partner de dader. Ook shamesexting en online bedreiging wordt relatief vaak door de ex-partner gepleegd (7 procent). Online pesterijen gebeuren het vaakst door medestudenten- of scholieren (14 procent).
| Online bedreiging (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Online pesten (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Online stalken (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Shamesexting (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|
| Partner | 0,5 | 0,3 | 0,5 | 0,8 |
| Ex-partner | 7,2 | 5,5 | 20,5 | 7,4 |
| Familielid | 2,6 | 2,8 | 4,1 | 0,0 |
| Buurtgenoot | 4,8 | 7,4 | 4,6 | 2,3 |
| Vriend/ vriendin | 5,8 | 7,0 | 5,3 | 3,7 |
| Collega | 1,1 | 5,5 | 1,9 | 1,1 |
| Leidinggevende | 0,4 | 2,0 | 0,6 | 0,0 |
| Medestudent /-scholier | 4,7 | 14,2 | 2,0 | 3,5 |
| Docent of andere leraar | 0,0 | 0,5 | 0,1 | 0,0 |
| Bekende van sport of hobby | 2,2 | 2,9 | 1,2 | 0,4 |
| Zorgverlener | 0,2 | 0,7 | 0,0 | 0,1 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk | ||||
6.3 Gevolgen online criminaliteit voor slachtoffers
Van de slachtoffers van online criminaliteit geeft 21 procent aan dat het online delict heeft geleid tot emotionele of psychische problemen en/of financiële problemen. Emotionele of psychische problemen worden het vaakst genoemd: 17 procent had hier last van, 8 procent kreeg financiële problemen.
Online bedreiging en intimidatie veroorzaken het vaakst emotionele of psychische problemen. Maar ook online oplichting en fraude, hacken, en andere online delicten bezorgen slachtoffers emotionele schade. Het percentage slachtoffers dat financieel in de problemen kwam is relatief hoog bij phishing. Aankoopfraude en het hacken van accounts bezorgen slachtoffers het minst vaak problemen.
| Totaal (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Emotionele of psychische problemen (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Financiële problemen (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Online criminaliteit totaal | 20,7 | 16,7 | 7,7 |
| Online oplichting en fraude | 17,4 | 11,6 | 9,3 |
| Aankoopfraude | 14,7 | 9,3 | 8,0 |
| Verkoopfraude | 22,1 | 13,1 | 13,8 |
| Fraude betalingsverkeer | 20,1 | 14,1 | 9,3 |
| Identiteitsfraude | 23,9 | 21,3 | 5,2 |
| Phishing | 33,6 | 25,2 | 19,0 |
| Hacken | 16,7 | 14,5 | 4,4 |
| Hacken account | 14,7 | 12,9 | 3,3 |
| Hacken apparaat | 24,7 | 20,6 | 7,5 |
| Online bedreiging en intimidatie | 41,4 | 40,0 | 6,0 |
| Online bedreiging | 39,0 | 36,8 | 6,7 |
| Online pesten | 50,0 | 49,1 | 5,5 |
| Online stalken | 42,5 | 41,9 | 7,5 |
| Shamesexting | 35,5 | 34,0 | 4,7 |
| Overige online delicten | 31,2 | 26,6 | 9,2 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk | |||
6.4 Melding en aangifte online criminaliteit
Van alle slachtoffers van online criminaliteit heeft 52 procent bij de politie of een instantie gemeld wat hen overkomen is, 15 procent heeft aangifte gedaan bij de politie. Bij online pesten, stalken en shamesexting kan het ook gaan om een melding bij een persoon, bijvoorbeeld familieleden, vrienden, leerkracht of werkgever.
Fraude in het betalingsverkeer wordt door 82 procent van de slachtoffers bij een instantie (bijvoorbeeld bank, politie, Fraudehelpdesk) gemeld, 16 procent doet aangifte bij de politie. Slachtoffers van phishing doen met 35 procent het vaakst aangifte. Van online pesten en hacken wordt met ongeveer 10 procent relatief weinig aangifte gedaan.
| Melding (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | Aangifte (% van slachtoffers van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|
| Online criminaliteit totaal | 51,8 | 15,1 |
| Online oplichting en fraude | 55,2 | 16,9 |
| Aankoopfraude | 51,4 | 14,3 |
| Verkoopfraude | 41,1 | 16,7 |
| Fraude betalingsverkeer | 81,9 | 16,3 |
| Identiteitsfraude | 56,0 | 27,3 |
| Phishing | 59,5 | 34,8 |
| Hacken | 38,5 | 9,3 |
| Hacken account | 39,1 | 8,6 |
| Hacken apparaat | 30,2 | 12,4 |
| Online bedreiging en intimidatie | 53,4 | 15,2 |
| Online bedreiging¹⁾ | 26,9 | 19,5 |
| Online pesten | 60,8 | 10,5 |
| Online stalken | 66,6 | 18,3 |
| Shamesexting | 49,3 | 16,5 |
| Overige online delicten | 49,6 | 25,0 |
| 1) Het gaat hier uitsluitend om melding bij de politie. | ||
7. Verdachte situaties
Ook als mensen zelf geen slachtoffer zijn van criminaliteit, kunnen zij toch aanwijzingen hebben voor mogelijk criminele activiteiten in hun buurt, zoals drugsgerelateerde criminaliteit, illegale prostitutie of uitbuiting van (buitenlandse) arbeiders. Dit soort activiteiten zijn niet altijd direct zichtbaar, maar mensen kunnen er wel een vermoeden van hebben, bijvoorbeeld omdat zij drugsafval vinden of winkels zien die nauwelijks klanten krijgen. Ook kunnen mensen meer dan een vermoeden hebben en er zeker over zijn dat er criminele activiteiten plaatsvinden, omdat ze die zelf hebben waargenomen (zoals het dealen van drugs) of er uit betrouwbare bron over hebben gehoord. In dit hoofdstuk wordt beschreven in welke mate inwoners van Nederland een vermoeden hebben of zeker zijn van verdachte situaties of problemen in hun buurt. Het gaat hier om een eigen inschatting: er hoeft niet daadwerkelijk sprake te zijn van criminele activiteiten. Ook wordt ingegaan op het al dan niet melding doen bij officiële instanties.
7.1 Voorkomen van verdachte situaties
In 2025 gaf 49 procent aan dat er zeker of vermoedelijk een of meerdere verdachte situaties in hun buurt voorkwamen in de afgelopen twaalf maanden. Vooral het dealen van drugs in de buurt wordt vaak vermeld (8 procent zeker, 17 procent vermoedelijk). Ook bedrijven waar bijna nooit klanten komen (6 procent zeker, 17 procent vermoedelijk) en buurtbewoners met onrealistisch dure spullen (4 procent zeker, 12 procent vermoedelijk) worden relatief vaak genoemd. Dit geldt het minst voor drugslabs en illegale prostitutie.
| Zeker (% van personen van 15 jaar of ouder) | Vermoeden (% van personen van 15 jaar of ouder) | Nee (% van personen van 15 jaar of ouder) | Geen antwoord (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|
| Dealen van drugs | 7,8 | 17,2 | 44,1 | 30,9 |
| Bedrijven waar bijna nooit klanten komen | 5,7 | 16,7 | 44,1 | 33,5 |
| Buurtbewoners met onrealistisch dure spullen | 3,8 | 12,2 | 51,2 | 32,8 |
| Bedrijven waar je alleen met contant geld kunt betalen | 5,5 | 6,4 | 59 | 29,1 |
| Horecagelegenheden waar criminelen elkaar ontmoeten | 2,1 | 7,8 | 47,1 | 43,1 |
| Slecht onderhouden woningen waar veel mensen wonen / illegale verhuur | 2,1 | 7,7 | 56,2 | 33,9 |
| Arbeiders die onder slechte omstandigheden wonen en werken | 1,9 | 7,7 | 51 | 39,4 |
| Jongeren die illegale klusjes doen | 1,6 | 6,6 | 50 | 41,8 |
| Hennepplantage | 1,7 | 4,4 | 53,7 | 40,1 |
| Dumpen van drugsafval | 2,5 | 3,3 | 62,8 | 31,3 |
| Locaties waar illegaal gegokt wordt | 0,8 | 3 | 48,7 | 47,5 |
| Plekken waar drugs worden gemaakt of opgeslagen (drugslabs) | 0,8 | 2,4 | 58,9 | 37,9 |
| Illegale prostitutie | 0,6 | 1,7 | 58,7 | 39,1 |
| Iets anders verdachts | 1,2 | 3,9 | 63,1 | 31,8 |
Verdachte situaties naar stedelijkheid
Hoeveel mensen zeker zijn van verdachte situaties of dit vermoeden, hangt af van de stedelijkheid van de buurt waarin zij wonen. Hoe meer verstedelijkt de buurt, hoe meer bewoners zeggen dat dit soort situaties voorkomen. In zeer sterk stedelijke buurten geeft 59 procent aan dit te weten of te vermoeden, tegenover 38 procent in niet-stedelijke buurten.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|
| Zeer sterk stedelijk | 58,6 |
| Sterk stedelijk | 50,5 |
| Matig stedelijk | 46,7 |
| Weinig stedelijk | 43,3 |
| Niet stedelijk | 38,4 |
Verdachte situaties naar politieregio
In bepaalde regionale eenheden van de politie komen verdachte situaties volgens de inwoners meer voor dan in andere. Het aandeel mensen dat aangeeft zeker te zijn van verdachte situaties in de buurt of dit te vermoeden, varieert van 42 procent in Noord-Nederland tot 57 procent in Amsterdam.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|
| Amsterdam | 57,2 |
| Rotterdam | 52,7 |
| Limburg | 52,2 |
| Zeeland - West-Brabant | 51 |
| Midden-Nederland | 50,2 |
| Den Haag | 49,8 |
| Noord-Holland | 47,9 |
| Oost-Brabant | 47,3 |
| Oost-Nederland | 45,5 |
| Noord-Nederland | 41,7 |
Ook de basisteams van de politie verschillen onderling in hoeverre inwoners aangeven dat er verdachte situaties voorkomen in hun buurt. Dit komt het minst voor in Sneek en Noordoost-Fryslân met 34 procent, en het meest in het Amsterdamse Centrum-Burgwallen met 81 procent.
| Basisteam | % van personen van 15 jaar of ouder (%) |
|---|---|
| Noordwest-Fryslân | 35,6 |
| Noordoost-Fryslân | 34,0 |
| Oost-Fryslân | 37,4 |
| Zuidoost-Fryslân | 39,0 |
| Sneek | 34,0 |
| Leeuwarden | 44,1 |
| Westerkwartier | 34,8 |
| Ommelanden-Noord | 40,8 |
| Ommelanden-Oost | 46,3 |
| Ommelanden-Midden | 47,7 |
| Groningen-Zuid | 38,7 |
| Groningen-Centrum | 57,8 |
| Groningen-Noord | 49,8 |
| Noord-Drenthe | 41,6 |
| Zuidoost-Drenthe | 46,1 |
| Zuidwest-Drenthe | 42,3 |
| IJsselland-Noord | 38,4 |
| Zwolle | 48,4 |
| Vechtdal | 39,1 |
| IJsselland-Zuid | 44,9 |
| Twente-West | 38,7 |
| Twente-Noord | 42,7 |
| Twente-Midden | 46,4 |
| Noordoost-Twente | 35,5 |
| Enschede | 57,9 |
| Achterhoek-Oost | 43,8 |
| Achterhoek-West | 45,5 |
| IJsselstreek | 42,2 |
| Apeldoorn | 46,4 |
| Veluwe-Noord | 41,6 |
| Veluwe-West | 45,6 |
| Veluwe Vallei-Noord | 40,6 |
| Ede | 46,2 |
| Veluwe Vallei-Zuid | 42,5 |
| Arnhem-Noord | 60,9 |
| Arnhem-Zuid | 46,1 |
| Rivierenland-West | 36,5 |
| IJsselwaarden | 45,7 |
| Rivierenland-Oost | 43,1 |
| Nijmegen-Noord | 53,7 |
| Nijmegen-Zuid | 58,8 |
| Tweestromenland | 40,9 |
| De Waarden | 51,4 |
| Gooi en Vechtstreek-Noord | 48,4 |
| Gooi en Vechtstreek-Zuid | 51,1 |
| Dronten / Noordoostpolder / Urk | 55,5 |
| Lelystad / Zeewolde | 50,9 |
| Almere Buiten Hout | 47,7 |
| Almere-Stad Haven | 51,8 |
| Almere-West-Poort | 51,7 |
| Amersfoort | 51,9 |
| De Bilt / Eemdal / Soest | 48,3 |
| Zeist / Bunnik / Leusden / Woudenberg | 43,9 |
| Heuvelrug | 45,2 |
| Utrecht-West | 47,4 |
| Utrecht-Noord | 67,8 |
| Utrecht-Centrum | 56,1 |
| Utrecht-Zuid | 65,1 |
| Stichtse Vecht / De Ronde Venen | 46,9 |
| De Copen | 48,2 |
| Lekpoort | 41,5 |
| Den Helder | 42,5 |
| Alkmaar | 48,1 |
| Hoorn | 47,8 |
| Heerhugowaard | 44,9 |
| Zaanstad | 52,4 |
| Purmerend | 42,6 |
| IJmond | 50,9 |
| Haarlem | 54,3 |
| Kennemer Kust | 41,2 |
| Haarlemmermeer | 48,3 |
| Centrum-Burgwallen | 81,5 |
| Centrum-Amstel | 59,7 |
| Centrum-Jordaan | 63,9 |
| Boven IJ | 57,8 |
| Oost-Zeeburg | 57,1 |
| Oost-Watergraafsmeer | 63,5 |
| Amstelland-Oost | 47,7 |
| Zuidoost-Bijlmermeer | 54,1 |
| Zuidoost-Gaasperdam | 50,2 |
| Zuid de Pijp | 63,0 |
| Zuid Buitenveldert | 54,0 |
| Amstelveen | 48,0 |
| Aalsmeer - Uithoorn | 51,3 |
| West-Haarlemmerweg | 70,4 |
| West-Overtoomsesluis | 68,2 |
| Nieuw West-Zuid | 52,1 |
| Nieuw West-Noord | 51,8 |
| Jan Hendrikstraat | 64,8 |
| De Heemstraat | 57,5 |
| Hoefkade | 68,0 |
| Overbosch | 48,4 |
| Loosduinen | 46,0 |
| Scheveningen | 54,0 |
| Segbroek | 61,1 |
| Laak | 62,9 |
| Beresteinlaan | 52,2 |
| Zuiderpark | 59,9 |
| Leidschenveen - Ypenburg | 44,9 |
| Zoetermeer | 46,7 |
| Leidschendam - Voorburg | 43,6 |
| Wassenaar | 40,4 |
| Pijnacker - Nootdorp | 44,4 |
| Rijswijk | 50,9 |
| Westland | 44,7 |
| Delft | 47,2 |
| Hillegom-Lisse-Teylingen | 50,2 |
| Katwijk-Noordwijk | 46,7 |
| Leiden-Noord | 45,0 |
| Leiden-Zuid | 45,6 |
| Leiden-Midden | 60,8 |
| Alphen aan den Rijn | 46,1 |
| Kaag en Braassem | 46,6 |
| Gouda | 54,2 |
| Waddinxveen / Zuidplas | 43,6 |
| Krimpenerwaard | 50,5 |
| Waterweg | 58,4 |
| Schiedam | 59,5 |
| Midden-Schieland | 52,1 |
| Delfshaven | 67,3 |
| Centrum | 68,4 |
| Maas-Rotte | 61,9 |
| IJsselland | 47,1 |
| Charlois | 57,3 |
| Feijenoord | 55,5 |
| IJsselmonde | 54,8 |
| Haringvliet | 48,8 |
| Nissewaard | 45,5 |
| Oude Maas | 50,0 |
| Hoeksche Waard | 47,7 |
| Drechtsteden Buiten | 49,3 |
| Drechtsteden Binnen | 51,1 |
| Lek en Merwede | 45,0 |
| Havens (RT) | |
| Walcheren | 44,4 |
| Zeeuws-Vlaanderen | 49,9 |
| Oosterscheldebekken | 43,3 |
| Bergen op Zoom | 61,5 |
| Roosendaal | 58,3 |
| Weerijs | 51,9 |
| Markdal | 55,7 |
| Dongemond | 44,2 |
| Tilburg-Centrum | 63,8 |
| Leijdal | 48,7 |
| Groene Beemden | 39,6 |
| Langstraat | 48,5 |
| 's-Hertogenbosch | 53,8 |
| Meierij | 42,3 |
| Maasland | 44,2 |
| Maas en Leijgraaf | 46,9 |
| Eindhoven-Zuid | 53,9 |
| Eindhoven-Noord | 60,1 |
| De Kempen | 40,5 |
| Dommelstroom | 44,3 |
| Peelland | 46,3 |
| Venray / Gennep | 47,4 |
| Horst / Peel en Maas | 45,5 |
| Venlo / Beesel | 58,2 |
| Weert | 48,1 |
| Roermond | 59,5 |
| Echt | 44,4 |
| Brunssum / Landgraaf | 53,6 |
| Kerkrade | 60,7 |
| Heerlen | 60,9 |
| Heuvelland | 42,7 |
| Maastricht | 54,5 |
| Westelijke Mijnstreek | 53,1 |
Verdachte situaties in 70-duizend-plus-gemeenten
In gemeenten met meer dan 70 duizend inwoners komen verdachte situaties volgens de inwoners vaker voor dan landelijk gemiddeld (53 tegen 49 procent). In de G4 geeft 58 procent van de inwoners aan zeker te zijn van een verdachte situatie of hiervan een vermoeden te hebben. Dat is hoger dan in de G40 (52 procent) en de overige 70-duizend-plus gemeenten (47 procent).
Binnen de 70-duizend-plus-gemeenten loopt het percentage uiteen van 36 procent in Súdwest-Fryslân tot 66 procent in Bergen op Zoom en Roosendaal.
| Gemeente | % van personen van 15 jaar of ouder (%) |
|---|---|
| Groningen | 47,9 |
| Almere | 50,5 |
| Leeuwarden | 44,1 |
| Assen | 50,6 |
| Emmen | 51,6 |
| Almelo | 48,7 |
| Deventer | 48,7 |
| Enschede | 57,9 |
| Hengelo | 51,7 |
| Zwolle | 48,4 |
| Apeldoorn | 46,4 |
| Arnhem | 53,9 |
| Ede | 46,2 |
| Nijmegen | 56,5 |
| Amersfoort | 51,9 |
| Utrecht | 58,8 |
| Veenendaal | 49,1 |
| Alkmaar | 56,5 |
| Amstelveen | 48 |
| Amsterdam | 58,8 |
| Haarlem | 54,3 |
| Haarlemmermeer | 48,3 |
| Hilversum | 54,1 |
| Hoorn | 45,7 |
| Purmerend | 44,3 |
| Velsen | 50 |
| Zaanstad | 53,5 |
| Alphen aan den Rijn | 46,1 |
| Delft | 47,2 |
| Dordrecht | 51,1 |
| Gouda | 57,1 |
| 's-Gravenhage | 56 |
| Leiden | 57,4 |
| Rotterdam | 57,9 |
| Schiedam | 59,5 |
| Vlaardingen | 59,5 |
| Zoetermeer | 46,7 |
| Bergen op Zoom | 66,4 |
| Breda | 55,3 |
| Eindhoven | 57,1 |
| Helmond | 53,3 |
| 's-Hertogenbosch | 53,8 |
| Oss | 47,8 |
| Tilburg | 53,2 |
| Heerlen | 60,9 |
| Maastricht | 54,5 |
| Venlo | 60,2 |
| Lelystad | 50 |
| Roosendaal | 66 |
| Westland | 45,5 |
| Sittard-Geleen | 58,3 |
| Súdwest-Fryslân | 35,7 |
| Leidschendam-Voorburg | 43,6 |
| Nissewaard | 45,5 |
| Meierijstad | 41,6 |
| Hoeksche Waard | 47,7 |
| Dijk en Waard | 45,1 |
| Land van Cuijk | 46,4 |
| Voorne aan Zee | 48,4 |
7.2 Melding van verdachte situaties
Wanneer iemand zeker weet dat er een verdachte situatie is in de buurt of dit vermoedt, kan deze persoon hiervan melding doen bij instanties zoals de politie of de gemeente. Van de mensen die aangaven dat een of meer verdachte situaties voorkwamen in hun buurt, deed 10 procent hiervan melding. Het merendeel deed geen melding (76 procent) of heeft de vraag niet beantwoord (14 procent).
