De Nederlandse sporteconomie 2022

5. Sportbenodigdheden

Sportbenodigdheden vormen een belangrijk onderdeel van de sporteconomie. De sportbenodigdheden worden gevormd door een breed scala van voornamelijk goederen die onmisbaar zijn voor de beoefening van sport: van voetballen tot sportkleding en van racefietsen tot sportvoeding. De consumentenbestedingen aan sportbenodigdheden bedroegen 3,4 miljard euro in 2022. Sportbenodigdheden worden slechts in beperkte mate in Nederland geproduceerd, maar worden overwegend ingevoerd. De Nederlandse industrie profiteert dan ook maar zeer ten dele van een eventuele toename van de vraag naar sportbenodigdheden. Met de handel in sportbenodigdheden wordt meer verdiend.

5.1 Bestedingen aan sportbenodigdheden

Onder de brede noemer van sportbenodigdheden zijn grofweg alle goederen samengebracht die worden gekocht om mee óf in te sporten. In dit onderzoek gaat het om de goederengroepen: sportartikelen, vervoermiddelen, reparatie van sportartikelen en -vervoermiddelen, sportkleding en ander -textiel, sportvoeding en -drank én zeepproducten.16) Voorbeelden van dit soort goederen zijn tennisrackets, voetballen en snowboards, sport-(zonne)brillen, racefietsen en zeilboten, maar ook sportvoeding, speciale voedingssupplementen, douchegel, shampoo en deodorant.

De Nederlandse consument gaf in 2022 3,4 miljard euro uit aan sportbenodigdheden. Dat is 20 procent meer dan in 2019 toen deze consumptieve uitgaven 2,8 miljard euro bedroegen. Omgerekend per huishouden betekent dit dat een huishouden in 2022 gemiddeld 410 euro per jaar uitgaf aan sportbenodigdheden (350 euro in 2019). Dit is overigens beduidend minder dan de 520 euro per jaar die uitgegeven wordt aan de sport- en fitnessdiensten zelf (zie hoofdstuk 4).

5.1.1 Consumptie huishoudens (incl. izw's) sportbenodigdheden
 Sportartikelen (mln euro)Sportkleding (mln euro)Sportvoeding en -drank (mln euro) Vervoermiddelen (mln euro)Zeepproducten (mln euro)Reparatie van sportartikelen en -vervoermiddelen (mln euro)
2019930101020037024050
2022131099039034026070

Consumptie sportartikelen grootste post

In 2022 werd er in Nederland het meest uitgegeven aan sportartikelen (1,3 miljard euro), gevolgd door uitgaven aan sportkleding (bijna 1,0 miljard euro). In 2019 was het beeld omgedraaid en lagen de uitgaven aan sportkleding (1,0 miljard euro) hoger dan aan sportartikelen (0,9 miljard euro). Consumenten gaven in 2022 minder uit aan sportkleding (-2 procent), maar juist meer aan sportartikelen (+40 procent) dan in 2019. Sportvoeding en -sportdrank vormden in 2022 de derde grootste uitgavencategorie binnen de sportbenodigdheden. Consumenten gaven daar 390 miljoen euro aan uit, 92 procent meer dan in 2019. Vooral de uitgaven aan sportsupplementen zijn toegenomen.

Aan vervoermiddelen werd door Nederlandse (recreatieve) sporters 340 miljoen euro uitgegeven in 2022. Dit is 7 procent minder dan in 2019. Ruim meer dan de helft van deze goederengroep bestaat uit uitgaven aan sportfietsen (racefietsen, mountainbikes en allterrainbikes). Andere vervoermiddelen die relevant zijn voor de sporteconomie zijn boten, sportauto’s en sportmotoren. De boten (kano’s, kajaks, zeilboten e.d.) vormen hiervan veruit de grootste groep.

5.2 In- en uitvoer van sportbenodigdheden

Slechts een beperkt deel van deze bestedingen aan sportbenodigdheden heeft betrekking op producten die in Nederland gemaakt zijn. In 2022 werd 18 procent van het totale aanbod aan sportbenodigdheden geproduceerd in Nederland. Dit komt overeen met een productiewaarde van 1,6 miljard euro. De invoerwaarde was veel groter: 4,6 miljard euro in 2022.17) Dit is daarmee ook gelijk goed voor 89 procent van de totale invoer binnen de sporteconomie.

