8. De natuur als fundament voor de economie
In de voorgaande paragrafen is de economische ontwikkeling van Nederland beschreven op basis van het kernstelsel van de nationale rekeningen. Een van de belangrijkste indicatoren van de nationale rekeningen is het bruto binnenlands product (bbp). Het bbp geeft een indicatie voor de materiële welvaart van een land. Naast deze materiële welvaart zijn echter ook andere aspecten van het leven en de samenleving belangrijk voor de welvaart.
De milieurekeningen (CBSa) en de natuurlijk kapitaalrekeningen (CBSb) van het CBS brengen de interacties tussen economie en de leefomgeving in kaart, waaronder de transitie naar een circulaire economie, en maken zo de inbedding van de economie en het bbp in onze leefomgeving inzichtelijk. Daarnaast publiceert het CBS de Monitor Brede Welvaart en de Sustainable Development Goals, waarin alle aspecten van de economie in combinatie met sociale en maatschappelijke statistieken overzichtelijk naast elkaar worden gezet. Bij het CBS zijn deze statistieken volledig geïntegreerd in of consistent gemaakt met de nationale rekeningen.
Als alleen naar het bbp wordt gekeken voor de economische ontwikkelingen, dan wordt er bijvoorbeeld geen rekening gehouden met de uitputting van natuurlijke hulpbronnen. Om productie en consumptie mogelijk te kunnen maken, maken landen gebruik van grondstoffen die min of meer vrij beschikbaar zijn in de natuurlijke leefomgeving (bijvoorbeeld hout uit bossen of water en zand uit rivieren). Natuurlijke hulpbronnen zijn echter schaars en niet onbeperkt beschikbaar. Tegelijkertijd oefent de economie druk uit op de natuur in de vorm van uitstoot en vervuiling. Deze interactie zorgt voor uitputting van de aarde, zoals het opraken van grondstoffen en de achteruitgang van ecosystemen, zodat deze hun functie als leverancier van grondstoffen en ecosysteemdiensten minder goed kunnen vervullen.
Omschakeling naar een circulaire economie (CBSc) is een manier om door vermindering van het materiaalgebruik de milieu-impact te verlagen. Ook maakt dit de economie minder afhankelijk van buitenlandse natuurlijke hulpbronnen.
De interacties tussen economie en natuur worden het meest zichtbaar in de materiaalstromen waarop de economie drijft. Onderstaand stroomdiagram laat zien dat er in 2022 in Nederland 88 miljard kilo aan grondstoffen gewonnen werd, vooral biomassa en zand en grind. Daarnaast werd ook 266 miljard kilo geïmporteerd als ruwe of bewerkte grondstoffen en 16 miljard kilo afval en secundaire grondstoffen om in Nederland te recyclen (vooral biomassa). Met bewerkte grondstoffen worden zowel materialen in de vorm van halffabricaten (plastics, plaatstaal of andere basismaterialen) als eindproducten die direct geconsumeerd worden bedoeld.
In Nederland worden deze grondstoffen gebruikt in de productie van goederen voor de export en binnenlandse consumptie, verbrand om energie op te wekken, of direct geconsumeerd. Een deel van de goederen belandt na eenmalig gebruik in het afval en gaat daarmee verloren als grondstof (zoals plastic zakjes), een ander deel belandt in de voorraden (zoals bouwmaterialen, auto’s en wegen). Uit die voorraden komt ook weer een deel in het afval terecht. Van het afval wordt tot slot 37 miljard kilo gerecycled.
Naast deze in totaal 370 miljard kilo aan directe grondstoffeninzet, werd ook nog 149 miljard kilo aan grondstoffen en materialen ingevoerd om meteen weer geëxporteerd te worden, zonder bewerking in Nederland, waarmee het totaal uitkomt op 519 miljard kilo grondstoffen die in 2022 de Nederlandse economie instroomden.