Het (vermoedelijk) dumpen van drugsafval werd het vaakst gemeld (10 procent). Ook het voorkomen van illegale prostitutie (8 procent) en het dealen van drugs (7 procent) werd relatief vaak bij een instantie gemeld. Bedrijven waar bijna nooit klanten komen of bedrijven waar je alleen met contant geld kan betalen zijn verdachte situaties die het minst werden gemeld.
| Totaal (% van 15-plussers die verdachte situatie vermoedden of zeker wisten) | Zeker (% van 15-plussers die verdachte situatie vermoedden of zeker wisten) | Vermoeden (% van 15-plussers die verdachte situatie vermoedden of zeker wisten) | |
|---|---|---|---|
| Dumpen van drugsafval | 10,1 | 15,8 | 5,7 |
| Illegale prostitutie | 7,5 | 12 | 6 |
| Dealen van drugs | 7,2 | 14,2 | 4,1 |
| Slecht onderhouden woningen waar veel mensen wonen / illegale verhuur | 6 | 12,4 | 4,3 |
| Hennepplantage | 5,2 | 6,1 | 4,8 |
| Plekken waar drugs worden gemaakt of opgeslagen (drugslabs) | 3,9 | 5,7 | 3,3 |
| Jongeren die illegale klusjes doen | 3,8 | 8,3 | 2,7 |
| Arbeiders die onder slechte omstandigheden wonen en werken | 3,5 | 8,4 | 2,2 |
| Buurtbewoners met onrealistisch dure spullen | 2,1 | 4,6 | 1,3 |
| Locaties waar illegaal gegokt wordt | 2 | 4,1 | 1,4 |
| Horecagelegenheden waar criminelen elkaar ontmoeten | 1,5 | 3,6 | 1 |
| Bedrijven waar bijna nooit klanten komen | 1,4 | 3,1 | 0,8 |
| Bedrijven waar je alleen met contant geld kunt betalen | 0,8 | 0,9 | 0,8 |
| Iets anders verdachts | 6,7 | 12 | 5,1 |
Voor bijna alle verdachte situaties geldt dat mensen die zeker weten dat een verdachte situatie heeft plaatsgevonden, vaker melding doen dan mensen die een vermoeden hebben. Zo zegt 16 procent van degenen die zeker weten dat drugsafval is gedumpt hiervan melding te hebben gedaan. Van degenen die dit vermoedden, heeft 6 procent melding gedaan. Alleen bij een hennepplantage en bedrijven waar je alleen met contant geld kan betalen, verschilt de meldingsbereidheid niet tussen deze twee groepen.
Waar melding gedaan?
Verdachte situaties die voorkomen in de buurt worden het vaakst gemeld bij de politie (4 procent). Ook bij de gemeente of wijkagent wordt relatief vaak melding gedaan (beide 3 procent). Bij de woningcorporatie is dat aandeel 2 procent, en bij Meld Misdaad Anoniem (M.) en bij een BOA (handhaver) ongeveer 1 procent.
| Melding (% van 15-plussers die verdachte situatie vermoedden of zeker wisten) | |
|---|---|
| Politie | 3,8 |
| Gemeente | 3,3 |
| Wijkagent | 2,5 |
| Woningcorporatie | 1,5 |
| Meld Misdaad Anoniem (M.) | 1,1 |
| BOA (handhaver) | 1,0 |
| Andere instantie | 0,7 |
| 1)Meerdere antwoorden mogelijk. | |
Redenen om niet te melden
De voornaamste reden om geen melding te doen van een verdachte situatie, was dat men niet zeker wist of er echt iets aan de hand was. De helft van de mensen die geen melding hebben gedaan van een (vermoedelijk) verdachte situatie geeft dit als reden aan. Ook dat men er niet aan gedacht had of het niet zo belangrijk vond (19 procent) en dat men het niet hun taak of verantwoordelijkheid vond (18 procent) worden relatief vaak genoemd.
| 2025 (% van 15-plussers die verdachte situatie niet meldden) | |
|---|---|
| Niet zeker of er echt iets aan de hand was | 49,8 |
| Niet aan gedacht / was niet zo belangrijk | 19,0 |
| Niet mijn taak of verantwoordelijkheid | 17,6 |
| Het helpt toch niets | 13,9 |
| Weet niet hoe of waar ik dit kan melden | 10,5 |
| Uit angst voor vervelende reactie of wraak | 10,4 |
| Geen zin of tijd voor gehad / te veel moeite | 7,9 |
| Was al opgelost of anderen deden al iets | 6,7 |
| Nog niet aan toegekomen, ga nog wel doen | 0,6 |
| Andere reden | 9,4 |
| 1)Meerdere antwoorden mogelijk. | |
8. Burgers en politie
Dit hoofdstuk gaat over de relatie tussen burgers en politie, meer in het bijzonder over contacten tussen burgers en politie en het oordeel van de burgers over het functioneren van de politie. Mensen hebben om verschillende redenen contact met de politie. Zij kunnen een delict aangeven of melden, verkeerszaken regelen, vragen om hulp, overlast melden of het kan om veiligheidskwesties gaan. Dit hoofdstuk gaat eerst in op dit soort contacten tussen burgers en politie in de afgelopen twaalf maanden. Waar het contact plaatsvond, de tevredenheid over dit contact en het soort contact heeft steeds betrekking op het laatste contact. Verder komt ook aan de orde hoe burgers controles door de politie ervaren. Vervolgens wordt beschreven wat mensen vinden van het functioneren van de politie, in de eigen woonbuurt en in het algemeen. Ten slotte wordt ingegaan op de zichtbaarheid van de politie in de buurt. Meer cijfers over burgers en politie, uitgesplitst naar regio en persoonskenmerken, zijn beschikbaar op StatLine.
8.1 Contact met politie en tevredenheid over contact
In 2025 geeft ruim een kwart van de inwoners van Nederland aan in de afgelopen twaalf maanden een of meer keren contact te hebben gehad met de politie. Dit is bijna hetzelfde als in 2023 en 2021. Het gaat bij deze contacten bijvoorbeeld om een waarschuwing of bekeuring, een melding of aangifte van een delict, of zo maar een praatje met een agent op straat.
Van degenen die in het afgelopen jaar contact hebben gehad met de politie, hadden bijna 6 op de 10 het contact met de politie in de eigen buurt. Bijna 2 op de 10 hadden het contact elders in de eigen gemeente. Bij een iets kleiner deel was dit contact buiten de eigen gemeente. Ook dit is bijna hetzelfde als in 2023 en 2021.
De tevredenheid over het contact met de politie verschilt weinig naar de plek waar dit plaatsvond. Ongeveer 2 op de 3 mensen zijn (zeer) tevreden over dit contact, zowel in de eigen buurt, elders in de eigen gemeente als daarbuiten. Dit is in de afgelopen jaren vrijwel niet veranderd.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Contact met politie in afgelopen 12 maanden | 25,5 | 25,3 | 24,8 |
| Plek contact | |||
| In eigen buurt | 58,0 | 56,8 | 59,8 |
| Elders in eigen gemeente | 19,5 | 19,5 | 18,7 |
| Buiten eigen gemeente | 18,0 | 19,3 | 17,1 |
| (Zeer) tevreden over contact | |||
| In eigen buurt | 68,0 | 68,8 | 67,1 |
| Elders in eigen gemeente | 67,2 | 65,7 | 65,9 |
| Buiten eigen gemeente | 67,6 | 68,2 | 67,1 |
De tevredenheid over handhavingscontacten met de politie in de eigen gemeente (in de eigen buurt of elders in de eigen gemeente) is het laagst: 59 procent is hierover (zeer) tevreden en 21 procent (zeer) ontevreden. Over de contacten in verband met aangifte of melding in de eigen gemeente is 64 procent (zeer) tevreden en 18 procent (zeer) ontevreden. Het hoogst is de tevredenheid over andere contacten met de politie in de eigen gemeente. Het gaat dan bijvoorbeeld om vragen om hulp of een praatje met een agent op straat. Over deze contacten is 78 procent (zeer) tevreden en 9 procent (zeer) ontevreden.
| (Zeer) tevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet tevreden/niet ontevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | (Zeer) ontevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | Weet niet/geen mening (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|
| Handhaving | 59,3 | 17,5 | 21,3 | 1,9 |
| Melding/aangifte | 64,4 | 17,5 | 17,6 | 0,5 |
| Andere contacten | 77,5 | 12,2 | 9,1 | 1,2 |
Redenen voor ontevredenheid over contact
Mensen die niet tevreden waren over het contact dat ze met de politie in hun gemeente hadden, zeggen het vaakst dat dit komt doordat de problemen niet opgelost werden (46 procent) of doordat de politie hen niet serieus nam of niet geïnteresseerd was (39 procent). Verder gaf ongeveer 20 procent als reden voor hun mindere tevredenheid op dat de politie hen te lang liet wachten, te laat was of niet kwam, of dat de politie hen achteraf niet of onvoldoende op de hoogte heeft gehouden.
8.2 Controles door politie
In de Veiligheidsmonitor 2025 is ook gevraagd naar ervaringen met controles door de politie. Van de inwoners van Nederland geeft 8 procent aan dat zij in de afgelopen twaalf maanden gecontroleerd zijn door de politie, net als in 2023; 6 procent is één keer gecontroleerd en 2 procent meerdere keren. Mannen worden 2 keer zo vaak gecontroleerd als vrouwen, en 15- tot 25-jarigen ruim 5 keer zo vaak als 65-plussers.
Mensen met een herkomst buiten Nederland zeggen vaker dat ze gecontroleerd zijn door de politie dan mensen met een Nederlandse herkomst (7 procent). Bij mensen die zelf in Nederland geboren zijn, maar hun ouder(s) niet, gaat het om 12 procent en bij mensen geboren in het buitenland om 9 procent. Deze verschillen hangen voor een klein deel samen met de samenstelling van de groepen naar leeftijd.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|
| Totaal | 8,2 |
| Geslacht | |
| Mannen | 11,2 |
| Vrouwen | 5,2 |
| Leeftijd | |
| 15 tot 25 jaar | 17,1 |
| 25 tot 45 jaar | 9,5 |
| 45 tot 65 jaar | 6,7 |
| 65 jaar of ouder | 3,1 |
| Herkomst | |
| Nederlandse herkomst | 7,4 |
| Geboren in Nederland, ouder(s) in het buitenland | 11,8 |
| Geboren in het buitenland | 9,1 |
Reden voor de controle
Van de mensen die in de afgelopen twaalf maanden zijn gecontroleerd door de politie, is 85 procent de verteld wat de reden voor die controle was. Voor een meerderheid van hen (89 procent) was deze reden (zeer) duidelijk. Mannen die zijn gecontroleerd geven iets minder vaak aan dat hen de reden voor de controle is verteld dan gecontroleerde vrouwen, namelijk 84 tegen 88 procent. 15- tot 25-jarigen geven dit ook minder aan dan 65-plussers. Het percentage voor wie de reden (zeer) duidelijk was, verschilt niet of nauwelijks naar geslacht en leeftijd. Verder liggen deze percentages relatief laag bij mensen met een herkomst buiten Nederland; 76 procent is verteld wat de reden voor de controle was, 85 procent van hen vond die duidelijk. Dit houdt vrijwel geen verband met andere kenmerken, zoals leeftijd.
Manier waarop door de politie behandeld
De meerderheid van de mensen die zijn gecontroleerd, zegt dat de politie hen rustig, respectvol en correct heeft behandeld (81 procent). Ouderen zeggen dit iets vaker dan jongeren, namelijk 83 procent van de 65-plussers tegen 78 procent van de 15- tot 25-jarigen. Tussen mannen en vrouwen is er geen verschil.
Van de mensen met een Nederlandse herkomst geeft 84 procent aan dat zij tijdens de controle rustig, respectvol en correct behandeld zijn. Met name mensen die in Nederland geboren zijn, maar hun ouder(s) niet, geven dit minder vaak aan (71 procent). Deze verschillen hangen voor een klein deel samen met verschillen in samenstelling van de groepen naar leeftijd en stedelijkheid van de woongemeente.
| (Helemaal) eens (% van 15-plussers gecontroleerd door de politie) | |
|---|---|
| Totaal | 80,6 |
| Geslacht | |
| Mannen | 79,7 |
| Vrouwen | 82,5 |
| Leeftijd | |
| 15 tot 25 jaar | 77,7 |
| 25 tot 45 jaar | 80,8 |
| 45 tot 65 jaar | 82,9 |
| 65 jaar of ouder | 83 |
| Herkomst | |
| Nederlandse herkomst | 83,8 |
| Geboren in Nederland, ouder(s) in het buitenland | 70,9 |
| Geboren in het buitenland | 78,3 |
Afkomst, huidskleur of uiterlijk als vermoede reden voor controle
Van de mensen die in de afgelopen twaalf maanden zijn gecontroleerd door de politie denkt 10 procent dat hun afkomst, huidskleur of uiterlijk een reden was voor de controle. Van de mensen met Nederlandse herkomst denkt 3 procent dit. Van de mensen die in Nederland zijn geboren, maar hun ouder(s) in het buitenland, is dat 25 procent. En van de mensen geboren in het buitenland 19 procent. Deze verschillen hangen nagenoeg niet samen met andere kenmerken, zoals leeftijd.
| 2025 (% van 15-plussers gecontroleerd door de politie) | |
|---|---|
| Totaal | 9,7 |
| Herkomst | |
| Nederlandse herkomst | 3,3 |
| Geboren in Nederland, ouder(s) in het buitenland | 24,6 |
| Geboren in het buitenland | 18,8 |
8.3 Tevredenheid over functioneren politie
Functioneren politie in buurt
In de Veiligheidsmonitor is gevraagd hoe tevreden of ontevreden mensen zijn over het functioneren van de politie in de buurt. Ruim 1 op de 3 (35 procent) is (zeer) tevreden, 8 procent is (zeer) ontevreden en 29 procent is niet tevreden en niet ontevreden. 28 procent geeft aan dit niet te kunnen beoordelen. Wanneer de groep die geen oordeel heeft buiten beschouwing wordt gelaten, is 48 procent (zeer) tevreden over het functioneren van de politie in de buurt en 11 procent (zeer) ontevreden.
Functioneren politie in algemeen
Naast het oordeel over het functioneren van de politie in de buurt is ook het oordeel over het functioneren van de politie in het algemeen onderzocht. Bijna de helft (48 procent) is hierover (zeer) tevreden, 10 procent is (zeer) ontevreden, 29 procent is niet tevreden en niet ontevreden, en 13 procent zegt dit niet te kunnen beoordelen. Wanneer deze laatsten buiten beschouwing worden gelaten is 55 procent (zeer) tevreden over het functioneren van de politie in het algemeen en 12 procent (zeer) ontevreden.
| (Zeer) tevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet tevreden/niet ontevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | (Zeer) ontevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | Geen oordeel (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|
| Functioneren in buurt | 34,9 | 29,1 | 8,2 | 27,8 |
| Functioneren in algemeen | 47,6 | 29,0 | 10,2 | 13,2 |
Functioneren politie nader onderzocht
De tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt en in het algemeen is in de Veiligheidsmonitor meer in detail onderzocht door een aantal uitspraken over specifieke onderdelen van het functioneren van de politie. Zo is 32 procent van de 15-plussers het er (helemaal) mee eens dat de politie de burgers in de eigen buurt bescherming biedt, en 28 procent onderschrijft de uitspraak dat de politie in de buurt je serieus neemt. Volgens 36 procent heeft de politie weinig contact met de bewoners uit de buurt.
Over het functioneren van de politie in het algemeen zegt de helft dat de politie er alles aan zal doen om je te helpen als je ze echt nodig hebt. Ruim 4 op de 10 vinden de politie makkelijk te benaderen en vinden dat zij rechtvaardig handelt. Door minder dan 3 op de 10 wordt gevonden dat de politie de burgers informeert en dat de politie de criminaliteit goed aanpakt.
| (Helemaal) eens (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet eens, niet oneens (% van personen van 15 jaar of ouder) | (Helemaal) oneens (% van personen van 15 jaar of ouder) | Geen antwoord (% van personen van 15 jaar of ouder) | Geen oordeel (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|---|
| Functioneren politie in buurt | |||||
| De politie biedt de burgers in deze buurt bescherming | 32,2 | 27,9 | 8,8 | 3,3 | 27,8 |
| De politie in de buurt neemt je serieus | 28,4 | 27,6 | 5,7 | 10,5 | 27,8 |
| De politie in de buurt is makkelijk te benaderen | 25,9 | 25,3 | 13 | 8 | 27,8 |
| De politie pakt problemen in deze buurt goed aan | 17,1 | 33,9 | 11,7 | 9,5 | 27,8 |
| De politie werkt goed samen met bewoners uit de buurt | 14,8 | 33,5 | 13,5 | 10,3 | 27,8 |
| De politie heeft hier weinig contact met de bewoners uit de buurt | 35,7 | 23,4 | 7,1 | 6 | 27,8 |
| De politie bekeurt hier te weinig | 21,1 | 24,6 | 16,1 | 10,4 | 27,8 |
| Functioneren politie in algemeen | |||||
| Als je ze echt nodig hebt, zal de politie er alles aan doen om je te helpen | 50,5 | 23 | 8 | 5,3 | 13,2 |
| De politie is makkelijk te benaderen | 45,3 | 25,4 | 10,9 | 5,2 | 13,2 |
| De politie handelt rechtvaardig | 43,9 | 29,1 | 6,7 | 7 | 13,2 |
| De politie biedt mij goede bescherming | 37,3 | 33,9 | 7,8 | 7,7 | 13,2 |
| De politie informeert de burgers | 27,3 | 34,4 | 17,7 | 7,5 | 13,2 |
| De politie pakt de criminaliteit goed aan | 27,1 | 34,7 | 18 | 7,1 | 13,2 |
| Sommigen worden in dezelfde situatie sneller aangehouden dan anderen | 31,2 | 30,2 | 12,8 | 12,6 | 13,2 |
Trends tevredenheid contact en functioneren politie
In twintig jaar tijd is de tevredenheid over het contact met de politie in de gemeente met 20 procent toegenomen en de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt met 4 procent. De tevredenheid over het contact met de politie in de gemeente is tussen 2010 en 2019 gestegen, daarna is deze min of meer gelijk gebleven. Ook de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt is tussen 2010 en 2019 – zij het iets minder sterk – gestegen, daarna is deze afgenomen.
| (Zeer) tevreden politiecontact in gemeente (2005 = 100) | (Zeer) tevreden functioneren politie in buurt (2005 = 100) | |
|---|---|---|
| 2005 | 100 | 100 |
| 2006 | 105 | 99,3 |
| 2007 | 108,6 | 103,2 |
| 2008 | 104,4 | 102,7 |
| 2009 | 102,8 | 97 |
| 2010 | 100,1 | 97,2 |
| 2011 | 106,6 | 101,7 |
| 2012 | 109,4 | 103,1 |
| 2013 | 108,2 | 103,2 |
| 2014 | 110,9 | 106,3 |
| 2015 | 112,6 | 106,3 |
| 2016 | 115 | 111,4 |
| 2017 | 114,8 | 110,7 |
| 2018 | ||
| 2019 | 122,5 | 114,1 |
| 2020 | ||
| 2021 | 117,9 | 109,4 |
| 2022 | ||
| 2023 | 120 | 105,6 |
| 2024 | ||
| 2025 | 119,6 | 103,8 |
| 1) Vanaf 2017 wordt de Veiligheidsmonitor tweejaarlijks uitgevoerd. | ||
Tevredenheid functioneren politie naar stedelijkheid
Zowel de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt als de tevredenheid over het functioneren van de politie in het algemeen verschilt weinig naar stedelijkheid. In meer verstedelijkte gebieden is de tevredenheid over het functioneren van de politie iets hoger dan in minder verstedelijkte gebieden.
| Zeer sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Matig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Weinig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|---|
| Functioneren politie in buurt | 36,3 | 35,1 | 34,5 | 34,0 | 33,6 |
| Functioneren politie in algemeen | 47,9 | 48,2 | 48,0 | 46,6 | 45,8 |
| 1) Bij het functioneren van de politie in de buurt gaat het om stedelijkheid van de buurt en bij het functioneren van de politie in het algemeen gaat het om de stedelijkheid van de gemeente. | |||||
Tevredenheid functioneren politie in buurt naar politieregio
Tussen de tien regionale eenheden van de politie varieert het percentage inwoners dat (zeer) tevreden is over het functioneren van de politie in de buurt van 32 in Limburg en Zeeland – West-Brabant tot 37 in Oost-Nederland en Den Haag. In de regionale eenheden Den Haag, Amsterdam en Noord-Nederland is de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt afgenomen tussen 2021 en 2025.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Oost-Nederland | 37,5 | 37,1 | 38,6 |
| Den Haag | 37,1 | 38,8 | 39,3 |
| Amsterdam | 36,3 | 38,4 | 39,8 |
| Midden-Nederland | 35,9 | 36,5 | 36,9 |
| Oost-Brabant | 34,7 | 35,1 | 36,9 |
| Rotterdam | 34,1 | 34,1 | 35,4 |
| Noord-Nederland | 33,4 | 35,1 | 36,7 |
| Noord-Holland | 32,5 | 33,5 | 34,4 |
| Zeeland - West-Brabant | 31,8 | 32,5 | 33,5 |
| Limburg | 31,6 | 31,3 | 33,8 |
Op het niveau van de basisteams van de politie lopen de uitkomsten over de tevredenheid met het functioneren van de politie in de buurt uiteen van 25 procent in Brunssum/ Landgraaf tot 50 procent in Wassenaar.
