Aantal oproepbanen groeit in 5 jaar met ruim een derde

Tussen 2010 en 2015 is het aantal werknemersbanen op oproepbasis met 143 duizend gestegen, een toename van 36 procent. Vooral in de horeca werken naar verhouding veel oproepkrachten. Een kwart van alle werknemersbanen in die bedrijfstak is een oproepbaan. Dit meldt CBS.

 

In 2015 waren er 545 duizend werknemersbanen van oproepkrachten. Dat is 7 procent van alle banen van werknemers. In 2010 was dat nog 5 procent. In het overgrote deel van de oproepbanen werken jongeren in de leeftijd van 15 tot 25 jaar. Meer dan de helft van de oproepkrachten is scholier of student.
Van de aanwas in oproepbanen tussen 2010 en 2015 deed twee derde zich voor bij werknemersbanen die jongeren vervullen.

Werknemersbanen van oproepkrachten

Kwart van banen in horeca is oproepbaan

De horeca telt de meeste oproepkrachten onder zijn werknemers. Tussen 2010 en 2015 groeide het percentage van 19 naar 26 procent, vooral in 2014 en 2015 nam het toe. Ook in de bedrijfstakken landbouw, handel en cultuur, sport en recreatie, waar relatief veel oproepbanen voorkomen, steeg het percentage in de afgelopen vijf jaar. In de gezondheids- en welzijnszorg daalde daarentegen het percentage oproepbanen de afgelopen twee jaar licht.

Werknemersbanen van oproepkrachten

Gemiddeld laagste uurloon voor oproepkrachten in horeca

De uurlonen verschillen aanzienlijk per bedrijfstak. In de horeca verdient een oproepkracht gemiddeld het minst, iets minder dan 10 euro per uur in 2015. De hoogste uurlonen worden betaald in de gezondheids- en welzijnszorg en het onderwijs, gemiddeld 17 euro.
In de horeca werken relatief veel jongeren als oproepkracht die het minimumjeugdloon ontvangen. Van de oproepkrachten in de horeca is 73 procent tussen de 15 en 25 jaar. In de gezondheids- en welzijnszorg is dit 34 procent. Ruim 40 procent in deze bedrijfstak is 35 jaar of ouder.

Onder keukenhulpen hoogste percentage oproepkrachten

In 2015 was de beroepsgroep met het hoogste percentage oproepkrachten die van de keukenhulpen (44 procent), gevolgd door die van kelners en barpersoneel (35 procent) en kassamedewerkers (32 procent).

Flexibiliteit voor veel oproepkrachten belangrijk

Is werken op oproep noodzaak of behoefte? Gevraagd naar de belangrijkste reden om een flexibele arbeidsrelatie te hebben, zei in 2015 ruim de helft van de oproepkrachten (54 procent) behoefte te hebben aan flexibiliteit. Dat is twee keer zoveel als gemiddeld onder alle flexibele werknemers. Relatief veel uitzendkrachten (57 procent) geven aan een flexbaan te hebben omdat het niet lukt vast werk te krijgen. Die reden speelt bij de oproepkrachten veel minder. Een kwart heeft de oproepbaan bij gebrek aan een werkkring met meer zekerheid.

Belangrijkste reden om te werken als oproep-/invalkracht, 2015

Jong en oud

Vooral bij de jongste (15 tot 25 jaar) en de oudste (65 tot 75 jaar) oproepkrachten blijkt de voorkeur voor flexibiliteit veel voor te komen. Van de 25- tot 65-jarige oproepkrachten heeft weliswaar zo’n 40 procent behoefte aan flexibiliteit, maar deze leeftijdsgroepen geven minstens zo vaak aan flexibel te werken omdat het niet lukt een vaste baan te vinden.

Belangrijkste reden om te werken in een flexbaan, 2015

De cijfers in deze bijdrage over de redenen waarom mensen werken als oproep- of invalkracht zijn ontleend aan de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA), die sinds 2005 wordt uitgevoerd door CBS en TNO.