Auteur(s): P. Feijten

Regionale geboortecijfers in Nederland

Over deze publicatie

Het geboortecijfer daalt sinds 2010. Vrouwen krijgen gemiddeld steeds minder kinderen, in Nederland en daarbuiten. Zien we die trend in alle regio’s van Nederland, en manifesteert die zich overal op dezelfde manier? In deze publicatie worden de regionale ontwikkelingen over de afgelopen tien jaar (2014-2024) beschreven, en wordt geanalyseerd welke factoren te maken hebben met regionale verschillen in geboortecijfers.

In het kort:
• Het gemiddeld kindertal per vrouw was in 2024 in bijna alle gemeenten lager dan in 2014.
• De verschillen tussen gemeenten zijn groot: in 2024 varieerde het gemiddeld kindertal per vrouw van 2,50 in Urk tot 0,58 op Schiermonnikoog.
• Het gemiddeld kindertal per vrouw is relatief hoog in de Biblebelt en relatief laag in grote steden. In 2014 was dit ook al zo.
• Grotere gezinnen en jonger moederschap komen relatief vaak voor in de Biblebelt, en later moederschap in grote steden.
• Hoe meer alleenwonende vrouwen in een gemeente, hoe lager het geboortecijfer.
• Gemeenten met relatief veel vrouwen die in het buitenland zijn geboren hebben ook een relatief laag geboortecijfer, al verschilt dit naar herkomst.
• Gemeenten met een groter aandeel stemmen op conservatief-christelijke partijen, een hoger mediaan inkomen en een groter aandeel nieuwbouwwoningen hebben gemiddeld een hoger geboortecijfer.

1. Inleiding

In Nederland werden in 2024 ruim 166 duizend kinderen geboren. Dat kwam neer op 1,43 kind per vrouw in de vruchtbare leeftijd. In Europees perspectief behoort Nederland daarmee tot de middenmoot (CBS 2024a). In Spanje is het gemiddeld kindertal 1,10 en in Frankrijk 1,61. Ondanks de geografische verschillen, hebben alle Europese landen een trend gemeen: het gemiddeld aantal kinderen per vrouw daalt over de tijd (Eurostat, 2026). In Nederland is dit cijfer gedaald van 1,80 in 2010 naar 1,43 in 2024.

De dalende geboortetrend krijgt de laatste jaren meer aandacht in de media, de politiek en de wetenschap. Niemand weet of de daling zal aanhouden of zich zal herstellen. In de CBS Bevolkingsprognose wordt verwacht dat het kindertal per vrouw in de komende jaren iets zal terugveren, maar dat is allerminst zeker (Van Duin et al., 2025).

Van de ruim 166 duizend kinderen die in 2024 in Nederland ter wereld kwamen, werden er bijna 10 duizend geboren in de gemeente Amsterdam, en minder dan 5 op Schiermonnikoog. Dit illustreert de forse regionale spreiding van geboorten in Nederland. Ook uitgedrukt in kindertal per vrouw zijn er aanzienlijke verschillen: in de gemeente Urk kregen 15- tot 50-jarige vrouwen gemiddeld 2,5 kind, en in Schiermonnikoog 0,58; de twee uitersten in kindertal per vrouw in 2024 (CBS Dashboard Bevolking, 2026).

Van alle vrouwen die moeder worden, kregen de meesten tot nu toe een gezin met twee kinderen (CBS StatLine, 2023). Wel is er een toename te zien van vrouwen die geen kinderen krijgen (Van Duin & Feijten, 2023), al is het mogelijk dat sommigen die nu nog geen kind hebben alsnog een kind zullen krijgen. Gekeken naar moeders die hun vruchtbare levensfase afgerond hebben (ouder dan 50) blijkt dat ruim 20 procent van de moeders een gezin met 3 of meer kinderen kreeg.

De leeftijd waarop vrouwen voor het eerst een kind krijgen, stijgt al geruime tijd. In 2000 waren vrouwen gemiddeld 29,1 jaar oud bij de geboorte van hun eerste kind. Daarna is deze leeftijd geleidelijk opgelopen tot 30,4 jaar in 2024 (CBS, 2025). Nederlandse vrouwen worden relatief laat moeder, vergeleken met andere Europese landen. In België en Duitsland was de gemiddelde leeftijd van vrouwen bij het eerste kind respectievelijk 29,6 en 29,9 jaar in 2024 (Eurostat, 2026).

1.1 Onderzoeksvragen

Dit onderzoek brengt de huidige situatie in kaart en biedt daarmee informatie voor lagere overheden. Het bouwt voort op eerder onderzoek, maar voegt een actuele en gedetailleerde regionale analyse van geboortecijfers in Nederland toe. De volgende onderzoeksvragen staan centraal:

  1. Is het gemiddeld kindertal per vrouw in alle delen van Nederland in gelijke mate gedaald tussen 2014 en 2024?
  2. Welke regionale patronen zijn zichtbaar in geboortecijfers in 2024? Hierbij wordt gekeken naar het gemiddeld kindertal per vrouw, de gemiddelde leeftijd waarop vrouwen voor het eerst moeder worden en de gezinsgrootte.
  3. Welke demografische, economische, culturele en woningmarktgerelateerde kenmerken van gemeenten hangen samen met verschillen in het gemiddeld kindertal per vrouw?

1.2 Verschillen tussen gemeenten

Er zijn verschillende redenen waarom het geboortecijfer hoger ligt in de ene gemeente dan in de andere. In de literatuur worden vier typen determinanten onderscheiden: demografisch, economisch, cultureel en woningmarktgerelateerd (Huisman & De Jong, 2017). Op basis van eerder onderzoek worden de volgende samenhangen met het gemiddeld kindertal per vrouw verwacht:

Demografische kenmerken

  • Hoe hoger het aandeel 20- tot 40-jarige vrouwen in eenpersoonshuishoudens, hoe lager het gemiddeld kindertal per vrouw. De meeste mensen vinden een vaste relatie een belangrijke voorwaarde om kinderen te krijgen en vrouwen die alleenwonend zijn krijgen minder vaak kinderen (CBS StatLine, 2025a; Loozen & Kloosterman, 2019).
  • Hoe hoger het aandeel 20- tot 40-jarige vrouwen dat in het buitenland is geboren, hoe lager het gemiddeld kindertal per vrouw. Velen van hen verblijven tijdelijk in Nederland, bijvoorbeeld voor werk of studie, en krijgen hier geen kinderen (CBS, 2024b).

Economische kenmerken

  • Hoe hoger het mediane inkomen in een gemeente en hoe minder mensen met een uitkering, hoe hoger het gemiddeld kindertal per vrouw. De ruime meerderheid van de volwassenen vindt voldoende inkomen en een vaste baan belangrijke voorwaarden om een gezin te stichten (Loozen & Kloosterman, 2019; Van Wijk, 2023).

Culturele kenmerken

  • Hoe hoger het aandeel stemmers op ChristenUnie (CU) en Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP), hoe hoger het gemiddeld kindertal per vrouw. In protestantse kringen is het traditionele gezin een belangrijke kernwaarde, en zijn gezinnen gemiddeld groter (De Beer & Deerenberg, 2005).
  • Hoe traditioneler een gemeente, hoe hoger het gemiddeld kindertal per vrouw. In meer traditionele, vaak landelijke gebieden, ligt de nadruk sterker op gezinsvorming dan in stedelijke gebieden (Boyle et al., 2007; Huisman & De Jong, 2017).

Woningmarktkenmerken

  • Hoe meer eengezinswoningen en koopwoningen, hoe hoger het gemiddeld kindertal per vrouw. Mensen wachten vaak met kinderen krijgen tot ze in een ‘gezinsvriendelijke woning’ wonen (Van Wijk & Feijten, 2026).
  • Hoe meer nieuwbouwwoningen in een gemeente, hoe hoger het gemiddeld kindertal per vrouw. De groei van de woningvoorraad door nieuwbouw biedt ruimte aan mensen om te gaan samenwonen, of ruimer te gaan wonen, en dat kan bijdragen aan het realiseren van een mogelijke kinderwens.

2. Methode

2.1 Data

De geboortecijfers in 2014 en 2024 zijn gebaseerd op aantallen levendgeborenen in de CBS-microdata afkomstig uit de Basisregistratie Personen (BRP), inclusief gegevens over de leeftijd van de moeder bij de geboorte van het kind, en het rangnummer van het kind. De geboortecijfers zijn uitgerekend per provincie en gemeente. In 2014 telde Nederland 403 gemeenten, in 2024 waren dit er 342 door gemeentelijke herindelingen. Met een hercodeerschema zijn de gemeenten van 2014 omgezet naar de indeling van 2024, waardoor de cijfers tussen de jaren goed vergelijkbaar zijn. Met deze data worden onderzoeksvragen 1 en 2 beantwoord.