| Basisteam | % van personen van 15 jaar of ouder (%) |
|---|---|
| Noordwest-Fryslân | 42,1 |
| Noordoost-Fryslân | 37,3 |
| Oost-Fryslân | 35,3 |
| Zuidoost-Fryslân | 36,1 |
| Sneek | 35,6 |
| Leeuwarden | 30,7 |
| Westerkwartier | 33,9 |
| Ommelanden-Noord | 29,0 |
| Ommelanden-Oost | 30,6 |
| Ommelanden-Midden | 27,5 |
| Groningen-Zuid | 35,7 |
| Groningen-Centrum | 37,9 |
| Groningen-Noord | 33,5 |
| Noord-Drenthe | 30,1 |
| Zuidoost-Drenthe | 31,6 |
| Zuidwest-Drenthe | 33,4 |
| IJsselland-Noord | 43,4 |
| Zwolle | 41,7 |
| Vechtdal | 41,9 |
| IJsselland-Zuid | 41,7 |
| Twente-West | 43,2 |
| Twente-Noord | 33,7 |
| Twente-Midden | 38,2 |
| Noordoost-Twente | 44,2 |
| Enschede | 35,3 |
| Achterhoek-Oost | 41,5 |
| Achterhoek-West | 34,7 |
| IJsselstreek | 32,1 |
| Apeldoorn | 36,4 |
| Veluwe-Noord | 33,6 |
| Veluwe-West | 37,1 |
| Veluwe Vallei-Noord | 37,4 |
| Ede | 38,3 |
| Veluwe Vallei-Zuid | 37,2 |
| Arnhem-Noord | 33,4 |
| Arnhem-Zuid | 37,6 |
| Rivierenland-West | 33,5 |
| IJsselwaarden | 31,4 |
| Rivierenland-Oost | 39,0 |
| Nijmegen-Noord | 36,9 |
| Nijmegen-Zuid | 34,2 |
| Tweestromenland | 39,7 |
| De Waarden | 33,9 |
| Gooi en Vechtstreek-Noord | 37,5 |
| Gooi en Vechtstreek-Zuid | 33,2 |
| Dronten / Noordoostpolder / Urk | 40,6 |
| Lelystad / Zeewolde | 34,8 |
| Almere Buiten Hout | 35,5 |
| Almere-Stad Haven | 31,7 |
| Almere-West-Poort | 35,8 |
| Amersfoort | 34,8 |
| De Bilt / Eemdal / Soest | 31,4 |
| Zeist / Bunnik / Leusden / Woudenberg | 35,1 |
| Heuvelrug | 36,3 |
| Utrecht-West | 37,0 |
| Utrecht-Noord | 33,3 |
| Utrecht-Centrum | 44,2 |
| Utrecht-Zuid | 37,7 |
| Stichtse Vecht / De Ronde Venen | 32,6 |
| De Copen | 38,7 |
| Lekpoort | 36,6 |
| Den Helder | 40,7 |
| Alkmaar | 32,5 |
| Hoorn | 32,1 |
| Heerhugowaard | 32,6 |
| Zaanstad | 27,9 |
| Purmerend | 29,4 |
| IJmond | 33,6 |
| Haarlem | 32,3 |
| Kennemer Kust | 36,7 |
| Haarlemmermeer | 32,9 |
| Centrum-Burgwallen | 42,0 |
| Centrum-Amstel | 39,1 |
| Centrum-Jordaan | 43,2 |
| Boven IJ | 30,4 |
| Oost-Zeeburg | 35,8 |
| Oost-Watergraafsmeer | 36,4 |
| Amstelland-Oost | 32,3 |
| Zuidoost-Bijlmermeer | 40,4 |
| Zuidoost-Gaasperdam | 37,8 |
| Zuid de Pijp | 37,8 |
| Zuid Buitenveldert | 36,8 |
| Amstelveen | 38,8 |
| Aalsmeer - Uithoorn | 37,7 |
| West-Haarlemmerweg | 43,8 |
| West-Overtoomsesluis | 37,0 |
| Nieuw West-Zuid | 29,8 |
| Nieuw West-Noord | 32,5 |
| Jan Hendrikstraat | 46,3 |
| De Heemstraat | 40,2 |
| Hoefkade | 36,8 |
| Overbosch | 43,7 |
| Loosduinen | 38,7 |
| Scheveningen | 45,8 |
| Segbroek | 40,5 |
| Laak | 35,8 |
| Beresteinlaan | 41,5 |
| Zuiderpark | 32,2 |
| Leidschenveen - Ypenburg | 37,6 |
| Zoetermeer | 31,2 |
| Leidschendam - Voorburg | 39,0 |
| Wassenaar | 50,3 |
| Pijnacker - Nootdorp | 39,7 |
| Rijswijk | 36,7 |
| Westland | 37,3 |
| Delft | 35,9 |
| Hillegom-Lisse-Teylingen | 39,2 |
| Katwijk-Noordwijk | 38,9 |
| Leiden-Noord | 35,5 |
| Leiden-Zuid | 32,1 |
| Leiden-Midden | 41,2 |
| Alphen aan den Rijn | 34,9 |
| Kaag en Braassem | 35,6 |
| Gouda | 31,7 |
| Waddinxveen / Zuidplas | 34,5 |
| Krimpenerwaard | 35,5 |
| Waterweg | 33,7 |
| Schiedam | 44,5 |
| Midden-Schieland | 34,5 |
| Delfshaven | 33,5 |
| Centrum | 35,5 |
| Maas-Rotte | 31,3 |
| IJsselland | 32,3 |
| Charlois | 43,5 |
| Feijenoord | 36,7 |
| IJsselmonde | 28,6 |
| Haringvliet | 31,5 |
| Nissewaard | 35,2 |
| Oude Maas | 31,1 |
| Hoeksche Waard | 34,9 |
| Drechtsteden Buiten | 33,0 |
| Drechtsteden Binnen | 35,1 |
| Lek en Merwede | 34,4 |
| Havens (RT) | |
| Walcheren | 32,7 |
| Zeeuws-Vlaanderen | 34,6 |
| Oosterscheldebekken | 33,9 |
| Bergen op Zoom | 28,0 |
| Roosendaal | 26,8 |
| Weerijs | 32,8 |
| Markdal | 33,0 |
| Dongemond | 28,8 |
| Tilburg-Centrum | 27,9 |
| Leijdal | 39,0 |
| Groene Beemden | 34,7 |
| Langstraat | 33,6 |
| 's-Hertogenbosch | 35,0 |
| Meierij | 33,6 |
| Maasland | 33,8 |
| Maas en Leijgraaf | 34,8 |
| Eindhoven-Zuid | 35,6 |
| Eindhoven-Noord | 32,2 |
| De Kempen | 37,9 |
| Dommelstroom | 34,1 |
| Peelland | 35,0 |
| Venray / Gennep | 36,8 |
| Horst / Peel en Maas | 37,0 |
| Venlo / Beesel | 33,5 |
| Weert | 31,8 |
| Roermond | 30,9 |
| Echt | 31,5 |
| Brunssum / Landgraaf | 25,2 |
| Kerkrade | 32,7 |
| Heerlen | 29,6 |
| Heuvelland | 30,0 |
| Maastricht | 32,0 |
| Westelijke Mijnstreek | 30,7 |
In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams de tevredenheid met het functioneren van de politie in de buurt – rekening houdend met de betrouwbaarheidsintervallen rond de uitkomsten – in 2025 hoger of lager is dan het landelijk gemiddelde, en hoger of lager is dan in 2023 en 2021.
Tevredenheid functioneren politie in buurt in 70-duizend-plus-gemeenten
De inwoners van de 70-duizend-plus-gemeenten zijn met 35 procent even tevreden over het functioneren van de politie in de buurt als gemiddeld in het land. In de G4 zijn mensen hierover iets vaker tevreden (36 procent) dan in de G40 en in de overige 70-duizend-plus-gemeenten (beide 34 procent).
Op het niveau van de 59 afzonderlijke 70-duizend-plus-gemeenten varieert het aandeel inwoners dat tevreden is met het functioneren van de politie in de buurt van 28 procent in Roosendaal tot 45 procent in Schiedam.
| Gemeente | % van personen van 15 jaar of ouder (%) |
|---|---|
| Groningen | 35,4 |
| Almere | 34,3 |
| Leeuwarden | 30,7 |
| Emmen | 31 |
| Almelo | 32,2 |
| Deventer | 41,1 |
| Enschede | 35,3 |
| Hengelo | 36,2 |
| Zwolle | 41,7 |
| Apeldoorn | 36,4 |
| Arnhem | 35,4 |
| Ede | 38,3 |
| Nijmegen | 35,4 |
| Amersfoort | 34,8 |
| Utrecht | 38,3 |
| Alkmaar | 32,8 |
| Amstelveen | 38,8 |
| Amsterdam | 36,2 |
| Haarlem | 32,3 |
| Haarlemmermeer | 32,9 |
| Hilversum | 33,9 |
| Hoorn | 33,3 |
| Purmerend | 31,3 |
| Zaanstad | 29,5 |
| Alphen aan den Rijn | 34,9 |
| Delft | 35,9 |
| Dordrecht | 35,1 |
| Gouda | 34,8 |
| 's-Gravenhage | 39,7 |
| Leiden | 39 |
| Rotterdam | 33,2 |
| Schiedam | 44,5 |
| Vlaardingen | 34,1 |
| Zoetermeer | 31,2 |
| Eindhoven | 33,8 |
| Helmond | 32,7 |
| 's-Hertogenbosch | 35 |
| Oss | 34,9 |
| Tilburg | 33,3 |
| Heerlen | 29,6 |
| Maastricht | 32 |
| Venlo | 33,2 |
| Lelystad | 36,2 |
| Roosendaal | 27,7 |
| Westland | 38,2 |
| Sittard-Geleen | 29,9 |
| Súdwest-Fryslân | 36,8 |
| Leidschendam-Voorburg | 39 |
| Nissewaard | 35,2 |
| Meierijstad | 32,4 |
| Hoeksche Waard | 34,9 |
| Dijk en Waard | 33,7 |
| Land van Cuijk | 32,9 |
| Voorne aan Zee | 31,4 |
| Assen | 31 |
| Veenendaal | 36,7 |
| Velsen | 34 |
| Bergen op Zoom | 28,7 |
| Breda | 30,7 |
In tabellenbijlage III is weergegeven in welke 70-duizend-plus-gemeenten de tevredenheid met het totale functioneren van de politie in de buurt – rekening houdend met de betrouwbaarheidsintervallen rond de uitkomsten – in 2025 hoger of lager is dan het gemiddelde van deze 70-duizend-plus-gemeenten, en hoger of lager is dan in 2023 en 2021.
Zichtbaarheid politie in de buurt
Behalve het oordeel over het functioneren van de politie in de buurt is ook het oordeel over de zichtbaarheid van de politie in de buurt onderzocht. 9 procent zegt de politie vaak in de eigen buurt te zien, 35 procent ziet de politie soms, 42 procent zelden en 14 procent nooit. Een meerderheid (56 procent) geeft dus aan de politie zelden of nooit in de eigen buurt te zien. Dit beeld was in 2023 en 2021 bijna hetzelfde.
| Vaak (% van personen van 15 jaar of ouder) | Soms (% van personen van 15 jaar of ouder) | Zelden (% van personen van 15 jaar of ouder) | Nooit (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|
| 2025 | 9,3 | 34,8 | 41,8 | 14,1 |
| 2023 | 9 | 34,5 | 42,4 | 14,1 |
| 2021 | 8,9 | 36,4 | 41,6 | 13,1 |
Tevredenheid zichtbaarheid politie in buurt
Ruim 3 op de 10 zijn (zeer) tevreden over de zichtbaarheid van de politie in de eigen buurt, ruim 2 op de 10 zijn juist (zeer) ontevreden hierover. Bijna 5 op de 10 zijn niet tevreden en niet ontevreden (36 procent) of hebben geen oordeel over de zichtbaarheid van de politie in de buurt (12 procent). De tevredenheid over de zichtbaarheid van de politie in de buurt is in 2025 bijna hetzelfde als in 2023 en 2021.
| (Zeer) tevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet tevreden, niet ontevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | (Zeer) ontevreden (% van personen van 15 jaar of ouder) | Geen oordeel (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|
| 2025 | 31,1 | 35,9 | 21,4 | 11,6 |
| 2023 | 31,2 | 35,4 | 22,1 | 11,3 |
| 2021 | 32,2 | 35,6 | 20,8 | 11,5 |
Zichtbaarheid politie in buurt naar stedelijkheid
In meer verstedelijkte buurten zeggen relatief meer inwoners dat de politie vaak zichtbaar is in de eigen buurt dan in minder verstedelijkte buurten: de percentages lopen uiteen van 18 in zeer sterk stedelijke buurten tot 3 in niet-stedelijke buurten.
Ook de tevredenheid over de zichtbaarheid van de politie in de buurt is groter in meer verstedelijkte buurten, maar de verschillen zijn kleiner dan bij de zichtbaarheid. Het percentage dat (zeer) tevreden is over de zichtbaarheid van de politie in de buurt verschilt van 36 in zeer sterk stedelijke buurten tot 29 in minder of niet-stedelijke buurten.
| Zeer sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Matig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Weinig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|---|
| Vaak zichtbaar in buurt | 18,1 | 9,5 | 5,9 | 4,6 | 3,1 |
| (Zeer) tevreden over zichtbaarheid in buurt | 36,2 | 30,7 | 28,8 | 28,5 | 28,5 |
9. Preventie
In dit hoofdstuk komen verschillende aspecten van preventie aan bod. Eerst komt preventief gedrag aan de orde: wat doen mensen om te voorkomen dat ze slachtoffer worden van criminaliteit? Daarna gaat het om voorzorgsmaatregelen om de eigen woning te beveiligen, gevolgd door buurtpreventie. Afgesloten wordt met digitale preventie: welke maatregelen nemen burgers om te voorkomen dat ze slachtoffer worden van online criminaliteit? Meer cijfers over preventie, uitgesplitst naar regio en persoonskenmerken zijn beschikbaar op StatLine.
9.1 Preventief gedrag
In de Veiligheidsmonitor is gevraagd in hoeverre mensen maatregelen nemen om zichzelf en de eigen bezittingen te beschermen. Vier specifieke preventiemaatregelen zijn voorgelegd: 1) ’s avonds het licht laten branden bij afwezigheid, 2) het gebruikmaken van een bewaakte fietsenstalling als die mogelijkheid er is, 3) het meenemen van waardevolle spullen uit de auto, en 4) het thuislaten van waardevolle spullen om diefstal op straat te voorkomen.
Het meenemen van waardevolle spullen uit de auto gebeurt het meest. In 2025 geeft ruim drie kwart aan dit vaak of altijd te doen. De helft zegt vaak of altijd de fiets in een bewaakte stalling te zetten als die mogelijkheid er is. Verder zegt 45 procent ’s avonds het licht te laten branden wanneer er niemand thuis is en 43 procent laat waardevolle spullen thuis om diefstal op straat te voorkomen.
Het percentage dat vaak of altijd de fiets in een bewaakte fietsenstalling plaatst, is toegenomen van 47 procent in 2021 naar 50 procent in 2025. ’s Avonds het licht laten branden bij afwezigheid werd in 2021 iets vaker aangegeven dan in de jaren daarna.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Waardevolle spullen meenemen uit auto | 75,8 | 75,3 | 76,2 |
| Fiets in bewaakte fietsenstalling | 49,7 | 48,1 | 46,8 |
| 's Avonds licht laten branden bij afwezigheid | 45,2 | 45,6 | 48,5 |
| Waardevolle spullen thuislaten | 42,6 | 42,8 | 42,0 |
Preventief gedrag naar stedelijkheid
Het preventieve gedrag verschilt naar de stedelijkheid van de woongemeente. Zo zegt 34 procent van de inwoners van zeer sterk stedelijke gemeenten dat zij ’s avonds het licht laten branden bij afwezigheid, tegen ruim de helft van de inwoners van weinig of niet-stedelijke gemeenten. Inwoners van zeer sterk stedelijke gemeenten nemen ook minder vaak waardevolle spullen mee uit de auto en laten waardevolle spullen minder vaak thuis als ze op pad gaan. De fiets in een bewaakte fietsenstalling zetten waar mogelijk doen juist stedelingen vaker.
| Zeer sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Matig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Weinig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|---|
| Waardevolle spullen meenemen uit auto | 68,7 | 78,1 | 79,2 | 78,9 | 74,9 |
| 's Avonds licht laten branden bij afwezigheid | 34,0 | 45,6 | 50,6 | 52,4 | 52,0 |
| Fiets in bewaakte fietsenstalling | 51,3 | 53,7 | 48,9 | 45,0 | 41,6 |
| Waardevolle spullen thuislaten | 38,6 | 43,8 | 44,6 | 44,4 | 42,1 |
9.2 Preventieve voorzieningen in en rond de woning
Behalve preventief gedrag is in de Veiligheidsmonitor ook gevraagd welke voorzieningen mensen treffen om hun woning te beveiligen. Zo geeft 59 procent aan dat extra veiligheidssloten of grendels op ramen en/of deuren aanwezig zijn en 48 procent heeft buitenverlichting met sensor. Minder vaak zijn er camerabewaking (29 procent), (rol)luiken voor ramen en/of deuren (23 procent) en een alarminstallatie (14 procent). Verder geeft 8 procent aan een raamsticker of certificaat van het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) te hebben. Vooral het gebruik van camerabewaking is toegenomen: van 17 procent in 2021 naar 29 procent in 2025. Extra veiligheidssloten worden juist minder vaak getroffen.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Extra veiligheidssloten | 58,9 | 60,6 | 63,2 |
| Buitenverlichting met sensor | 48,5 | 48,3 | 47,7 |
| Camerabewaking | 29,1 | 22,9 | 16,6 |
| Rolluiken voor ramen en/of deuren | 23,2 | 22,5 | 21,3 |
| Alarminstallatie | 13,8 | 13,3 | 13,2 |
| Raamsticker of certificaat van Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) | 7,6 | 8,3 | 9,1 |
Preventieve voorzieningen in en rond de woning naar stedelijkheid
Mensen in zeer sterk stedelijke buurten treffen naar verhouding minder vaak voorzieningen om hun woning te beveiligen. Vooral buitenverlichting met een sensor is bij hen minder vaak aanwezig. In zeer sterk stedelijke buurten zegt 28 procent van de bewoners dat buitenverlichting met een sensor rond hun woning aanwezig is, tegen 64 procent in niet-stedelijke buurten. Maar ook rolluiken voor ramen en/of deuren, extra veiligheidssloten of grendels, camerabewaking, alarminstallaties, en raamstickers of certificaten van PKVW zijn doorgaans minder vaak aanwezig in zeer sterk stedelijke buurten.
| Zeer sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Matig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Weinig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|---|
| Extra veiligheidssloten | 49,2 | 61,4 | 63,7 | 64,2 | 60,5 |
| Buitenverlichting met sensor | 28,3 | 47,7 | 54,9 | 60,1 | 64,4 |
| Camerabewaking | 22,1 | 30,0 | 30,8 | 31,9 | 34,3 |
| Rolluiken voor ramen en/of deuren | 13,3 | 23,6 | 27,4 | 30,0 | 27,0 |
| Alarminstallatie | 10,0 | 13,9 | 14,8 | 15,6 | 16,8 |
| Raamsticker of certificaat van Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) | 6,1 | 8,5 | 8,5 | 8,1 | 6,9 |
Gemiddeld aantal preventieve voorzieningen
Het aantal preventieve voorzieningen dat mensen in en rond de woning heeft getroffen, varieert van 0 tot en met 6. Een score van 0 betekent dat er thuis geen van de onderzochte voorzieningen zijn getroffen om de woning te beveiligen en een score van 6 betekent dat alle zes onderzochte voorzieningen thuis aanwezig zijn. Gemiddeld hebben inwoners van Nederland thuis 1,8 voorzieningen getroffen voor de beveiliging van de woning.
