Weer minder mensen in de bijstand

Eind juni 2018 waren er 449 duizend bijstandsontvangers tot de AOW-leeftijd. Dit zijn er 19 duizend minder dan een jaar eerder. De daling deed zich, net als vorige kwartalen, alleen voor bij bijstandsgerechtigden onder de 45 jaar. Zowel onder personen met een Nederlandse achtergrond, als die met een migratieachtergrond is de bijstandsafhankelijkheid verminderd. De instroom van Syriërs in de bijstand is relatief sterk gedaald. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.

Personen tot AOW-leeftijd met bijstandsuitkering
Groep x-as labelX-as labelPersonen tot AOW-leeftijd met bijstand ( mutatie t.o.v. jaar eerder (x 1 000))
20141e kwartaal30
20142e kwartaal28
20143e kwartaal24
20144e kwartaal21
20151e kwartaal17
20152e kwartaal13
20153e kwartaal13
20154e kwartaal15
20161e kwartaal17
20162e kwartaal18
20163e kwartaal18
20164e kwartaal16
20171e kwartaal13
20172e kwartaal8
20173e kwartaal1
20174e kwartaal-8
20181e kwartaal-16
20182e kwartaal-19

Al anderhalf jaar daling onder 27 tot 45-jarigen

Voor het zesde kwartaal op rij zijn er in de leeftijdsgroep 27 tot 45 jaar minder bijstandsontvangers dan een jaar eerder. Het aantal jongeren onder de 27 jaar in de bijstand nam voor het derde kwartaal op rij af. Onder 45-plussers (tot aan de AOW-leeftijd) is nog een kleine stijging zichtbaar. Het groeitempo is wel sterk verminderd. Tussen juni 2017 en juni 2018 kwamen er 500 bijstandsontvangers bij. In de twaalf maanden daarvoor (juni 2016 tot juni 2017), bedroeg de stijging onder de 45-plussers nog ruim 7 duizend. De jaarlijkse verhoging van de AOW-gerechtigde leeftijd is van invloed op de ontwikkeling van het aantal bijstandsontvangers in deze leeftijdsgroep. Door de leeftijdsverhoging moeten personen tegen de AOW-leeftijd langer wachten voordat zij de bijstand kunnen verlaten voor pensioen. In 2018 is de AOW-gerechtigde leeftijd met drie maanden verhoogd tot precies 66 jaar.

Personen met een bijstandsuitkering naar leeftijd
Groep x-as labelX-as label45 jaar tot AOW-leeftijd (mutatie t.o.v. een jaar eerder (x 1 000))27 tot 45 jaar (mutatie t.o.v. een jaar eerder (x 1 000))Jonger dan 27 jaar (mutatie t.o.v. een jaar eerder (x 1 000))
20141e kwartaal12,515,12,4
20142e kwartaal12,813,41,5
20143e kwartaal12,510,80,7
20144e kwartaal128,50,2
20151e kwartaal11,84,9-0,2
20152e kwartaal10,52,2-0,2
20153e kwartaal10,20,82,3
20154e kwartaal10,30,93,8
20161e kwartaal111,54,1
20162e kwartaal10,91,55,2
20163e kwartaal10,41,76,2
20164e kwartaal9,40,36,1
20171e kwartaal8,7-15,4
20172e kwartaal7,2-3,13,8
20173e kwartaal5,8-6,11,3
20174e kwartaal3,6-9,6-1,7
20181e kwartaal1,6-13,2-4,6
20182e kwartaal0,5-14,2-5,3

Opnieuw minder bijstandsontvangers met niet-westerse achtergrond

Voor het tweede kwartaal op rij zijn er minder bijstandsgerechtigden met een niet-westerse migratieachtergrond dan een jaar eerder. Onder de personen met een Nederlandse of westerse achtergrond is al langer een daling zichtbaar. De ontwikkeling van het aantal bijstandsontvangers met een niet-westerse achtergrond is de laatste jaren sterk bepaald door de instroom van asielzoekers met een verblijfsvergunning. Deze instroom is afgenomen. Zo is de instroom van personen die in Syrië zijn geboren meer dan gehalveerd. In het eerste kwartaal van 2018 zijn 2 duizend Syriërs tot de AOW-leeftijd in de bijstand terechtgekomen, en hebben er 1,7 duizend de bijstand verlaten. Ter vergelijking: in het eerste kwartaal van 2017 stroomden nog 4,5 duizend Syriërs de bijstand in en 1 duizend er uit.

Personen met een bijstandsuitkering naar migratieachtergrond
Groep x-as labelX-as labelNederlandse achtergrond (mutatie t.o.v. een jaar eerder (x 1 000))Westerse migratieachtergrond (mutatie t.o.v. een jaar eerder (x 1 000))Niet-westerse migratieachtergrond (mutatie t.o.v. een jaar eerder (x 1 000))
20141e kwartaal13,63,513
20142e kwartaal11,7313
20143e kwartaal9,42,412,2
20144e kwartaal71,812
20151e kwartaal3,9111,6
20152e kwartaal1,60,410,6
20153e kwartaal0,90,312
20154e kwartaal0,60,114,2
20161e kwartaal1-0,115,6
20162e kwartaal0,5-0,217,4
20163e kwartaal0,1-0,518,7
20164e kwartaal-1,7-0,918,5
20171e kwartaal-3,2-1,417,7
20172e kwartaal-4,4-1,714
20173e kwartaal-5,8-1,98,9
20174e kwartaal-7,9-2,42,7
20181e kwartaal-10,1-2,9-3,2
20182e kwartaal-10,2-2,8-6


Laagste bijstandsdichtheid in arbeidsmarktregio Gorinchem

Aan het eind van het eerste kwartaal 2018 telde Nederland 40 bijstandsontvangers per duizend inwoners tussen de 15 jaar en de AOW-leeftijd. Een jaar eerder was de bijstandsdichtheid nog 42. Arbeidsmarktregio Gorinchem kende eind maart 2018 de laagste dichtheid met 23 bijstandsontvangers per duizend inwoners. Andere arbeidsmarktregio’s met relatief weinig bijstandsgerechtigden zijn onder meer Rivierenland, Achterhoek en Holland Rijnland. De arbeidsmarktregio’s met de hoogste bijstandsdichtheid zijn Rijnmond, Haaglanden en Groot Amsterdam. De dichtheid lag daar tussen de 53 en 61.

Aantal bijstandsontvangers per duizend inwoners*, eind maart 2018 en 2017
ArbeidsmarktregioBijstandsdichtheid 2018 ( per 1 000 inwoners)Bijstandsdichtheid 2017 ( per 1 000 inwoners)
Groningen5354
Friesland4750
Drenthe4244
Twente4445
Stedendriehoek en Noordwest Veluwe3335
Midden-Gelderland5051
Rijk van Nijmegen4749
Achterhoek2627
Rivierenland2527
Flevoland3942
Gooi en Vechtstreek3031
Midden-Utrecht3334
Amersfoort2728
Noord-Holland Noord2728
Zaanstreek/Waterland3334
Groot Amsterdam5355
Holland Rijnland2627
Midden-Holland2829
Haaglanden5962
Rijnmond6165
Drechtsteden4042
Zeeland3334
West-Brabant3233
Midden-Brabant3538
Noordoost-Brabant2627
Zuidoost-Brabant3234
Noord-Limburg3235
Zuid-Limburg4749
Helmond-De Peel3233
Midden-Limburg3032
Zuid-Holland Centraal3333
Gorinchem2324
Regio Zwolle2930
Zuid-Kennemerland en IJmond3435
FoodValley2729
* tussen de 15 jaar en de AOW-leeftijd