Voor onderzoeksvraag 3 zijn de gemeentelijke geboortecijfers gecombineerd met relevante kenmerken van gemeenten, afkomstig uit diverse StatLine-tabellen van de collectie Nederland regionaal (https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/navigatieScherm/thema?themaNr=4440). Dat zijn achtereenvolgens:

  • aandeel vrouwen van 20 tot 40 jaar in een eenpersoonshuishouden
  • aandeel vrouwen van 20 tot 40 jaar geboren in het buitenland
  • aandeel vrouwen van 20 tot 40 jaar met herkomst in Afrika
  • mediaan inkomen (bij drie kleine gemeenten was het inkomen van 2024 niet bekend en is het inkomen van 2023 gebruikt)
  • aandeel woningen in de woningvoorraad dat in de afgelopen vijf jaar is gebouwd

Daarnaast zijn gegevens gebruikt over het aandeel stemmers op de CU en de SGP bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2023 per gemeente, als indicator van het aandeel inwoners dat conservatief-protestants is (Kiesraad, 2026). Voor 113 kleine gemeenten (minder dan 25 duizend inwoners) is het gemiddeld kindertal per vrouw (total fertility rate (TFR), zie definities) gemiddeld over 2022, 2023 en 2024 genomen, om toevallige jaarfluctuaties door kleine aantallen geboorten te beperken. In tabel B1 in de bijlage staan beschrijvende statistieken van de variabelen.

2.2 Methode

De beschrijvende analyses tonen drie soorten geboortecijfers per gemeente: het gemiddeld kindertal per vrouw (TFR, zie definities), de gemiddelde leeftijd van de moeder bij de geboorte van het eerste kind en het aandeel derde en volgende kinderen van alle levendgeborenen. Deze cijfers worden getoond in geografische kaarten. De precieze waarde voor iedere gemeente staat in de dropdown-tabel onder iedere kaart, en is ook te zien door met de muis over de betreffende gemeente te bewegen op de kaart.

Het verband tussen het gemiddeld kindertal per vrouw en gemeentelijke kenmerken is geanalyseerd in een regressiemodel. Het gemiddeld kindertal per vrouw van gemeenten is daarmee geschat, met verschillende gemeentekenmerken als voorspellers. Diverse demografische, economische, culturele en woningmarktgerelateerde kenmerken, waarvan uit de literatuur bekend is dat ze samenhangen met het geboortecijfer, zijn geanalyseerd. Eerst de clusters afzonderlijk, en daarna in combinatie. Uiteindelijk was er één model dat de beste fit, de sterkste effecten en de hoogste verklaarde variantie had. Daarin verklaren de zes voorspellers 77 procent van de variatie in gemiddeld kindertal per vrouw tussen gemeenten. In tabel B2 in de bijlage staan de regressie-coëfficiënten en de modelparameters van het regressiemodel.

Om de effecten van de voorspellers in het model op het gemiddeld kindertal per vrouw inzichtelijker te maken, is de regressievergelijking ingevuld met de minimum-, gemiddelde- en maximumwaarde van afzonderlijke voorspellers, terwijl de waarde van de overige voorspellers op hun gemiddelde werd gehouden. Dit leverde een reeks geschatte TFR’s op, waaraan te zien is wat het effectbereik is van iedere voorspeller op het gemiddeld kindertal per vrouw.

2.3 Definities

Het meest gebruikte geboortecijfer, dat ook in dit artikel wordt gehanteerd, is het gemiddeld kindertal per vrouw (total fertility rate; TFR). Dit geeft aan hoeveel kinderen vrouwen gemiddeld zouden krijgen als ze gedurende hun hele vruchtbare levensfase (15 tot 50 jaar) de leeftijdsspecifieke vruchtbaarheid van één bepaald jaar zouden volgen. (Het CBS erkent dat transgender en non-binaire personen ook kinderen kunnen baren. In dit artikel wordt de term ‘vrouw’ gebruikt om aan te sluiten bij het gangbare termgebruik in de demografie.)

De TFR wordt berekend in twee stappen. Eerst wordt per leeftijdsjaar tussen 15 en 50 het aandeel vrouwen dat een kind krijgt berekend. Stel bijvoorbeeld dat er op 31 december van een jaar 100 duizend 25-jarige vrouwen in Nederland zouden zijn, en dat er dat jaar 5 duizend kinderen waren geboren bij die vrouwen. Dan zou het aandeel 25-jarige vrouwen dat een kind kreeg 0,05 bedragen (namelijk: 5 duizend gedeeld door 100 duizend). Dit wordt berekend voor alle leeftijden van 15 tot en met 49 jaar. In de tweede stap worden de aandelen van alle leeftijdsjaren opgeteld. De som van de aandelen is het gemiddeld kindertal per vrouw ofwel de TFR van dat jaar. Bij de officiële berekening wordt er ook rekening mee gehouden dat het aantal vrouwen van een bepaalde leeftijd niet het hele jaar hetzelfde is (doordat vrouwen naar Nederland immigreren of uit Nederland emigreren), maar dat is voor dit voorbeeld buiten beschouwing gelaten.

Het voordeel van deze methode is dat het cijfer niet wordt beïnvloed door de leeftijdssamenstelling van de bevolking. Het maakt dus niet uit als er bijvoorbeeld in het ene jaar meer 25-jarige vrouwen in de bevolking zijn dan in het andere jaar. Daardoor is dit cijfer makkelijk te vergelijken in de tijd, en ook met andere landen. Een ander voordeel is dat het cijfer berekend kan worden op basis van de kennis die op dat moment beschikbaar is; je hoeft niet te wachten tot vrouwen aan het einde van hun vruchtbare periode zijn om het cijfer te berekenen.

Een nadeel van de TFR is dat het een momentopname is, gebaseerd op geboorten van vrouwen uit verschillende geboortejaren (cohorten). De timing van geboorten verschilt tussen cohorten vrouwen, zoals blijkt uit analyses van opeenvolgende cohorten die inmiddels het einde van de vruchtbare levensfase hebben bereikt (zie bijvoorbeeld Van Duin & Feijten, 2023). Door timingsverschillen tussen cohorten kan de TFR van jaar op jaar verschillen, terwijl de vrouwen uiteindelijk ongeveer even grote gezinnen krijgen. Als vuistregel geldt: als vrouwen kinderen krijgen uitstellen, ten opzichte van de vrouwen voor hen, dan gaat de TFR omlaag. Als vrouwen het kinderen krijgen inhalen, gaat de TFR omhoog. De TFR van 1,43 in 2024 kan dus nog gaan stijgen als vrouwen alsnog kinderen krijgen die ze tot dan toe hadden uitgesteld. Als vrouwen kinderen krijgen afstellen zal de TFR laag blijven. In landen waar de TFR al langere tijd laag is, zoals Zuid-Korea en Italië, blijkt dat vrouwen uiteindelijk vaker kinderloos blijven of kleinere gezinnen krijgen dan eerdere cohorten.

3. Resultaten

3.1 Gemiddeld kindertal naar regio

Gemiddeld kindertal per vrouw het laagst in grote steden

In 2024 liep het gemiddeld kindertal per vrouw (TFR) tussen gemeenten uiteen van 0,58 op Schiermonnikoog tot 2,50 in Urk. De TFR is het laagst in een aantal grote steden, waaronder Amsterdam, Utrecht, Nijmegen, Groningen en Leiden. Ook in veel gemeenten in Limburg ligt het cijfer relatief laag. De gemeenten met de hoogste TFR liggen in een schuine band over Nederland, van Zeeland via midden-Nederland en Overijssel naar Frŷslan en Drenthe; de zogenaamde Biblebelt. Ook in gemeenten rondom grote steden, waar veel woonwijken met eengezinswoningen zijn, is de TFR vaak hoger dan het landelijk gemiddelde (1,43).

