Zware rokers leven gemiddeld 13 jaar korter

15-9-2017 02:00
Een op de vier zware rokers overlijdt voor de 65ste verjaardag. Van zware rokers (meer dan twintig sigaretten per dag) is de levensverwachting gemiddeld 13 jaar korter dan van nooit-rokers. Dit blijkt uit nieuw onderzoek van het CBS en het Trimbos-instituut over het verband tussen roken en sterfte.

Het onderzoek is gebaseerd op de enquête- en overlijdensgegevens van bijna 40 duizend 20- tot 80-jarige respondenten uit de Gezondheidsenquête van 2001 tot en met 2006. Onderzocht is of en wanneer rokers en niet-rokers die in de periode 2001–2006 meededen aan de gezondheidsenquête, zijn overleden.
Uit dit onderzoek blijkt dat de roker al op relatief jonge leeftijd overlijdt. Naar schatting haalt 23 procent van de rokers die hun hele leven zwaar roken de leeftijd van 65 jaar niet. Van de lichte rokers overlijdt 11 procent, van de niet-rokers 7 procent vóór de 65-jarige leeftijd. Van zware rokers is de levensverwachting gemiddeld 13 jaar korter dan van mensen die nooit hebben gerookt. Matige rokers (minder dan twintig sigaretten per dag) verliezen naar schatting 9 levensjaren, lichte rokers (niet dagelijks roken) 5 jaren.

Kanker grootste oorzaak van de jonge overlijdensgevallen

Rokers overleden relatief vaak aan kanker, met name longkanker. Maar ook hart- en vaatziekten en ademhalingsziekten kwamen bij hen vaker voor. Zo overleed naar schatting 11 procent van de zware rokers vóór hun 65ste jaar aan kanker, 5 procent aan longkanker. Aan een hart- of vaatziekte overleed 5 procent. Van de nooit-rokers overleed 3 procent zo jong aan kanker en 1 procent aan een hart- of vaatziekte.

Stoppen loont

Stoppen met roken loont, op alle leeftijden. Ex-rokers die vóór 35-jarige leeftijd stoppen, hebben een vergelijkbare levensverwachting als nooit-rokers. Van rokers die rond hun 50ste stoppen, halveert het sterfterisico.

Vier op de tien overlijdensgevallen onder de 80 door tabak

Uit het onderzoek blijkt dat in Nederland in de afgelopen jaren 4 op de 10 overlijdensgevallen vóór leeftijd 80 zijn veroorzaakt door tabak.

Maar er wordt steeds minder gerookt. Zo’n vijftien jaar geleden stak 10 procent van de Nederlanders iedere dag minstens twintig sigaretten op, tegenwoordig is nog 4 procent een zware roker. Ook het aantal matige rokers is flink gedaald in deze periode, van 18 naar 14 procent. Het percentage niet-dagelijkse rokers ligt al jaren op 5 à 6 procent.