Meer verpleegkundigen afgestudeerd

12-5-2018 00:00
In 2016/’17 haalden 9,4 duizend mbo’ers en hbo’ers een diploma verpleegkunde. Dat waren er ruim anderhalf keer zo veel als tien jaar eerder. Het jaarlijks aantal afgestudeerden is sinds 2012/’13 sterk toegenomen. Eind 2016 waren 8 op de 10 van de in 2005/’06 gediplomeerden werkzaam als geregistreerd verpleegkundige. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.
Verpleegkundigen worden op het mbo (niveau 4) en op het hbo opgeleid. Elk jaar halen iets meer mbo’ers dan hbo’ers een diploma verpleegkunde. In 2016/’17 was de verhouding 56 procent mbo en 44 procent hbo. Tien jaar eerder was dit 60 procent en 40 procent. Vrouwelijke verpleegkundigen zijn op beide onderwijsniveaus veruit in de meerderheid.

Opleiding relatief vaak gecombineerd met werk

Toekomstige verpleegkundigen volgen vaker dan andere mbo-4- en hbo-studenten de opleiding naast hun werk (een duale opleiding). Van de in 2016/’17 gediplomeerde mbo’ers verpleegkunde heeft 44 procent dit duaal gedaan (de beroepsbegeleidende leerweg), bij de overige gediplomeerde mbo’ers was dit 10 procent. Van de in 2016/’17 gediplomeerde hbo-verpleegkundigen had 22 procent de duale opleiding gevolgd, bij andere studierichtingen was dit gemiddeld 2 procent. In eerdere jaren was het aandeel gediplomeerden dat een duale opleiding verpleegkunde had gevolgd hoger. De duale verpleegkundestudenten mbo en hbo zijn bij het afstuderen met 30 jaar gemiddeld ouder dan de voltijdsstudenten, die op het mbo gemiddeld 21 jaar en op het hbo 23 jaar zijn. Dit geldt voor alle diplomajaren.

8 op 10 gediplomeerden ook na tien jaar werkzaam als verpleegkundige

Een verpleegkundige moet om zijn of haar beroep uit te kunnen oefenen in het register Beroepen in de Gezondheidszorg (BIG) geregistreerd staan als verpleegkundige. Eens in de vijf jaar vindt herregistratie plaats, waarbij gekeken wordt of de afgelopen jaren genoeg werkervaring is opgedaan. Van de verpleegkundigen die in 2005/’06 afstudeerden, was 83 procent in 2016 in het BIG geregistreerd én eind 2016 ook werkzaam als verpleegkundige. Dit geldt zowel voor de mbo- als voor de hbo-gediplomeerden. Voor later gediplomeerden liggen deze percentages hoger. Zo is 93 procent van de hbo-gediplomeerden uit 2015/’16 eind 2016 in het BIG geregistreerd én als verpleegkundige werkzaam, voor de mbo’ers uit dat diplomajaar is dat 88 procent.

Recent afgestudeerden vaker in verpleging, verzorging en thuiszorg

De sector verpleging, verzorging en thuiszorg is vooral bij de recent gediplomeerden populair. Van de BIG-geregistreerde en werkzame verpleegkundigen die in 2015/’16 afstudeerden, werkte eind 2016 40 procent in deze sector, tegen 22 procent van de gediplomeerden van 2005/’06. Ook zijn het vooral mbo-gediplomeerden die in de verpleging, verzorging en thuiszorg werken. Van de lichting 2015/’16 werkte de helft van de mbo’ers eind 2016 in deze sector en van de oudere lichting ruim een kwart. Bij de hbo’ers is het verschil tussen de diplomalichtingen kleiner (28 procent en 18 procent).

Het aandeel gediplomeerden dat eind 2016 in een ziekenhuis werkte verschilt niet veel tussen de diplomalichtingen 2005/’06 en 2015/’16: 45 en 40 procent. Wel is er een verschuiving tussen de mbo- en hbo-opgeleiden, waarbij hbo-afgestudeerden uit 2015/’16 meer in een ziekenhuis werken en mbo’ers juist minder. Van de jonge lichting hbo’ers werkt ruim de helft in een ziekenhuis tegenover 43 procent van de lichting 2005/’06. Vooral bij de mannelijke hbo’ers is deze trend goed te zien. Van de mannen die in 2005/’06 gediplomeerd zijn was ruim een kwart werkzaam in een ziekenhuis, bij de gediplomeerde mannen van 2015/’16 was dit bijna de helft. Bij de mbo’ers is het omgekeerde te zien: hier werkte van de recent afgestudeerden bijna een derde in een ziekenhuis, terwijl dit bij de tien jaar eerder gediplomeerden nog bijna de helft was (46 procent).