SRG-I Cohortonderzoek personen met loonkostensubsidie

3. Achtergrondkenmerken van personen met een loonkostensubsidie

3.1 Inleiding 

Dit hoofdstuk geeft een beschrijving van personen met loonkostensubsidie op de achtergrondkenmerken geslacht, leeftijd, hoogst behaalde opleiding en herkomst. De focus ligt daarbij op cohort 2022.

Het cohort 2022 bestaat uit 38 930 unieke personen die ergens in het jaar 2022 LKS(P/F) ontvingen, zie tabel 3.1.1. Van deze personen is 31 procent vrouw. Het overgrote deel van de personen is jonger dan 27 jaar (46 procent). Het aandeel personen tussen de 27 en 35 jaar, de 35 en 45 jaar, de 45 en 55 jaar, en 55 jaar tot de AOW-leeftijd ligt rond de 13 tot 14 procent voor elk van deze leeftijdsgroepen. Personen boven de AOW-leeftijd komen bijna niet voor (0,2 procent), en worden in de rest van dit hoofdstuk buiten beschouwing gelaten. Ruim de helft van cohort 2022 heeft geen startkwalificatie (afgeronde havo, vwo, mbo 2 of hoger). Zo heeft 29 procent een mbo 1, vmbo, of onderbouw havo/vwo afgerond en 26 procent heeft alleen het basisonderwijs afgerond. Ongeveer 39 procent heeft wel een startkwalificatie. Zo heeft 34 procent havo, vwo, mbo 2 of hoger afgerond en 5 procent heeft een hbo- of wo opleiding afgerond. Voor iets meer dan 5 procent van de personen is het hoogst behaalde opleidingsniveau onbekend. Het grootste deel van de personen is zelf, net als diens ouders, in Nederland geboren (66 procent). 

Het cohort 2023 bestaat uit 43 080 personen die ergens in het jaar 2023 LKS(P/F) ontvingen, zie tabel 3.1.1. Dat is een stijging van 11 procent ten opzichte van cohort 2022. Naast deze stijging is er een kleine verschuiving zichtbaar in de leeftijd en herkomst van de personen in cohort 2023 ten opzichte van cohort 2022. Paragraaf 3.5 gaat in op deze verschillen. Omdat de verschillen verder klein zijn, wordt in de eerstvolgende paragrafen alleen cohort 2022 uitgelicht. 

Tabel 3.1.1 geeft een samenvatting van de aantallen personen per cohort naar situatie (gestarte, beëindigde, lopende LKSP en beëindigde LKSF). Bij het interpreteren van de cijfers in onderstaande paragrafen is het is belangrijk te bedenken dat personen die tot de groep startende LKSP gerekend worden, ook tot de groep beëindigde LKSP kunnen behoren. Daarentegen kunnen personen die tot de groep lopende LKSP behoren, niet ook tot de startende en/of beëindigde LKSP van dat cohort behoren. 

3.1.1 Aantallen personen met LKS(P/F) naar situatie
Cohort 2022Cohort 2023
Gestarte LKSP10 98011 710
Beëindigde LKSP 7 6108 050
Lopende LKSP21 20024 330
Beëindigde LKSF 6 1606 480
Unieke personen met LKS38 93043 080

3.2 Geslacht en leeftijd cohort 2022

De situatie lopende LKSP is veruit het grootst en telt ook het grootste aantal mannen: 14 840 van de 21 200 personen is man. Dat komt overeen met 70 procent. Hoewel de andere situaties (beëindigde LKSP, startende LKSP, beëindigde LKSF) kleiner zijn qua aantallen personen, is het aandeel mannen vergelijkbaar (67 tot 69 procent). 

Van de personen die tot cohort 2022 behoren, is bijna de helft jonger dan 27 jaar. Het aandeel jongeren is het hoogst onder beëindigde LKSF (55 procent, 3 420 van de 6 160 personen), gevolgd door 51 procent onder startende LKSP (5 550 van de 10 980 personen), 50 procent onder beëindigde LKSP (3 770 van de 7 610 personen) en 43 procent onder lopende LKSP (9 220 van de 21 200 personen). De leeftijdsverdeling van de mannen is goed vergelijkbaar met die van de vrouwen voor alle situaties, zij het dat onder mannen het aandeel jonger dan 27 jaar enkele procentpunten3) groter is dan onder de vrouwen (zie figuur 3.2.1).  

Bij lopende LKSP is het aandeel personen tussen 35 jaar en de AOW-leeftijd bijna gelijk (44 procent) is aan het aandeel jonger dan 27 jaar (43 procent). Bij de andere situaties is de groep personen jonger dan 27 jaar relatief groter. Als de groep vanaf 35 jaar nader wordt bekeken, valt op dat van de personen met lopende LKSP 16 procent tussen de 55 jaar en AOW-leeftijd is. In de andere situaties zijn de personen tussen de 55 jaar en AOW-leeftijd juist de kleinste groep: 8 procent van de personen met beëindigde LKSF, en 10 procent van de personen met beëindigde LKSP en gestarte LKSP. 