3.1.1 TFR, 2024
GemeentenaamStatcode
Aa en Hunze1,44
Aalsmeer1,39
Aalten1,82
Achtkarspelen1,70
Alblasserdam1,92
Albrandswaard1,81
Alkmaar1,51
Almelo1,58
Almere1,52
Alphen aan den Rijn1,67
Alphen-Chaam1,61
Altena1,72
Ameland1,12
Amersfoort1,56
Amstelveen1,06
Amsterdam1,12
Apeldoorn1,51
Arnhem1,19
Assen1,51
Asten1,69
Baarle-Nassau1,49
Baarn1,52
Barendrecht1,65
Barneveld2,28
Beek (L.)1,31
Beekdaelen1,50
Beesel1,63
Berg en Dal1,58
Bergeijk1,79
Bergen (L.)1,48
Bergen (NH.)1,37
Bergen op Zoom1,60
Berkelland1,60
Bernheze1,55
Best1,58
Beuningen1,74
Beverwijk1,56
Bladel1,44
Blaricum1,65
Bloemendaal1,57
Bodegraven-Reeuwijk2,05
Boekel1,89
Borger-Odoorn1,55
Borne1,55
Borsele1,75
Boxtel1,59
Breda1,32
Bronckhorst1,65
Brummen1,55
Brunssum1,54
Bunnik1,69
Bunschoten1,63
Buren1,63
Capelle aan den IJssel1,48
Castricum1,72
Coevorden1,62
Cranendonck1,55
Culemborg1,83
Dalfsen1,80
Dantumadiel1,60
De Bilt1,63
De Fryske Marren1,67
De Ronde Venen1,74
De Wolden1,84
Delft1,13
Den Helder1,48
Deurne1,70
Deventer1,44
Diemen1,15
Dijk en Waard1,56
Dinkelland1,78
Doesburg1,81
Doetinchem1,49
Dongen1,47
Dordrecht1,46
Drechterland1,72
Drimmelen1,50
Dronten1,51
Druten1,60
Duiven1,62
Echt-Susteren1,35
Edam-Volendam1,81
Ede1,73
Eemnes1,40
Eemsdelta1,67
Eersel1,55
Eijsden-Margraten1,79
Eindhoven1,16
Elburg1,62
Emmen1,62
Enkhuizen1,54
Enschede1,26
Epe1,66
Ermelo1,54
Etten-Leur1,59
Geertruidenberg1,29
Geldrop-Mierlo1,52
Gemert-Bakel1,65
Gennep1,43
Gilze en Rijen1,67
Goeree-Overflakkee1,64
Goes1,47
Goirle1,69
Gooise Meren1,73
Gorinchem1,45
Gouda1,63
Groningen (gemeente)1,07
Gulpen-Wittem1,22
Haaksbergen1,58
Haarlem1,36
Haarlemmermeer1,51
Halderberge1,61
Hardenberg1,61
Harderwijk1,63
Hardinxveld-Giessendam2,05
Harlingen1,90
Hattem1,64
Heemskerk1,53
Heemstede1,49
Heerde1,83
Heerenveen1,65
Heerlen1,32
Heeze-Leende1,65
Heiloo1,65
Hellendoorn1,64
Helmond1,42
Hendrik-Ido-Ambacht1,88
Hengelo (O.)1,56
Het Hogeland1,52
Heumen1,27
Heusden1,50
Hillegom1,63
Hilvarenbeek1,74
Hilversum1,41
Hoeksche Waard1,58
Hof van Twente1,78
Hollands Kroon1,69
Hoogeveen1,56
Hoorn1,64
Horst aan de Maas1,50
Houten1,72
Huizen1,67
Hulst1,26
IJsselstein1,63
Kaag en Braassem1,80
Kampen1,84
Kapelle1,97
Katwijk1,64
Kerkrade1,39
Koggenland1,79
Krimpen aan den IJssel1,59
Krimpenerwaard1,86
Laarbeek1,84
Land van Cuijk1,62
Landgraaf1,45
Landsmeer1,51
Lansingerland1,81
Laren (NH.)1,54
Leeuwarden1,34
Leiden0,94
Leiderdorp1,76
Leidschendam-Voorburg1,36
Lelystad1,51
Leudal1,47
Leusden1,56
Lingewaard1,64
Lisse1,45
Lochem1,55
Loon op Zand1,53
Lopik2,03
Losser1,48
Maasdriel1,56
Maasgouw1,54
Maashorst1,61
Maassluis1,54
Maastricht0,97
Medemblik1,70
Meerssen1,34
Meierijstad1,59
Meppel1,48
Middelburg (Z.)1,51
Midden-Delfland1,70
Midden-Drenthe1,52
Midden-Groningen1,53
Moerdijk1,50
Molenlanden1,88
Montferland1,59
Montfoort1,90
Mook en Middelaar1,46
Neder-Betuwe2,28
Nederweert1,61
Nieuwegein1,55
Nieuwkoop1,60
Nijkerk1,69
Nijmegen1,19
Nissewaard1,39
Noardeast-Fryslân1,69
Noord-Beveland1,50
Noordenveld1,63
Noordoostpolder1,66
Noordwijk1,43
Nuenen, Gerwen en Nederwetten2,00
Nunspeet2,25
Oegstgeest1,48
Oirschot1,70
Oisterwijk1,73
Oldambt1,51
Oldebroek1,92
Oldenzaal1,58
Olst-Wijhe1,73
Ommen1,87
Oost Gelre1,75
Oosterhout1,59
Ooststellingwerf1,61
Oostzaan1,51
Opmeer1,61
Opsterland1,54
Oss1,48
Oude IJsselstreek1,43
Ouder-Amstel1,41
Oudewater1,88
Overbetuwe1,61
Papendrecht1,73
Peel en Maas1,53
Pekela1,39
Pijnacker-Nootdorp1,60
Purmerend1,55
Putten1,75
Raalte1,82
Reimerswaal1,90
Renkum1,41
Renswoude2,31
Reusel-De Mierden1,70
Rheden1,31
Rhenen1,77
Ridderkerk1,69
Rijssen-Holten1,75
Rijswijk (ZH.)1,62
Roerdalen1,74
Roermond1,47
Roosendaal1,48
Rotterdam1,26
Rozendaal1,61
Rucphen1,46
Schagen1,69
Scherpenzeel2,09
Schiedam1,43
Schiermonnikoog0,63
Schouwen-Duiveland1,56
's-Gravenhage (gemeente)1,30
's-Hertogenbosch1,38
Simpelveld1,50
Sint-Michielsgestel1,75
Sittard-Geleen1,33
Sliedrecht1,81
Sluis1,46
Smallingerland1,75
Soest1,80
Someren1,65
Son en Breugel1,88
Stadskanaal1,76
Staphorst2,35
Stede Broec1,66
Steenbergen1,51
Steenwijkerland1,64
Stein (L.)1,37
Stichtse Vecht1,61
Súdwest-Fryslân1,75
Terneuzen1,68
Terschelling1,55
Texel1,65
Teylingen1,58
Tholen1,96
Tiel1,48
Tilburg1,21
Tubbergen1,89
Twenterand1,83
Tynaarlo1,87
Tytsjerksteradiel1,45
Uitgeest1,74
Uithoorn1,49
Urk2,50
Utrecht (gemeente)1,22
Utrechtse Heuvelrug1,78
Vaals0,98
Valkenburg aan de Geul1,33
Valkenswaard1,48
Veendam1,46
Veenendaal1,83
Veere1,70
Veldhoven1,45
Velsen1,52
Venlo1,42
Venray1,37
Vijfheerenlanden1,92
Vlaardingen1,38
Vlieland0,58
Vlissingen1,41
Voerendaal1,52
Voorne aan Zee1,51
Voorschoten1,47
Voorst1,81
Vught1,71
Waadhoeke1,59
Waalre1,50
Waalwijk1,41
Waddinxveen2,09
Wageningen0,89
Wassenaar1,32
Waterland1,26
Weert1,43
West Betuwe1,88
West Maas en Waal1,77
Westerkwartier1,76
Westerveld1,47
Westervoort1,49
Westerwolde1,39
Westland1,56
Weststellingwerf1,67
Wierden1,79
Wijchen1,50
Wijdemeren1,52
Wijk bij Duurstede1,62
Winterswijk1,54
Woensdrecht1,38
Woerden1,66
Wormerland1,58
Woudenberg2,01
Zaanstad1,51
Zaltbommel1,83
Zandvoort1,28
Zeewolde1,47
Zeist1,49
Zevenaar1,53
Zoetermeer1,54
Zoeterwoude1,56
Zuidplas1,85
Zundert1,51
Zutphen1,69
Zwartewaterland1,99
Zwijndrecht1,54
Zwolle1,41