Preventieve voorzieningen in en rond woning naar politieregio
Op het schaalniveau van de tien regionale eenheden van de politie varieert het gemiddeld aantal van de zes onderzochte preventieve voorzieningen van 1,2 in Amsterdam tot 2,3 in Limburg. Voor vrijwel alle regionale eenheden geldt dat het gemiddeld aantal preventieve voorzieningen in 2025 iets hoger ligt dan in 2021.
| RE | 2025 (somscore (0-6)) | 2023 (somscore (0-6)) | 2021 (somscore (0-6)) |
|---|---|---|---|
| Limburg | 2,3 | 2,2 | 2,1 |
| Zeeland - West-Brabant | 2,0 | 2 | 1,9 |
| Oost-Brabant | 2,0 | 2 | 1,9 |
| Oost-Nederland | 1,9 | 1,9 | 1,8 |
| Midden-Nederland | 1,8 | 1,8 | 1,7 |
| Noord-Holland | 1,7 | 1,7 | 1,6 |
| Noord-Nederland | 1,7 | 1,7 | 1,6 |
| Rotterdam | 1,7 | 1,6 | 1,6 |
| Den Haag | 1,6 | 1,6 | 1,5 |
| Amsterdam | 1,2 | 1,2 | 1,2 |
Het gemiddeld aantal preventieve voorzieningen loopt op het niveau van de 166 basisteams van de politie uiteen van 0,7 in Groningen-Centrum tot 2,6 in Echt en Brunssum/ Landgraaf. In grote lijnen is het beeld dat in het oosten en vooral het zuiden van het land vaker preventieve voorzieningen in en rond de woning aanwezig zijn dan in het noorden en vooral in het westen.
| Basisteam | somscore (0-6) van personen van 15 jaar of ouder ( somscore 0-6) |
|---|---|
| Noordwest-Fryslân | 1,7 |
| Noordoost-Fryslân | 1,8 |
| Oost-Fryslân | 1,7 |
| Zuidoost-Fryslân | 1,9 |
| Sneek | 1,7 |
| Leeuwarden | 1,5 |
| Westerkwartier | 1,8 |
| Ommelanden-Noord | 1,6 |
| Ommelanden-Oost | 2 |
| Ommelanden-Midden | 1,9 |
| Groningen-Zuid | 1,5 |
| Groningen-Centrum | 0,7 |
| Groningen-Noord | 1,3 |
| Noord-Drenthe | 1,8 |
| Zuidoost-Drenthe | 2,1 |
| Zuidwest-Drenthe | 1,9 |
| IJsselland-Noord | 1,9 |
| Zwolle | 1,6 |
| Vechtdal | 2 |
| IJsselland-Zuid | 1,7 |
| Twente-West | 2,1 |
| Twente-Noord | 2,1 |
| Twente-Midden | 2,1 |
| Noordoost-Twente | 2,3 |
| Enschede | 1,8 |
| Achterhoek-Oost | 2,1 |
| Achterhoek-West | 2,2 |
| IJsselstreek | 2 |
| Apeldoorn | 1,9 |
| Veluwe-Noord | 2,1 |
| Veluwe-West | 1,8 |
| Veluwe Vallei-Noord | 2 |
| Ede | 1,8 |
| Veluwe Vallei-Zuid | 1,5 |
| Arnhem-Noord | 1,3 |
| Arnhem-Zuid | 1,9 |
| Rivierenland-West | 2,2 |
| IJsselwaarden | 1,9 |
| Rivierenland-Oost | 2,3 |
| Nijmegen-Noord | 1,1 |
| Nijmegen-Zuid | 1,6 |
| Tweestromenland | 2,2 |
| De Waarden | 2 |
| Gooi en Vechtstreek-Noord | 2,1 |
| Gooi en Vechtstreek-Zuid | 1,7 |
| Dronten / Noordoostpolder / Urk | 1,9 |
| Lelystad / Zeewolde | 2,2 |
| Almere Buiten Hout | 2,1 |
| Almere-Stad Haven | 2,1 |
| Almere-West-Poort | 2 |
| Amersfoort | 1,8 |
| De Bilt / Eemdal / Soest | 1,9 |
| Zeist / Bunnik / Leusden / Woudenberg | 1,8 |
| Heuvelrug | 2 |
| Utrecht-West | 1,7 |
| Utrecht-Noord | 1,3 |
| Utrecht-Centrum | 1 |
| Utrecht-Zuid | 1,1 |
| Stichtse Vecht / De Ronde Venen | 2 |
| De Copen | 1,8 |
| Lekpoort | 1,8 |
| Den Helder | 1,7 |
| Alkmaar | 1,6 |
| Hoorn | 1,8 |
| Heerhugowaard | 1,9 |
| Zaanstad | 1,7 |
| Purmerend | 2 |
| IJmond | 1,8 |
| Haarlem | 1,2 |
| Kennemer Kust | 1,7 |
| Haarlemmermeer | 2,1 |
| Centrum-Burgwallen | 0,8 |
| Centrum-Amstel | 0,9 |
| Centrum-Jordaan | 0,9 |
| Boven IJ | 1,2 |
| Oost-Zeeburg | 1 |
| Oost-Watergraafsmeer | 0,9 |
| Amstelland-Oost | 1,6 |
| Zuidoost-Bijlmermeer | 1,3 |
| Zuidoost-Gaasperdam | 1,6 |
| Zuid de Pijp | 0,8 |
| Zuid Buitenveldert | 1,2 |
| Amstelveen | 2 |
| Aalsmeer - Uithoorn | 2 |
| West-Haarlemmerweg | 0,9 |
| West-Overtoomsesluis | 0,8 |
| Nieuw West-Zuid | 1,5 |
| Nieuw West-Noord | 1,1 |
| Jan Hendrikstraat | 0,9 |
| De Heemstraat | 1,2 |
| Hoefkade | 1,2 |
| Overbosch | 1,4 |
| Loosduinen | 1,7 |
| Scheveningen | 1,3 |
| Segbroek | 1,1 |
| Laak | 1,3 |
| Beresteinlaan | 1,7 |
| Zuiderpark | 1,3 |
| Leidschenveen - Ypenburg | 2 |
| Zoetermeer | 1,9 |
| Leidschendam - Voorburg | 1,6 |
| Wassenaar | 2 |
| Pijnacker - Nootdorp | 1,9 |
| Rijswijk | 1,6 |
| Westland | 2 |
| Delft | 1,1 |
| Hillegom-Lisse-Teylingen | 1,8 |
| Katwijk-Noordwijk | 1,8 |
| Leiden-Noord | 1,4 |
| Leiden-Zuid | 1,3 |
| Leiden-Midden | 1,1 |
| Alphen aan den Rijn | 1,8 |
| Kaag en Braassem | 1,9 |
| Gouda | 1,8 |
| Waddinxveen / Zuidplas | 2,1 |
| Krimpenerwaard | 1,7 |
| Waterweg | 1,7 |
| Schiedam | 1,4 |
| Midden-Schieland | 1,8 |
| Delfshaven | 0,9 |
| Centrum | 1,1 |
| Maas-Rotte | 1 |
| IJsselland | 1,7 |
| Charlois | 1,3 |
| Feijenoord | 1,3 |
| IJsselmonde | 1,6 |
| Haringvliet | 2 |
| Nissewaard | 2,2 |
| Oude Maas | 2,1 |
| Hoeksche Waard | 2,1 |
| Drechtsteden Buiten | 2 |
| Drechtsteden Binnen | 1,7 |
| Lek en Merwede | 1,8 |
| Havens (RT) | |
| Walcheren | 1,8 |
| Zeeuws-Vlaanderen | 2,2 |
| Oosterscheldebekken | 1,9 |
| Bergen op Zoom | 2,2 |
| Roosendaal | 2,3 |
| Weerijs | 2 |
| Markdal | 1,7 |
| Dongemond | 2,1 |
| Tilburg-Centrum | 1,3 |
| Leijdal | 2,1 |
| Groene Beemden | 2,2 |
| Langstraat | 2,2 |
| 's-Hertogenbosch | 1,6 |
| Meierij | 2 |
| Maasland | 2,2 |
| Maas en Leijgraaf | 2,1 |
| Eindhoven-Zuid | 1,5 |
| Eindhoven-Noord | 1,7 |
| De Kempen | 2,1 |
| Dommelstroom | 2,2 |
| Peelland | 2,1 |
| Venray / Gennep | 2,2 |
| Horst / Peel en Maas | 2,3 |
| Venlo / Beesel | 2,3 |
| Weert | 2,5 |
| Roermond | 2,2 |
| Echt | 2,6 |
| Brunssum / Landgraaf | 2,6 |
| Kerkrade | 2,4 |
| Heerlen | 2 |
| Heuvelland | 2,3 |
| Maastricht | 1,7 |
| Westelijke Mijnstreek | 2,4 |
In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams het gemiddeld aantal preventieve voorzieningen – rekening houdend met de betrouwbaarheidsintervallen rond de uitkomsten – in 2025 hoger of lager is dan het landelijk gemiddelde, en hoger of lager is dan in 2023 en 2021.
9.3 Buurtpreventie
Preventie van criminaliteit kan ook op buurtniveau plaatsvinden door voorzieningen als een buurtpreventie-app, Burgernet (een landelijk communicatienetwerk dat burgers via telefoon, e-mail of app betrekt bij het politiewerk) en/of een buurt- of burgerwacht. In de Veiligheidsmonitor is gevraagd naar de aanwezigheid en het gebruik van deze voorzieningen.
Van de inwoners van Nederland zegt een derde (33 procent) dat Whatsapp-buurtpreventie in hun woonbuurt aanwezig is. Bijna een kwart (24 procent) neemt zelf deel, of geeft aan dat een andere persoon uit het huishouden deelneemt, aan deze buurtapp. Een kleiner deel (7 procent) zegt dat er een buurt- of burgerwacht is in de eigen buurt is. De deelname hieraan is in de Veiligheidsmonitor niet onderzocht. Wel is gevraagd wie deelneemt aan Burgernet. Een kwart zegt dit te doen. Over het algemeen liggen deze aandelen iets lager dan in 2023 en 2021, met uitzondering van de deelname aan de buurtpreventie-app, die juist iets hoger ligt.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2023 (% van personen van 15 jaar of ouder) | 2021 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|
| Aanwezig in buurt | |||
| Whatsapp-buurtpreventie | 33,3 | 33,3 | 33,9 |
| Buurt- of burgerwacht | 6,5 | 7,1 | 7,8 |
| Deelname door persoon uit huishouden | |||
| Burgernet | 24,5 | 30,2 | 33,1 |
| Whatsapp-buurtpreventie | 24,3 | 22,5 | 21,7 |
Preventieve voorzieningen in de buurt naar stedelijkheid
In niet of weinig stedelijke buurten is meer buurtpreventie dan in stedelijke buurten. In niet-stedelijke buurten is het percentage dat zegt dat er een buurtpreventie-app is ongeveer 2,5 keer zo hoog als in zeer sterk stedelijke buurten (49 tegen 19 procent). Ook de deelname aan Whatsapp-buurtpreventie is in minder verstedelijkte buurten groter dan in meer verstedelijkte buurten. Dit geldt ook voor de deelname aan Burgernet. De aanwezigheid van buurt- of burgerwachten verschilt minder naar stedelijkheidsgraad. Wel komen deze minder vaak voor in zeer sterk stedelijke buurten.
| Zeer sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Sterk stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Matig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Weinig stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | Niet stedelijk (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|---|---|---|---|
| Aanwezig in buurt | |||||
| Whatsapp-buurtpreventie | 19,1 | 31,1 | 36,3 | 41,1 | 49,2 |
| Buurt- of burgerwacht | 4,7 | 7,1 | 7,0 | 7,8 | 6,7 |
| Deelname door persoon uit huishouden | |||||
| Burgernet | 14,6 | 24,3 | 28,6 | 30,9 | 30,4 |
| Whatsapp-buurtpreventie | 12,9 | 21,0 | 26,0 | 31,5 | 39,6 |
9.4 Digitale gegevensbescherming
In de Veiligheidsmonitor is ook gevraagd welke maatregelen mensen nemen om de eigen digitale gegevens te beschermen. Mensen kiezen vanuit dit oogpunt het meest voor een sterk wachtwoord (74 procent). Ook gebruikt bijna de helft tweetrapsverificatie (49 procent), een virusscanner (47 procent) of voert updates uit of maakt back-ups (46 procent. Minder vaak gebruikte maatregelen om eigen digitale gegevens te beschermen zijn een firewall (33 procent), het regelmatig veranderen van wachtwoorden (24 procent), het gebruik van een wachtwoordmanager (22 procent) en het gebruik van een VPN-verbinding (16 procent). 3 procent geeft aan geen van de onderzochte digitale beschermingsmaatregelen te gebruiken.
| 2025 (% van personen van 15 jaar of ouder) | |
|---|---|
| Sterke wachtwoorden kiezen | 74,4 |
| Tweetrapsverificatie gebruiken | 49,2 |
| Virusscanner gebruiken | 46,9 |
| Update uitvoeren of back-up maken | 45,7 |
| Firewall gebruiken | 33,3 |
| Wachtwoorden regelmatig veranderen | 24,4 |
| Wachtwoordmanager gebruiken | 22,5 |
| VPN-verbinding gebruiken | 16 |
| Geen van deze | 3,3 |
Bijlage I
Tabellen indicatoren Nederland totaal
Deze bijlage bevat de volgende tabellen waarin de belangrijkste landelijke onderzoeksresultaten behorende bij de hoofdstukken 2 tot en met 9 zijn opgenomen:
2. Leefbaarheid en overlast in woonbuurt
3. Veiligheidsbeleving
4. Respectloos gedrag en discriminatie
5. Traditionele criminaliteit
6. Online criminaliteit
7. Verdachte situaties
8. Burgers en politie
9. Preventie
Elke tabel bevat de uitkomsten voor Nederland totaal voor het jaar 2025. Meer cijfers zijn beschikbaar in de StatLinetabellen (zie ook Meer cijfers).
Tabellen hoofdstuk 2
| Fysieke voorzieningen in de buurt | 6,5 |
|---|---|
| Sociale cohesie in de buurt | 6,4 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| (Heel) tevreden | |
|---|---|
| Straatverlichting | 81,7 |
| Onderhoud van plantsoenen en parken | 64,4 |
| Onderhoud van stoepen, straten en pleintjes | 59,4 |
| Speelplekken voor kinderen | 59,3 |
| Voorzieningen voor jongeren | 44,1 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| (Helemaal) mee eens | |
|---|---|
| De mensen in de buurt gaan op een prettige manier met elkaar om | 74,6 |
| Als ik op vakantie zou gaan of langere tijd afwezig zou zijn, zou ik mijn huissleutel aan de buren durven te geven | 71,8 |
| Ik ben tevreden over de bevolkingssamenstelling in de buurt | 65,9 |
| Ik voel me thuis bij de mensen die in de buurt wonen | 61,6 |
| Ik woon in een gezellige buurt waar mensen elkaar helpen | 60,4 |
| In deze buurt durven de mensen elkaar aan te spreken op onwenselijk gedrag | 47,9 |
| Ik heb veel contact met andere buurtbewoners | 37,2 |
| De mensen in de buurt kennen elkaar nauwelijks | 26,2 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Leefbaarheid in buurt | 7,6 | |
|---|---|---|
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | ||
| Vindt eigen buurt in afgelopen jaar vooruit gegaan | 9,9 |
|---|---|
| Vindt eigen buurt in afgelopen jaar achteruit gegaan | 18,0 |
| Vindt eigen buurt in afgelopen jaar gelijk gebleven | 69,3 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| (Zeer) tevreden | Vaak/soms | |
|---|---|---|
| Tevredenheid over gemeente inzake aanpak leefbaarheid en veiligheid in buurt | 42,0 | |
| Zichtbaarheid gemeentelijke handhavers in eigen buurt | 31,7 | |
| Zichtbaarheid gemeentelijke handhavers elders in eigen gemeente | 57,8 | |
| Tevredenheid functioneren gemeentelijke handhavers2) | 24,5 | |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. 2)De vraag over de tevredenheid over het functioneren van de gemeentelijke handhavers is alleen gesteld aan degenen die aangeven dat ze gemeentelijke handhavers in hun buurt of elders in de gemeente zien. | ||
| Veel overlast | |
|---|---|
| Overlast totaal | 46,4 |
| Fysieke verloedering | 21,8 |
| Hondenpoep | 15,7 |
| Rommel op straat | 8,7 |
| Vernield straatmeubilair | 3,2 |
| Bekladde muren of gebouwen | 1,7 |
| Sociale overlast | 14,3 |
| Rondhangende jongeren | 7,1 |
| Overlast door buurtbewoners | 4,9 |
| Drugshandel | 3,7 |
| Drugsgebruik | 3,6 |
| Verwarde personen | 3,4 |
| Dronken mensen op straat | 3,1 |
| Mensen op straat lastiggevallen | 2,1 |
| Verkeersoverlast | 32,6 |
| Te hard rijden | 20,9 |
| Parkeerproblemen | 18,4 |
| Agressief verkeersgedrag | 10,4 |
| Milieuoverlast | 12,3 |
| Geluidsoverlast | 9,6 |
| Stankoverlast | 4,3 |
| Overlast van horecagelegenheden | 1,4 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
Tabellen hoofdstuk 3
| Weleens | Vaak | |
|---|---|---|
| Onveiligheidsgevoelens in de eigen buurt | 16,8 | 2,5 |
| Onveiligheidsgevoelens in het algemeen | 37,2 | 2,5 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | ||
| Oordeel veiligheid in buurt | 7,4 |
|---|---|
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Oordeel plaatsvinden criminaliteit in de buurt | |
|---|---|
| Veel | 9,3 |
| Weinig | 63,3 |
| Geen | 20,5 |
| Oordeel ontwikkeling criminaliteit in de buurt | |
| Toegenomen | 13,4 |
| Afgenomen | 3,7 |
| Gelijk gebleven | 59,0 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Kans op slachtofferschap van… | |
|---|---|
| Oplichting via internet | 17,6 |
| Woninginbraak | 6,2 |
| Mishandeling | 3,0 |
| Zakkenrollerij (diefstal op straat zonder geweld) | 2,9 |
| Beroving (diefstal op straat met geweld) | 2,6 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
Tabellen hoofdstuk 4
| Vaak/soms | |
|---|---|
| Respectloos gedrag door… | |
| Onbekenden op straat | 17,9 |
| Onbekenden in het openbaar vervoer | 12,5 |
| Personeel van winkels of bedrijven | 11,0 |
| Bekenden zoals partner, familie of vrienden | 6,9 |
| Personeel van overheidsinstanties | 6,7 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Gediscrimineerd gevoeld | 11,6 | |
|---|---|---|
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | ||
| Ras, huidskleur | 40,9 | |
|---|---|---|
| Nationaliteit | 34,0 | |
| Vrouw of man zijn | 29,4 | |
| Godsdienst of levensovertuiging | 18,9 | |
| Leeftijd | 17,0 | |
| Politieke overtuiging | 10,0 | |
| Seksuele oriëntatie | 8,7 | |
| Handicap of chronische ziekte | 7,8 | |
| Arbeidsduur (fulltime of parttime) | 4,6 | |
| Burgerlijke staat | 4,3 | |
| Soort contract (vast of tijdelijk) | 3,9 | |
| Zwangerschap, bevalling of moederschap | 2,5 | |
| Transgender achtergrond of non-binair zijn | 1,6 | |
| Intersekse zijn | 0,3 | |
| Anders | 13,4 | |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. 2) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder met discriminatie-ervaring. | ||
| Ongelijke behandeling/benadeling/voortrekken van bepaalde groepen | 57,2 |
|---|---|
| Discriminerende opmerkingen | 46,7 |
| Negatief beeld/stigmatisering (bijv. in de media) | 31,8 |
| Negeren/uitsluiting | 28,1 |
| Was meer een gevoel dan dat er iets gebeurde | 19,2 |
| Roddels | 15,1 |
| Geweld/agressief gedrag | 7,7 |
| Bedreiging | 7,0 |
| Vernieling/beschadiging van eigendom | 2,3 |
| Anders | 7,1 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. 2) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder met discriminatie-ervaring. | |
| Op straat | 39,9 |
|---|---|
