In 2019 grootste cao-loonstijging in 10 jaar

© Hollandse Hoogte / Sabine Joosten
De cao-lonen zijn in 2019 gestegen met 2,5 procent. Dat is de grootste stijging van het afgelopen decennium. Sinds de tweede helft van 2017 loopt de cao-loonstijging vrijwel elk kwartaal op. Dit meldt het CBS op grond van voorlopige cijfers.

In het vierde kwartaal van 2019 was de cao-loonstijging 2,7 procent. In de eerste helft van 2017 stegen de cao-lonen met 1,3 procent.

Cao-lonen per uur, inclusief bijzondere beloningen (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
JaarKwartaalCao-lonen per uur inclusief bijzondere beloningen
20101e kwartaal1,5
2e kwartaal1,2
3e kwartaal1,2
4e kwartaal1,2
20111e kwartaal0,9
2e kwartaal1,0
3e kwartaal1,2
4e kwartaal1,3
20121e kwartaal1,3
2e kwartaal1,4
3e kwartaal1,5
4e kwartaal1,5
20131e kwartaal1,4
2e kwartaal1,2
3e kwartaal1,0
4e kwartaal0,9
20141e kwartaal0,9
2e kwartaal0,9
3e kwartaal0,9
4e kwartaal1,0
20151e kwartaal1,3
2e kwartaal1,4
3e kwartaal1,4
4e kwartaal1,5
20161e kwartaal1,8
2e kwartaal1,8
3e kwartaal2,0
4e kwartaal1,8
20171e kwartaal1,3
2e kwartaal1,3
3e kwartaal1,4
4e kwartaal1,5
20181e kwartaal1,8
2e kwartaal1,8
3e kwartaal2,1
4e kwartaal2,2
2019*1e kwartaal2,2
2e kwartaal2,4
3e kwartaal2,6
4e kwartaal2,7
*voorlopige cijfers

Cao-lonen stijgen minder dan consumentenprijzen

De cao-lonen zijn volgens deze voorlopige cijfers voor het eerst in vijf jaar minder gestegen dan de consumentenprijzen. De consumentenprijzen zijn in de eerste elf maanden van 2019 2,6 procent gestegen in vergelijking met de eerste elf maanden van 2018. Het jaarcijfer van de consumentenprijzen wordt op 9 januari bekend.

Cao-lonen en consumentenprijzen (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
JarenCao-lonen per uur, incl. bijzondere beloningenConsumentenprijzen
20092,81,2
20101,31,3
20111,12,3
20121,42,5
20131,22,5
20140,91,0
20151,40,6
20161,80,3
20171,41,4
20182,01,7
2019*2,52,6
*voorlopige cijfers, consumentenprijzen t/m november

Weinig verschil per cao-sector

In 2019 is de cao-loonstijging in de drie cao-sectoren nagenoeg gelijk. Bij de overheid was de stijging met 2,6 procent het hoogst en bij de particuliere bedrijven met 2,4 procent het laagst. In 2018 waren de verschillen groter.

Cao-lonen per uur, inclusief bijzondere beloningen (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
Sector2019*2018
Totaal2,52,0
Overheid2,62,4
Gesubsidieerde sector2,51,6
Particuliere bedrijven2,41,9
*voorlopige cijfers

Horeca aan top

De werknemers in de bedrijfstakken horeca en de waterbedrijven en afvalbeheer hadden in 2019 de hoogste cao-loonstijging (3,1 procent). De bedrijfstak informatie en communicatie had met 1,6 procent de laagste cao-loonstijging.
In 2018 stegen de lonen het meest in het onderwijs (2,8 procent). Daar komt de stijging in 2019 uit op 2,1 procent. Dit is gebaseerd op 63 procent van de afgesloten cao’s. Voor een deel van 2019 is bij de cao’s primair onderwijs en voortgezet onderwijs nog geen definitief cao-akkoord bereikt.

Cao-loonstijging per bedrijfstak (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
Bedrijfstakken2019*2018
Horeca3,12,1
Waterbedrijven en afvalbeheer3,12,7
Openbaar bestuur en overheidsdiensten2,92,2
Verhuur en handel van onroerend goed2,82,6
Gezondheids- en welzijnszorg2,81,7
Industrie2,62,2
Bouwnijverheid2,62,2
Handel2,62,0
Totaal2,52,0
Verhuur en overige zakelijke diensten2,51,9
Vervoer en opslag2,42,4
Overige dienstverlening2,42,1
Landbouw, bosbouw en visserij2,32,1
Cultuur, sport en recreatie2,31,6
Specialistische zakelijke diensten2,11,7
Onderwijs2,12,8
Energievoorziening1,81,7
Financiële dienstverlening1,81,3
Informatie en communicatie1,62,0
*voorlopige cijfers

Contractuele loonkosten stijgen harder

De contractuele loonkosten, de cao-lonen plus werkgeverspremies, stegen met 3,1 procent in 2019. Dit komt door de verhoging van de WW-premie (Algemeen werkloosheidsfonds) en de WAO/WIA-(basis)-premie. Sinds begin 2016 stijgen de contractuele loonkosten weer harder dan de cao-lonen.

Cao-lonen en contractuele loonkosten (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
JaarKwartaalCao-lonen per uur, incl. bijzondere beloningenContractuele loonkosten per uur
20151e kwartaal1,30,5
2e kwartaal1,40,6
3e kwartaal1,40,6
4e kwartaal1,50,7
20161e kwartaal1,82,0
2e kwartaal1,82,0
3e kwartaal2,02,1
4e kwartaal1,81,9
20171e kwartaal1,31,7
2e kwartaal1,31,7
3e kwartaal1,41,9
4e kwartaal1,52,0
20181e kwartaal1,82,3
2e kwartaal1,82,3
3e kwartaal2,12,6
4e kwartaal2,22,7
2019*1e kwartaal2,22,8
2e kwartaal2,43,0
3e kwartaal2,63,1
4e kwartaal2,73,2
*voorlopige cijfers

De voorlopige cijfers over 2019 zijn gebaseerd op 89 procent van de cao’s waaruit de statistiek is opgebouwd.

Relevante links