3.2.1 Leeftijd en geslacht
Situatie Geslacht Leeftijd Aandeel van de deelpopulatie
Startende LKSP Man Jonger dan 27 jaar 52
Startende LKSP Man 27 tot 35 jaar 13
Startende LKSP Man 35 tot AOW-leeftijd 35
Startende LKSP Man AOW-leeftijd en ouder 0
Startende LKSP Vrouw Jonger dan 27 jaar 46
Startende LKSP Vrouw 27 tot 35 jaar 13
Startende LKSP Vrouw 35 tot AOW-leeftijd 41
Beëindigde LKSP Man Jonger dan 27 jaar 51
Beëindigde LKSP Man 27 tot 35 jaar 14
Beëindigde LKSP Man 35 tot AOW-leeftijd 34
Beëindigde LKSP Man AOW-leeftijd en ouder 1
Beëindigde LKSP Vrouw Jonger dan 27 jaar 46
Beëindigde LKSP Vrouw 27 tot 35 jaar 15
Beëindigde LKSP Vrouw 35 tot AOW-leeftijd 38
Beëindigde LKSP Vrouw AOW-leeftijd en ouder 1
Beëindigde LKSF Man Jonger dan 27 jaar 58
Beëindigde LKSF Man 27 tot 35 jaar 13
Beëindigde LKSF Man 35 tot AOW-leeftijd 29
Beëindigde LKSF Vrouw Jonger dan 27 jaar 51
Beëindigde LKSF Vrouw 27 tot 35 jaar 14
Beëindigde LKSF Vrouw 35 tot AOW-leeftijd 35
Lopende LKSP Man Jonger dan 27 jaar 45
Lopende LKSP Man 27 tot 35 jaar 12
Lopende LKSP Man 35 tot AOW-leeftijd 43
Lopende LKSP Man AOW-leeftijd en ouder 0
Lopende LKSP Vrouw Jonger dan 27 jaar 39
Lopende LKSP Vrouw 27 tot 35 jaar 13
Lopende LKSP Vrouw 35 tot AOW-leeftijd 48

3.3 Opleiding cohort 2022

Zoals vermeld in paragraaf 3.1, heeft ongeveer 39 procent van alle personen die ergens in 2022 LKS(P/F) ontvingen een startkwalificatie (een diploma voor havo, vwo, mbo 2 of hoger, hbo of wo). Onder de vrouwen is dit aandeel personen enkele procentpunten hoger dan onder de mannen. Vooral vrouwen bij wie LKS(P/F) eindigt, hebben vaker een startkwalificatie dan mannen bij wie LKS(P/F) eindigt (46 procent versus 39 procent), zie figuur 3.3.1. 

Het aandeel personen dat alleen het basisonderwijs heeft afgerond is het hoogst onder de personen met lopende LKSP (28 procent; 5 850 van de 21 200 personen). In de andere situaties is dit aandeel vergelijkbaar, zij het iets lager: 25 procent onder startende LKSP (2 760 van de 10 980 personen), 24 procent onder beëindigde LKSF (1 450 van de 6 160 personen); 23 procent onder beëindigde LKSP (1 760 van de 7 610 personen). 

Bij de kruising tussen leeftijd, opleidingsniveau en geslacht valt op dat voor jongeren de grootste groep basisonderwijs als hoogst behaalde opleiding heeft (37 procent onder mannen; 34 procent onder vrouwen). Dit aandeel was het laagst onder de leeftijdsgroep 27 tot 35 jaar (10 procent onder mannen; 7 procent onder vrouwen), zie figuur 3.3.2. Het aandeel personen met havo/vwo/mbo2 (minimale startkwalificatie) is het grootst bij de groep van 27 jaar tot 35 jaar (59 procent onder mannen en vrouwen). 

