Werkloosheidspercentage al zes maanden vrijwel gelijk

Het aantal 15- tot 75-jarigen met betaald werk is de afgelopen drie maanden met gemiddeld 20 duizend per maand toegenomen. In augustus waren er 8,8 miljoen werkenden, meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers. Ruim 4,1 miljoen mensen hadden om uiteenlopende redenen geen betaald werk. Onder hen waren 353 duizend mensen die aangaven recent naar werk te hebben gezocht en daarvoor ook direct beschikbaar te zijn. Zij zijn volgens de ILO-definitie werkloos. In de laatste drie maanden bleef hun aantal gemiddeld genomen vrijwel gelijk. Het percentage werklozen in de beroepsbevolking kwam in augustus uit op 3,9. Dit werkloosheidspercentage is al zes maanden vrijwel constant.

De rest van de groep niet-werkenden, bijna 3,8 miljoen, bestond uit mensen die niet recent hebben gezocht en/of niet direct voor werk beschikbaar waren. Hun aantal is in de laatste drie maanden met gemiddeld 16 duizend per maand afgenomen. UWV registreerde eind augustus 278 duizend lopende WW-uitkeringen.

Werkloosheidsindicator

Om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt in verschillende landen te kunnen vergelijken, wordt vaak gebruikgemaakt van de werkloosheidsindicator van de International Labour Organization (ILO). Volgens deze indicator worden mensen van 15 tot 75 jaar zonder betaald werk die hier recent naar hebben gezocht en direct beschikbaar zijn met ‘werkloos’ aangeduid. In augustus waren er 353 duizend werklozen, dat komt neer op 3,9 procent van de beroepsbevolking.

Werkloosheid (ILO-indicator, seizoengecorrigeerd) en WW-uitkeringen (x 1 000)
   Werkloosheidsindicator (ILO)
(15 tot 75 jaar, seizoengecorrigeerd)
WW-uitkeringen (15 jaar tot AOW-leeftijd)
2011januari430284
februari425280
maart413270
april411261
mei414256
juni409252
juli425254
augustus427256
september442252
oktober458253
november474258
december473270
2012januari486292
februari482299
maart487296
april502292
mei501291
juni502291
juli518298
augustus517304
september530304
oktober539310
november554322
december572340
2013januari589369
februari601377
maart619380
april625380
mei632378
juni648382
juli666395
augustus670399
september675400
oktober680408
november677419
december687438
2014januari691460
februari699460
maart692454
april684443
mei672436
juni656431
juli648437
augustus637430
september630420
oktober632419
november635425
december643441
2015januari645458
februari633455
maart626443
april625427
mei617416
juni611410
juli603420
augustus604420
september609417
oktober616421
november596427
december588446
2016januari574465
februari581469
maart574470
april572461
mei560448
juni550438
juli541432
augustus521427
september510424
oktober502420
november499410
december482412
2017januari480419
februari473416
maart463415
april456401
mei456386
juni446372
juli436364
augustus426362
september422351
oktober404343
november397337
december395330
2018januari380335
februari367330
maart357327
april355314
mei352301
juni354288
juli348279
augustus353278

UWV: 278 duizend WW-uitkeringen

Eind augustus verstrekte UWV 278 duizend WW-uitkeringen. Dat zijn er ruim duizend minder dan eind juli 2018. In vergelijking met augustus 2017 nam het aantal WW-uitkeringen met 84 duizend af (een afname van 23,2 procent). Eind augustus ontvingen 269 duizend personen één of meerdere WW-uitkeringen.

UWV: Instroom en uitstroom van WW-uitkeringen daalt

In de periode januari tot en met augustus 2018 werden er 230 duizend nieuwe uitkeringen verstrekt en 282 duizend WW-uitkeringen beëindigd. Dat komt neer op een afname van de instroom met 16,7 procent en een afname van de uitstroom met 13,6 procent in vergelijking met dezelfde periode in 2017.

Vooral de uitstroom uit werkloosheid neemt af

Sinds het begin van 2014 neemt het aantal werklozen af. De daling van de werkloosheid werd in 2018 steeds kleiner, en over de afgelopen drie maanden bleef het aantal werklozen gemiddeld gelijk. De verandering van het aantal werklozen is het saldo van vier verschillende stromen. Mensen kunnen werkloos worden doordat ze hun baan verliezen. Maar ook mensen die op zoek gaan naar werk, zoals schoolverlaters en herintreders, gaan tot de werklozen behoren. De groep werklozen wordt weer kleiner door mensen die werk vinden of de arbeidsmarkt verlaten.
Het aantal werklozen dat werk vindt is afgenomen. Ook verlaten minder werklozen de arbeidsmarkt. Daardoor is de uitstroom uit de werkloosheid vrijwel even groot als de instroom van nieuwe werklozen. Enerzijds zijn dat baanverliezers en anderzijds niet-werkenden die op zoek gaan naar werk.

Onbenut arbeidspotentieel

Het CBS publiceert maandelijks over de omvang van de werkzame beroepsbevolking en de niet-werkzame bevolking, waarbij de laatste groep wordt uitgesplitst naar de werkloze beroepsbevolking en de niet-beroepsbevolking (allemaal volgens ILO-definitie). Met de werkloze beroepsbevolking wordt echter niet het totale onbenut arbeidspotentieel beschreven. Behalve werklozen volgens de ILO-indicator worden hiertoe nog andere groepen gerekend. Het gaat om mensen die óf recent gezocht hebben naar werk óf direct beschikbaar zijn voor werk. Deze mensen worden gerekend tot het onbenut arbeidspotentieel, maar vallen buiten de werkloosheidsdefinitie. Ook deeltijders die meer uren willen werken en hiervoor direct beschikbaar zijn, behoren tot het onbenut arbeidspotentieel.

De grootte en samenstelling van deze groepen worden alleen per kwartaal gepubliceerd. Het totaalbeeld dat de onderstaande figuur weergeeft is gebaseerd op de meest recente kwartaalcijfers (april tot en met juni 2018). De ontwikkeling van het totale onbenut arbeidspotentieel hangt sterk samen met de ontwikkeling van de werkloosheid volgens de ILO-definitie. Van 1,8 miljoen in het eerste kwartaal van 2014 daalde het aantal tot ruim 1,1 miljoen mensen in het tweede kwartaal van 2018. Ruim drie kwart is laag of middelbaar opgeleid. Meer daarover is te lezen in het nieuwsartikel over de samenstelling van het onbenut arbeidspotentieel dat zaterdag 22 september verschijnt.

Het CBS publiceert maandelijks volgens de internationale richtlijnen over de beroepsbevolking. De bijbehorende indicatoren, de werkzame en werkloze beroepsbevolking, worden wereldwijd gebruikt om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt te beschrijven. Daarbij zijn maandcijfers essentieel. Daarnaast publiceert het UWV maandelijks over het aantal WW-uitkeringen. Deze UWV-cijfers over uitkeringen zijn niet één-op-één vergelijkbaar met de indicatoren over de beroepsbevolking.