| Op het werk | 25,4 |
| In een winkel | 24,6 |
| In het openbaar vervoer | 17,1 |
| Zoeken naar werk of sollicitatie | 14,4 |
| Tijdens het uitgaan | 13,6 |
| Zoeken naar een woning | 8,6 |
| Op school of opleiding | 6,9 |
| Tijdens het sporten | 5,1 |
| Toelating tot school of opleiding | 2,0 |
| In een andere situatie | 28,8 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. 2) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder met discriminatie-ervaring. | |
| Gediscrimineerd gevoeld door instanties of professionals totaal | 39,0 |
|---|---|
| Landelijke overheid of politicus | 17,1 |
| Gemeente of gemeente-ambtenaar | 10,4 |
| (Huis)arts, ziekenhuis of andere zorgverlener/-instelling | 8,8 |
| Politie | 8,7 |
| Belastingdienst | 4,1 |
| Bank, verzekeraar of andere financiële instelling | 3,9 |
| Kerk, moskee of andere religieuze instelling | 3,3 |
| UWV | 2,9 |
| Rechtbank of rechter | 1,7 |
| Een andere instantie | 6,0 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. 2) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder met discriminatie-ervaring. | |
| Minder vertrouwen in mensen | 53,0 |
|---|---|
| Voel(de) me minder veilig | 25,7 |
| Depressieve klachten | 13,9 |
| Slaapproblemen | 10,9 |
| Angstklachten en/of paniekaanvallen | 8,1 |
| Beleefde het voorval telkens opnieuw | 7,7 |
| Geen van deze | 28,6 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. 2) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder met discriminatie-ervaring. | |
| Gemeld totaal | 10,5 |
|---|---|
| Mijn werkgever / opleiding | 4,9 |
| Politie | 2,5 |
| Een meldpunt voor discriminatie | 1,1 |
| College voor de Rechten van de Mens | 0,4 |
| Andere instantie | 3,5 |
| Aangifte | 2,0 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. 2) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder met discriminatie-ervaring. | |
| Het helpt toch niets | 43,1 |
|---|---|
| Niet aan gedacht / niet zo belangrijk | 29,4 |
| Geen zin of tijd / teveel moeite | 14,7 |
| Geen zaak voor de politie | 9,2 |
| Uit angst voor vervelende reactie of wraak | 6,6 |
| Door schuld- of schaamtegevoel | 3,0 |
| Het is al opgelost | 2,9 |
| Digitaal aangifte/melding doen lukt niet | 0,6 |
| Nog niet aan toe gekomen, ga ik nog doen | 0,5 |
| Op advies van de politie | 0,4 |
| Financiële schade is al vergoed | 0,1 |
| Andere reden | 13,2 |
| 1) Meerdere antwoorden mogelijk. 2) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder met discriminatie-ervaring die geen melding of aangifte hebben gedaan. | |
Tabellen hoofdstuk 5
| Traditionele criminaliteit totaal | 20,0 |
|---|---|
| Geweldsdelicten totaal | 6,7 |
| Mishandeling | 1,3 |
| Bedreiging met fysiek geweld | 4,9 |
| Seksuele delicten | 1,9 |
| Vermogensdelicten totaal | 10,7 |
| (Poging tot) inbraak | 2,0 |
| Fietsdiefstal | 4,9 |
| Autodiefstal | 0,1 |
| Diefstal uit auto | 0,6 |
| Diefstal vanaf auto | 0,9 |
| Diefstal andere voertuigen | 0,2 |
| (Poging tot) zakkenrollerij, beroving | 1,4 |
| Overige diefstal | 2,4 |
| Vernielingen | 6,8 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Traditionele criminaliteit totaal | 40,4 |
|---|---|
| Geweldsdelicten totaal | 13,3 |
| Mishandeling | 1,8 |
| Bedreiging met fysiek geweld | 8,2 |
| Seksuele delicten | 3,4 |
| Vermogensdelicten totaal | 16,2 |
| (Poging tot) inbraak | 2,8 |
| Fietsdiefstal | 6,4 |
| Autodiefstal | 0,1 |
| Diefstal uit auto | 0,8 |
| Diefstal vanaf auto | 1,1 |
| Diefstal andere voertuigen | 0,3 |
| (Poging tot) zakkenrollerij, beroving | 1,5 |
| Overige diefstal | 3,2 |
| Vernielingen | 10,8 |
| Totaal | Emotionele of psychische problemen | Financiële problemen | Lichamelijke verwondingen of letsel | |
|---|---|---|---|---|
| Traditionele criminaliteit totaal | 27,9 | 22,3 | 9,7 | 3,0 |
| Geweldsdelicten | 35,0 | 32,2 | 3,0 | 7,0 |
| Vermogensdelicten | 27,0 | 19,5 | 12,7 | 1,0 |
| Vernielingen | 20,9 | 14,6 | 9,1 | 0,9 |
| 1) Het gaat om slachtoffers van 15 jaar of ouder. | ||||
| Melding | Aangifte | |
|---|---|---|
| Traditionele criminaliteit totaal | 36,5 | 30,8 |
| Geweldsdelicten | 27,1 | 17,4 |
| Vermogensdelicten | 44,3 | 40,5 |
| Vernielingen | 21,9 | 17,9 |
| 1) Het gaat om slachtoffers van 15 jaar of ouder. | ||
| Melding | Aangifte | |
|---|---|---|
| Traditionele criminaliteit totaal | 32,5 | 26,6 |
| Geweldsdelicten | 27,5 | 18,2 |
| Vermogensdelicten | 43,1 | 39,3 |
| Vernielingen | 22,6 | 18,1 |
| Het helpt toch niets | 43,7 |
|---|---|
| Niet aan gedacht / niet zo belangrijk | 25,8 |
| Geen zaak voor de politie | 18,3 |
| Geen zin of tijd / teveel moeite | 16,2 |
| Uit angst voor vervelende reactie of wraak | 7,1 |
| Het is al opgelost | 6,3 |
| Op advies van de politie | 2,8 |
| Door schuld- of schaamtegevoel | 2,3 |
| Digitaal aangifte/melding doen lukt niet | 1,0 |
| Financiële schade is al vergoed | 1,2 |
| Nog niet aan toe gekomen, ga ik nog doen | 0,8 |
| Andere reden | 14,1 |
Tabellen hoofdstuk 6
| Online criminaliteit totaal | 16,8 |
|---|---|
| Online oplichting en fraude | 10,3 |
| Aankoopfraude | 7,9 |
| Verkoopfraude | 1,5 |
| Fraude betalingsverkeer | 1,2 |
| Identiteitsfraude | 0,7 |
| Phishing | 0,9 |
| Hacken | 5,5 |
| Hacken account | 4,7 |
| Hacken apparaat | 2,3 |
| Online bedreiging en intimidatie | 2,6 |
| Bedreiging | 0,9 |
| Pesten | 1,0 |
| Stalken | 0,9 |
| Shamesexting | 0,5 |
| Overige online delicten | 0,7 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Totaal | Emotionele of psychische problemen | Financiële problemen | |
|---|---|---|---|
| Online criminaliteit totaal | 20,7 | 16,7 | 7,7 |
| Online oplichting en fraude | 17,4 | 11,6 | 9,3 |
| Hacken | 16,7 | 14,5 | 4,4 |
| Online bedreiging en intimidatie | 41,4 | 40,0 | 6,0 |
| Overige online delicten | 31,2 | 26,6 | 9,2 |
| 1) Het gaat om slachtoffers van 15 jaar of ouder. | |||
| Melding | Aangifte | |
|---|---|---|
| Online criminaliteit totaal | 51,8 | 15,1 |
| Online oplichting en fraude | 55,2 | 16,9 |
| Hacken | 38,5 | 9,3 |
| Online bedreiging en intimidatie | 53,4 | 15,2 |
| Overige online delicten | 49,6 | 25,0 |
| 1) Het gaat om slachtoffers van 15 jaar of ouder. | ||
Tabellen hoofdstuk 7
| Zeker | Vermoeden | |
|---|---|---|
| Dealen van drugs | 7,8 | 17,2 |
| Bedrijven waar bijna nooit klanten komen | 5,7 | 16,7 |
| Buurtbewoners met onrealistisch dure spullen | 3,8 | 12,2 |
| Bedrijven waar je alleen met contant geld kunt betalen | 5,5 | 6,4 |
| Horecagelegenheden waar criminelen elkaar ontmoeten | 2,1 | 7,8 |
| Slecht onderhouden woningen waar veel mensen wonen / illegale verhuur | 2,1 | 7,7 |
| Arbeiders die onder slechte omstandigheden wonen en werken | 1,9 | 7,7 |
| Jongeren die illegale klusjes doen | 1,6 | 6,6 |
| Hennepplantage | 1,7 | 4,4 |
| Dumpen van drugsafval | 2,5 | 3,3 |
| Locaties waar illegaal gegokt wordt | 0,8 | 3,0 |
| Plekken waar drugs worden gemaakt of opgeslagen (drugslabs) | 0,8 | 2,4 |
| Illegale prostitutie | 0,6 | 1,7 |
| Iets anders verdachts | 1,2 | 3,9 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | ||
| Totaal | Zeker | Vermoeden | |
|---|---|---|---|
| Dumpen van drugsafval | 10,1 | 15,8 | 5,7 |
| Illegale prostitutie | 7,5 | 12,0 | 6,0 |
| Dealen van drugs | 7,2 | 14,2 | 4,1 |
| Slecht onderhouden woningen waar veel mensen wonen / illegale verhuur | 6,0 | 12,4 | 4,3 |
| Hennepplantage | 5,2 | 6,1 | 4,8 |
| Plekken waar drugs worden gemaakt of opgeslagen (drugslabs) | 3,9 | 5,7 | 3,3 |
| Jongeren die illegale klusjes doen | 3,8 | 8,3 | 2,7 |
| Arbeiders die onder slechte omstandigheden wonen en werken | 3,5 | 8,4 | 2,2 |
| Buurtbewoners met onrealistisch dure spullen | 2,1 | 4,6 | 1,3 |
| Locaties waar illegaal gegokt wordt | 2,0 | 4,1 | 1,4 |
| Horecagelegenheden waar criminelen elkaar ontmoeten | 1,5 | 3,6 | 1,0 |
| Bedrijven waar bijna nooit klanten komen | 1,4 | 3,1 | 0,8 |
| Bedrijven waar je alleen met contant geld kunt betalen | 0,8 | 0,9 | 0,8 |
| Iets anders verdachts | 6,7 | 12,0 | 5,1 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder die een verdachte situatie hebben gezien of vermoed. | |||
| Niet zeker of er echt iets aan de hand was | 49,8 |
|---|---|
| Niet aan gedacht / was niet zo belangrijk | 19,0 |
| Vond dit niet mijn taak of verantwoordelijkheid | 17,6 |
| Het helpt toch niets | 13,9 |
| Weet niet hoe of waar ik dit kan melden | 10,5 |
| Uit angst voor vervelende reactie of wraak | 10,4 |
| Geen zin of tijd voor gehad / te veel moeite | 7,9 |
| Was al opgelost of anderen deden al iets | 6,7 |
| Nog niet aan toegekomen, ga nog wel doen | 0,6 |
| Andere reden | 9,4 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder die een verdachte situatie hebben gezien of vermoed en hiervan geen melding hebben gedaan. | |
Tabellen hoofdstuk 8
| Contact gehad met politie | 25,5 |
|---|---|
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Politiecontact was… | |
|---|---|
| In eigen buurt | 58,0 |
| Elders in eigen gemeente | 19,5 |
| Binnen eigen gemeente | 77,5 |
| Buiten eigen gemeente | 18,0 |
| (Zeer) tevreden over politiecontact… | |
| In eigen buurt | 68,0 |
| Elders in eigen gemeente | 67,2 |
| Binnen eigen gemeente | 67,8 |
| Buiten eigen gemeente | 67,6 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder die in de afgelopen 12 maanden contact hebben gehad met de politie. | |
| Gecontroleerd door politie | 8,2 |
|---|---|
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Reden van de controle is verteld | 85,1 |
|---|---|
| Bij de laatste controle heeft de politie mij rustig, respectvol en correct behandeld | 80,6 |
| Denkt dat afkomst, huidskleur of uiterlijk een reden was om te controleren | 9,7 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder die in de afgelopen 12 maanden gecontroleerd zijn door de politie. | |
| (Zeer) tevreden | |
|---|---|
| Tevredenenheid functioneren politie in buurt | 34,9 |
| Tevredenheid zichtbaarheid politie in buurt | 31,1 |
| Tevredenheid functioneren politie in het algemeen | 47,6 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
Tabellen hoofdstuk 9
| Altijd/vaak | |
|---|---|
| Waardevolle spullen meenemen uit auto | 75,8 |
| Fiets in bewaakte fietsenstalling | 49,7 |
| 's Avonds licht laten branden bij afwezigheid | 45,2 |
| Waardevolle spullen thuislaten | 42,6 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Extra veiligheidssloten | 58,9 |
|---|---|
| Buitenverlichting met sensor | 48,5 |
| Camerabewaking | 29,1 |
| Rolluiken voor ramen en/of deuren | 23,2 |
| Alarminstallatie | 13,8 |
| Raamsticker of certificaat van Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) | 7,6 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Aanwezigheid in buurt van … | |
|---|---|
| Whatsapp-buurtpreventie | 33,3 |
| Buurt- of burgerwacht | 6,5 |
| Deelname door personen uit huishouden aan … | |
| Whatsapp-buurtpreventie | 24,3 |
| Burgernet | 24,5 |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | |
| Sterke wachtwoorden kiezen | 74,4 | |
|---|---|---|
| Tweetrapsverificatie gebruiken | 49,2 | |
| Virusscanner gebruiken | 46,9 | |
| Update uitvoeren of back-up maken | 45,7 | |
| Firewall gebruiken | 33,3 | |
| Wachtwoorden regelmatig veranderen | 24,4 | |
| Wachtwoordmanager gebruiken | 22,5 | |
| VPN-verbinding gebruiken | 16,0 | |
| 1) Het gaat om personen van 15 jaar of ouder. | ||
Bijlage II
Tabel indicatoren regionale eenheden, districten en basisteams politie
Deze bijlage bevat een tabel met de uitkomsten voor de vijf belangrijkste kernindicatoren voor het jaar 2025 voor Nederland totaal en daarbinnen de 10 regionale eenheden, 43 districten en 166 basisteams van politie.
In de tabel is door middel van ‘+’ en ‘–’ weergegeven of de uitkomsten van de regionale eenheden, districten en basisteams significant hoger of lager zijn dan het landelijk gemiddelde, en hoger of lager zijn dan in 2023 en in 2021.
| Overlast in buurt | Onveiligheids- gevoelens in buurt | Slachtofferschap traditionele criminaliteit | Functioneren politie in buurt | Preventieve voorzieningen woning | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| % veel overlast4) | 1) | 2) | 3) | % weleens | 1) | 2) | 3) | % | 1) | 2) | 3) | % (zeer) tevreden | 1) | 2) | 3) | somscore 5) | 1) | 2) | 3) | |
| Nederland | 46,4 | + | + | 16,8 | + | + | 20,0 | + | 34,9 | - | 1,8 | + | + | |||||||
| Noord Nederland (RE) | 40,7 | - | 14,2 | - | + | + | 17,0 | - | + | 33,4 | - | - | 1,7 | - | + | |||||
| Fryslân (PD) | 37,7 | - | 12,0 | - | + | 15,2 | - | + | 35,7 | 1,7 | - | + | ||||||||
| Noordwest-Fryslân | 38,6 | - | 9,0 | - | 16,7 | 42,1 | + | 1,7 | ||||||||||||
| Noordoost-Fryslân | 34,6 | - | 7,8 | - | 12,3 | - | 37,3 | 1,8 | + | |||||||||||
| Oost-Fryslân | 41,5 | 12,5 | 16,2 | 35,3 | 1,7 | |||||||||||||||
| Zuidoost-Fryslân | 34,0 | - | 10,9 | - | 14,3 | - | 36,1 | 1,9 | + | |||||||||||
| Sneek | 32,4 | - | 9,8 | - | 14,7 | - | 35,6 | 1,7 | - | |||||||||||
| Leeuwarden | 46,3 | 20,7 | 18,0 | 30,7 | 1,5 | - | ||||||||||||||
| Groningen (PD) | 43,4 | - | 18,0 | + | 20,9 | + | 32,2 | - | 1,6 | - | + | |||||||||
| Westerkwartier | 34,8 | - | 9,0 | - | 12,7 | - | 33,9 | 1,8 | ||||||||||||
| Ommelanden-Noord | 47,4 | 10,5 | - | 17,9 | 29,0 | - | 1,6 | - | ||||||||||||
| Ommelanden-Oost | 42,6 | 18,3 | 13,2 | - | 30,6 | 2,0 | + | |||||||||||||
| Ommelanden-Midden | 49,8 | 18,0 | 15,0 | - | 27,5 | - | 1,9 | |||||||||||||
| Groningen-Zuid | 33,3 | - | 16,9 | 22,1 | 35,7 | 1,5 | - | |||||||||||||
| Groningen-Centrum | 46,8 | 29,1 | + | + | 42,0 | + | + | 37,9 | 0,7 | - | ||||||||||
| Groningen-Noord | 45,9 | 24,2 | + | 27,8 | + | 33,5 | 1,3 | - | ||||||||||||
| Drenthe (PD) | 41,4 | - | + | + | 12,6 | - | + | 14,5 | - | 31,7 | - | - | 2,0 | + | + | |||||
| Noord-Drenthe | 40,5 | - | + | + | 12,3 | - | + | 13,7 | - | 30,1 | - | - | 1,8 | |||||||
| Zuidoost-Drenthe | 44,7 | + | + | 14,7 | - | + | 15,8 | - | + | 31,6 | - | - | 2,1 | + | + | |||||
| Zuidwest-Drenthe | 38,9 | - | 10,9 | - | 14,1 | - | 33,4 | 1,9 | + | |||||||||||
| Oost-Nederland (RE) | 41,1 | - | 13,6 | - | + | + | 16,5 | - | + | 37,5 | + | 1,9 | + | + | + | |||||
| IJsselland (PD) | 40,5 | - | 13,0 | - | + | 15,9 | - | 42,2 | + | 1,8 | ||||||||||
| IJsselland-Noord | 40,5 | - | 11,1 | - | + | 12,7 | - | 43,4 | + | 1,9 | + | |||||||||
| Zwolle | 44,7 | 15,8 | 21,7 | 41,7 | + | 1,6 | - | |||||||||||||
| Vechtdal | 33,6 | - | 10,0 | - | 10,1 | - | 41,9 | + | 2,0 | + | ||||||||||
| IJsselland-Zuid | 41,8 | 14,4 | 17,8 | 41,7 | + | 1,7 | ||||||||||||||
| Twente (PD) | 41,9 | - | 13,7 | - | 16,6 | - | 38,5 | + | 2,0 | + | + | |||||||||
| Twente-West | 33,2 | - | 8,0 | - | 9,6 | - | 43,2 | + | 2,1 | + | ||||||||||
| Twente-Noord | 45,4 | 13,8 | 16,7 | 33,7 | 2,1 | + | ||||||||||||||
| Twente-Midden | 41,7 | - | 13,6 | - | + | 16,2 | - | 38,2 | 2,1 | + | + | |||||||||
| Noordoost-Twente | 29,3 | - | 5,4 | - | 10,3 | - | 44,2 | + | 2,3 | + | + | |||||||||
| Enschede | 53,1 | + | 22,5 | + | 25,3 | + | 35,3 | 1,8 | ||||||||||||
| Noord en Oost Gelderland (PD) | 38,8 | - | 12,8 | - | + | + | 14,7 | - | + | 35,8 | 2,0 | + | + | |||||||
| Achterhoek-Oost | 29,0 | - | 9,3 | - | 12,0 | - | 41,5 | + | 2,1 | + | ||||||||||
| Achterhoek-West | 39,4 | - | 11,9 | - | 14,7 | - | 34,7 | 2,2 | + | |||||||||||
| IJsselstreek | 37,1 | - | 11,9 | - | + | 13,6 | - | 32,1 | 2,0 | + | ||||||||||
| Apeldoorn | 43,1 | 17,3 | 19,5 | 36,4 | 1,9 | |||||||||||||||
| Veluwe Noord | 42,0 | 12,0 | - | 11,2 | - | 33,6 | 2,1 | + | ||||||||||||
| Veluwe West | 41,1 | - | 13,9 | - | 16,9 | - | + | + | 37,1 | + | 1,8 | + | ||||||||
