Werkloosheid vrijwel onveranderd

Een maatlijdbezorgster bij haar fiets
© Hollandse Hoogte / Peter Hilz
Het aantal mensen met betaald werk nam in de afgelopen drie maanden met gemiddeld 12 duizend per maand toe en bedroeg in november 9,0 miljoen personen. Het aantal werklozen steeg in de afgelopen drie maanden licht met gemiddeld 1 duizend per maand naar 324 duizend in november. Net als in oktober was 3,5 procent van de beroepsbevolking van 15 tot 75 jaar werkloos. Zij hadden geen betaald werk en gaven aan recent naar werk te hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar te zijn. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers. UWV registreerde eind november 228 duizend lopende WW-uitkeringen.

4,1 miljoen mensen hadden in november 2019 om uiteenlopende redenen geen betaald werk. Naast werklozen ging het om 3,7 miljoen mensen die niet recent hebben gezocht en/of niet direct voor werk beschikbaar waren. Zij worden niet tot de beroepsbevolking gerekend. Hun aantal is in de laatste drie maanden met gemiddeld 4 duizend per maand afgenomen.

Werkloosheidsindicator

Om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt in verschillende landen te kunnen vergelijken, wordt vaak gebruikgemaakt van de werkloosheidsindicator van de International Labour Organization (ILO). Volgens deze indicator worden mensen van 15 tot 75 jaar zonder betaald werk die hier recent naar hebben gezocht en direct beschikbaar zijn met ‘werkloos’ aangeduid. In
november waren er 324 duizend werklozen. Hiermee was 3,5 procent van de beroepsbevolking werkloos.

Werkloosheid en WW-uitkeringen (x 1 000)
JaarMaandWerkloosheidsindicator (ILO)
(15 tot 75 jaar, seizoengecorrigeerd)
WW-uitkeringen (15 jaar tot AOW-leeftijd)
2011januari430284
februari425280
maart413270
april411261
mei414256
juni409252
juli425254
augustus427256
september442252
oktober458253
november474258
december473270
2012januari486292
februari482299
maart487296
april502292
mei501291
juni502291
juli518298
augustus517304
september530304
oktober539310
november554322
december572340
2013januari589369
februari601377
maart619380
april625380
mei632378
juni648382
juli666395
augustus670399
september675400
oktober680408
november677419
december687438
2014januari691460
februari699460
maart692454
april684443
mei672436
juni656431
juli648437
augustus637430
september630420
oktober632419
november635425
december643441
2015januari645458
februari633455
maart626443
april625427
mei617416
juni611410
juli603420
augustus604420
september609417
oktober616421
november596427
december588446
2016januari574465
februari581469
maart574470
april572461
mei560448
juni550438
juli541432
augustus521427
september510424
oktober502420
november499410
december482412
2017januari480419
februari473416
maart463415
april456401
mei456386
juni446372
juli436364
augustus426362
september422351
oktober404343
november397337
december395330
2018januari380335
februari367330
maart357327
april355314
mei352301
juni354288
juli348279
augustus353278
september343274
oktober337269
november326267
december329263
2019januari329279
februari312274
maart307268
april300257
mei302251
juni313243
juli313234
augustus321237
september323233
oktober323233
november324228

UWV: WW daalt in november naar 228 duizend uitkeringen

UWV registreerde 228 duizend lopende WW-uitkeringen eind november 2019. Dat is 2,5 procent minder dan vorige maand. Vergeleken met een jaar eerder ligt het aantal WW-uitkeringen 14,6 procent lager. In alle sectoren ligt het aantal WW-uitkeringen in november 2019 lager dan een jaar eerder. Het bank- en verzekeringswezen heeft in deze periode de grootste afname (-29 procent), gevolgd door de bouw (-25 procent) en de landbouw, groenvoorziening en visserij (-24 procent).

UWV: Flinke afname langdurige uitkeringen

Steeds minder mensen ontvangen twee jaar of langer een WW-uitkering. In november 2019 had 6 procent van de lopende WW-uitkeringen een verstreken duur van twee jaar of langer. Een jaar eerder ging het nog om 12 procent. Deze daling hangt samen met wetswijzigingen in de opbouw van WW-rechten en de maximale duur van de WW-uitkering.

Werkloosheid daalt alleen nog onder 45-plussers

Het werkloosheidspercentage is sinds september onveranderd. Wel zijn er verschillen per leeftijdsgroep. Bij 45-plussers daalt de werkloosheid nog. In november ging het om 2,5 procent van de 45-plussers. Onder jongeren stijgt de werkloosheid alweer enige tijd: in april van 2019 was 6,2 procent van de jonge beroepsbevolking werkloos. In november was dat toegenomen tot 7,3 procent. Ook de werkloosheid onder 25- tot 45-jarigen steeg in die periode: van 2,6 naar 3,0 procent.

