Consumentenprijsindex (CPI) nóg nauwkeuriger berekend

/ Auteur: Masja de Ree
© Hollandse Hoogte
Het CBS is er in geslaagd op een innovatieve manier de prijswaarneming voor de consumentenprijsindex (CPI) te verbeteren. Door gebruik te maken van onder andere scannerdata en webscraping kan het CBS nog sneller en effectiever de prijsontwikkeling volgen. Bovendien kan het in 2020 stoppen met het waarnemen van de prijzen in winkels. Dat bespaart tijd en geld en vermindert de belasting voor de winkeliers.

Veel tijd en kostbaar

Het CBS verzamelt maandelijks prijzen van een groot aantal producten en diensten. Daarmee berekent het de consumentenprijsindex (CPI) en de inflatie. Vroeger werden de gegevens daarvoor door het hele land verzameld door prijswaarnemers. Zij gingen met een boodschappenlijstje met representatieve producten de winkels in om prijzen te noteren. Els Hoogteijling, hoofd van de afdeling CPI: ‘Deze manier van data verzamelen kostte ontzettend veel tijd en was daardoor erg kostbaar. Bovendien was het belastend voor de winkeliers. Vandaar dat we ons een doel hebben gesteld: we moeten de winkels uit!’

Innovatieve prijswaarneming

Vanaf 2000 is de waarneming van de CPI stapsgewijs gemoderniseerd. Supermarktketens werden benaderd om transactiedata (‘scannerdata’) te leveren van alle verkochte artikelen, waardoor de winkelwaarneming in de supermarkten kon worden verminderd en uiteindelijk stopgezet. Ook op andere terreinen moderniseerde het CBS de waarneming. Een voorbeeld is de samenwerking met Travelcard, dat aan het CBS wekelijks bestanden levert met de verkoopgegevens per dag van benzine, diesel en LPG aan de pomp. Naast scannerdata gebruikt het CBS webscrapers om prijzen binnen te halen. Dat zijn programma’s die websites afstruinen op zoek naar prijzen. Aanvullend worden prijzen waargenomen op de websites van bijvoorbeeld restaurants, bioscopen en kappers. Daarvoor gebruikt het CBS slimme robottools.

Miljoenen prijzen

De nieuwe manier van prijzen verzamelen vraagt om nieuwe methodes om die prijzen geautomatiseerd te verwerken tot een CPI. Henk Verduin, directeur Overheidsfinanciën en Consumentenprijzen: ‘Voorheen kregen we tienduizenden cijfers binnen voor de CPI. Nu werken we met miljoenen prijzen. Dat levert een veel representatiever eindcijfer op en een veel bredere dekking, maar het vereist ook andere statistische methoden. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat de data goed geclassificeerd worden.’
Die uitdaging ging het team CPI aan. De afdelingen IT, methodologie en de mensen van de dataverzameling werkten stap voor stap aan de invoering van de nieuwe aanpak. Verduin: ‘Het werkte stimulerend dat we een duidelijk einddoel hadden én dat we elk jaar resultaat zagen. Dit heeft uiteindelijk geleid tot een methode die internationaal geaccepteerd en gewaardeerd wordt. Voor het hele team en alle betrokken afdelingen is dat een groot compliment en mooi resultaat.’

Het CBS loopt binnen Europa en wereldwijd voorop als het gaat om innovatieve manieren om prijzen waar te nemen

Nauwkeurige cijfers

De nieuwe werkwijze heeft veel voordelen. Het bespaart tijd en geld, vermindert de belasting van winkeliers én levert nauwkeurigere cijfers op. In plaats van de prijs van één soort rijst of één specifieke pot pindakaas, worden nu alle prijzen van alle soorten rijst en alle potten pindakaas gebruikt om de CPI te berekenen. Hoogteijling: ‘Bovendien verkrijgen we nu informatie over de omzet. Daardoor kunnen we nauwkeuriger meewegen of producten veel of weinig verkocht worden. Dat is belangrijke informatie bij het berekenen van de CPI. We krijgen zo een beter beeld van de inflatie.’

Voorop lopen

Hoe is het gelukt om uiteindelijk de winkelwaarneming helemaal te stoppen? Hoogteijling: ‘We konden meer informatie van het web halen dan we aanvankelijk dachten. Daarnaast hebben we een slag gemaakt in het professionele contact met onze berichtgevers. Zij zijn daardoor vaker bereid om hun bestanden met scannerdata met ons uit te wisselen. Ze weten dat het CBS heel zorgvuldig met deze gegevens omgaat.’ Het CBS loopt binnen Europa en wereldwijd voorop als het gaat om innovatieve manieren om prijzen waar te nemen. ‘Andere landen komen regelmatig met ons meekijken en we geven graag advies’, aldus Verduin.