| from | to | substance | quantity |
|---|---|---|---|
| Wederuitvoer | Export | Biomassa | 32 |
| Metaal | 16 | ||
| Niet-metaal mineralen | 8 | ||
| Fossiele energiedragers | 93 | ||
| Import afval voor recycling | Recycling | Biomassa | 10 |
| Metaal | 2 | ||
| Niet-metaal mineralen | 3 | ||
| Fossiele energiedragers | 1 | ||
| Import | Materiaalverwerking | Biomassa | 57 |
| Metaal | 28 | ||
| Niet-metaal mineralen | 27 | ||
| Fossiele energiedragers | 154 | ||
| Import | Wederuitvoer | Biomassa | 32 |
| Metaal | 16 | ||
| Niet-metaal mineralen | 8 | ||
| Fossiele energiedragers | 93 | ||
| Binnenlandse winning | Materiaalverwerking | Biomassa | 43 |
| Metaal | 0 | ||
| Niet-metaal mineralen | 30 | ||
| Fossiele energiedragers | 15 | ||
| Recycling | Materiaalverwerking | Biomassa | 21 |
| Metaal | 3 | ||
| Niet-metaal mineralen | 27 | ||
| Fossiele energiedragers | 2 | ||
| Materiaalverwerking | Energetisch gebruik | Biomassa | 9 |
| Metaal | 0 | ||
| Niet-metaal mineralen | 0 | ||
| Fossiele energiedragers | 51 | ||
| Energetisch gebruik | Verlies | Biomassa | 9 |
| Metaal | 0 | ||
| Niet-metaal mineralen | 0 | ||
| Fossiele energiedragers | 51 | ||
| Materiaal gebruik | Kortcyclisch product | Biomassa | 47 |
| Metaal | 0 | ||
| Niet-metaal mineralen | 0 | ||
| Fossiele energiedragers | 1 | ||
| Kortcyclisch product | Afval | Biomassa | 9 |
| Metaal | 0 | ||
| Niet-metaal mineralen | 0 | ||
| Fossiele energiedragers | 0 | ||
| Kortcyclisch product | Verlies | Biomassa | 37 |
| Metaal | 0 | ||
| Niet-metaal mineralen | 0 | ||
| Fossiele energiedragers | 1 | ||
| Afval | Verlies | Biomassa | 7 |
| Metaal | 1 | ||
| Niet-metaal mineralen | 2 | ||
| Fossiele energiedragers | 2 | ||
| Afval | Recycling | Biomassa | 11 |
| Metaal | 1 | ||
| Niet-metaal mineralen | 24 | ||
| Fossiele energiedragers | 1 | ||
| Afval | Export | Biomassa | 7 |
| Metaal | 2 | ||
| Niet-metaal mineralen | 1 | ||
| Fossiele energiedragers | 1 | ||
| Materiaalverwerking | Export | Biomassa | 41 |
| Metaal | 17 | ||
| Niet-metaal mineralen | 26 | ||
| Fossiele energiedragers | 93 | ||
| Materiaalverwerking | Materiaal gebruik | Biomassa | 71 |
| Metaal | 15 | ||
| Niet-metaal mineralen | 58 | ||
| Fossiele energiedragers | 27 | ||
| Materiaal gebruik | Voorraad | Biomassa | 24 |
| Metaal | 15 | ||
| Niet-metaal mineralen | 58 | ||
| Fossiele energiedragers | 26 | ||
| Voorraad | Afval | Biomassa | 16 |
| Metaal | 4 | ||
| Niet-metaal mineralen | 27 | ||
| Fossiele energiedragers | 4 |
Om dit systeem van productie en consumptie mogelijk te maken, zijn echter nog veel meer grondstoffen nodig dan bovenstaand diagram weergeeft. De materialen en grondstoffen die worden ingevoerd, zorgen namelijk ook in het buitenland voor druk op het milieu. Dit komt onder andere doordat materiaalgebruik nodig is om de grondstoffen te winnen en te vervoeren, zoals machines en vrachtwagens. Als alle grondstoffen die nodig zijn om de jaarlijkse productie en consumptie in Nederland mogelijk te maken bij elkaar worden opgeteld, resulteert dat in een productiegrondstofvoetafdruk van 1 040 miljard kilo. Dat is bijna drie keer zo hoog als het directe gebruik van grondstoffen (370 miljard kilo).
