Auteur(s) P. Feijten

Regionale geboortecijfers in Nederland

Over deze publicatie

Het geboortecijfer daalt sinds 2010. Vrouwen krijgen gemiddeld steeds minder kinderen, in Nederland en daarbuiten. Zien we die trend in alle regio’s van Nederland, en manifesteert die zich overal op dezelfde manier? In deze publicatie worden de regionale ontwikkelingen over de afgelopen tien jaar (2014-2024) beschreven, en wordt geanalyseerd welke factoren te maken hebben met regionale verschillen in geboortecijfers.

In het kort:
• Het gemiddeld kindertal per vrouw was in 2024 in bijna alle gemeenten lager dan in 2014.
• De verschillen tussen gemeenten zijn groot: in 2024 varieerde het gemiddeld kindertal per vrouw van 2,50 in Urk tot 0,58 op Schiermonnikoog.
• Het gemiddeld kindertal per vrouw is relatief hoog in de Biblebelt en relatief laag in grote steden. In 2014 was dit ook al zo.
• Grotere gezinnen en jonger moederschap komen relatief vaak voor in de Biblebelt, en later moederschap in grote steden.
• Hoe meer alleenwonende vrouwen in een gemeente, hoe lager het geboortecijfer.
• Gemeenten met relatief veel vrouwen die in het buitenland zijn geboren hebben ook een relatief laag geboortecijfer, al verschilt dit naar herkomst.
• Gemeenten met een groter aandeel stemmen op conservatief-christelijke partijen, een hoger mediaan inkomen en een groter aandeel nieuwbouwwoningen hebben gemiddeld een hoger geboortecijfer.