Vier op de tien huishoudens wonen in een rijtjeshuis

rijtjeshuizen in Nederland
Vier op de tien zelfstandig wonende huishoudens wonen in een tussen- of hoekwoning. Voor woningeigenaren geldt dat iets meer (43 procent) dan voor huurders (38 procent). In de jongste provincie Flevoland is het rijtjeshuis het populairst onder woningeigenaren: zes op de tien huishoudens wonen in dit type eengezinswoning.

Dat blijkt uit CBS-cijfers in het driejaarlijks WoonOnderzoek Nederland 2015.

 

Woningtypen van woningeigenaren per provincie, 2015
Woningtypen van woningeigenaren per provincie, 2015
 vrijstaande woning2-onder-1-kapwoningtussenwoning/hoekwoningappartement
Nederland2319,642,515
Groningen40,921,2289,8
Friesland 46,124,825,93,3
Drenthe41,62825,84,6
Overijssel 3126,936,85,4
Flevoland 15,816,660,37,4
Gelderland28,623,439,38,7
Utrecht 12,51853,416,1
Noord-Holland 14,11248,825,1
Zuid-Holland 8,69,452,429,5
Zeeland 35,821,337,35,6
Noord-Brabant 28,324,139,38,3
Limburg 30,134,128,67,2

Het percentage zelfstandig wonende huishoudens (die bijvoorbeeld geen badkamer of keuken delen) dat in een tussen- of hoekwoning woont, schommelt al jaren net boven de 40 procent.

Aandeel zelfstandig wonende huishoudens in tussen- of hoekwoning
Aandeel zelfstandig wonende huishoudens in tussen- of hoekwoning
 Alle huishoudensEigenaarHuurder
199842,543,141,8
200241,84340,4
200640,742,138,9
200941,243,238,4
201241,743,938,3
201540,542,537,5

CBS-hoofddemograaf Jan Latten: ‘In de jaren ’70 en ’80 domineerden jonge gezinnen van dertigers en veertigers, de babyboomers, de woningvraag. Ze trouwden en kregen kinderen en zochten passende woonruimte. Die vonden ze veelal in satellietsteden zoals Almere en Lelystad. De eengezinswoning met tuin buiten de oude steden waren én betaalbaar én in een kindvriendelijke omgeving.
Telkens is het rijtjeshuis weer makkelijk te verkopen aan nieuwe generaties jonge gezinnen. Het aantal gezinnen neemt echter niet meer toe, het zijn vooral alleenstaande ouderen die vanaf nu bijdragen aan het groeiend aantal huishoudens. Dat kan ook consequenties krijgen voor de woonbehoefte.’ Lees er op de website van Cobouw meer over.

Gebruiksoppervlak

Huurders wonen veelal kleiner dan woningeigenaren. In de vier grote steden huurt een huishouden in Amsterdam gemiddeld de minste vierkante meters aan gebruiksoppervlak: 67. In Den Haag wonen deze huishoudens gemiddeld 10 vierkante meter groter en in Rotterdam en de gemeente Utrecht huren huishoudens gemiddeld 80 m2. Gemeenten als Almere, Maastricht en Eindhoven zitten daar ruim boven met respectievelijk 89, 92 en 99 vierkante meter.

Wat koopwoningen betreft zitten de Haagse huishoudens het ruimst met 117 m2, gevolgd door Utrecht (111 m2), Rotterdam (109 m2) en de hoofdstad sluit de rij met 92 m2.

Amsterdammers zijn het duurst uit wat betreft woonlasten: zij betalen maandelijks gemiddeld 1016 euro en huurders 676 euro. In Utrecht betalen wooneigenaren maandelijks 971 euro en huurders 684. In Den Haag is de verhouding eigenaar-huurder in euro’s 937 versus 702 en in Rotterdam 880 versus 644.

Door de jaren heen heeft het rijtjeshuis aan populariteit verloren, maar desondanks bleef dit type woning, met de twee-onder-een-kap een gezinsfavoriet.

 infographic woonsoorten

Situatie in Europa

Op Europees niveau zijn er alleen maar cijfers over woontype beschikbaar naar personen en niet naar huishoudens. Europese cijfers zijn daardoor niet vergelijkbaar met die van het WoonOnderzoek Nederland. Door verschillen in huishoudenssamenstelling kan het beeld naar personen bezien anders zijn dan dat naar huishoudens.
Nederland voert de EU-ranglijst aan van de twee typen woningen rijtjeshuis en twee-onder-een-kap samen. In de EU wonen de meeste mensen in een appartement of flat. De Nederlandse cijfers in deze Europese vergelijking zijn ook gebaseerd op aantallen personen.

infographic huizensoorten