3.1.2 TFR, 2014
GemeentenaamStatcode
Aa en Hunze1,88
Aalsmeer1,72
Aalten1,79
Achtkarspelen1,84
Alblasserdam2,37
Albrandswaard2,03
Alkmaar1,76
Almelo1,73
Almere1,74
Alphen aan den Rijn1,77
Alphen-Chaam1,68
Altena1,96
Ameland2,12
Amersfoort1,86
Amstelveen1,67
Amsterdam1,52
Apeldoorn1,70
Arnhem1,59
Assen1,83
Asten1,87
Baarle-Nassau1,45
Baarn1,80
Barendrecht1,87
Barneveld2,44
Beek (L.)1,77
Beekdaelen1,77
Beesel1,50
Berg en Dal1,99
Bergeijk1,95
Bergen (L.)1,97
Bergen (NH.)1,74
Bergen op Zoom1,65
Berkelland1,72
Bernheze1,83
Best1,73
Beuningen1,80
Beverwijk1,81
Bladel1,61
Blaricum1,87
Bloemendaal1,80
Bodegraven-Reeuwijk2,23
Boekel1,92
Borger-Odoorn1,78
Borne1,94
Borsele2,11
Boxtel1,72
Breda1,58
Bronckhorst1,85
Brummen1,67
Brunssum1,54
Bunnik1,88
Bunschoten1,97
Buren1,90
Capelle aan den IJssel1,88
Castricum1,78
Coevorden1,83
Cranendonck1,67
Culemborg1,73
Dalfsen2,01
Dantumadiel2,07
De Bilt1,77
De Fryske Marren1,87
De Ronde Venen1,87
De Wolden1,94
Delft1,38
Den Helder1,72
Deurne2,05
Deventer1,69
Diemen1,30
Dijk en Waard1,88
Dinkelland2,15
Doesburg1,63
Doetinchem2,02
Dongen1,70
Dordrecht1,83
Drechterland1,93
Drimmelen1,75
Dronten1,89
Druten1,62
Duiven1,78
Echt-Susteren1,58
Edam-Volendam1,74
Ede1,93
Eemnes1,79
Eemsdelta1,83
Eersel2,13
Eijsden-Margraten1,77
Eindhoven1,47
Elburg2,28
Emmen1,69
Enkhuizen1,60
Enschede1,59
Epe1,76
Ermelo1,89
Etten-Leur1,80
Geertruidenberg1,68
Geldrop-Mierlo1,77
Gemert-Bakel1,96
Gennep1,80
Gilze en Rijen1,91
Goeree-Overflakkee2,02
Goes1,74
Goirle1,94
Gooise Meren1,94
Gorinchem1,78
Gouda1,95
Groningen (gemeente)1,39
Gulpen-Wittem1,53
Haaksbergen1,89
Haarlem1,73
Haarlemmermeer1,58
Halderberge2,00
Hardenberg2,09
Harderwijk1,81
Hardinxveld-Giessendam2,20
Harlingen1,82
Hattem2,08
Heemskerk1,58
Heemstede1,89
Heerde2,09
Heerenveen2,15
Heerlen1,49
Heeze-Leende2,00
Heiloo1,61
Hellendoorn1,64
Helmond1,79
Hendrik-Ido-Ambacht2,05
Hengelo (O.)1,74
Het Hogeland2,05
Heumen2,13
Heusden1,91
Hillegom1,71
Hilvarenbeek1,63
Hilversum1,70
Hoeksche Waard1,87
Hof van Twente1,93
Hollands Kroon1,93
Hoogeveen1,86
Hoorn1,86
Horst aan de Maas1,83
Houten1,88
Huizen1,99
Hulst1,90
IJsselstein1,74
Kaag en Braassem1,81
Kampen2,01
Kapelle2,05
Katwijk2,01
Kerkrade1,57
Koggenland2,18
Krimpen aan den IJssel2,23
Krimpenerwaard1,89
Laarbeek1,83
Land van Cuijk1,75
Landgraaf1,59
Landsmeer1,92
Lansingerland2,12
Laren (NH.)2,13
Leeuwarden1,65
Leiden1,39
Leiderdorp1,75
Leidschendam-Voorburg1,92
Lelystad1,96
Leudal1,68
Leusden2,01
Lingewaard1,75
Lisse1,75
Lochem1,92
Loon op Zand1,61
Lopik1,88
Losser1,55
Maasdriel1,93
Maasgouw1,46
Maashorst1,87
Maassluis1,76
Maastricht1,18
Medemblik1,87
Meerssen1,68
Meierijstad1,90
Meppel1,81
Middelburg (Z.)1,82
Midden-Delfland1,99
Midden-Drenthe1,94
Midden-Groningen1,83
Moerdijk1,82
Molenlanden2,22
Montferland1,65
Montfoort2,23
Mook en Middelaar1,54
Neder-Betuwe2,25
Nederweert1,73
Nieuwegein1,89
Nieuwkoop2,03
Nijkerk2,08
Nijmegen1,44
Nissewaard1,63
Noardeast-Fryslân2,00
Noord-Beveland1,91
Noordenveld1,81
Noordoostpolder2,10
Noordwijk1,69
Nuenen, Gerwen en Nederwetten2,00
Nunspeet2,23
Oegstgeest1,94
Oirschot1,92
Oisterwijk1,63
Oldambt1,68
Oldebroek2,03
Oldenzaal1,88
Olst-Wijhe1,77
Ommen2,17
Oost Gelre1,68
Oosterhout1,78
Ooststellingwerf1,95
Oostzaan1,78
Opmeer1,89
Opsterland2,00
Oss1,80
Oude IJsselstreek1,96
Ouder-Amstel1,75
Oudewater1,88
Overbetuwe2,07
Papendrecht1,98
Peel en Maas1,69
Pekela2,04
Pijnacker-Nootdorp1,91
Purmerend1,58
Putten1,91
Raalte2,10
Reimerswaal2,28
Renkum1,89
Renswoude3,03
Reusel-De Mierden1,82
Rheden1,66
Rhenen1,96
Ridderkerk1,70
Rijssen-Holten2,46
Rijswijk (ZH.)1,85
Roerdalen1,57
Roermond1,45
Roosendaal1,79
Rotterdam1,66
Rozendaal1,53
Rucphen1,50
Schagen1,74
Scherpenzeel2,33
Schiedam1,73
Schiermonnikoog0,76
Schouwen-Duiveland1,82
's-Gravenhage (gemeente)1,71
's-Hertogenbosch1,75
Simpelveld1,54
Sint-Michielsgestel2,01
Sittard-Geleen1,48
Sliedrecht1,95
Sluis1,89
Smallingerland1,84
Soest1,89
Someren1,76
Son en Breugel2,05
Stadskanaal1,91
Staphorst2,65
Stede Broec1,87
Steenbergen1,61
Steenwijkerland2,04
Stein (L.)1,30
Stichtse Vecht1,92
Súdwest-Fryslân1,89
Terneuzen1,75
Terschelling1,94
Texel1,82
Teylingen1,85
Tholen2,25
Tiel1,84
Tilburg1,54
Tubbergen1,92
Twenterand1,93
Tynaarlo2,41
Tytsjerksteradiel1,95
Uitgeest2,07
Uithoorn1,69
Urk2,70
Utrecht (gemeente)1,66
Utrechtse Heuvelrug1,85
Vaals1,34
Valkenburg aan de Geul1,44
Valkenswaard1,61
Veendam1,73
Veenendaal1,93
Veere2,24
Veldhoven1,79
Velsen1,72
Venlo1,57
Venray1,70
Vijfheerenlanden1,95
Vlaardingen1,82
Vlieland1,59
Vlissingen1,64
Voerendaal1,92
Voorne aan Zee1,61
Voorschoten1,95
Voorst2,15
Vught1,88
Waadhoeke2,01
Waalre2,06
Waalwijk1,76
Waddinxveen2,11
Wageningen1,15
Wassenaar1,74
Waterland2,24
Weert1,77
West Betuwe1,99
West Maas en Waal2,05
Westerkwartier2,08
Westerveld2,08
Westervoort1,56
Westerwolde1,87
Westland1,69
Weststellingwerf2,01
Wierden2,01
Wijchen1,60
Wijdemeren2,00
Wijk bij Duurstede2,04
Winterswijk1,85
Woensdrecht1,75
Woerden1,86
Wormerland1,78
Woudenberg2,20
Zaanstad1,75
Zaltbommel2,19
Zandvoort1,49
Zeewolde2,03
Zeist1,93
Zevenaar1,88
Zoetermeer1,71
Zoeterwoude2,05
Zuidplas1,94
Zundert1,57
Zutphen1,61
Zwartewaterland2,19
Zwijndrecht1,90
Zwolle1,75

Sterkste daling in Fryslân, Flevoland en Zuid-Holland

In vrijwel alle gemeenten lag het gemiddeld kindertal in 2024 lager dan in 2014; in slechts 6 procent van de gemeenten was de TFR gestegen. Deze ‘stijgers’ – onder andere Doesburg, Lopik en Oisterwijk – lagen verspreid door het land, met een iets hogere concentratie in Limburg. In 2014 lag de TFR in ruim de helft van de gemeenten nog boven de 1,75 (in 2024 was dat gedaald naar bijna 19 procent). Toen tekende zich ook al het patroon af van hogere TFR’s in de Biblebelt en lagere TFR’s in de grote steden. Daarnaast was de TFR laag in Zuid- en Midden-Limburg. Logischerwijs bleef de daling daar tot 2024 beperkter. Ook op andere plekken zette de daling waarschijnlijk al voor 2014 in, aangezien de landelijke TFR al sinds 2010 afneemt. In de provincies Frŷslan, Flevoland en Zuid-Holland was de daling tussen 2014 en 2024 het sterkst: 19 procent. In Zeeland bleef de daling met 11 procent het meest beperkt. In zeer sterk stedelijke gebieden daalde de TFR harder dan in minder stedelijke gebieden.

Ook in oudere studies werden al verschillen gevonden tussen grote steden en het gebied daaromheen, en relatief hoge geboortecijfers in de Biblebelt (De Beer & Deerenberg, 2005; Huisman & De Jong, 2017). Maar dat was niet altijd zo. In 1960 was de TFR juist relatief hoog in het zuidoosten van het land, vooral in Noord-Brabant en Limburg, waar veel katholieken woonden, terwijl protestantse gebieden toen een lagere TFR hadden. Tegenwoordig is dat andersom (NIDI, 2003): juist in de protestantse gebieden ligt de TFR hoger. Ook grote steden hadden destijds nog geen duidelijk lager geboortecijfer, terwijl dat nu wel het geval is.

3.1.3 Huwelijkse vruchtbaarheid, 19601)
Kaartje om een indruk te geven van de huwelijkse vruchtbaarheid in 1960. Opvallendste uitschieters zijn zuidoostelijk Noord-Brabant, noordelijk Zuid-Limburg en de Noordoostpolder met 150 levendgeborenen per 100 gehuwde vrouwen
150 of meer

125 tot 150

100 tot 125

75 tot 100

minder dan 75

1)Aantal wettig levendgeborenen per 100 gehuwde vrouwen, 1960
Bron: CBS (1981). Regionale huwelijksvruchtbaarheid, provinciale cijfers, 1849/1850-1979. Den Haag: Staatsuitgeverij.

 

3.2 Gezinsgrootte en leeftijd moeder

Grote gezinnen komen vooral voor in de Biblebelt

Eerstgeborenen vormen de grootste groep van alle levendgeborenen. In 2024 was bijna de helft van alle levend geboren kinderen het eerste kind van de moeder (46 procent). Daarnaast was 37 procent een tweede kind, 12 procent een derde kind en 5 procent een vierde of volgende kind. Sinds het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw is de verdeling al ongeveer zo (CBS StatLine, 2025b). Het komt maar weinig voor dat moeders meer dan vier kinderen krijgen.