Qua omvang zijn de drie genoemde leeftijdsgroepen werklozen vergelijkbaar. In november ging het om 102 duizend 45-plussers, 112 duizend 25- tot 45-jarigen en 110 duizend jongeren tot 25 jaar.

Werkloosheid, seizoengecorrigeerd (% van beroepsbevolking in elke leeftijdsgroep)
   15 tot 25 jaar25 tot 45 jaar45 tot 75 jaar
2013januari12,55,75,3
februari12,55,85,5
maart12,66,05,7
april12,76,15,8
mei12,66,25,9
juni13,06,36,0
juli13,66,56,1
augustus13,56,66,2
september13,96,66,2
oktober13,86,66,3
november13,86,56,3
december13,76,76,5
2014januari13,56,86,6
februari13,86,96,6
maart13,66,86,7
april13,26,76,8
mei13,06,56,7
juni12,86,36,6
juli12,86,16,6
augustus12,46,06,5
september12,05,96,5
oktober12,06,06,5
november11,96,06,5
december11,86,06,7
2015januari11,76,16,7
februari11,06,16,7
maart10,85,96,7
april10,95,96,6
mei11,15,76,5
juni11,15,56,6
juli11,35,46,4
augustus11,25,46,4
september11,55,46,5
oktober11,65,46,6
november11,25,26,5
december11,25,16,4
2016januari11,24,96,2
februari11,35,06,2
maart11,44,96,1
april11,24,86,1
mei11,14,66,0
juni10,84,75,9
juli10,84,75,6
augustus10,64,55,3
september10,54,55,1
oktober10,54,35,1
november10,34,35,1
december10,24,14,9
2017januari9,84,14,8
februari9,74,04,9
maart9,63,84,8
april9,53,74,7
mei9,03,94,8
juni8,93,74,7
juli8,83,84,4
augustus8,93,74,1
september8,53,74,2
oktober7,93,54,1
november7,83,53,9
december8,03,34,0
2018januari7,43,23,9
februari7,23,03,8
maart7,02,93,8
april6,92,93,7
mei6,92,83,7
juni7,22,73,8
juli7,32,63,7
augustus7,72,63,6
september7,52,63,5
oktober7,22,63,3
november6,92,63,2
december6,62,73,3
2019januari6,52,73,3
februari6,42,63,0
maart6,42,62,9
april6,22,62,8
mei6,32,62,7
juni6,52,82,8
juli6,72,82,7
augustus6,92,92,7
september7,22,92,7
oktober7,32,92,6
november7,33,02,5

Onbenut arbeidspotentieel

Het CBS publiceert maandelijks over de omvang van de werkzame beroepsbevolking en de niet-werkzame bevolking, waarbij de laatste groep wordt uitgesplitst naar de werkloze beroepsbevolking en de niet-beroepsbevolking (allemaal volgens ILO-definitie).

Met de werkloze beroepsbevolking wordt echter niet het totale onbenut arbeidspotentieel beschreven. Behalve werklozen behoren hiertoe nog andere groepen. Het gaat ook om mensen die óf recent gezocht hebben naar werk óf direct beschikbaar zijn voor werk. Deze mensen worden gerekend tot het onbenut arbeidspotentieel, maar vallen buiten de werkloosheidsdefinitie. Ook deeltijders die meer uren willen werken en hiervoor direct beschikbaar zijn, behoren tot het onbenut arbeidspotentieel.

De grootte en samenstelling van deze groepen worden alleen per kwartaal gepubliceerd. Het totaalbeeld dat de onderstaande figuur weergeeft is gebaseerd op de meest recente kwartaalcijfers (derde kwartaal 2019). Het totale onbenut arbeidspotentieel bestond in het derde kwartaal van 2019 uit 1,0 miljoen mensen, 120 duizend minder dan een jaar eerder. De ontwikkeling van het totale onbenut arbeidspotentieel hangt sterk samen met de ontwikkeling van de werkloosheid.

Beroepsbevolking van 15 tot 75 jaar Niet-beroepsbevolking Niet gezocht en niet beschikbaar Wil en/of kan niet werken Wil wel werken Gezocht en niet beschikbaar Beschikbaar en niet gezocht Vanwege weinig resultaat Vanwege andere reden Beroepsbevolking Werkloos (ILO-definitie) Werkzaam Deeltijd Wil meer uren werken, beschikbaar Voltijd

Het CBS publiceert maandelijks volgens de internationale richtlijnen over de beroepsbevolking. De bijbehorende indicatoren, de werkzame en werkloze beroepsbevolking, worden wereldwijd gebruikt om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt te beschrijven. Daarbij zijn maandcijfers essentieel. Daarnaast publiceert het UWV maandelijks over het aantal WW-uitkeringen. Deze UWV-cijfers over uitkeringen zijn niet één-op-één vergelijkbaar met de indicatoren over de beroepsbevolking.