3.3.1 Opleidingsniveau en geslacht
Situatie Geslacht Opleidingsniveau Aandeel van de deelpopulatie
Startende LKSP Man Basisonderwijs 28
Startende LKSP Man Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 33
Startende LKSP Man Havo, vwo, mbo 34
Startende LKSP Man Hbo-, wo-bachelor 4
Startende LKSP Man Hbo-, wo-master, doctor 1
Startende LKSP Vrouw Basisonderwijs 25
Startende LKSP Vrouw Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 31
Startende LKSP Vrouw Havo, vwo, mbo 38
Startende LKSP Vrouw Hbo-, wo-bachelor 5
Startende LKSP Vrouw Hbo-, wo-master, doctor 2
Beëindigde LKSP Man Basisonderwijs 26
Beëindigde LKSP Man Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 33
Beëindigde LKSP Man Havo, vwo, mbo 36
Beëindigde LKSP Man Hbo-, wo-bachelor 4
Beëindigde LKSP Man Hbo-, wo-master, doctor 1
Beëindigde LKSP Vrouw Basisonderwijs 22
Beëindigde LKSP Vrouw Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 31
Beëindigde LKSP Vrouw Havo, vwo, mbo 41
Beëindigde LKSP Vrouw Hbo-, wo-bachelor 5
Beëindigde LKSP Vrouw Hbo-, wo-master, doctor 2
Beëindigde LKSF Man Basisonderwijs 26
Beëindigde LKSF Man Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 33
Beëindigde LKSF Man Havo, vwo, mbo 34
Beëindigde LKSF Man Hbo-, wo-bachelor 5
Beëindigde LKSF Man Hbo-, wo-master, doctor 1
Beëindigde LKSF Vrouw Basisonderwijs 21
Beëindigde LKSF Vrouw Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 31
Beëindigde LKSF Vrouw Havo, vwo, mbo 40
Beëindigde LKSF Vrouw Hbo-, wo-bachelor 6
Beëindigde LKSF Vrouw Hbo-, wo-master, doctor 2
Lopende LKSP Man Basisonderwijs 29
Lopende LKSP Man Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 30
Lopende LKSP Man Havo, vwo, mbo 35
Lopende LKSP Man Hbo-, wo-bachelor 4
Lopende LKSP Man Hbo-, wo-master, doctor 1
Lopende LKSP Vrouw Basisonderwijs 27
Lopende LKSP Vrouw Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 30
Lopende LKSP Vrouw Havo, vwo, mbo 36
Lopende LKSP Vrouw Hbo-, wo-bachelor 4
Lopende LKSP Vrouw Hbo-, wo-master, doctor 2

3.3.2 Opleidingsniveau, leeftijd en geslacht
Leeftijd Geslacht Opleidingsniveau Aandeel van de deelpopulatie
Jonger dan 27 jaar Man Basisonderwijs 37
Jonger dan 27 jaar Man Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 35
Jonger dan 27 jaar Man Havo, vwo, mbo 26
Jonger dan 27 jaar Man Hbo-, wo-bachelor 2
Jonger dan 27 jaar Man Hbo-, wo-master, doctor 0
Jonger dan 27 jaar Vrouw Basisonderwijs 34
Jonger dan 27 jaar Vrouw Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 35
Jonger dan 27 jaar Vrouw Havo, vwo, mbo 29
Jonger dan 27 jaar Vrouw Hbo-, wo-bachelor 2
Jonger dan 27 jaar Vrouw Hbo-, wo-master, doctor 0
27 tot 35 jaar Man Basisonderwijs 10
27 tot 35 jaar Man Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 23
27 tot 35 jaar Man Havo, vwo, mbo 59
27 tot 35 jaar Man Hbo-, wo-bachelor 6
27 tot 35 jaar Man Hbo-, wo-master, doctor 2
27 tot 35 jaar Vrouw Basisonderwijs 7
27 tot 35 jaar Vrouw Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 24
27 tot 35 jaar Vrouw Havo, vwo, mbo 59
27 tot 35 jaar Vrouw Hbo-, wo-bachelor 7
27 tot 35 jaar Vrouw Hbo-, wo-master, doctor 3
35 tot AOW-leeftijd Man Basisonderwijs 26
35 tot AOW-leeftijd Man Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 27
35 tot AOW-leeftijd Man Havo, vwo, mbo 39
35 tot AOW-leeftijd Man Hbo-, wo-bachelor 6
35 tot AOW-leeftijd Man Hbo-, wo-master, doctor 2
35 tot AOW-leeftijd Vrouw Basisonderwijs 27
35 tot AOW-leeftijd Vrouw Vmbo, havo-, vwo-onderbouw, mbo 1 28
35 tot AOW-leeftijd Vrouw Havo, vwo, mbo 37
35 tot AOW-leeftijd Vrouw Hbo-, wo-bachelor 6
35 tot AOW-leeftijd Vrouw Hbo-, wo-master, doctor 2

3.4 Herkomst cohort 2022

Vooral onder jongeren zijn er relatief veel personen met Nederlandse herkomst. Onder jongeren met lopende LKSP heeft 80 procent een Nederlandse herkomst, zie figuur 3.4.1. Onder 27- tot 35-jarigen met lopende LKSP is dit 70 procent, en onder de oudere leeftijdsgroep(en) met lopende LKSP is dit zo’n 55 procent. Hoe ouder, hoe diverser de gebruikers van LKSP of LKSF zijn. De verdeling van herkomst is vergelijkbaar tussen mannen en vrouwen, zie figuur 3.4.2.