Auteur: Frank Notten en Sjoerd Hooijmaaijers

Corona en de horeca

Over deze publicatie

Van alle bedrijfstakken in Nederland kromp de horeca in 2020 met 40,6 procent het meest. In dit artikel wordt in kaart gebracht wat er achter dit macro-cijfer schuilgaat.

Samenvatting

Van alle bedrijfstakken in Nederland kromp de horeca in 2020 het meest. Er was wel verschil in de omzetdaling per lockdown en branche: vooral de kantines en catering, fastfoodrestaurants en ijssalons kenden gedurende de lockdowns een steeds minder grote omzetdaling. De horeca maakte van alle bedrijfstakken het vaakst gebruik van overheidssteunmaatregelen. Mede hierdoor steeg het aantal faillissementen, bedrijfsopheffingen en werklozen in de horeca in 2020 slechts tijdelijk en in beperkte mate. Van alle bedrijfstakken zag de drankenindustrie de leveringen aan de horeca als percentage van de eigen productie het sterkst afnemen.

1. Inleiding

Net als in veel andere landen was de horeca in Nederland veruit de sterkst getroffen bedrijfstak in de coronacrisis van 2020 en 2021. Zowel tussen 15 maart en 1 juni  2020 als tussen 14 oktober 2020 en 5 juni 2021 moesten restaurants en cafés de deuren grotendeels sluiten om verdere verspreiding van het virus zoveel mogelijk te voorkomen. Daarnaast werden in periodes waarin de lockdown niet van kracht was vroegere sluitingstijden gehanteerd, en konden door reisbeperkingen en afstandsmaatregelen minder klanten worden binnengelaten.

Al deze beperkingen zorgden ervoor dat van alle bedrijfstakken in de Nederlandse economie in 2020 de horeca met 40,6 procent het sterkst kromp. In dit artikel wordt in kaart gebracht wat er achter dit macro-cijfer schuilgaat: op wie was de invloed van de coronamaatregelen in de horeca het grootst en wat waren de verschillen tussen beide lockdowns. Het artikel sluit af met een analyse van de effecten van de lockdowns op toeleveranciers aan de horeca en afnemers van horecadiensten.

1.1 Toegevoegde waarde bedrijfstakken, 2020
 volumeverandering t.o.v. een jaar eerder (%-volumeverandering t.o.v. een jaar eerder)
Horeca-40,6
Cultuur, recreatie, overige diensten-24,7
Delfstoffenwinning-23,3
Verhuur en overige zakelijke diensten-14,9
Vervoer en opslag-14,6
Gezondheids- en welzijnszorg-4,7
Onderwijs-3,2
Industrie-2,6
Waterbedrijven en afvalbeheer-1,9
Bouwnijverheid-0,8
Informatie en communicatie-0,8
Handel0
Landbouw, bosbouw en visserij0,4
Financi�le dienstverlening0,4
Specialistische zakelijke diensten0,9
Verhuur en handel van onroerend goed2,1
Openbaar bestuur en overheidsdiensten3,3
Energievoorziening4

CoronamaatregelenDe coronamaatregelen in de horeca op een rij

2. De invloed van de lockdowns op de omzet van de horeca

De eerste lockdown is goed terug te zien in de omzetcijfers van het eerste en tweede kwartaal van 2020. In het eerste kwartaal viel de klap nog mee, omdat eet- en drinkgelegenheden alleen in de laatste twee weken van dit kwartaal de deuren dicht moest houden. In het tweede kwartaal waren deze branches gedurende ruim acht weken gedwongen dicht en liep de horeca-omzet terug met 58 procent vergeleken met een jaar eerder. Na de heropening per 1 juni 2020 herstelde de horeca-omzet zich in het derde kwartaal tot 13 procent onder het niveau van een jaar eerder.

Veel horecabedrijven moesten per 14 oktober 2020 de deuren echter weer sluiten, waardoor de omzet in het vierde kwartaal 53 procent lager was dan een jaar eerder. Tijdens het vierde kwartaal bleven de eet- en drinkgelegenheden dit keer niet ruim acht, maar elf weken in lockdown. De omzetdaling ten opzichte van een jaar eerder was echter kleiner dan tijdens de eerste lockdown.

Dezelfde trend zette zich ook in het eerste kwartaal van 2021 door. Toen waren de eet- en drinkgelegenheden gedurende het gehele kwartaal dicht, maar was de omzetdaling van de horeca met 47 procent ten opzichte van een jaar eerder toch weer kleiner. Wel is het zo dat in het laatste geval wordt vergeleken met het eerste kwartaal van 2020, toen de lockdown pas in de laatste twee weken van maart van kracht werd.

Het waren vooral de branches kantines en catering, en fastfoodrestaurants, ijssalons, afhaalrestaurants etc. die een steeds minder grote omzetdaling kenden, ondanks dat de duur van de lockdown per kwartaal toenam. Zij mochten geen klanten meer ontvangen, maar konden in veel gevallen nog wel afhaalmaaltijden verkopen en bezorgen. Restaurants deden dit ook, maar in mindere mate. Het omzetverlies tijdens de tweede lockdown was het grootst bij cafés. Deze branche is het minst gericht op het brengen en afhalen.