Het aandeel derde en volgende kinderen van alle geboorten in een gemeente geeft een indicatie van de gezinsgrootte. Hoe hoger dit aandeel, hoe groter de gezinnen (zie ook CBS StatLine (2025c) voor aantallen huishoudens met 1, 2 of 3 en meer kinderen). Grotere gezinnen komen vooral voor in de Biblebelt, de strook die loopt van Zeeland, in noordoostelijke richting tot Drenthe en Frŷslan, waar relatief veel protestanten wonen. In Staphorst was 41 procent van de levend geboren kinderen een derde of volgend kind.

Gemeenten met een laag aandeel derde of volgende kinderen liggen vooral in Limburg, Noord-Brabant, Noord-Holland en Utrecht. De grote steden springen er niet speciaal uit. Hoewel daar minder vrouwen kinderen krijgen, hebben degenen die wel kinderen krijgen gemiddeld even grote gezinnen als gemiddeld.

3.2.1 Derde en volgende kinderen, 2024
GemeentenaamStatcode
Groningen (gemeente)13,1
Almere18,7
Stadskanaal18,9
Veendam16,5
Zeewolde13,9
Achtkarspelen23,7
Ameland24,0
Harlingen23,4
Heerenveen19,0
Leeuwarden14,5
Ooststellingwerf25,1
Opsterland21,4
Schiermonnikoog33,3
Smallingerland18,6
Terschelling7,7
Vlieland25,0
Weststellingwerf20,4
Assen17,4
Coevorden15,6
Emmen19,0
Hoogeveen17,2
Meppel14,1
Almelo16,6
Borne17,5
Dalfsen20,9
Deventer14,3
Enschede16,0
Haaksbergen16,0
Hardenberg21,8
Hellendoorn13,4
Hengelo (O.)13,9
Kampen21,6
Losser17,2
Noordoostpolder21,7
Oldenzaal16,3
Ommen24,7
Raalte17,2
Staphorst41,2
Tubbergen10,4
Urk39,7
Wierden13,0
Zwolle16,4
Aalten21,9
Apeldoorn16,1
Arnhem15,4
Barneveld32,2
Beuningen16,9
Brummen17,6
Buren16,5
Culemborg18,5
Doesburg13,5
Doetinchem13,7
Druten15,6
Duiven9,9
Ede25,8
Elburg29,5
Epe22,5
Ermelo22,6
Harderwijk17,9
Hattem20,4
Heerde16,6
Heumen14,7
Lochem18,5
Maasdriel12,4
Nijkerk21,0
Nijmegen14,3
Oldebroek25,9
Putten21,5
Renkum14,3
Rheden17,8
Rozendaal15,4
Scherpenzeel26,1
Tiel14,8
Voorst22,3
Wageningen16,5
Westervoort9,6
Winterswijk15,5
Wijchen10,5
Zaltbommel24,4
Zevenaar14,3
Zutphen16,2
Nunspeet28,3
Dronten17,7
Amersfoort13,8
Baarn15,5
De Bilt19,2
Bunnik11,7
Bunschoten23,1
Eemnes17,8
Houten13,4
Leusden13,4
Lopik20,5
Montfoort24,6
Renswoude36,1
Rhenen29,4
Soest20,9
Utrecht (gemeente)14,9
Veenendaal22,3
Woudenberg27,6
Wijk bij Duurstede18,6
IJsselstein9,4
Zeist17,7
Nieuwegein18,0
Aalsmeer11,2
Alkmaar13,5
Amstelveen12,8
Amsterdam13,8
Bergen (NH.)13,9
Beverwijk19,0
Blaricum26,7
Bloemendaal25,8
Castricum18,5
Diemen13,4
Edam-Volendam12,4
Enkhuizen19,0
Haarlem13,8
Haarlemmermeer14,8
Heemskerk17,0
Heemstede21,8
Heiloo20,5
Den Helder16,7
Hilversum13,4
Hoorn15,9
Huizen16,7
Landsmeer22,9
Laren (NH.)23,3
Medemblik12,9
Oostzaan10,3
Opmeer16,8
Ouder-Amstel10,0
Purmerend15,5
Schagen16,9
Texel17,1
Uitgeest7,9
Uithoorn16,4
Velsen19,0
Zandvoort9,7
Zaanstad18,0
Alblasserdam28,7
Alphen aan den Rijn14,6
Barendrecht18,6
Drechterland19,7
Capelle aan den IJssel20,7
Delft15,3
Dordrecht16,4
Gorinchem20,7
Gouda17,9
's-Gravenhage (gemeente)18,6
Hardinxveld-Giessendam29,4
Hendrik-Ido-Ambacht20,7
Stede Broec16,6
Hillegom14,0
Katwijk22,5
Krimpen aan den IJssel26,0
Leiden15,0
Leiderdorp13,6
Lisse14,3
Maassluis21,0
Nieuwkoop14,8
Noordwijk12,3
Oegstgeest15,9
Oudewater8,5
Papendrecht20,0
Ridderkerk22,8
Rotterdam19,1
Rijswijk (ZH.)17,5
Schiedam16,5
Sliedrecht23,1
Albrandswaard19,6
Vlaardingen20,6
Voorschoten9,3
Waddinxveen19,4
Wassenaar26,2
Woerden17,3
Zoetermeer20,2
Zoeterwoude11,3
Zwijndrecht20,5
Borsele26,5
Goes24,1
West Maas en Waal15,9
Hulst16,0
Kapelle27,7
Middelburg (Z.)21,5
Reimerswaal34,1
Terneuzen18,1
Tholen30,4
Veere26,6
Vlissingen19,7
De Ronde Venen18,1
Tytsjerksteradiel18,6
Asten11,4
Baarle-Nassau9,6
Bergen op Zoom20,2
Best14,1
Boekel17,9
Boxtel10,7
Breda13,7
Deurne15,4
Pekela17,2
Dongen10,2
Eersel15,2
Eindhoven13,4
Etten-Leur12,5
Geertruidenberg13,9
Gilze en Rijen15,6
Goirle12,6
Helmond14,3
's-Hertogenbosch12,9
Heusden13,3
Hilvarenbeek15,3
Loon op Zand19,7
Nuenen, Gerwen en Nederwetten12,3
Oirschot10,1
Oisterwijk13,4
Oosterhout14,6
Oss14,6
Rucphen13,2
Sint-Michielsgestel12,7
Someren12,5
Son en Breugel12,1
Steenbergen12,7
Waterland20,2
Tilburg14,6
Valkenswaard12,5
Veldhoven11,1
Vught12,2
Waalre13,3
Waalwijk12,5
Woensdrecht10,8
Zundert13,5
Wormerland12,3
Landgraaf17,3
Beek (L.)17,2
Beesel10,0
Bergen (L.)20,8
Brunssum14,4
Gennep15,8
Heerlen17,0
Kerkrade17,3
Maastricht14,5
Meerssen8,3
Mook en Middelaar29,1
Nederweert14,9
Roermond16,1
Simpelveld14,9
Stein (L.)10,0
Vaals9,5
Venlo14,3
Venray15,5
Voerendaal14,0
Weert16,4
Valkenburg aan de Geul7,8
Lelystad20,9
Horst aan de Maas15,0
Oude IJsselstreek15,8
Teylingen14,7
Utrechtse Heuvelrug23,0
Oost Gelre16,2
Koggenland12,6
Lansingerland14,0
Leudal13,6
Maasgouw10,3
Gemert-Bakel13,7
Halderberge19,1
Heeze-Leende13,2
Laarbeek18,5
Reusel-De Mierden16,2
Roerdalen9,9
Roosendaal18,4
Schouwen-Duiveland26,6
Aa en Hunze15,0
Borger-Odoorn22,5
De Wolden18,9
Noord-Beveland15,1
Wijdemeren14,1
Noordenveld23,5
Twenterand19,9
Westerveld23,9
Lingewaard14,0
Cranendonck12,9
Steenwijkerland19,9
Moerdijk15,5
Echt-Susteren11,6
Sluis14,0
Drimmelen11,7
Bernheze14,7
Alphen-Chaam20,0
Bergeijk13,4
Bladel13,9
Gulpen-Wittem13,0
Tynaarlo17,9
Midden-Drenthe18,6
Overbetuwe15,3
Hof van Twente15,9
Neder-Betuwe38,5
Rijssen-Holten20,9
Geldrop-Mierlo12,5
Olst-Wijhe15,5
Dinkelland15,6
Westland17,4
Midden-Delfland14,6
Berkelland18,1
Bronckhorst17,4
Sittard-Geleen12,6
Kaag en Braassem14,5
Dantumadiel32,7
Zuidplas18,5
Peel en Maas12,9
Oldambt15,8
Zwartewaterland28,9
S�dwest-Frysl�n18,7
Bodegraven-Reeuwijk20,1
Eijsden-Margraten13,9
Stichtse Vecht13,6
Hollands Kroon18,2
Leidschendam-Voorburg15,0
Goeree-Overflakkee23,5
Pijnacker-Nootdorp15,6
Nissewaard19,0
Krimpenerwaard22,5
De Fryske Marren20,7
Gooise Meren20,5
Berg en Dal11,8
Meierijstad14,6
Waadhoeke20,5
Westerwolde21,4
Midden-Groningen15,1
Beekdaelen12,5
Montferland15,6
Altena23,2
West Betuwe19,0
Vijfheerenlanden20,1
Hoeksche Waard18,7
Het Hogeland19,4
Westerkwartier18,3
Noardeast-Frysl�n20,8
Molenlanden26,8
Eemsdelta20,9
Dijk en Waard16,2
Land van Cuijk15,5
Maashorst13,0
Voorne aan Zee17,9

Vrouwen in grote steden het oudst bij eerste moederschap

De leeftijd waarop vrouwen voor het eerst een kind krijgen stijgt al geruime tijd. In 2000 waren vrouwen gemiddeld 29,1 jaar oud bij de geboorte van hun eerste kind. Daarna is deze leeftijd geleidelijk opgelopen tot 30,4 jaar in 2024. Ook tussen regio’s zijn duidelijke verschillen zichtbaar. In een aantal grote steden ligt de leeftijd bij eerste moederschap hoger dan het landelijk gemiddelde. In Amsterdam, Utrecht en Haarlem ligt die zelfs boven de 32 jaar. Relatief vroeg eerste moederschap (jonger dan 29 jaar) komt vooral voor in het zuidwesten en noordoosten van Nederland. In dit patroon is weer de Biblebelt te herkennen, zoals ook bij gezinsgrootte.

