9. Tot slot
Geopolitieke spanningen en de (wisselende) handelstarieven door de Verenigde Staten leidden in 2025 tot grote onzekerheid. De Nederlandse economie groeide echter met 1,8 procent gestaag door, na een groei van 1,1 procent in 2024. De Nederlandse groei was hoger dan die van de EU-landen samen en de ons omringende landen. Dat is vooral te danken aan de overheidsconsumptie en -investeringen.
De consumptie door huishoudens droeg in 2025 het meest bij aan de economische groei. De consumptiegroei werd ondersteund door de toename van het netto reëel beschikbaar inkomen van huishoudens met 2,7 procent. Wel bleef de groei van de consumptie met 1,5 procent hierbij achter. Huishoudens waren in 2025 relatief terughoudend in hun consumptieve bestedingen. Het consumentenvertrouwen is al tachtig maanden onafgebroken negatief, de langste periode sinds het begin van het onderzoek.
Het totaal aantal gewerkte uren van werknemers en zelfstandigen kromp in 2025 voor het eerst in vijf jaar. Doordat de economie wel groeide, was de arbeidsproductiviteit, het bbp per gewerkt uur, 2,4 procent hoger dan in 2024. Die stijging volgde op twee jaar waarin de arbeidsproductiviteit daalde. Het aantal werklozen groeide voor het derde jaar op rij en het aantal vacatures kromp voor het derde jaar op rij. De spanning op de arbeidsmarkt nam hierdoor af, maar bleef relatief hoog.
In 2025 groeide de industrie van alle Nederlandse bedrijfstakken het sterkst. Dat is onder meer toe te schrijven aan de wereldhandel die, ondanks alle onzekerheid, gestaag doorgroeide. De Nederlandse industrie is sterk afhankelijk van de export die drie kwart van de toegevoegde waarde uitmaakt.
In 2025 kwam het overheidstekort uit op 1,6 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Een jaar eerder was dat 0,7 procent. De overheidsschuld steeg van 43,8 naar 44,4 procent van het bbp. Beide indicatoren voldoen aan de Europese normen.
Een belangrijke indicator van de nationale rekeningen is het bruto binnenlands product (bbp). Dat geeft een indicatie voor de materiële welvaart van een land. Naast deze materiële welvaart zijn echter ook andere aspecten van het leven en de samenleving belangrijk voor de welvaart, zoals de uitputting van natuurlijke hulpbronnen, de materiaalstromen binnen de economie, de uitstoot van broeikasgassen, waterverbruik, landgebruik en biodiversiteitsverlies in binnen- en buitenland en de gebruikswaarde van ecosysteemdiensten.