Uitvoer sportkleding en -artikelen vooral wederuitvoer

De rol van de internationale handel in de sporteconomie is vele malen kleiner dan in de gehele economie. Voor de sporteconomie als geheel ligt de waarde van de invoer in dezelfde orde van grootte als de waarde van de aan sport gerelateerde uitvoer. Per categorie zijn er echter wel verschillen in het handelssaldo zichtbaar.

De invoerwaarde van de sportkleding en ander -textiel én sportartikelen was groter dan de uitvoerwaarde. Voor de vervoermiddelen, sportvoeding en -drank en de zeepproducten geldt daarentegen dat de uitvoerwaarde groter is dan de invoerwaarde. De totale uitvoerwaarde van de sportbenodigdheden is 5,3 miljard euro. Dat is 87 procent van de totale uitvoerwaarde van de sporteconomie.

Voor sportkleding en -artikelen geldt dat Nederland vooral een doorvoerland is. De invoerwaarde van deze goederen is hoog, veel hoger dan voor het binnenlands gebruik nodig is. Het grootste deel van deze goederen wordt dan ook weer uitgevoerd (wederuitvoer). Slechts een heel klein deel van de uitvoer is afkomstig uit binnenlandse productie; 5 procent van de uitgevoerde sportkleding en 2 procent van de uitgevoerde sportartikelen. In 2022 werd 65 procent van de totale handels- en vervoersmarges binnen de sporteconomie, behaald via de handel in sportkleding en ander -textiel én sportartikelen.

Voor de andere drie goederengroepen geldt het omgekeerde. Hier is de uitvoerwaarde groter dan de invoer en is het aandeel in de uitvoer van de goederen die in Nederland zijn geproduceerd, aanzienlijk. Bijvoorbeeld de uitvoer van sportvoeding en -drank is voor 96 procent afkomstig van de binnenlandse productie. Ook voor zeepproducten en vervoermiddelen is dit aandeel hoog. Voor deze goederengroepen wordt dus in belangrijke mate toegevoegde waarde gecreëerd in binnenlandse bedrijfstakken zoals de industrie en de landbouw. Bij wederuitvoer is het met name de handels- en vervoerssector die hier geld (toegevoegde waarde) aan verdient.

5.2.1 In- en uitvoer sportbenodigdheden, 2022
 Invoer (mln euro)Uitvoer uit binnenlandse productie (mln euro)Wederuitvoer goederen (mln euro)
Sportartikelen-1790301340
Sportkleding en ander -textiel-1540601370
Vervoermiddelen-790420500
Sportvoeding en -drank-11095040
Zeepproducten-340330230

5.3 Toegevoegde waarde vooral bij handel

Slechts een beperkt deel van de sportbenodigdheden die worden geconsumeerd of uitgevoerd, wordt geproduceerd op Nederlandse bodem. De toegevoegde waarde die de productie van sportbenodigdheden oplevert voor de industrie is dan ook relatief klein. De toegevoegde waarde van de handel is vele malen groter. Het overgrote deel van de handels- en vervoersmarges in de sporteconomie wordt ook behaald met de handel in en het vervoer van sportbenodigdheden (94 procent). De handel verdient aan zowel de binnenlandse handel als de grensoverschrijdende handel (in- en uitvoer) in sportbenodigdheden. De toegevoegde waarde van de industrie in 2022 was 295 miljoen euro en die van de handel 1,8 miljard euro. De toegevoegde waarde van de handel is hiermee goed voor 18 procent van de totale toegevoegde waarde van de sporteconomie (15 procent in 2019)

5.3.1 Toegevoegde waarde bedrijfstakken handel en industrie binnen sporteconomie
 2019 (mln euro)2022 (mln euro)
Industrie370300
Handel13601790

16) Zie de aanbod- en gebruiktabel (tabel 3) van de sporteconomie in de tabellenset. In de nieuwe Vilnius 3.0 definitie vallen levende diersoorten (paarden) buiten de sporteconomie, maar tellen zeepproducten nu wel mee in de sporteconomie, zie ook Technische Toelichting voor meer informatie over de vernieuwingen. De bestedingen aan smartwatches zijn geteld in de productgroep Elektrotechnische apparaten.

17) Merk op dat voordat de consument deze producten in handen krijgt hier nog de marges voor vervoerders, groot- en detailhandelaars bovenop komen.