‘Den Haag heeft een stevig armoedebeleid’

/ Auteur: Miriam van der Sangen
© Gemeente Den Haag
Eind maart organiseerden het CBS en de gemeente Den Haag een 4-daags Datakamp, waarbij het begrip armoede centraal stond. Onderzoekers gingen aan de slag met vraagstukken op het gebied van armoede in Den Haag en presenteerden op 29 maart hun resultaten. Tijd om de Haagse wethouder Baldewsingh te vragen hoe het staat met armoede in zijn gemeente en welke maatregelen Den Haag neemt om inwoners die leven in armoede te ondersteunen. Samen met plaatsvervangend Directeur-Generaal van het CBS Bert Kroese reageert de wethouder ook op de resultaten van het Datakamp.

Concrete problemen oplossen

De gemeente Den Haag beschikt vanuit de gemeentelijke registraties over veel data, maar er ontbreekt ook informatie. Denk bijvoorbeeld aan data over mensen in de bijstand die vanuit Den Haag verhuizen naar andere gemeenten of van bijstandsgerechtigden die in Den Haag komen wonen. Om meer zicht te krijgen op de ontbrekende data organiseerden het CBS, de gemeente Den Haag, het Centre for Bold Cities (samenwerking tussen de universiteiten van Rotterdam, Delft en Leiden) en de Digitale Stedenagenda eind maart een Datakamp over armoede. Acht teams van onderzoekers bogen zich hier over vraagstukken die varieerden van de uitstroom uit armoede tot de toekomst van jongeren die 5 jaar geleden via de politie met HALT in aanraking kwamen. Op 29 maart 2017 was de slotmanifestatie, waarbij genodigden van gemeenten, ministeries, universiteiten, hogescholen en bedrijven aanwezig waren. Baldewsingh: ‘Bewoners zitten met concrete problemen, die ambtenaren op het stadhuis niet alleen kunnen oplossen. Door kennis, kunde en ervaring bij elkaar te brengen in dit Datakamp vinden we nieuwe oplossingen.’

Inzetten op werk cruciaal

Hoeveel mensen leven in Den Haag op dit moment in armoede? Is dit aantal toe- of afgenomen in de afgelopen jaren? En wat zijn mogelijke redenen voor toe- of afname? ‘Het totaal aantal minimahuishoudens in Den Haag is in 2015 gegroeid. Was het aantal in 2013 nog iets meer dan 60.500, in 2015 bedroeg het bijna 63.000’, aldus Baldewsingh. ‘Het gaat hierbij niet alleen om huishoudens met een bijstandsuitkering - 42 procent van de minima heeft een bijstandsuitkering - maar juist ook om huishoudens met een ander inkomen. Dat zijn veel werkende armen en ouderen. Inwoners ondervinden de gevolgen van inkomensdaling en flexibilisering. Het prille economische herstel moet zich nog vertalen in werkgelegenheid. Blijvend inzetten op werk is dan ook cruciaal. Werk is immers de beste weg uit armoede.’ Opvallend is volgens Baldewsingh de verdubbeling van het aantal huishoudens dat korter dan 1 jaar onder de inkomensgrens valt: van 6.700 in 2013 naar 15.000 in 2015. Het aantal kinderen met risico op armoede - dat is 1 op de 5 - is stabiel gebleven en het aantal langdurige minima is gedaald.

‘Door kennis, kunde en ervaring bij elkaar te brengen in dit Datakamp vinden we nieuwe oplossingen’