| Gelderland Midden (PD) | 41,9 | - | 14,4 | - | 18,0 | - | 36,3 | 1,9 | + | + | ||||||||||
| Veluwe Vallei-Noord | 32,7 | - | 10,7 | - | + | 13,2 | - | 37,4 | 2,0 | + | ||||||||||
| Ede | 43,5 | - | 15,1 | - | 17,3 | - | 38,3 | + | 1,8 | |||||||||||
| Veluwe Vallei-Zuid | 37,3 | - | 14,5 | 16,5 | 37,2 | 1,5 | - | |||||||||||||
| Arnhem-Noord | 50,6 | 24,0 | + | 30,2 | + | 33,4 | 1,3 | - | ||||||||||||
| Arnhem-Zuid | 49,8 | 20,4 | 21,8 | 37,6 | 1,9 | |||||||||||||||
| Rivierenland-West | 37,7 | - | 7,8 | - | 15,1 | - | 33,5 | 2,2 | + | |||||||||||
| IJsselwaarden | 45,9 | 14,2 | - | 17,8 | 31,4 | - | - | 1,9 | + | |||||||||||
| Rivierenland-Oost | 41,9 | 11,0 | - | 13,9 | - | 39,0 | 2,3 | + | ||||||||||||
| Gelderland Zuid (PD) | 43,2 | - | 14,3 | - | 17,9 | - | 36,0 | 1,9 | + | |||||||||||
| Nijmegen-Noord | 42,8 | 16,3 | 26,3 | + | 36,9 | 1,1 | - | |||||||||||||
| Nijmegen-Zuid | 45,5 | 22,3 | + | 23,9 | 34,2 | 1,6 | - | |||||||||||||
| Tweestromenland | 36,9 | - | 8,9 | - | 13,3 | - | 39,7 | + | + | 2,2 | + | |||||||||
| De Waarden | 46,7 | 13,8 | - | 15,2 | - | 33,9 | 2,0 | + | ||||||||||||
| Midden-Nederland (RE) | 44,9 | - | 16,9 | + | + | 21,2 | + | + | 35,9 | 1,8 | + | + | ||||||||
| Gooi en Vechtstreek (PD) | 43,8 | - | 12,2 | - | 18,8 | 35,4 | 1,9 | + | ||||||||||||
| Gooi en Vechtstreek-Noord | 39,4 | - | 10,3 | - | 17,1 | 37,5 | 2,1 | + | + | |||||||||||
| Gooi en Vechtstreek-Zuid | 48,4 | 14,2 | - | 20,6 | 33,2 | 1,7 | - | |||||||||||||
| Flevoland (PD) | 47,0 | 18,6 | + | + | 20,5 | + | 36,0 | 2,1 | + | + | + | |||||||||
| Dronten / Noordoostpolder / Urk | 40,5 | - | 12,4 | - | + | 14,3 | - | 40,6 | + | 1,9 | + | |||||||||
| Lelystad / Zeewolde | 44,3 | 16,1 | 22,6 | 34,8 | 2,2 | + | + | + | ||||||||||||
| Almere-Buiten-Hout | 49,3 | + | 20,0 | + | 20,6 | + | 35,5 | 2,1 | + | + | + | |||||||||
| Almere-Stad-Haven | 50,9 | + | 25,1 | + | + | + | 22,5 | + | + | 31,7 | - | 2,1 | + | + | ||||||
| Almere-West-Poort | 54,1 | + | 23,1 | + | + | 24,8 | + | + | + | 35,8 | 2,0 | + | ||||||||
| Oost Utrecht (PD) | 42,2 | - | 15,0 | + | 19,0 | 34,5 | 1,9 | + | ||||||||||||
| Amersfoort | 47,0 | 20,0 | + | 23,9 | + | 34,8 | 1,8 | |||||||||||||
| De Bilt Eemdal Soest | 45,0 | 14,0 | 18,9 | 31,4 | - | 1,9 | + | |||||||||||||
| Zeist / Bunnik / Leusden / Woudenberg | 33,5 | - | 14,3 | 16,7 | 35,1 | 1,8 | ||||||||||||||
| Heuvelrug | 41,6 | - | 11,6 | - | 16,2 | - | 36,3 | 2,0 | + | + | ||||||||||
| Utrecht Stad (PD) | 50,7 | + | 24,9 | + | 31,2 | + | 38,3 | + | 1,3 | - | ||||||||||
| Utrecht-West | 41,6 | 19,1 | 24,2 | + | 37,0 | 1,7 | ||||||||||||||
| Utrecht-Noord | 65,4 | + | 31,3 | + | 34,9 | + | 33,3 | 1,3 | - | |||||||||||
| Utrecht-Centrum | 42,2 | - | 21,4 | + | 37,1 | + | 44,2 | + | 1,0 | - | ||||||||||
| Utrecht-Zuid | 55,7 | + | 28,7 | + | 29,2 | + | 37,7 | 1,1 | - | |||||||||||
| West Utrecht (PD) | 42,2 | - | 13,1 | - | 17,4 | - | 36,1 | 1,9 | ||||||||||||
| De Ronde Venen / Stichtse Vecht | 42,2 | 13,5 | - | 18,3 | 32,6 | 2,0 | + | |||||||||||||
| De Copen | 45,6 | 9,6 | - | 15,3 | - | 38,7 | 1,8 | |||||||||||||
| Lekpoort | 39,8 | - | 15,2 | 18,2 | 36,6 | 1,8 | ||||||||||||||
| Noord-Holland (RE) | 45,9 | 15,6 | - | + | + | 19,4 | + | 32,5 | - | 1,7 | - | + | ||||||||
| Noord Holland Noord (PD) | 43,2 | - | 13,5 | - | + | 17,5 | - | + | 33,8 | 1,7 | - | |||||||||
| Den Helder | 41,1 | - | 14,1 | 16,2 | 40,7 | + | 1,7 | - | ||||||||||||
| Alkmaar | 45,5 | + | 12,0 | - | 18,6 | 32,5 | 1,6 | - | ||||||||||||
| Hoorn | 44,9 | 15,6 | + | 17,0 | 32,1 | 1,8 | ||||||||||||||
| Heerhugowaard | 39,8 | - | 12,3 | - | 17,7 | + | 32,6 | 1,9 | ||||||||||||
| Zaanstreek Waterland (PD) | 48,0 | 16,6 | 19,0 | 28,6 | - | - | 1,8 | + | ||||||||||||
| Zaanstad | 55,2 | + | 18,0 | 21,4 | 27,9 | - | - | 1,7 | - | |||||||||||
| Purmerend | 39,8 | - | 14,9 | 16,3 | 29,4 | - | 2,0 | + | + | |||||||||||
| Kennemerland (PD) | 47,8 | 17,5 | + | 21,9 | + | + | 33,4 | 1,7 | - | + | ||||||||||
| IJmond | 51,5 | + | 16,9 | 19,3 | 33,6 | 1,8 | + | |||||||||||||
| Haarlem | 49,9 | + | 20,8 | + | + | + | 28,0 | + | + | 32,3 | - | 1,2 | - | |||||||
| Kennemer Kust | 40,0 | - | 14,2 | 21,1 | 36,7 | 1,7 | ||||||||||||||
| Haarlemmermeer | 45,0 | 16,1 | 18,6 | 32,9 | 2,1 | + | + | |||||||||||||
| Amsterdam (RE) | 55,9 | + | 24,8 | + | + | + | 32,9 | + | + | 36,3 | - | 1,2 | - | + | ||||||
| Amsterdam Noord (PD) | 66,1 | + | + | 26,9 | + | 34,1 | + | 35,6 | 1,1 | - | ||||||||||
| Centrum-Burgwallen | 86,2 | + | + | + | 49,3 | + | + | + | 53,5 | + | + | 42,0 | + | 0,8 | - | |||||
| Centrum-Amstel | 63,2 | + | 27,2 | + | + | + | 42,5 | + | + | 39,1 | 0,9 | - | ||||||||
| Centrum-Jordaan | 69,4 | + | 24,1 | + | 39,2 | + | 43,2 | + | 0,9 | - | ||||||||||
| Boven IJ | 63,0 | + | 24,5 | + | 26,1 | + | 30,4 | 1,2 | - | |||||||||||
| Amsterdam Oost (PD) | 52,3 | + | 27,9 | + | + | 30,8 | + | 36,2 | - | 1,3 | - | |||||||||
| Oost-Zeeburg | 50,5 | 23,7 | + | 33,7 | + | 35,8 | 1,0 | - | ||||||||||||
| Oost-Watergraafsmeer | 56,8 | + | 33,2 | + | + | 40,1 | + | 36,4 | 0,9 | - | ||||||||||
| Diemen-Ouder-Amstel | 41,0 | 19,7 | + | 20,7 | 32,3 | 1,6 | - | |||||||||||||
| Zuidoost-Bijlmermeer | 61,4 | + | 35,9 | + | 31,7 | + | 40,4 | 1,3 | - | |||||||||||
| Zuidoost-Gaasperdam | 54,7 | + | + | 28,8 | + | 24,5 | 37,8 | 1,6 | - | |||||||||||
| Amsterdam Zuid (PD) | 45,5 | 17,6 | 30,2 | + | + | 37,8 | 1,5 | - | + | + | ||||||||||
| Zuid-de Pijp | 54,1 | + | 17,9 | 43,6 | + | + | 37,8 | 0,8 | - | |||||||||||
| Zuid-Buitenveldert | 52,8 | + | 20,5 | 40,0 | + | + | 36,8 | 1,2 | - | |||||||||||
| Amstelveen | 33,5 | - | 14,5 | 22,2 | 38,8 | 2,0 | ||||||||||||||
| Aalsmeer – Uithoorn | 43,9 | 17,7 | 14,6 | - | 37,7 | 2,0 | + | + | ||||||||||||
| Amsterdam West (PD) | 63,0 | + | 27,3 | + | 36,9 | + | + | 35,3 | 1,1 | - | ||||||||||
| West-Haarlemmerweg | 57,9 | + | 20,4 | 34,7 | + | 43,8 | + | 0,9 | - | |||||||||||
| West-Overtoomsesluis | 61,3 | + | 21,2 | + | 44,2 | + | 37,0 | 0,8 | - | |||||||||||
| Nieuw West-Zuid | 61,3 | + | 35,2 | + | 36,2 | + | + | 29,8 | 1,5 | - | ||||||||||
| Nieuw West-Noord | 69,6 | + | 30,8 | + | 32,5 | + | 32,5 | 1,1 | - | |||||||||||
| Den Haag (RE) | 48,8 | + | 18,5 | + | + | + | 22,3 | + | + | 37,1 | + | - | - | 1,6 | - | + | ||||
| Den Haag Centrum (PD) | 70,2 | + | 35,4 | + | 33,7 | + | 41,8 | + | - | 1,1 | - | |||||||||
| Jan Hendrikstraat | 57,8 | + | 29,7 | + | + | 36,3 | + | 46,3 | + | 0,9 | - | |||||||||
| De Heemstraat | 79,8 | + | 37,1 | + | 30,3 | + | 40,2 | + | - | 1,2 | - | |||||||||
| Hoefkade | 77,8 | + | 42,1 | + | 33,6 | + | 36,8 | 1,2 | - | |||||||||||
| Den Haag West (PD) | 49,3 | + | 19,8 | + | + | + | 26,8 | + | 42,2 | + | 1,4 | - | + | + | ||||||
| Overbosch | 40,0 | - | 16,6 | + | 23,8 | + | 43,7 | + | 1,4 | - | ||||||||||
| Loosduinen | 48,4 | 22,5 | + | 23,3 | + | 38,7 | + | 1,7 | + | |||||||||||
| Scheveningen | 52,5 | + | 19,4 | + | + | 28,7 | + | 45,8 | + | 1,3 | - | |||||||||
| Segbroek | 54,3 | + | 20,4 | + | 30,5 | + | 40,5 | + | 1,1 | - | ||||||||||
| Den Haag Zuid (PD) | 65,8 | + | + | 32,6 | + | + | + | 29,3 | + | 36,2 | 1,5 | - | + | |||||||
| Laak | 76,7 | + | 42,6 | + | 35,9 | + | 35,8 | 1,3 | - | |||||||||||
| Beresteinlaan | 62,5 | + | 29,2 | + | 24,1 | 41,5 | + | 1,7 | ||||||||||||
| Zuiderpark | 70,6 | + | 37,1 | + | + | 34,0 | + | 32,2 | - | 1,3 | - | |||||||||
| Leidschenveen - Ypenburg | 49,8 | 17,9 | 20,2 | 37,6 | 2,0 | + | ||||||||||||||
| Zoetermeer - Leidschendam/Voorburg (PD) | 44,6 | 15,2 | 18,4 | 36,7 | 1,8 | |||||||||||||||
| Zoetermeer | 50,3 | 18,3 | 18,3 | 31,2 | 1,9 | |||||||||||||||
| Leidschendam – Voorburg | 41,2 | - | 16,1 | 21,1 | + | 39,0 | + | 1,6 | - | |||||||||||
| Wassenaar | 37,0 | - | 12,5 | 20,5 | 50,3 | + | 2,0 | + | ||||||||||||
| Pijnacker – Nootdorp | 40,1 | - | 8,0 | - | 13,8 | - | 39,7 | 1,9 | ||||||||||||
| Westland - Delft (PD) | 43,9 | 16,3 | + | 22,0 | + | 36,7 | 1,6 | - | ||||||||||||
| Rijswijk | 51,9 | + | + | 20,7 | + | + | 25,7 | + | 36,7 | 1,6 | - | |||||||||
| Westland | 40,0 | - | 9,1 | - | 16,6 | 37,3 | 2,0 | + | ||||||||||||
| Delft | 44,4 | 22,8 | + | + | + | 26,5 | + | 35,9 | 1,1 | - | ||||||||||
| Leiden - Bollenstreek (PD) | 43,3 | - | 14,8 | - | + | + | 21,6 | + | + | 37,2 | + | 1,5 | - | + | ||||||
| Hillegom-Lisse-Teylingen | 43,6 | 13,0 | - | 17,7 | + | 39,2 | + | 1,8 | + | |||||||||||
| Katwijk - Noordwijk | 46,1 | 11,5 | - | 19,0 | 38,9 | + | 1,8 | + | ||||||||||||
| Leiden-Noord | 38,2 | - | 16,0 | + | + | 21,2 | 35,5 | 1,4 | - | |||||||||||
| Leiden-Zuid | 38,3 | - | 13,7 | 22,8 | 32,1 | 1,3 | - | |||||||||||||
| Leiden-Midden | 52,5 | + | 23,6 | + | + | 31,9 | + | + | 41,2 | + | 1,1 | - | ||||||||
| Alphen aan den Rijn - Gouda (PD) | 46,1 | 13,6 | - | 16,8 | - | 34,2 | 1,8 | |||||||||||||
| Alpen aan den Rijn | 48,3 | 14,2 | - | + | 17,7 | 34,9 | 1,8 | |||||||||||||
| Kaag en Braassem | 40,7 | - | 13,6 | + | 16,7 | 35,6 | 1,9 | |||||||||||||
| Gouda | 47,7 | 17,7 | 19,9 | 31,7 | 1,8 | |||||||||||||||
| Waddinxveen / Zuidplas | 46,3 | 11,1 | - | 14,7 | - | 34,5 | 2,1 | + | ||||||||||||
| Krimpenerwaard | 43,4 | 8,0 | - | 12,3 | - | 35,5 | 1,7 | |||||||||||||
| Rotterdam (RE) | 55,7 | + | 21,7 | + | + | + | 23,3 | + | + | 34,1 | 1,7 | - | + | |||||||
| Rijnmond Noord (PD) | 55,8 | + | 23,1 | + | + | 24,1 | + | 36,7 | 1,7 | - | + | |||||||||
| Waterweg | 60,2 | + | 25,7 | + | 21,6 | 33,7 | 1,7 | |||||||||||||
| Schiedam | 60,2 | + | 24,6 | + | 29,7 | + | 44,5 | + | + | + | 1,4 | - | ||||||||
| Midden-Schieland | 48,6 | 19,7 | + | + | 23,0 | 34,5 | 1,8 | |||||||||||||
| Rotterdam Stad (PD) | 77,2 | + | 39,4 | + | + | 39,1 | + | + | 34,2 | 1,0 | - | |||||||||
| Delfshaven | 75,6 | + | 37,1 | + | 37,1 | + | 33,5 | 0,9 | - | |||||||||||
| Centrum | 80,0 | + | 43,5 | + | + | 42,8 | + | 35,5 | 1,1 | - | ||||||||||
| Rijnmond Oost (PD) | 54,9 | + | 24,7 | + | 27,6 | + | 31,9 | 1,4 | - | |||||||||||
| Maas-Rotte | 63,9 | + | 31,2 | + | 39,7 | + | 31,3 | 1,0 | - | |||||||||||
| IJsselland | 49,9 | 21,1 | + | 20,9 | 32,3 | 1,7 | - | |||||||||||||
| Rotterdam Zuid (PD) | 68,1 | + | 33,8 | + | 29,3 | + | 36,6 | 1,4 | - | |||||||||||
| Charlois | 69,9 | + | 30,6 | + | 32,7 | + | 43,5 | + | 1,3 | - | ||||||||||
| Feijenoord | 67,4 | + | 35,0 | + | 27,6 | + | 36,7 | 1,3 | - | |||||||||||
| IJsselmonde | 66,9 | + | 35,9 | + | 27,7 | + | 28,6 | - | 1,6 | |||||||||||
| Rijnmond Zuid-West (PD) | 49,8 | + | 14,9 | 17,4 | - | 32,2 | - | 2,1 | + | + | ||||||||||
| Haringvliet | 49,8 | 12,2 | - | 16,4 | - | 31,5 | - | 2,0 | + | |||||||||||
| Nissewaard | 52,4 | 16,3 | 17,0 | 35,2 | 2,2 | + | ||||||||||||||
| Oude Maas | 48,5 | 16,5 | 18,5 | 31,1 | - | 2,1 | + | |||||||||||||
| Zuid-Holland-Zuid (PD) | 49,7 | + | + | 14,3 | - | + | 18,1 | - | + | 34,2 | 1,9 | + | + | |||||||
| Hoeksche Waard | 42,6 | 9,8 | - | + | 13,1 | - | 34,9 | 2,1 | + | |||||||||||
| Drechtsteden-Buiten | 50,7 | + | + | 16,1 | + | 18,1 | - | 33,0 | - | 2,0 | + | + | ||||||||
| Drechtsteden-Binnen | 58,6 | + | + | 17,5 | 23,8 | + | 35,1 | 1,7 | - | |||||||||||
| Lek en Merwede | 43,7 | 11,6 | - | + | 15,7 | - | 34,4 | 1,8 | ||||||||||||
| Zeeland - West-Brabant (RE) | 46,8 | 15,9 | + | 17,6 | - | + | 31,8 | - | 2,0 | + | + | |||||||||
| Zeeland (PD) | 41,9 | - | 13,0 | - | 14,7 | - | + | 33,7 | 2,0 | + | + | + | ||||||||
| Walcheren | 43,8 | 14,6 | 17,1 | 32,7 | 1,8 | + | ||||||||||||||
| Zeeuws-Vlaanderen | 44,4 | 14,2 | + | 13,0 | - | 34,6 | 2,2 | + | + | |||||||||||
| Oosterscheldebekken | 38,3 | - | 10,6 | - | 13,9 | - | 33,9 | 1,9 | + | |||||||||||
| De Markiezaten (PD) | 51,4 | + | 18,9 | + | 17,9 | - | + | 27,3 | - | 2,3 | + | + | ||||||||
| Bergen op Zoom | 51,1 | + | 18,2 | 17,7 | - | 28,0 | - | 2,2 | + | |||||||||||
| Roosendaal | 51,6 | + | 19,4 | + | 18,1 | - | + | 26,8 | - | 2,3 | + | + | ||||||||
| De Baronie (PD) | 47,0 | 15,9 | + | 18,1 | 31,3 | - | 2,0 | + | ||||||||||||
| Weerijs | 45,7 | 16,1 | 17,9 | 32,8 | 2,0 | + | ||||||||||||||
| Markdal | 48,5 | 20,4 | 23,6 | 33,0 | 1,7 | |||||||||||||||
| Dongemond | 47,1 | 12,4 | - | 14,0 | - | 28,8 | - | 2,1 | + | |||||||||||
| Hart van Brabant (PD) | 47,3 | 16,1 | 19,2 | 33,8 | 2,0 | + | + | |||||||||||||
| Tilburg-Centrum | 58,2 | + | 28,8 | + | 27,0 | + | 27,9 | - | - | 1,3 | - | |||||||||
| Leijdal | 44,1 | 15,4 | 18,2 | 39,0 | 2,1 | + | ||||||||||||||
| Groene Beemden | 40,0 | - | 12,9 | 19,3 | 34,7 | 2,2 | + | |||||||||||||
| Langstraat | 46,9 | 9,0 | - | 13,9 | - | 33,6 | 2,2 | + | + | |||||||||||
| Oost-Brabant (RE) | 43,0 | - | 14,6 | - | + | 17,7 | - | + | 34,7 | 2,0 | + | |||||||||
| ’s Hertogenbosch (PD) | 43,0 | - | 14,1 | - | + | 16,8 | - | + | 34,3 | 2,0 | + | |||||||||
| ’s Hertogenbosch | 51,2 | + | 21,6 | + | 19,6 | 35,0 | 1,6 | - | ||||||||||||
| Meierij | 40,4 | - | 11,4 | - | 14,8 | - | 33,6 | 2,0 | + | |||||||||||
| Maasland | 41,9 | 12,8 | - | 18,2 | 33,8 | 2,2 | + | |||||||||||||
| Maas en Leijgraaf | 39,6 | - | 11,7 | - | 15,6 | - | 34,8 | 2,1 | + | |||||||||||
| Eindhoven (PD) | 44,8 | 16,2 | 20,2 | 35,6 | 1,8 | |||||||||||||||
| Eindhoven-Zuid | 46,2 | 18,3 | 24,0 | 35,6 | 1,5 | - | ||||||||||||||
| Eindhoven-Noord | 54,2 | + | 25,2 | + | 26,8 | + | + | 32,2 | 1,7 | |||||||||||
| De Kempen | 37,4 | - | 8,7 | - | 13,3 | - | 37,9 | 2,1 | + | |||||||||||
| Helmond (PD) | 40,8 | - | 13,4 | - | + | 16,3 | - | + | 34,6 | 2,2 | + | + | ||||||||
| Dommelstroom | 37,8 | - | 11,0 | - | 16,1 | - | 34,1 | 2,2 | + | + | ||||||||||
| Peelland | 42,9 | - | 15,1 | 16,5 | - | 35,0 | 2,1 | + | ||||||||||||
| Limburg (RE) | 49,3 | + | 17,5 | + | 17,6 | - | + | 31,6 | - | 2,3 | + | + | + | |||||||
| Noord en Midden Limburg (PD) | 43,6 | - | 15,4 | + | 15,1 | - | 33,7 | 2,3 | + | + | ||||||||||
| Venray / Gennep | 37,7 | - | 13,2 | - | 14,4 | - | 36,8 | 2,2 | + | |||||||||||
| Horst / Peel en Maas | 32,5 | - | 9,0 | - | 9,8 | - | 37,0 | 2,3 | + | |||||||||||
| Venlo / Beesel | 52,0 | + | 21,7 | + | + | 20,9 | 33,5 | - | 2,3 | + | ||||||||||
| Weert | 45,0 | 13,7 | 14,9 | - | 31,8 | 2,5 | + | |||||||||||||
| Roermond | 52,5 | 20,5 | 16,6 | 30,9 | 2,2 | + | + | |||||||||||||
| Echt | 41,5 | 13,7 | 12,5 | - | 31,5 | 2,6 | + | |||||||||||||
| Parkstad-Limburg (PD) | 59,5 | + | 21,7 | + | 20,3 | 28,0 | - | 2,4 | + | |||||||||||
| Brunssum / Landgraaf | 54,5 | + | 14,6 | 18,1 | 25,2 | - | 2,6 | + | + | |||||||||||
| Kerkrade | 66,0 | + | 29,6 | + | 23,1 | 32,7 | 2,4 | + | ||||||||||||
| Heerlen | 63,1 | + | 27,6 | + | 21,8 | 29,6 | 2,0 | + | ||||||||||||
| Zuid-West-Limburg (PD) | 50,4 | + | 17,7 | 19,5 | 31,0 | - | 2,1 | + | + | |||||||||||
| Heuvelland | 44,0 | 12,4 | 15,2 | 30,0 | 2,3 | + | ||||||||||||||
| Maastricht | 50,3 | + | 20,5 | + | 24,2 | + | 32,0 | - | 1,7 | - | ||||||||||
| Westelijke Mijnstreek | 54,5 | + | 18,4 | 17,8 | 30,7 | - | 2,4 | + | ||||||||||||
| 1) Significant hoger (+) of lager (-) dan het landelijke gemiddelde. 2) Significant hoger (+) of lager (-) dan in 2023. 3) Significant hoger (+) of lager (-) dan in 2021. 4) Ervaart veel overlast van ten minste één van de 17 onderscheiden overlastvormen. 5) Somscore van totaal aantal aanwezige preventieve voorzieningen in/rond woning (minimaal 0; maximaal 6). | ||||||||||||||||||||
Bijlage III
Tabel indicatoren 70-duizend-plus-gemeenten
Deze bijlage bevat een tabel met de uitkomsten voor de vijf belangrijkste kernindicatoren voor het jaar 2025 voor de 70-duizend-plus-gemeenten totaal en daarbinnen de G4, de G40 en de overige 70-duizend-plus-gemeenten, alsmede de 59 afzonderlijke 70-duizend-plus-gemeenten.
