Prijsstijging bestaande koopwoningen opnieuw het grootst in Drenthe

© CBS

De prijsstijging van bestaande koopwoningen was in het eerste kwartaal van 2026, met ruim 8 procent, opnieuw het grootst in de provincie Drenthe. In de vier grootste steden was de prijsstijging kleiner dan gemiddeld in Nederland. Dit blijkt uit onderzoek naar de prijsontwikkeling van bestaande particuliere koopwoningen in Nederland van het CBS en het Kadaster.

Bestaande koopwoningen in Nederland waren in het eerste kwartaal van dit jaar 5,2 procent duurder dan een jaar eerder. Dit is het negende kwartaal op rij met een prijsstijging, maar de stijging vlakt al vijf kwartalen achter elkaar af. Ten opzichte van het vierde kwartaal van 2025 stegen de prijzen gemiddeld met 1,0 procent. In totaal werden er 55 949 woningtransacties geregistreerd in het eerste kwartaal. Dit is 8,7 procent meer dan in hetzelfde kwartaal van 2025.

Bestaande koopwoningen: prijsindex en aantal transacties naar provincie, 1e kwartaal 2026
 Prijsindex (%-verandering t.o.v. jaar eerder)Woningtransacties (%-verandering t.o.v. jaar eerder)
Nederland5,28,7
Drenthe8,28,5
Groningen7,210,1
Fryslân7-2,1
Gelderland6,98,5
Overijssel613,4
Noord-Brabant5,710
Zuid-Holland5,46,9
Zeeland53,3
Utrecht4,714,2
Limburg4,79,7
Flevoland3,76,8
Noord-Holland3,38,6
Bron: CBS, Kadaster

Grootste stijging transacties in provincie Utrecht

In het eerste kwartaal van 2026 was in zeven van de twaalf provincies de prijsstijging van bestaande koopwoningen groter dan gemiddeld in Nederland. Met 8,2 procent noteerde Drenthe de grootste prijsstijging. Dat was in het laatste kwartaal van 2025 ook zo, toen met 8,4 procent. Het kleinst was de stijging, met 3,3 procent, in Noord-Holland. Ook in de drie voorgaande kwartalen was de prijsstijging in Noord-Holland het kleinst.

De stijging van het aantal woningtransacties was het grootst in de provincie Utrecht. Daar werden 14,2 procent meer woningen verkocht dan een jaar eerder. Fryslân was de enige provincie waar het aantal transacties lager lag dan een jaar eerder. De daling bedroeg 2,1 procent.

Prijsstijging in vier grootste steden kleiner dan gemiddeld in Nederland

Van de vier grootste steden had Rotterdam, met 4,6 procent, de grootste prijsstijging in het eerste kwartaal van 2026. In de acht voorgaande kwartalen was dat steeds de gemeente Utrecht. Het kleinst was de prijsstijging in Amsterdam met 1,9 procent. In alle vier de grote steden was de prijsstijging in het eerste kwartaal van 2026 kleiner dan gemiddeld in Nederland.

In het eerste kwartaal van 2026 was de stijging van het aantal woningtransacties in Amsterdam het grootst, met 7,8 procent. Het kleinst was de toename in Rotterdam, waar het aantal verkopen nauwelijks hoger was dan in het eerste kwartaal van 2025 (0,3 procent).

Bestaande koopwoningen: prijsindex en aantal transacties 4 grootste steden, 1e kwartaal 2026
RegioPrijsindex (%-verandering t.o.v. jaar eerder)Woningtransacties (%-verandering t.o.v. jaar eerder)
Rotterdam4,60,3
Den Haag4,34,1
Utrecht3,25,7
Amsterdam1,97,8
Bron: CBS, Kadaster

Prijsstijging vrijstaande woningen en twee-onder-een-kapwoningen het grootst

Vrijstaande woningen en twee-onder-een-kapwoningen waren respectievelijk 7,1 procent en 6,4 procent duurder dan in het eerste kwartaal van 2025. De prijsstijgingen van tussenwoningen, hoekwoningen en appartementen ten opzichte van een jaar eerder waren respectievelijk 5,2 procent, 4,9 procent en 4 procent.

Voor alle woningtypes lag het aantal transacties hoger dan in het eerste kwartaal van 2025. De stijging was het grootst bij hoekwoningen, met 12,5 procent. In de voorgaande tien kwartalen was de stijging telkens het grootst bij de appartementen. Net als in de drie voorgaande kwartalen was de toename van het aantal verkopen van vrijstaande woningen het kleinst (3,3 procent).

Bestaande koopwoningen: prijsindex en aantal transacties naar woningtype, 1e kwartaal 2026
WoningtypePrijsindex (%-verandering t.o.v. jaar eerder)Woningtransacties (%-verandering t.o.v. jaar eerder)
Vrijstaande woning7,13,3
Twee-onder-een-kapwoning6,46,6
Tussenwoning5,211,1
Hoekwoning4,912,5
Appartement47,6
Bron: CBS, Kadaster

De NVM publiceerde een week geleden ook over de woningmarkt. De cijfers van de NVM en het CBS/Kadaster kunnen verschillen. Dat komt doordat de cijfers van de NVM zijn gebaseerd op de koopovereenkomsten van door NVM-makelaars verkochte woningen en het CBS en het Kadaster de prijsontwikkeling meten van alle bestaande koopwoningen in Nederland en gebruikmaken van de koopakten die bij het Kadaster worden geregistreerd.