3.2.2 Gemiddelde leeftijd moeder bij geboorte eerste kind, 2024
GemeentenaamStatcode
Aa en Hunze30,1
Aalsmeer31,2
Aalten30,0
Achtkarspelen28,0
Alblasserdam28,7
Albrandswaard30,4
Alkmaar30,6
Almelo29,2
Almere30,5
Alphen aan den Rijn30,3
Alphen-Chaam30,8
Altena29,7
Ameland31,2
Amersfoort31,0
Amstelveen32,4
Amsterdam32,5
Apeldoorn29,7
Arnhem30,5
Assen29,7
Asten31,1
Baarle-Nassau29,9
Baarn31,1
Barendrecht30,9
Barneveld27,8
Beek (L.)31,4
Beekdaelen30,2
Beesel30,3
Berg en Dal30,4
Bergeijk30,5
Bergen (L.)29,8
Bergen (NH.)30,9
Bergen op Zoom29,8
Berkelland30,1
Bernheze30,1
Best30,9
Beuningen31,3
Beverwijk30,1
Bladel30,5
Blaricum31,6
Bloemendaal33,5
Bodegraven-Reeuwijk30,0
Boekel29,7
Borger-Odoorn29,8
Borne30,3
Borsele29,4
Boxtel30,1
Breda31,0
Bronckhorst30,6
Brummen30,1
Brunssum29,9
Bunnik31,0
Bunschoten29,1
Buren30,3
Capelle aan den IJssel30,1
Castricum31,2
Coevorden28,9
Cranendonck30,3
Culemborg30,9
Dalfsen30,0
Dantumadiel28,5
De Bilt31,3
De Fryske Marren30,0
De Ronde Venen30,9
De Wolden29,0
Delft31,3
Den Helder28,4
Deurne29,1
Deventer30,3
Diemen32,2
Dijk en Waard30,1
Dinkelland31,1
Doesburg29,3
Doetinchem29,6
Dongen29,6
Dordrecht29,5
Drechterland30,6
Drimmelen30,2
Dronten29,9
Druten29,9
Duiven30,6
Echt-Susteren30,8
Edam-Volendam30,0
Ede29,4
Eemnes30,4
Eemsdelta28,1
Eersel31,1
Eijsden-Margraten31,1
Eindhoven31,4
Elburg28,7
Emmen28,5
Enkhuizen29,4
Enschede30,1
Epe29,8
Ermelo29,2
Etten-Leur30,1
Geertruidenberg29,7
Geldrop-Mierlo30,5
Gemert-Bakel30,7
Gennep30,7
Gilze en Rijen29,8
Goeree-Overflakkee29,2
Goes29,5
Goirle30,8
Gooise Meren31,8
Gorinchem29,9
Gouda30,1
Groningen (gemeente)31,2
Gulpen-Wittem30,3
Haaksbergen30,2
Haarlem32,6
Haarlemmermeer30,9
Halderberge29,5
Hardenberg29,6
Harderwijk30,0
Hardinxveld-Giessendam29,1
Harlingen28,4
Hattem29,6
Heemskerk29,8
Heemstede33,0
Heerde28,8
Heerenveen29,7
Heerlen29,0
Heeze-Leende30,8
Heiloo31,0
Hellendoorn31,0
Helmond29,0
Hendrik-Ido-Ambacht29,5
Hengelo (O.)30,2
Het Hogeland29,4
Heumen30,7
Heusden30,2
Hillegom31,1
Hilvarenbeek29,9
Hilversum31,7
Hoeksche Waard29,7
Hof van Twente29,3
Hollands Kroon29,4
Hoogeveen27,7
Hoorn30,3
Horst aan de Maas30,2
Houten31,4
Huizen30,3
Hulst29,0
IJsselstein31,1
Kaag en Braassem31,4
Kampen28,6
Kapelle28,7
Katwijk29,5
Kerkrade28,3
Koggenland30,0
Krimpen aan den IJssel29,4
Krimpenerwaard29,0
Laarbeek30,2
Land van Cuijk30,4
Landgraaf28,9
Landsmeer31,1
Lansingerland31,3
Laren (NH.)31,7
Leeuwarden29,5
Leiden31,8
Leiderdorp32,1
Leidschendam-Voorburg31,7
Lelystad29,4
Leudal29,8
Leusden30,4
Lingewaard30,6
Lisse30,5
Lochem30,8
Loon op Zand30,1
Lopik30,2
Losser30,4
Maasdriel30,5
Maasgouw30,8
Maashorst29,8
Maassluis29,5
Maastricht30,9
Medemblik30,1
Meerssen30,8
Meierijstad30,2
Meppel29,6
Middelburg (Z.)29,0
Midden-Delfland31,3
Midden-Drenthe29,5
Midden-Groningen29,6
Moerdijk30,1
Molenlanden28,7
Montferland29,8
Montfoort29,4
Mook en Middelaar30,7
Neder-Betuwe27,5
Nederweert31,1
Nieuwegein30,3
Nieuwkoop30,4
Nijkerk30,4
Nijmegen31,2
Nissewaard29,6
Noardeast-Fryslân28,6
Noord-Beveland27,6
Noordenveld30,4
Noordoostpolder28,6
Noordwijk31,1
Nuenen, Gerwen en Nederwetten31,3
Nunspeet28,5
Oegstgeest32,2
Oirschot30,2
Oisterwijk30,5
Oldambt28,5
Oldebroek29,6
Oldenzaal30,5
Olst-Wijhe29,8
Ommen29,2
Oost Gelre30,8
Oosterhout30,1
Ooststellingwerf29,0
Oostzaan30,8
Opmeer30,1
Opsterland29,1
Oss29,8
Oude IJsselstreek29,7
Ouder-Amstel32,5
Oudewater30,3
Overbetuwe29,8
Papendrecht29,4
Peel en Maas30,3
Pekela27,4
Pijnacker-Nootdorp31,3
Purmerend30,6
Putten29,7
Raalte29,7
Reimerswaal28,1
Renkum31,5
Renswoude27,6
Reusel-De Mierden30,1
Rheden30,2
Rhenen29,4
Ridderkerk29,8
Rijssen-Holten28,9
Rijswijk (ZH.)31,2
Roerdalen29,9
Roermond30,4
Roosendaal29,7
Rotterdam30,4
Rozendaal37,3
Rucphen29,8
Schagen30,3
Scherpenzeel28,9
Schiedam29,7
Schiermonnikoog37,5
Schouwen-Duiveland29,4
's-Gravenhage (gemeente)30,8
's-Hertogenbosch31,0
Simpelveld30,9
Sint-Michielsgestel31,3
Sittard-Geleen29,3
Sliedrecht28,6
Sluis28,9
Smallingerland28,9
Soest30,0
Someren29,9
Son en Breugel30,5
Stadskanaal28,5
Staphorst27,8
Stede Broec28,8
Steenbergen29,6
Steenwijkerland29,5
Stein (L.)30,4
Stichtse Vecht30,8
Súdwest-Fryslân29,2
Terneuzen28,7
Terschelling31,6
Texel29,1
Teylingen30,7
Tholen27,9
Tiel29,5
Tilburg30,3
Tubbergen29,9
Twenterand29,5
Tynaarlo30,6
Tytsjerksteradiel30,1
Uitgeest30,1
Uithoorn31,5
Urk27,3
Utrecht (gemeente)32,4
Utrechtse Heuvelrug31,6
Vaals31,4
Valkenburg aan de Geul30,1
Valkenswaard29,6
Veendam28,9
Veenendaal29,1
Veere28,7
Veldhoven31,3
Velsen30,3
Venlo30,2
Venray30,4
Vijfheerenlanden29,7
Vlaardingen29,2
Vlieland32,0
Vlissingen29,3
Voerendaal30,0
Voorne aan Zee30,5
Voorschoten31,9
Voorst29,9
Vught31,8
Waadhoeke28,8
Waalre32,5
Waalwijk29,9
Waddinxveen29,7
Wageningen32,2
Wassenaar31,9
Waterland30,4
Weert29,8
West Betuwe30,0
West Maas en Waal29,1
Westerkwartier30,0
Westerveld29,7
Westervoort31,0
Westerwolde28,5
Westland30,3
Weststellingwerf29,1
Wierden29,7
Wijchen30,9
Wijdemeren30,6
Wijk bij Duurstede30,3
Winterswijk28,4
Woensdrecht30,0
Woerden30,8
Wormerland30,1
Woudenberg29,4
Zaanstad30,6
Zaltbommel29,4
Zandvoort30,9
Zeewolde29,6
Zeist31,3
Zevenaar29,5
Zoetermeer30,0
Zoeterwoude30,5
Zuidplas30,7
Zundert30,4
Zutphen30,1
Zwartewaterland27,5
Zwijndrecht30,0
Zwolle30,7

3.3 Gemeentelijke kenmerken die verband houden met gemiddeld kindertal per vrouw

TFR lager in gemeenten met meer alleenwonenden en vrouwen geboren in het buitenland

Uit de multivariate analyse blijkt dat verschillende gemeentelijke kenmerken samenhangen met het kindertal per vrouw (TFR). Zo ligt de TFR in een gemeente lager naarmate er meer 20- tot 40-jarige vrouwen alleen wonen. Ook is de TFR lager in gemeenten met een groter aandeel 20- tot 40-jarige vrouwen dat in het buitenland geboren is.