2.1 Omzetontwikkeling horecabranches
   Hotels (%-waardeverandering t.o.v. een jaar eerder)Campings en overige logiesverstrekking (%-waardeverandering t.o.v. een jaar eerder)Restaurants (%-waardeverandering t.o.v. een jaar eerder)Fastfoodrestaurants, ijssalons etc (%-waardeverandering t.o.v. een jaar eerder)Kantines en catering (%-waardeverandering t.o.v. een jaar eerder)Cafés (%-waardeverandering t.o.v. een jaar eerder)
2019IV4,81,944,75,50,4
2020I-12,4-3,5-12,6-5,2-5,7-15,6
2020II-79-42,5-58,9-29,1-54-66
2020III-32,57,8-6,30,4-34,2-10,7
2020IV-68-20,4-60,2-20,5-43,9-73,9
2021I-721,8-56,1-9,2-38,1-76,3

Nederlandse campings hoefden alleen tijdens de eerste lockdown in het tweede kwartaal van 2020 tijdelijk hun deuren te sluiten in enkele veiligheidsregio’s. Dit resulteerde in een omzetdaling van meer dan 40 procent vergeleken met een jaar eerder. Per 15 juni 2020 waren alle campings in Nederland weer open. In het derde kwartaal werd alweer meer omzet gedraaid dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Tijdens de tweede coronagolf zagen campings en overige logiesverstrekkers (zoals vakantieparken) de omzet toch weer teruglopen. De parken zelf waren weliswaar open, maar veel (horeca-)faciliteiten bleven niet of slechts beperkt toegankelijk.

Hotels konden ook tijdens de coronacrisis de deuren openhouden, maar zagen hun omzet toch sterk dalen door de vele reisbeperkingen. Het effect hiervan is een op een terug te zien in het aantal overnachtingen per kwartaal. Dat lag in het tweede kwartaal van 2020 op slechts een fractie van het niveau van een jaar eerder. Toen de reisbeperkingen in het derde kwartaal werden versoepeld steeg het aantal overnachtingen weer snel.

Doordat mensen in de zomer van 2020 veelal kozen voor een vakantie in eigen land, steeg het aantal overnachtingen door Nederlanders, maar daalde juist het hotelbezoek door buitenlandse gasten. Daarnaast kozen Nederlanders er in eigen land doorgaans voor om niet in hotels te verblijven, maar om op campings en vakantieparken te gaan staan. Tijdens de tweede coronagolf daalde het aantal hotelovernachtingen weer zeer sterk vergeleken met een jaar eerder, ook onder Nederlanders.

2.2 Aantal overnachtingen naar logiesvorm en woonland van gasten
JaarKwartaalHotels, pensions en jeugdaccommodaties, Nederland (x 1 000)Hotels, pensions en jeugdaccommodaties, buitenland (x 1 000)Kampeerterreinen, huisjesterreinen en groepsaccomodaties, Nederland (x 1 000)Kampeerterreinen, huisjesterreinen en groepsaccomodaties, buitenland (x 1 000)
2019I48796000
2019I54371893
2019II64708457
2019II137846758
2019III69778870
2019III208139244
2019IV59456803
2019IV73863726
2020I43544595
2020I49231860
2020II2555917
2020II64901415
2020III77413997
2020III269166934
2020IV3794792
2020IV7269862
2021I2411480
2021I3396162

3. Faillissementen en opheffingen

Het aantal faillissementen bleef tijdens de coronacrisis flink onder het niveau van eerdere economische crises, zoals die in 2009. De gevreesde faillissementsgolf is tot nu toe uitgebleven. De vele steunmaatregelen om de economie draaiende te houden leidden zelfs tot een daling van het aantal faillissementen in Nederland. Illustratief hiervoor was het nieuws dat in augustus 2020 het  laagste aantal gefailleerde bedrijven werd bereikt sinds augustus 1999 (CBS, 2021c).

Voor de horeca is het beeld gedeeltelijk anders. Hier was er wel degelijk een plotselinge stijging van het aantal faillissementen in het tweede kwartaal van 2020. In de maanden april, mei en juni gingen er in totaal 112 horecazaken failliet, waarvan 93 restaurants en cafés en 19 hotels. Dit is het hoogste aantal faillissementen in de horeca sinds eind 2013. Het aantal failliete hotels was zelfs het hoogste niveau sinds het begin van de kwartaalmetingen per bedrijfstak in 2009.

Vanaf het derde kwartaal loopt het aantal faillissementen meer in de pas met die van de rest van het bedrijfsleven in Nederland: na augustus werden er nog slechts mondjesmaat horecabedrijven failliet verklaard. In totaal gingen er in 2020 286 bedrijven en eenmanszaken in de horeca failliet. Dit waren er 32 meer dan een jaar eerder. Ook in de eerste maanden van 2021 bleef het aantal faillissementen in de horeca laag.