Auteur(s): Femke Hordijk, Dion Koerntjes
Kenmerken van drugsuithalers

4. Risicofactoren om uithaler te worden

4.1 Beschrijvende analyse 

In deze paragraaf wordt ingegaan op het aandeel uithalers (en drugsverdachten) bij mensen die een bepaalde kwetsbaarheid of risicofactor al dan niet hebben. Bijvoorbeeld binnen de groep personen die wel geregistreerde problematische schulden hadden, welk aandeel hiervan is uithaler. Dit verschilt van hoofdstuk 3, waarbij een vergelijking werd gemaakt tussen uithalers of drugsverdachten op het voorkomen van een bepaald kenmerk in de periode 2020-2023. Zo wordt bijvoorbeeld binnen de groep uithalers gekeken welk aandeel van hen geregistreerde problematische schulden had. 

Bij de interpretatie dient er rekening mee te worden gehouden dat percentages zijn berekend over 780 (ongeveer 2 procent van de totale groep) uithalers en 38 400 drugsverdachten (ongeveer 98 procent). Deze scheve verdeling in het soort verdachte zorgt ervoor dat er altijd procentueel een grotere kans is dat iemand drugsverdachte werd. Het is daarom vooral van belang om het percentage van uithalers binnen één categorie van het desbetreffende kenmerk te vergelijken met andere categorieën van dat kenmerk. 

4.1.1 Aandeel uithalers per leeftijdsgroep, 2020-2023
kolomUithalers (% van onderzoekspopulatie)
12 tot 23 jaar4,2
23 jaar of ouder1,3

Bij leeftijd is te zien dat er in de jongere groep (jonger dan 23 jaar) een hoger aandeel uithaler is dan bij degenen van 23 jaar of ouder. Van de jongeren tot 23 jaar was 4,2 procent een uithaler, tegenover 1,3 procent bij de mensen van 23 jaar of ouder. 

4.1.2 Aandeel uithalers naar delictgeschiedenis, 2020-2023
kolomUithalers (% van onderzoekspopulatie)
First-offender delictspecifiek2,4
Recidivist delictspecifiek1,3
First-offender algemeen1,2
Recidivist algemeen2,2

Van de personen die nog geen eerder specifiek delict had gepleegd, werd 2,4 procent een uithaler. Van de personen die wel een eerder specifiek delict hadden gepleegd, werd 1,3 procent een uithaler. 

Bij deze analyse is nog extra aandacht besteed aan first offenders, ook omdat er meer rekrutering plaatsvindt onder deze groep (De Boer et al., 2022). Uithalers zijn, vergeleken met drugsverdachten, vaker nog niet eerder voor hetzelfde type delict in beeld geweest bij het OM (zie ook paragraaf 3.3). De vraag rijst of dit ook geldt voor andere type delicten, zoals gewelds- of vermogensdelicten. De personen die al wel bekend waren voor andere type delicten bij het OM, waren iets vaker een uithaler (2,2 procent) dan personen die nog niet bekend waren bij het OM (1,2 procent).

4.1.3 Aandeel uithalers naar het hebben van problematische schulden, 2020-2023
kolomUithalers (% van onderzoekspopulatie)
Wel problematische schulden2,4
Geen problematische schulden1,8

Personen met geregistreerde problematische schulden vóór het plegen van het delict werden iets vaker een uithaler (2,4 procent) dan personen die geen geregistreerde problematische schulden hadden voor het plegen van het delict (1,8 procent). 

4.1.4 Aandeel uithalers naar thuissituatie, 2020-2023
kolomUithalers (% van onderzoekspopulatie)
Wel opgegroeid in eenoudergezin2,8
Niet opgegroeid in eenoudergezin1,2

Bij degenen die opgroei(d)en in een eenoudergezin vóór het plegen voor het delict, werd 2,8 procent uithaler, vergeleken met 1,2 procent van de personen die niet opgroeiden in een eenoudergezin.

4.1.5 Aandeel uithalers naar gemiddeld aantal verdachten in woonbuurt, 2020-2023
kolomUithalers (% van onderzoekspopulatie)
Minder dan 50 verdachten1
50-100 verdachten1,5
Meer dan 100 verdachten8,3

Voor het aantal verdachten in de woonbuurt geldt dat naarmate het aantal verdachten in de buurt toenam, het percentage dat uithaler werd, hoger was. Bij minder dan 50 verdachten in de buurt werd 1 procent uithaler, terwijl dit bij meer dan 100 verdachten 8,3 procent is. 

4.1.6 Aandeel uithalers naar voortijdig schoolverlaten, 2020-2023
kolomUithalers (% van 12-22-jarigen in onderzoekspopulatie)
Wel schoolverlater4,9
Geen schoolverlater3,7

Voor jongeren (tot en met 22 jaar) die voortijdig schoolverlater werden vóór het plegen van het delict, werd 4,9 procent uithaler. Van de jongeren die niet voortijdig van school gingen, is het aandeel uithalers met 3,7 procent iets lager. 

4.2 Logistische regressieanalyses 

De beschrijvende resultaten zijn getoetst op significantie met enkelvoudige logistische regressieanalyses en multilevel logistische regressieanalyses. 

De resultaten van de bivariate analyses zijn weergegeven in tabel B1 en B2 in de bijlage. Voor alle variabelen is een significante samenhang gevonden tussen het kenmerk en het worden van een uithaler. Dit betekent dat als de kenmerken los worden geanalyseerd, er voor alle onderzochte kenmerken gesteld kan worden dat er een significant verband bestaat tussen uithaler worden (ten opzichte van drugsverdachte worden) in dezelfde richting als zichtbaar is in de beschrijvende analyses. 

De resultaten van de multilevel logistische regressieanalyse zijn ook weergegeven in de bijlagetabellen. Uit deze analyses blijkt dat de effecten tussen de kenmerken en het worden van een uithaler ten opzichte van een drugsverdachte significant blijven, als wordt gecontroleerd voor verschillen in de andere kenmerken, het pleegjaar en de buurt waarin iemand woont. Dat wijst erop dat voor alle onderzochte kenmerken gesteld kan worden dat een er significant grotere kans is om uithaler dan drugsverdachte te worden. 

Voor de onderzoeksgroep tot en met 22 jaar worden wel twee verschillen tussen de analyses met en zonder correctie voor de andere variabelen en niveaus gevonden. Allereerst geldt voor jongeren dat na de controle voor andere kenmerken, er voor leeftijd wel een significant effect is voor het worden van een uithaler bij de regressieanalyse, terwijl in de bivariate analyses geen significant verschil werd gevonden. Dit kan er op wijzen dat het ongecorrigeerde bivariate verband werd gemaskeerd door samenhang met een controlevariabele (confounding effect) (Gerring, 2010). 

Ten tweede is een omgekeerd patroon zichtbaar, als wordt gekeken naar problematische schulden bij jongeren: in de bivariate analyses vergroot het hebben van problematische schulden (ten opzichte van geen problematische schulden) de kans om uithaler te worden, maar deze samenhang verdwijnt, als de andere kenmerken worden meegenomen. Mogelijk is dit gerelateerd aan het feit dat de meeste problematische schulden pas vanaf 18 jaar opgebouwd kunnen worden, en dus minder vaak voorkomen bij jongeren dan bij volwassenen. Dit wordt verder bevestigd, doordat er geen verschil is tussen de ongecorrigeerde bivariate en meervoudige logistische regressieanalyse, als naar alle leeftijden wordt gekeken (tabel B1 in de bijlage).