Daartegenover staat dat gemeenten met een groter aandeel vrouwen met een herkomst in Afrika juist een iets hogere TFR hebben, al is dit effect beperkt en het kleinste in het model. Vrouwen die in Afrika zijn geboren en als migrant naar Nederland zijn gekomen krijgen gemiddeld meer kinderen dan vrouwen die in Nederland zijn geboren. Tweede-generatie-migranten met een Afrikaanse herkomst (geboren in Nederland) krijgen juist minder kinderen dan het gemiddelde (CBS StatLine, 2025d). Uitzondering hierop zijn tweede-generatie-migranten met een Marokkaanse herkomst, onder hen is de TFR relatief hoog (CBS, 2024b). Vrouwen die naar Nederland zijn gekomen als vluchteling, of in het kader van gezinsmigratie –en dat is relatief vaak het geval bij vrouwen met een Afrikaanse herkomst– krijgen vaker kinderen in Nederland en blijven vaker definitief in Nederland dan arbeids- of studiemigranten (Boschman, 2012).

Hogere TFR in gemeenten met meer conservatieve protestanten

Het sterkste verband is te zien bij religie. In gemeenten waar relatief veel gestemd wordt op CU en SGP ligt het gemiddeld kindertal per vrouw hoger. Dat bevestigt dat de TFR samenhangt met de aanwezigheid van conservatieve protestanten.

In de analyse is ook gekeken naar stedelijkheid, omdat in landelijke gebieden vaker traditionelere gezinsnormen voorkomen. Maar de mate van stedelijkheid van de gemeente bleek weinig effect te hebben naast het aandeel CU- en SGP-stemmers. Beide aspecten meten min of meer dezelfde culturele waardenoriëntatie, waarbij stemgedrag een betere indicator is dan stedelijkheid. Mogelijk zijn het vooral de CU- en SGP-stemmers zelf die meer kinderen krijgen, maar een hoog aandeel CU- en SGP-stemmers in de gemeente kan ook een indicator zijn voor een traditioneel normen- en-waardenpatroon dat in de hele gemeente geldt. Dat onderscheid is op basis van deze analyse niet te maken.

Hoger inkomen hangt samen met hoger gemiddeld kindertal per vrouw

Ook economische omstandigheden spelen een rol. In het model blijkt dat het mediane jaarinkomen sterk samenhangt met de TFR. Iedere extra duizend euro aan mediaan jaarinkomen in een gemeente betekent een toename van 0,006 kinderen per vrouw. Binnen Nederland ligt het mediane inkomen (dat wil zeggen: het middelste bedrag wanneer de inkomens van alle huishoudens in een gemeente van laag naar hoog worden gerangschikt) hoger in veel gemeenten in de Randstad en in Noord-Brabant, met uitzondering van de grote steden. Aan de randen van Nederland is het mediane inkomen lager (CBS, 2024c).

In een aanvullend model is ook gekeken naar het aandeel uitkeringsontvangers (exclusief AOW) per gemeente. Dit blijkt ook van invloed op de TFR, maar omdat deze indicator op gemeenteniveau sterk samenhangt met het mediane inkomen, is uiteindelijk gekozen om alleen inkomen op te nemen in het model. Van beiden had inkomen het sterkste effect op de TFR.

Meer nieuwbouw hangt samen met hoger gemiddeld kindertal per vrouw

Tot slot speelt de woningmarkt een duidelijke rol. De woningvoorraad in een gemeente heeft de meeste invloed op de TFR via het aandeel nieuwbouw: als een groter percentage van de woningvoorraad bestaat uit woningen die in de afgelopen vijf jaar zijn gebouwd, neemt de TFR het meeste toe.

Andere woningkenmerken, zoals het aandeel eengezinswoningen of koopwoningen, laten ook een verband zien met gemiddeld kindertal per vrouw, maar dit effect is kleiner. Daarom zijn deze variabelen niet in het eindmodel opgenomen.

3.3.1 Effect van gemeentelijke kenmerken op TFR, regressiecoefficiënten
Gemeentelijk kenmerkBeta-coefficiënt
Aandeel 20- tot 40-jarige vrouwen
dat alleen woont
-0,340
Aandeel 20- tot 40-jarige vrouwen
dat in het buitenland geboren is
-0,292
Aandeel 20- tot 40-jarige vrouwen
met een Afrikaanse herkomst
0,090
Aandeel stemmen op CU/SGP0,403
Mediaan besteedbaar
huishoudinkomen (x 1000 euro)
0,198
Aandeel nieuwbouw in de
woningvoorraad
0,102

De regressie-coëfficiënten geven inzicht in welk kenmerk de sterkste samenhang heeft met de TFR, maar ze laten niet direct zien hoe de TFR nu concreet verandert door elk van de kenmerken. Om dat inzichtelijk te maken is op basis van het regressie-model berekend wat er gebeurt met de TFR wanneer één kenmerk verandert en de andere kenmerken (voorspellers) op het gemiddelde worden gehouden. Daarbij is telkens uitgegaan van het laagste, gemiddelde en de hoogste waarde van dat kenmerk. Zo blijkt bijvoorbeeld wanneer het aandeel alleenwonende vrouwen toeneemt van 4,8 naar 13,5 procent, de TFR in een gemeente daalt van 1,68 naar 1,60 kinderen per vrouw.

3.3.2 Geschatte TFR's uit regressiemodel
KenmerkWaardeTFR (TFR)
% 20- tot 40-jarige
vrouwen dat
alleen woont
4,81,68
% 20- tot 40-jarige
vrouwen dat
alleen woont
13,51,60
% 20- tot 40-jarige
vrouwen dat
alleen woont
63,71,11
% 20- tot 40-jarige
vrouwen dat
in het buitenland
is geboren
4,61,69
% 20- tot 40-jarige
vrouwen dat
in het buitenland
is geboren
16,21,60
% 20- tot 40-jarige
vrouwen dat
in het buitenland
is geboren
53,01,31
% 20- tot 40-jarige
vrouwen met een
Afrikaanse herkomst
0,41,57
% 20- tot 40-jarige
vrouwen met een
Afrikaanse herkomst
3,61,60
% 20- tot 40-jarige
vrouwen met een
Afrikaanse herkomst
12,81,67
% stemmen op
CU/SGP
0,21,54
% stemmen op
CU/SGP
4,91,60
% stemmen op
CU/SGP
52,52,14
mediaan besteedbaar
huishoudinkomen
(x 1000 euro)
32,21,46
mediaan besteedbaar
huishoudinkomen
(x 1000 euro)
51,81,60
mediaan besteedbaar
huishoudinkomen
(x 1000 euro)
77,51,77
% nieuwbouw in de
woningvoorraad
0,31,56
% nieuwbouw in de
woningvoorraad
4,31,60
% nieuwbouw in de
woningvoorraad
16,41,72

4. Conclusie en discussie

De daling van het gemiddeld kindertal per vrouw in Nederland sinds 2010 is ook gemeentelijk terug te zien (onderzoeksvraag 1). In verreweg de meeste gemeenten daalde het gemiddeld kindertal per vrouw tussen 2014 en 2024, op sommige plekken met meer dan 25 procent. Tegelijk blijven de verschillen tussen gemeenten aanzienlijk (onderzoeksvraag 2). In 2024 waren er enkele gemeenten waar vrouwen gemiddeld meer dan 2 kinderen kregen, maar ook gemeenten met ruim minder dan 1 kind per vrouw.

Er is een ruimtelijk patroon in TFR’s te zien: relatief hoge TFR’s in de Biblebelt en relatief lage TFR’s in grote steden en in Limburg (waar juist erg weinig protestanten wonen. Dat Limburg daarnaast relatief vergrijsd is speelt geen rol; de TFR is een maat die onafhankelijk is van de leeftijdsopbouw van een gebied (zie Definities)). Eenzelfde patroon is zichtbaar in de leeftijd waarop vrouwen moeder worden en in gezinsgrootte: jong moederschap en grotere gezinnen in de Biblebelt, en juist later moederschap in de grote steden. Deze patronen bestaan al enkele decennia en zijn ook in eerdere publicaties aangetoond.