In de tabel is door middel van ‘+’ en ‘–’ weergegeven of de uitkomsten significant hoger of lager zijn dan het gemiddelde van de 70-duizend-plus-gemeenten, en hoger of lager zijn dan in 2023 en in 2021.
| Overlast in buurt | Onveiligheids- gevoelens in buurt | Slachofferschap traditionele criminaliteit | Functioneren politie in buurt | Preventieve voorzieningen woning | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| % veel overlast 4) | 1) | 2) | 3) | % weleens | 1) | 2) | 3) | % | 1) | 2) | 3) | % (zeer) tevreden | 1) | 2) | 3) | Somscore 5) | 1) | 2) | 3) | |
| 70.000+ gemeenten totaal | 51,7 | + | 21,4 | + | + | 24,7 | + | 34,9 | - | - | 1,6 | + | + | |||||||
| G4 | 59,7 | + | + | 27,7 | + | + | + | 32,4 | + | + | 36,5 | + | - | 1,3 | - | + | ||||
| G40 | 49,4 | - | 19,8 | - | + | + | 22,7 | - | + | 34,3 | - | 1,7 | + | + | ||||||
| Overige 70.000+ | 44,9 | - | 14,7 | - | + | + | 17,3 | - | + | 34,4 | - | 1,9 | + | + | ||||||
| Alkmaar | 54,7 | + | 15,0 | - | 20,6 | 32,8 | 1,4 | - | ||||||||||||
| Almelo | 51,3 | 17,1 | 19,5 | 32,2 | 2,1 | + | ||||||||||||||
| Almere | 51,5 | 22,8 | + | + | + | 22,7 | - | + | + | 34,3 | 2,1 | + | + | + | ||||||
| Alphen aan den Rijn | 48,3 | - | 14,2 | - | + | 17,7 | - | 34,9 | 1,8 | + | ||||||||||
| Amersfoort | 47,0 | 20,0 | + | 23,9 | 34,8 | 1,8 | ||||||||||||||
| Amstelveen | 33,5 | - | 14,5 | - | 22,2 | 38,8 | 2,0 | + | ||||||||||||
| Amsterdam | 59,6 | + | + | 26,3 | + | 35,8 | + | + | 36,2 | - | 1,1 | - | ||||||||
| Apeldoorn | 43,1 | - | 17,3 | 19,5 | - | 36,4 | 1,9 | + | ||||||||||||
| Arnhem | 50,3 | 22,3 | 26,3 | 35,4 | 1,6 | |||||||||||||||
| Assen | 51,5 | 18,9 | 17,2 | - | 31,0 | 1,8 | + | |||||||||||||
| Bergen op Zoom | 54,2 | 24,4 | 20,9 | - | 28,7 | - | 1,9 | + | ||||||||||||
| Breda | 51,3 | 19,6 | 22,7 | 30,7 | 1,8 | + | ||||||||||||||
| Delft | 44,4 | - | 22,8 | + | + | 26,5 | 35,9 | 1,1 | - | |||||||||||
| Deventer | 46,2 | 18,4 | 20,0 | 41,1 | + | 1,7 | ||||||||||||||
| Dijk en Waard | 43,0 | - | 11,9 | - | 18,6 | - | 33,7 | - | 1,9 | + | ||||||||||
| Dordrecht | 58,6 | + | + | 17,5 | - | 23,8 | 35,1 | 1,7 | ||||||||||||
| Ede | 43,5 | - | 15,1 | - | 17,3 | - | 38,3 | + | 1,8 | + | ||||||||||
| Eindhoven | 50,4 | 22,0 | 25,4 | 33,8 | 1,6 | |||||||||||||||
| Emmen | 48,1 | - | + | 18,2 | - | + | 17,5 | - | + | 31,0 | - | - | 2,2 | + | + | |||||
| Enschede | 53,1 | 22,5 | 25,3 | 35,3 | 1,8 | + | ||||||||||||||
| Gouda | 52,4 | 20,7 | 21,5 | 34,8 | 1,7 | |||||||||||||||
| Groningen | 41,7 | - | 22,9 | + | + | 29,4 | + | + | 35,4 | 1,2 | - | |||||||||
| Haarlem | 49,9 | 20,8 | + | + | 28,0 | + | + | 32,3 | - | 1,2 | - | |||||||||
| Haarlemmermeer | 45,0 | - | 16,1 | - | 18,6 | - | 32,9 | 2,1 | + | + | ||||||||||
| Heerlen | 63,1 | + | 27,6 | + | 21,8 | 29,6 | 2,0 | + | ||||||||||||
| Helmond | 53,8 | 20,5 | 19,6 | - | 32,7 | 2,0 | + | |||||||||||||
| Hengelo | 48,8 | 15,5 | - | 20,3 | - | 36,2 | 2,0 | + | + | |||||||||||
| Hilversum | 49,6 | 15,5 | - | 22,1 | 33,9 | 1,7 | ||||||||||||||
| Hoeksche Waard | 42,6 | - | 9,8 | - | + | 13,1 | - | 34,9 | 2,1 | + | ||||||||||
| Hoorn | 47,3 | 19,7 | 18,0 | - | 33,3 | 1,7 | ||||||||||||||
| Land van Cuijk | 39,4 | - | 12,5 | - | 14,1 | - | 32,9 | 2,1 | + | |||||||||||
| Leeuwarden | 46,3 | 20,7 | 18,0 | - | 30,7 | 1,5 | ||||||||||||||
| Leiden | 45,9 | - | 20,9 | + | 29,5 | + | + | + | 39,0 | + | 1,1 | - | ||||||||
| Leidschendam-Voorburg | 41,2 | - | 16,1 | - | 21,1 | - | + | 39,0 | + | 1,6 | ||||||||||
| Lelystad | 44,0 | - | 16,5 | 24,1 | 36,2 | 2,3 | + | + | + | |||||||||||
| Maastricht | 50,3 | 20,5 | 24,2 | 32,0 | - | 1,7 | + | |||||||||||||
| Meierijstad | 37,4 | - | 11,0 | - | 13,2 | - | 32,4 | 2,0 | + | |||||||||||
| Nijmegen | 44,3 | - | 19,6 | 25,0 | 35,4 | 1,4 | - | |||||||||||||
| Nissewaard | 52,4 | 16,3 | 17,0 | - | 35,2 | 2,2 | + | |||||||||||||
| Oss | 46,0 | 15,1 | - | 20,9 | 34,9 | 2,2 | + | |||||||||||||
| Purmerend | 42,8 | - | 18,7 | 15,9 | - | 31,3 | 2,0 | + | + | |||||||||||
| Roosendaal | 55,2 | + | 26,2 | + | 23,1 | 27,7 | - | 2,2 | + | |||||||||||
| Rotterdam | 64,6 | + | 31,0 | + | + | 31,0 | + | 33,2 | 1,4 | - | ||||||||||
| 's Gravenhage | 59,9 | + | 27,9 | + | + | + | 29,1 | + | + | 39,7 | + | 1,4 | - | + | ||||||
| 's Hertogenbosch | 51,2 | 21,6 | 19,6 | - | 35,0 | 1,6 | ||||||||||||||
| Schiedam | 60,2 | + | 24,6 | 29,7 | 44,5 | + | + | + | 1,4 | - | ||||||||||
| Sittard-Geleen | 55,7 | + | 19,7 | 20,3 | - | 29,9 | - | 2,3 | + | |||||||||||
| Súdwest Fryslân | 34,9 | - | 8,9 | - | 16,2 | - | 36,8 | 1,6 | ||||||||||||
| Tilburg | 52,7 | 21,9 | 23,7 | 33,3 | 1,8 | + | ||||||||||||||
| Utrecht | 50,7 | 24,9 | + | 31,2 | + | 38,3 | + | 1,3 | - | |||||||||||
| Veenendaal | 43,0 | - | 15,5 | - | 18,2 | - | 36,7 | 2,1 | + | |||||||||||
| Velsen | 55,2 | + | 18,2 | - | 19,8 | - | 34,0 | 1,7 | ||||||||||||
| Venlo | 52,7 | 22,3 | + | 21,9 | - | 33,2 | - | 2,2 | + | + | ||||||||||
| Vlaardingen | 61,2 | + | 29,2 | + | 23,2 | 34,1 | 1,7 | + | + | |||||||||||
| Voorne aan Zee | 49,1 | 12,2 | - | 17,6 | - | 31,4 | - | 2,0 | + | |||||||||||
| Westland | 40,5 | - | 8,5 | - | 16,5 | - | 38,2 | 2,1 | + | |||||||||||
| Zaanstad | 57,5 | + | 20,0 | 22,2 | - | 29,5 | - | 1,6 | ||||||||||||
| Zoetermeer | 50,3 | 18,3 | 18,3 | - | 31,2 | 1,9 | + | |||||||||||||
| Zwolle | 44,7 | - | 15,8 | - | 21,7 | 41,7 | + | 1,6 | ||||||||||||
| 1) Significant hoger (+) of lager (-) dan het gemiddelde van de 70.000+ gemeenten. 2)Significant hoger (+) of lager (-) dan in 2023. Deze vergelijking kon niet gemaakt worden voor Assen, Bergen op Zoom, Veenendaal en Velsen, aangezien deze gemeenten voorheen minder dan 70.000 inwoners hadden. 3)Significant hoger (+) of lager (-) dan in 2021. Deze vergelijking kon niet gemaakt worden voor Assen, Bergen op Zoom, Dijk en Waard, Land van Cuijk, Veenendaal, Velsen en Voorne aan Zee, aangezien deze gemeenten voorheen minder dan 70.000 inwoners hadden of in 2022 of 2023 een fusie ondergingen. 4)Ervaart veel overlast van ten minste één van de 17 onderscheiden overlastvormen. 5)Somscore van totaal aantal aanwezige preventieve voorzieningen in/rond woning (minimaal 0; maximaal 6). | ||||||||||||||||||||
Bijlage IV
Deze bijlage bevat een tabel waarin voor kernindicatoren uit de hoofdstukken 2 tot en met 8 de uitkomsten voor de jaren 2005 (of 2008) tot en met 2025 weergegeven worden. De weergave gebeurt enerzijds in schaalscores of percentages en anderzijds in indexcijfers.
| 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | 2011 | 2012 | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2019 | 2021 | 2023 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Leefbaarheid en overlast in woonbuurt | |||||||||||||||||
| Fysieke voorzieningen | 6,3 | 6,3 | 6,3 | 6,4 | 6,4 | 6,3 | 6,4 | 6,4 | 6,5 | 6,4 | 6,5 | 6,5 | 6,5 | 6,5 | |||
| Sociale cohesie1) | 6,3 | 6,2 | 6,3 | 6,3 | 6,3 | 6,3 | 6,4 | 6,4 | 6,3 | 6,4 | 6,3 | 6,4 | 6,3 | 6,4 | 6,6 | 6,5 | 6,5 |
| 1) Voor deze trend is gebruik gemaakt van de schaalscore van sociale cohesie gebaseerd op 4 stellingen. | |||||||||||||||||
| 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | 2011 | 2012 | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2019 | 2021 | 2023 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Veiligheidsbeleving | |||||||||||||||||
| Voelt zich weleens onveilig in buurt | 15,9 | 17,6 | 17,1 | 17,8 | 17,1 | 17,8 | 17,3 | 17,1 | 15,6 | 15,6 | 13,7 | 13,9 | 15,0 | 16,8 | |||
| Voelt zich weleens onveilig | 50,0 | 43,9 | 40,4 | 39,1 | 39,6 | 40,4 | 38,8 | 37,9 | 38,0 | 37,2 | 36,8 | 35,9 | 35,3 | 33,0 | 33,0 | 34,9 | 37,2 |
| Slachtofferschap traditionele criminaliteit | |||||||||||||||||
| Totaal | 41,9 | 39,7 | 37,6 | 32,5 | 33,5 | 31,7 | 31,1 | 30,3 | 30,1 | 28,8 | 26,9 | 26,5 | 23,2 | 20,9 | 17,1 | 19,9 | 20,0 |
| Geweldsdelicten | 8,8 | 7,8 | 8,1 | 7,1 | 7,4 | 7,3 | 6,9 | 7,0 | 6,5 | 6,2 | 5,9 | 6,3 | 5,7 | 5,3 | 5,2 | 6,4 | 6,7 |
| Vermogensdelicten | 26,2 | 25,0 | 22,5 | 18,3 | 18,5 | 17,4 | 17,9 | 17,8 | 18,5 | 17,5 | 16,4 | 15,5 | 13,5 | 11,6 | 9,0 | 10,8 | 10,7 |
| Vernielingen | 15,3 | 14,1 | 13,7 | 12,2 | 12,8 | 11,4 | 11,0 | 10,5 | 9,8 | 9,4 | 8,6 | 8,6 | 7,5 | 7,0 | 6,0 | 6,5 | 6,8 |
| Burgers en politie | |||||||||||||||||
| (Zeer) tevreden over politiecontact in eigen gemeente | 56,7 | 59,5 | 61,5 | 59,2 | 58,3 | 56,7 | 60,4 | 62,0 | 61,3 | 62,8 | 63,8 | 65,2 | 65,0 | 69,4 | 66,8 | 68,0 | 67,8 |
| (Zeer) tevreden over functioneren politie in buurt | 33,6 | 33,4 | 34,7 | 34,5 | 32,6 | 32,7 | 34,2 | 34,7 | 34,7 | 35,7 | 35,7 | 37,5 | 37,2 | 38,4 | 36,8 | 35,5 | 34,9 |
| 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | 2011 | 2012 | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2019 | 2021 | 2023 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Leefbaarheid en overlast in woonbuurt | |||||||||||||||||
| Fysieke voorzieningen | 100,0 | 100,6 | 101,2 | 102,8 | 101,5 | 101,1 | 102,0 | 102,0 | 103,1 | 102,2 | 103,5 | 103,9 | 104,3 | 103,7 | |||
| Sociale cohesie | 100,0 | 99,5 | 99,9 | 100,5 | 100,8 | 101,1 | 101,6 | 101,5 | 101,2 | 101,4 | 101,3 | 101,7 | 101,3 | 102,4 | 104,9 | 104,1 | 103,6 |
| Veiligheidsbeleving | |||||||||||||||||
| Voelt zich weleens onveilig in buurt | 100,0 | 110,3 | 107,2 | 111,6 | 107,5 | 112,0 | 108,6 | 107,6 | 97,8 | 97,9 | 85,8 | 87,4 | 94,5 | 105,8 | |||
| Voelt zich weleens onveilig | 100,0 | 87,8 | 80,8 | 78,2 | 79,2 | 80,8 | 77,5 | 75,8 | 76,0 | 74,3 | 73,6 | 71,8 | 70,5 | 65,9 | 66,0 | 69,7 | 74,4 |
| Slachtofferschap traditionele criminaliteit | |||||||||||||||||
| Totaal | 100,0 | 94,6 | 89,7 | 77,6 | 79,8 | 75,6 | 74,0 | 72,2 | 71,8 | 68,7 | 64,1 | 63,1 | 55,3 | 49,7 | 40,9 | 47,4 | 47,7 |
| Geweldsdelicten | 100,0 | 88,2 | 91,4 | 79,8 | 84,1 | 82,3 | 77,5 | 78,9 | 73,2 | 69,7 | 66,7 | 71,1 | 64,4 | 60,0 | 58,6 | 72,6 | 75,7 |
| Vermogensdelicten | 100,0 | 95,3 | 85,7 | 69,9 | 70,5 | 66,4 | 68,4 | 67,9 | 70,6 | 66,9 | 62,7 | 59,2 | 51,4 | 44,3 | 34,3 | 41,4 | 40,8 |
| Vernielingen | 100,0 | 92,5 | 89,8 | 80,0 | 83,7 | 74,4 | 72,1 | 68,9 | 64,1 | 61,2 | 56,1 | 56,3 | 49,1 | 45,8 | 39,4 | 42,2 | 44,2 |
| Burgers en politie | |||||||||||||||||
| (Zeer) tevreden over politiecontact in eigen gemeente | 100,0 | 105,0 | 108,6 | 104,4 | 102,8 | 100,1 | 106,6 | 109,4 | 108,2 | 110,9 | 112,6 | 115,0 | 114,8 | 122,5 | 117,9 | 120,0 | 119,6 |
| (Zeer) tevreden over functioneren politie in buurt | 100,0 | 99,3 | 103,2 | 102,7 | 97,0 | 97,2 | 101,7 | 103,1 | 103,2 | 106,3 | 106,3 | 111,4 | 110,7 | 114,1 | 109,4 | 105,6 | 103,8 |
Bijlage V
Deelnemende gemeenten en politie-eenheden Veiligheidsmonitor 2025
Deze bijlage bevat een lijst met gemeenten en politie-eenheden die in 2025 aan de Veiligheidsmonitor hebben deelgenomen, dat wil zeggen in aanvulling op de reguliere landelijk dekkende steekproef voor de eigen gemeente extra enquêtes hebben laten uitvoeren en/of extra vragen in de vragenlijst hebben laten opnemen. Een deel van de gemeenten heeft dit in samenwerkingsverband gedaan met andere gemeenten.