Bestaande data verrijken

‘Den Haag heeft een stevig armoedebeleid’, aldus Baldewsingh. ‘Mensen die dat heel hard nodig hebben, krijgen goede ondersteuning om mee te kunnen doen in de samenleving.’ Voorbeelden van de voorzieningen zijn de Ooievaarspas – een pas waarmee mensen met een laag inkomen korting krijgen op activiteiten zoals sport en cultuur, een collectieve zorgverzekering, de bijzondere bijstand, gratis openbaar vervoer voor ouderen en het kindpakket, dat ervoor zorgt dat kinderen een vergoeding krijgen voor de aanschaf van schoolspullen, een computer of fiets. Daarnaast zijn er voorzieningen voor mensen met schulden. ‘In het Schuldenlab070 werken we samen met bedrijven en maatschappelijke instellingen om schulden van inwoners aan te pakken.’ De gemeente Den Haag brengt iedere twee jaar de Armoedemonitor uit. Deze monitor brengt de omvang en samenstelling in beeld van de groep inwoners die in armoede leeft. Ook meet de monitor het bereik van de regelingen die in het kader van het armoedebeleid zijn vastgesteld. Baldewsingh: ‘We gebruiken naast de gemeentelijke databronnen ook data van de Sociale Verzekeringsbank en waar mogelijk data van het CBS. Nadeel van de monitor, die samengesteld wordt door Bureau Kwiz, is dat deze minder goed zicht geeft op de werkende personen die in armoede leven. Door bestaande data te verrijken, willen we de groep werkende armen beter in beeld brengen. Zo is tijdens het Datakamp onderzocht in welke sectoren vooral minima werkzaam zijn.’

Enthousiasme en inspiratie

Plaatsvervangend Directeur-Generaal Bert Kroese was aanwezig tijdens de slotmanifestatie van het Datakamp en tijdens de 4-daagse werksessies bezocht hij de onderzoekers. ‘Wat ik vooral heb gezien is erg veel enthousiasme, inspiratie, drive en veel mogelijkheden! Dit Datakamp heeft bevestigd dat nauw contact tussen beleidsmakers en statistici erg belangrijk is. Beide partijen moeten elkaar leren begrijpen. Daarnaast levert de combinatie van expertise en data veel inzichten op. Door de nauwere samenwerking zie je ook beter welke keuzes het CBS moet maken. Gemeenten hebben bijvoorbeeld niet genoeg aan alleen heel nauwkeurige cijfers die laat beschikbaar komen. Zij willen daarnaast ook graag snellere cijfers en die mogen best wat minder nauwkeurig zijn.’ Het Datakamp bewijst dat er veel mogelijkheden zijn als onderzoekers van verschillende organisaties elkaar weten te vinden en als aan de basisvoorwaarden – bijvoorbeeld op het gebied van privacy – is voldaan.

Meer data, meer samenwerking

Opmerkelijk noemt Kroese de breedte van de onderwerpen die werden uitgediept tijdens het Datakamp. ‘Zo is onderzocht wat er op social media geschreven wordt over armoede in Den Haag en in hoeverre er sprake is van beweging van mensen met een bijstandsuitkering tussen Den Haag en andere steden. Interessant waren ook de kaarten van Den Haag die tonen in welke wijken mensen met bijstand wonen en in welke andere wijken mensen wonen die werken en tóch in armoede leven.’ Vrijwel alle teams gaven aan het eind van hun presentaties aan dat ze nóg meer data, nóg meer onderzoek en samenwerking wilden. Dat klonk veelbelovend voor het vervolg. Kroese noemt de slotmanifestatie op 29 maart - waarbij ook directeur inkomen, participatie en voorzieningen Fred Dukel van de gemeente Den Haag aanwezig was - heel erg geslaagd. ‘De zaal zat vol met meer dan 100 genodigden van gemeenten en ministeries. Daarnaast waren er geïnteresseerden van diverse universiteiten, hogescholen en bedrijven. Er was veel positieve energie.’

deelnemers van het datacamp

Maatschappelijke doelen

Volgens Baldewsingh is dit Datakamp een eerste stap in de verdere samenwerking met het CBS en andere kennisinstituten. ‘Inhoudelijk heb ik interessante resultaten gezien, al is er meer tijd nodig om de uitkomsten te beoordelen en nog eens tegen het licht te houden. We hebben goede aanknopingspunten gevonden voor nader onderzoek.’ Hoe ziet Kroese de samenwerking met de gemeente Den Haag? ‘Het CBS maakt statistieken, maar er kan veel meer dan dat. Er is veel vraag vanuit de samenleving om onze kennis, expertise en data breder inzetten. Met de gemeente Den Haag willen we scherp krijgen op welke beleidsvragen zij antwoord willen hebben. Samen komen we verder!’