De verschillen tussen gemeenten hangen samen met kenmerken van de bevolking en de leefomgeving (onderzoeksvraag 3). Op basis van eerdere studies werd verwacht dat demografische, economische, culturele en woningmarktgerelateerde kenmerken van gemeenten samenhangen met het gemiddeld kindertal per vrouw. Sommige van deze verbanden worden in dit onderzoek bevestigd. Zo ligt de TFR lager in gemeenten met relatief veel alleenwonende vrouwen.

Ook werd opnieuw een samenhang gevonden met het aandeel vrouwen dat in het buitenland is geboren. Maar waar deze samenhang aan het begin van de eeuw nog positief was - hoe meer in het buitenland geboren vrouwen, hoe hoger de TFR - is die nu negatief. Dit komt deels door veranderingen in migratie naar Nederland. Een toenemend deel van de immigranten komt voor werk of studie (vooral in gemeenten als Amstelveen of Eindhoven), en een kleiner deel voor asiel of gezinsmigratie. Daarnaast is de TFR in veel delen van de wereld deze eeuw flink gedaald, waardoor minder vrouwen met een herkomst buiten Nederland de ‘gewoonte’ meebrengen om veel kinderen te krijgen. Alleen in gemeenten met een relatief hoog aandeel vrouwen met een herkomst in Afrika wordt nog een licht verhogend effect op de TFR gevonden. Het is daarom van belang om bij de relatie tussen TFR en herkomst onderscheid te maken tussen of iemand wel of niet in Nederland geboren is, en in welke wereldregio iemands herkomst ligt.

Op cultureel vlak blijkt het aandeel protestanten van belang: hoe meer protestanten, hoe hoger de TFR. Het aandeel protestanten heeft van alle gemeentekenmerken de sterkste samenhang met de TFR. Hoewel de invloed van religie op veel terreinen is afgenomen in de afgelopen decennia (SCP, 2022), bestaat er bij gezinsvorming nog steeds een duidelijk verschil. En omdat conservatieve protestanten geconcentreerd in bepaalde gemeenten wonen, en er in samenhang daarmee waarschijnlijk traditionelere normen en waarden heersen, draagt dit bij aan duidelijke verschillen in het gemiddeld kindertal per vrouw tussen de Biblebelt en daarbuiten.

Op economisch vlak blijkt ook dat het mediane inkomen samenhangt met de TFR. Uit diverse onderzoeken in de laatste jaren is gebleken dat niet alleen de hoogte van het inkomen van belang is, maar ook andere aspecten van werk en inkomen. De arbeidsmarkt is sinds het begin van deze eeuw veranderd, met meer flexbanen, meer automatisering en meer zzp-ers. Vooral jongeren ervaren daardoor meer onzekerheid over werk en inkomen, wat ook invloed heeft op (de wens voor) het krijgen van kinderen (Van Wijk, 2023; Chkalova & Van Gaalen, 2017). Het zou interessant zijn om, in aanvulling op deze studie, te onderzoeken of deze aspecten van werk en inkomen regionaal verschillen en wat daarvan de impact is op regionale geboortecijfers.

De bevinding dat meer nieuwbouw in een gemeente samenhangt met een hogere TFR is heel stabiel in de tijd: dit verband wordt niet alleen in deze studie gevonden, maar ook in eerdere studies naar regionale geboortecijfers uit 2005 (De Beer & Deerenberg) en 2017 (Huisman & De Jong). In de tussentijd is de krapte op de woningmarkt toegenomen en zijn de woningprijzen sterk gestegen, maar de relatie tussen woningaanbod en gemiddeld kindertal per vrouw blijft onverminderd bestaan (zie ook Van Wijk & Feijten, 2026).

De bevindingen uit dit onderzoek bieden gemeentelijke beleidsmakers inzicht in de ontwikkelingen in hun gemeente die samenhangen met hoeveel kinderen er worden geboren. Vestiging en vertrek van buitenlandse arbeidskrachten of statushouders, nieuwbouw in de gemeente en aanbod van aantrekkelijk werk zijn allemaal elementen waarop gemeenten kunnen sturen wanneer zij meer grip willen krijgen op geboortecijfers.

Referenties

Boschman, S. (2012). Sterke regionale verschillen in vruchtbaarheid naar herkomstgroepering. Den Haag: PBL.  

Boyle, P., Graham, E. & Feng, Z. (2007). Contextualising demography; the significance of local clusters of fertility in Scotland. Rostock: Max Planck Institute of Demographic Research, Working Paper.

CBS (2024a) Nieuwsbericht - Vrouwen in de EU steeds ouder bij geboorte eerste kind | CBS

CBS (2024b). Integratie en Samenleven: Bevolking. https://longreads.cbs.nl/integratie-en-samenleven-2024/bevolking/

CBS (2024c) Kerncijfers wijken en buurten 2024. https://dataportal.cbs.nl/detail/CBS/85984NED

CBS (2025). Nieuwsbericht - Moeders iets ouder bij geboorte eerste kind | CBS

CBS Dashboard Bevolking (2026). 

CBS Statline (2023). Kerncijfers geboorte; waarneming en prognose, geboortegeneratie. https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/85749NED/table?dl=A03F8

CBS StatLine (2025a). Levend geboren kinderen; huishoudenssamenstelling, regio.  https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/82056NED/table?dl=CEF22

CBS StatLine (2025b). Levend geboren kinderen; leeftijd moeder, volgorde geboorte uit de moeder. https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/37744ned/table?dl=CDCFC

CBS StatLine (2025c). Huishoudens; kindertal, leeftijdsklasse kind, regio, 1 januari. https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/71487ned/table?dl=C6830

Chkalova, K. & Van Gaalen, R. (2017). Flexibele arbeid en de gevolgen voor relatie- en gezinsvorming. Eindrapportage. Den Haag: CBS. 

De Beer, J. en Deerenberg, I. (2005). Regionale verschillen in vruchtbaarheid: een verklarend model. Bevolkingstrends, 1e kwartaal 2005: 46–55.

Eurostat (2026). Fertility indicators. https://doi.org/10.2908/DEMO_FIND.

Huisman, C. en De Jong, A. (2017). PBL/CBS Regionale bevolkings- en huishoudensprognose 2016–2040: analyse van regionale verschillen in vruchtbaarheid. Den Haag: PBL/CBS.

Kiesraad (2026). Databank Verkiezingsuitslagen: Verkiezingsuitslag Tweede Kamer 2023. Geraadpleegd op 26 januari 2026 via https://data.overheid.nl/dataset/e3fe6e42-06ab-4559-a466-a32b04247f68

Loozen, S., & Kloosterman, R. (2019). Opvattingen over de timing van het ouderschap. Statistische Trends, 7 oktober 2019. 

NIDI (2003). Bevolkingsatlas van Nederland: Demografische ontwikkelingen van 1850 tot heden. Den Haag: Nederlands Interdisciplinair Instituut. https://publ.nidi.nl/output/2003/nidi-2003-bevolkingsatlas.pdf

SCP (2022). Religie in een pluriforme samenleving Diversiteit en verandering in beeld Deel 3: Buiten kerk en moskee. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. https://www.scp.nl/publicaties-scp/2022/03/religie-in-een-pluriforme-samenleving.-diversiteit-en-verandering-in-beeld

Van Duin, C. & Feijten, P. (2023). Dalende vruchtbaarheid sinds 2010: de rol van opleidingsniveau, Statistische Trends 6 december 2023. 

Van Duin, C., Feijten, P., Huisman, C., Nauta, J. en Wennekes, M. (2025). Kernprognose 2025–2070: 20,6 miljoen inwoners verwacht in 2070. Statistische Trends 16 december 2025. 

Van Wijk, D. (2023). From Prosperity to Parenthood: How Employment, Income, and Perceived Economic Uncertainty Influence Family Formation. Groningen: Universiteit Groningen.

Van Wijk, D. (2025). Veel jongvolwassenen worstelen met eisen ouderschap. Demos 41(2): 8. 

Van Wijk, D. en Feijten, P. (2026). Gezinsvriendelijke woning blijft belangrijke voorwaarde voor het ouderschap. Demos 42(2): 6-7. 

Bijlage

Tabel B1. Beschrijvende statistieken regressiemodel ‘TFR 2024’ (N = 342 gemeenten)
gemiddeldestandaard-deviatieminimummaximum
Afhankelijke variabele
TFR (gemiddeld kindertal
per vrouw) 2024
1,600,220,732,57
Voorspellers
% vrouwen 20-40 jaar
alleenstaand
13,467,574,8163,67
% vrouwen 20-40 jaar
in buitenland geboren
16,158,034,5552,98
% vrouwen 20-40 jaar
met Afrikaanse herkomst
3,562,470,4312,77
% stemmen op CU/SGP4,907,610,1952,49
mediaan besteedbaar
huishoudinkomen (x €1000)
51,756,2732,2077,50
% nieuwbouw in woningvoorraad 4,292,230,3216,42

Tabel B2. Multivariaat model van TFR op gemeenteniveau, 2024
CoefficiëntBetap-waarde
% vrouwen 20-40 jaar alleenstaand-0,010-0,3400,000
% vrouwen 20-40 jaar in buitenland geboren-0,008-0,2920,000
% vrouwen 20-40 jaar met Afrikaanse herkomst0,0080,0900,007
% stemmen op CU/SGP0,0110,4030,000
mediaan besteedbaar huishoudinkomen (x €1000)0,0070,1980,000
% nieuwbouw in woningvoorraad 0,0100,1020,000
Constante1,375.0,000
N342
Adjusted R20,767