Afzonderlijke gemeenten:
Aa en Hunze
Almere
Alphen aan den Rijn
Ameland
Asten
Bergen
(Noord-Holland)
Best
Blaricum
Boekel
Borger-Odoorn
Bunschoten
Castricum
Coevorden
Cranendonck
Dalfsen
De
Wolden
Deurne
Dijk en
Waard
Doesburg
Echt-Susteren
Ede
Eemnes
Emmen
Ermelo
Geldrop-Mierlo
Gooise
Meren
Haarlem
Haarlemmermeer
Harderwijk
Heemskerk
Heemstede
Heerenveen
Heeze-Leende
Heiloo
Helmond
Hengelo
Heusden
Hillegom
Hoogeveen
Horst
aan de Maas
Kaag en Braassem
Kampen
Katwijk
Koggenland
Land van
Cuijk
Laren
Leiden
Leiderdorp
Leidschendam-Voorburg
Lingewaard
Lisse
Maastricht
Medemblik
Meppel
Midden-Delfland
Midden-Drenthe
Montfoort
Mook
en Middelaar
Noordenveld
Noordoostpolder
Noordwijk
Nuenen, Gerwen en
Nederwetten
Oegstgeest
Oisterwijk
Ooststellingwerf
Opmeer
Putten
Rheden
Rijswijk
Schagen
's-Gravenhage
Sittard-Geleen
Soest
Someren
Son
en Breugel
Stadskanaal
Staphorst
Stichtse
Vecht
Súdwest-Fryslân
Teylingen
Tynaarlo
Tytsjerksteradiel
Uitgeest
Utrecht
Utrechtse
Heuvelrug
Valkenswaard
Veldhoven
Velsen
Venlo
Venray
Waalwijk
Waddinxveen
Wageningen
West
Betuwe
Zaanstad
Zandvoort
Zeewolde
Zevenaar
Zoeterwoude
Zuidplas
Zundert
Samenwerkingsverbanden:
Collectief Noord-Beveland – Zeeuwse gemeenten (12 gemeenten)
Borsele
Goes
Hulst
Kapelle
Middelburg
Noord-Beveland
Reimerswaal
Schouwen-Duiveland
Sluis
Terneuzen
Veere
Vlissingen
Collectief Hilversum (2 gemeenten)
Hilversum
Wijdemeren
Datalab Gelderland Oost (9 gemeenten)
Aalten
Berkelland
Bronckhorst
Doetinchem
Lochem
Montferland
Oost
Gelre
Oude IJsselstreek
Winterswijk
Collectief Roosendaal - District de Markiezaten (8 gemeenten)
Bergen op
Zoom
Halderberge
Moerdijk
Roosendaal
Rucphen
Steenbergen
Tholen
Woensdrecht
Onderzoekscentrum Drechtsteden (7 gemeenten)
Alblasserdam
Dordrecht
Hardinxveld-Giessendam
Hendrik-Ido-Ambacht
Papendrecht
Sliedrecht
Zwijndrecht
VeiligheidsAlliantie regio Rotterdam (13 gemeenten)
Albrandswaard
Barendrecht
Capelle aan den IJssel
Goeree-Overflakkee
Gorinchem
Hoeksche
Waard
Krimpen aan den
IJssel
Lansingerland
Maassluis
Molenlanden
Ridderkerk
Vlaardingen
Voorne aan Zee
Amsterdam (6 gemeenten)
Aalsmeer
Amstelveen
Amsterdam
Diemen
Ouder-Amstel
Uithoorn
Politie-eenheden:
Veiligheidsregio Hollands Midden
Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond
Onderzoeksbeschrijving
In deze onderzoeksbeschrijving worden de opzet en uitvoering van de Veiligheidsmonitor 2025 beschreven. Achtereenvolgens komen aan de orde:
- Veldwerk
- Respons
- Vragenlijst
- Trends
- Weging
- Betrouwbaarheidsmarges
- Veiligheidsmonitor en corona
Voor geïnteresseerden zijn separate notities over het veldwerk, het steekproefontwerp en de weging van de Veiligheidsmonitor 2025 op aanvraag beschikbaar.
Veldwerk
Het onderzoeksontwerp van de Veiligheidsmonitor heeft als uitgangspunt dat bij elke editie minimaal 65 duizend personen aan het onderzoek meedoen. Dit aantal is vereist om ook op laagregionaal niveau betrouwbare uitspraken te kunnen doen. Het streven is om voor elk politiedistrict minimaal 750 responsen te behalen en voor elk basisteam van politie en voor elke 70-duizend-plus-gemeente minimaal 300 responsen. Het veldwerk voor dit ‘vaste’ deel gebeurt gezamenlijk door het CBS en onderzoeksbureau Ipsos I&O Publiek.
Daarnaast kunnen lokale partijen zoals gemeenten, samenwerkingsverbanden van gemeenten, of politie-eenheden de steekproef voor hun eigen gebied laten vergroten (dit heet ‘lokale oversampling’) om op nog lager regionaal niveau (denk bijvoorbeeld aan wijken of buurten) betrouwbare onderzoeksresultaten te verkrijgen. Deze lokale oversampling gebeurt door Ipsos I&O Publiek.
Het veldwerk van zowel het CBS als Ipsos I&O Publiek startte in 2025 vanaf 23 juli en eindigde op 10 oktober. Bij de uitvoering ervan is uitsluitend gebruikgemaakt van internetwaarneming. De steekproefpersonen ontvingen bij aanvang van de veldwerkperiode een aanschrijfbrief met daarin het verzoek om via internet deel te nemen aan het onderzoek, en de bijbehorende inloggegevens. Drie weken na de aanschrijfbrief is aan steekproefpersonen een eerste rappelbrief verstuurd met daarin opnieuw het verzoek om viainternet deel te nemen aan het onderzoek. Deze brief is alleen verstuurd aan steekproefpersonen waarvan geen respons is ontvangen. Drie weken daarna is een tweede rappelbrief verstuurd aan de steekproefpersonen die op dat moment de internetvragenlijst nog niet hadden ingevuld. Om de respons te verhogen is er volgens CBS-beleid gebruikgemaakt van een incentive (kans om bij deelname een Apple Watch of cadeaubonnen te winnen). De steekproef is uitgezet in drie porties. Dit in verband met risicospreiding, bijvoorbeeld door eventuele problemen met de postbezorging en/of servers die niet goed werken.
Respons
In 2025 werden 615 duizend personen voor deelname aan de Veiligheidsmonitor benaderd (de zogenoemde uitzet). In totaal hebben 205 duizend personen meegedaan, waarvan 70 duizend in het vaste deel en 135 duizend in de lokale oversampling. Het landelijke responspercentage bedroeg daarmee 33,4 procent. De responspercentages lopen uiteen van 24,5 procent in de regionale eenheid Amsterdam tot 37,8 procent in Oost-Brabant.
In alle 43 politiedistricten is het doel van 750 responsen voor het vaste deel gehaald. Het doel voor de basisteams en voor de 70-duizend-plus gemeenten bedroeg 300 responsen. In 149 van de 166 basisteams is dit behaald, en in 56 van de 59 70-duizend-plus gemeenten. De lokale oversampling is hierin niet meegenomen.
| Uitzet | Respons | ||
|---|---|---|---|
| % | |||
| Regionale eenheid | |||
| Noord-Nederland | 56810 | 19860 | 35,0 |
| Oost-Nederland | 85863 | 31856 | 37,1 |
| Midden-Nederland | 93350 | 29299 | 31,4 |
| Noord-Holland | 65747 | 21909 | 33,3 |
| Amsterdam | 25428 | 6228 | 24,5 |
| Den Haag | 92571 | 28407 | 30,7 |
| Rotterdam | 57472 | 18289 | 31,8 |
| Zeeland - West-Brabant | 42953 | 14843 | 34,6 |
| Oost-Brabant | 47630 | 18014 | 37,8 |
| Limburg | 47016 | 16412 | 34,9 |
| Nederland totaal | 614840 | 205117 | 33,4 |
Vragenlijst
De vragenlijst van de Veiligheidsmonitor is modulair opgebouwd en bevat de volgende vraagblokken:
- Leefbaarheid woonbuurt
- Beleving overlast in de buurt
- Veiligheidsbeleving
- Slachtofferschap van criminaliteit (zowel traditioneel als online)
- Tevredenheid politiecontact
- Oordeel functioneren politie in de buurt
- Oordeel functioneren politie algemeen
- Oordeel functioneren gemeente
- Controle door politie
- Preventie
- Respectloos gedrag
- Verdachte situaties
- Achtergrondkenmerken
Voor partijen die gebruikmaken van lokale oversampling is aan het eind van de vragenlijst enige vrije ruimte beschikbaar voor eigen vragen passend binnen de thematiek van de Veiligheidsmonitor.
Aanpassingen in vragenlijst 2025
De vragenlijst van de Veiligheidsmonitor 2025 is niet of nauwelijks veranderd ten opzichte van die van 2021 en 2023, waardoor de cijfers van 2025 goed vergelijkbaar zijn met die van twee en vier jaar eerder.
Op verzoek van en in overleg met de betrokken partijen bij de Veiligheidsmonitor zijn er wel enkele vragen toegevoegd. Allereerst het vragenblok over verdachte situaties waarin gevraagd is naar de ervaringen van mensen hiermee in hun woonbuurt. Zijn bepaalde verdachte situaties of problemen in hun buurt voorgekomen in de afgelopen twaalf maanden? Of hebben zij hier een vermoeden van? Hebben zij hiervan melding gedaan bij een instantie? En wat zijn redenen om geen melding te doen?
Verder zijn er in het blok over online criminaliteit enkele kleine wijzigingen doorgevoerd in de vragen naar de melding van online delicten. Zo is er bijvoorbeeld bij aankoopfraude, phishing en fraude in het betalingsverkeer toegevoegd of de fraude/oplichting gemeld is bij de bank of creditcardmaatschappij.
Tot slot zijn de vragen naar genderidentiteit en intersekse verbeterd op basis van de inzichten die de uitvraag in 2023 hebben opgeleverd. Deze persoonskenmerken kunnen een rol spelen bij het risico om slachtoffer te worden van een delict, maar kunnen ook van invloed zijn op onveiligheidsgevoelens en het ervaren van respectloos gedrag en discriminatie. Door de grote steekproefomvang is de Veiligheidsmonitor uitermate geschikt om hier meer zicht op te krijgen.
Trends
De Veiligheidsmonitor wordt sinds 2005 jaarlijks en vanaf 2017 tweejaarlijks gehouden. Nadat in 2012 voor de laatste keer een revisie van het onderzoek had plaatsgevonden, achtten het ministerie van Justitie en Veiligheid, het CBS en de partners (gemeenten, politie, WODC) het noodzakelijk om de opzet en inhoud van de Veiligheidsmonitor in 2021 opnieuw tegen het licht te houden. Het onderzoeksterrein is immers continu in beweging: nieuwe vormen van criminaliteit ontstaan en ontwikkelen zich steeds sneller (denk aan online criminaliteit) en in het verlengde daarvan verandert ook de behoefte aan informatie vanuit bestuur en beleid.
Concreet betekent dit dat de vragenlijst van de Veiligheidsmonitor in 2021 grondig is herzien. Zo is er meer aandacht voor discriminatie, een onderwerp dat breed in de maatschappelijke belangstelling staat. Een verandering in de wijze waarop de gegevens worden verzameld, is dat het onderzoek in 2021 voor het eerst uitsluitend als internetenquête is uitgevoerd. Papieren vragenlijsten zijn vanaf toen niet meer gebruikt.
Onvermijdelijk gevolg van dit herontwerp is dat de uitkomsten vanaf de Veiligheidsmonitor 2021 niet meer 1-op-1 vergelijkbaar zijn met die van eerdere edities. Om de continuïteit van de belangrijkste indicatoren op het gebied van veiligheid en criminaliteit zo goed mogelijk te waarborgen, is in 2021 de Veiligheidsmonitor met het oude ontwerp en de oude vragenlijst van 2019 (en eerder) parallel uitgevoerd aan de nieuwe, herontworpen Veiligheidsmonitor 2021.
Door de parallelle uitvoering van de twee ontwerpen was het mogelijk om de verschillen te kwantificeren, en daarmee correcties toe te passen op de oude VM-cijfers om ze naar het nieuwe VM-niveau te brengen. Op die manier zijn voor een aantal belangrijke indicatoren de uitkomsten van de oude VM-edities vergelijkbaar gemaakt met die vanaf de VM 2021, waardoor langere trends en ontwikkelingen in beeld kunnen worden gebracht. Voor de overige indicatoren geldt dat er een nieuwe reeks is gestart vanaf 2021. Voor deze indicatoren is uitsluitend een vergelijking tussen 2021, 2023 en 2025 mogelijk.
Weging
De weging van de Veiligheidsmonitor 2025 is grotendeels vergelijkbaar met die van de vorige jaren en houdt rekening met geografische, demografische en sociaaleconomische kenmerken. De weging is aangepast aan de lokale oversampling.
Aandachtspunten
Ervaringen in de afgelopen twaalf maanden
In de Veiligheidsmonitor wordt voor verschillende onderwerpen nagegaan in hoeverre dit is voorgekomen in de afgelopen twaalf maanden, bijvoorbeeld slachtofferschap van verschillende delictsvormen, discriminatie, en verdachte situaties in de buurt. Gezien het veldwerk in 2025 liep van eind juli tot half oktober, heeft de afgelopen twaalf maanden betrekking op de periode eind juli/half oktober 2024 tot eind juli/half oktober 2025.
Betrouwbaarheidsintervallen en marges
Het onderzoek Veiligheidsmonitor is een steekproefonderzoek. Dit betekent dat de weergegeven cijfers schattingen vertegenwoordigen met een bepaalde mate van onzekerheid, die wordt weergegeven door een onder- en bovengrens. Deze grenzen zijn berekend met een betrouwbaarheidsinterval van 95 procent: bij dit betrouwbaarheidsniveau is de kans waarmee in een nieuwe steekproef de berekende onder- en bovengrens de echte waarde includeert ten minste 95 procent. Deze onder- en bovengrens vormen de zogenaamde marges van het betrouwbaarheidsinterval en zijn bij de uitkomsten te vinden op StatLine (CBS databank).
Bij de Veiligheidsmonitor is in het algemeen sprake van kleine betrouwbaarheidsintervallen. Dit komt door het grote aantal waarnemingen. In 2025 hebben in totaal ruim 200 duizend personen aan het onderzoek meegedaan. Om een idee te geven: bij een geschatte waarde van 50 procent liggen de onder- en bovengrens respectievelijk 0,22 procentpunt onder en boven de puntschatting. Op het niveau van de regionale eenheden, districten, basisteams, en 70-duizend-plus-gemeenten zijn de betrouwbaarheidsintervallen groter, door het lagere aantal waarnemingen dat voor deze schattingen beschikbaar is.
Veiligheidsmonitor en corona
De cijfers over slachtofferschap van criminaliteit in de Veiligheidsmonitor hebben betrekking op de periode van twaalf maanden voorafgaand aan het onderzoek. Het onderzoek vond in 2021 en 2023 plaats in de periode augustus-oktober. In 2025 is het veldwerk twee weken vervroegd, en liep het van 23 juli tot en met 10 oktober.
De slachtoffercijfers van de VM 2021 hebben dus betrekking op de periode augustus-oktober 2020 tot augustus-oktober 2021. Er golden toen nog door de overheid aan burgers in het kader van de coronapandemie opgelegde beperkingen en bijbehorende maatregelen, zoals invoering van een avondklok en lockdowns. Pas vanaf medio 2021 liepen de besmettingen terug en ging de samenleving voorzichtig weer open.
Het ligt voor de hand dat deze beperkingen en maatregelen invloed hebben gehad op de kans om slachtoffer te worden van bepaalde vormen van criminaliteit. Wanneer mensen meer aan huis gekluisterd zijn, verkleint dat bijvoorbeeld het risico op slachtofferschap van gewelds- en vermogensdelicten in de openbare ruimte, zoals mishandeling of bedreiging op straat, zakkenrollerij of straatroof. Politiecijfers laten dit zien: de aantallen geregistreerde misdrijven op deze terreinen waren in 2021 fors lager dan de aantallen van voor de coronaperiode (zie StatLine).
In 2023 en 2025 is het corona-effect op de prevalentie van slachtofferschap afwezig. Hiermee dient bij de interpretatie van de ontwikkelingen in slachtofferschap van criminaliteit tussen 2021 en 2025 rekening te worden gehouden. Ook bij de tijdsvergelijking van cijfers over andere thema's zoals veiligheidsbeleving en het ervaren van overlast moet met dit corona-effect rekening worden gehouden.
Recente publicaties op basis van de Veiligheidsmonitor
Hieronder volgt een overzicht van CBS-publicaties sinds het verschijnen van de Veiligheidsmonitor 2023 die geheel of gedeeltelijk gebaseerd zijn op VM-onderzoeksresultaten.
CBS (2025). Leven in armoede 2025. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2025). Bijna helft jonge vrouwen loopt of rijdt weleens om voor eigen veiligheid. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2025). 65-plussers vertrouwen huissleutel vaker toe aan buren tijdens vakantie. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2025). Monitor Brede Welvaart en SDG’s 2025. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2025). Regionale Monitor Brede Welvaart. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2025). Online Veiligheid en Criminaliteit 2024. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Criminaliteit en Recht. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Monitor Brede Welvaart & de Sustainable Development Goals 2024. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Jaarrapport 2024 Landelijke Jeugdmonitor; Criminaliteit. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Emancipatiemonitor 2024; Sociaal veilig leven. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Nederland in cijfers. Hoeveel mensen hebben last van hondenpoep in hun buurt? Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Bewoners platteland vinden buurt gezelliger dan stedelingen. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). 6 op de 10 mensen hebben last van hondenpoep in hun buurt. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). 225 duizend Nederlanders slachtoffer van stalken in 2023. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). 1 op de 10 mensen voelde zich gediscrimineerd in 2023. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Ervaren discriminatie in Nederland. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Schade criminaliteit tegen burgers in 2023 hoger dan twee jaar eerder. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Schade van criminaliteit tegen burgers: 2023 versus 2021. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). 1 op 10 LHBTQIA personen slachtoffer van geweld. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Slachtofferschap en veiligheidsbeleving LHBTQIA personen. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Nederland telt 2,7 miljoen LHBTQIA personen. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Hoeveel LHBTQIA personen telt Nederland? Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Mensen met herkomst buiten Nederlander vaker gecontroleerd door politie. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Weer meer traditionele criminaliteit. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
CBS (2024). Veiligheidsmonitor 2023. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
Meer cijfers
Deze publicatie bevat een selectie van de belangrijkste uitkomsten van de Veiligheidsmonitor 2025. Cijfers over meer onderzoeksitems, en dan met name uitgesplitst naar regio’s (landsdelen, provincies, regionale eenheden van de politie, politiedistricten, basisteams van de politie en 70-duizend-plus-gemeenten) en persoonskenmerken (geslacht, leeftijd, onderwijsniveau, seksuele oriëntatie, inkomen, financiële welvaart, herkomst, stedelijkheid woongemeente) zijn te vinden in onderstaande StatLinetabellen. De eerste twee bevatten kerncijfers over alle thema’s van de Veiligheidsmonitor. De andere bevatten gedetailleerdere cijfers over traditionele en online criminaliteit.
- Veiligheidsmonitor; kerncijfers; regio
- Veiligheidsmonitor; kerncijfers; persoonskenmerken
- Slachtofferschap traditionele criminaliteit; regio
- Slachtofferschap traditionele criminaliteit; persoonskenmerken
- Ondervonden delicten traditionele criminaliteit; regio
- Ondervonden delicten traditionele criminaliteit; persoonskenmerken
- Slachtofferschap online criminaliteit; regio
- Slachtofferschap online criminaliteit; persoonskenmerken
Deelnemers aan de Veiligheidsmonitor kunnen bovendien gebruik maken van de databank waarin meer cijfermateriaal beschikbaar is.