Naast het verbruik aan grondstoffen, leiden economische activiteiten in Nederland ook tot de uitstoot van broeikasgassen, waterverbruik, landgebruik en biodiversiteitsverlies in binnen- en buitenland. Ook deze voetafdrukken zijn relatief groot ten opzichte van andere landen. Ondanks tal van klimaatmaatregelen zijn de voetafdrukken van de Nederlandse productie en consumptie nog niet verlaagd (met uitzondering van specifieke categorieën zoals fossiele brandstoffen). De voetafdrukken van metalen en mineralen zijn sinds 2014 zelfs toegenomen. Dit heeft te maken met de energietransitie, omdat voor de bouw van windmolens en zonnepanelen enorme hoeveelheden metalen en lithium nodig zijn.
| Bruto investeringen (2014 = 100) | Metalen (2014 = 100) | Mineralen (2014 = 100) | Bbp (2014 = 100) | Biomassa (2014 = 100) | Fossiele brandstoffen (2014 = 100) | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2014 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 |
| 2016 | 117,4 | 120,4 | 110 | 104,6 | 100,3 | 103,8 |
| 2018 | 128,3 | 118,4 | 111,9 | 109,9 | 98,7 | 99,6 |
| 2020 | 134,3 | 129,5 | 126,8 | 108,1 | 96,7 | 97,2 |
| 2021 | 137,5 | 133,3 | 133,1 | 114,9 | 96,2 | 94,9 |
Naast grondstoffen levert de natuur ook allerlei ecosysteemdiensten, die in de raming van het bbp een gegeven zijn. Deze ecosysteemdiensten omvatten onder meer producerende diensten zoals voedselvoorziening, regulerende diensten zoals natuurlijke waterzuivering en bestuiving, maar ook culturele diensten zoals recreatie en toerisme in de natuur. Een nieuwe manier om de bijdrage van de natuur aan de economie inzichtelijk te maken is de berekening van de gebruikswaarde van deze ecosysteemdiensten (CBS, 2025a). Deze gebruikswaarde blijft grotendeels buiten beeld in de gangbare economische statistieken, maar laat zien hoe belangrijk de natuur is voor de economie. In 2022 bedroeg de waarde van deze diensten 10,8 miljard euro.
| Producerende diensten (mld euro) | Regulerende diensten (mld euro) | Culturele diensten (mld euro) | |
|---|---|---|---|
| 2016 | 1,58 | 0,96 | 5,98 |
| 2017 | 1,45 | 1,02 | 6,57 |
| 2018 | 1,25 | 1,06 | 7,19 |
| 2019 | 1,26 | 1,01 | 7,35 |
| 2020 | 1,2 | 1,05 | 6,78 |
| 2021 | 1,24 | 1,07 | 8,94 |
| 2022 | 1,27 | 1,02 | 8,53 |
Het belang van de natuur is groter dan alleen de directe monetaire gebruikswaarde. Om ook in de toekomst gebruik te kunnen maken van de ecosysteemdiensten van de natuur is het belangrijk dat de kwaliteit en veerkracht van ecosystemen intact blijft. Dit wordt ook gemeten in de natuurlijke kapitaalrekeningen (CBSb). De druk die de Nederlandse economie hier en nu legt op de natuur gaat ten koste van de mogelijkheden van latere generaties om eenzelfde niveau van welvaart te bereiken als de mensen die nu leven, en van de welvaart van mensen elders op de wereld.
De Monitor Brede Welvaart en de Sustainable Development Goals (CBSd) laten bijvoorbeeld zien dat er sprake is van een dalende trend in de biodiversiteit op de middellange termijn. Daarnaast laat de monitor zien dat Nederland tot de EU-landen behoort met het grootste fosfor- en stikstofoverschot, en de meeste cumulatieve CO2-emissies.
Uiteindelijk hebben deze zaken ook invloed op de planetaire grenzen (CBS, 2025b). Dit zijn negen randvoorwaarden waarbinnen de aarde leefbaar blijft voor mens en natuur. Worden deze overschreden, dan is de verwachting dat dit een groot effect zal hebben op de manier van leven, de omgeving en de gezondheid. Het CBS heeft afgelopen jaar verkennend onderzoek gedaan naar hoe de impact van de Nederlandse economie op deze grenzen gemeten kan worden. Er zijn echter nog geen cijfers over de mate waarin de Nederlandse economie verantwoordelijk is voor de overschrijding van de grenzen.