Ook aandelen bloeien in het voorjaar

30-8-2010 09:30

Er bestaat een oude beurswijsheid: ‘Sell in May and go away, but remember come back in September.’ Deze befaamde stelling suggereert dat de ontwikkeling van aandelenkoersen een specifiek jaarpatroon kent.

Gemiddeld koersrendement aandelen

Gemiddeld koersrendement aandelen

Eerste halfjaar rendabeler

In de afgelopen 57 jaar blijken er inderdaad grote verschillen in koersstijging te zijn tussen de eerste en de tweede helft van een jaar. Over de eerste helft was de koersstijging gemiddeld ruim 7 procent, in de tweede helft was dit maar 1,5 procent. Het verschil is eigenlijk nog groter als bedacht wordt dat in de eerste helft van een jaar meer dividend wordt uitgekeerd dan in de tweede helft.

Het seizoenpatroon is opmerkelijk stabiel in de tijd. Met uitzondering van de jaren zestig is in de vijf decennia van de vorige eeuw het koersrendement in het eerste halfjaar substantieel hoger dan in het tweede halfjaar.

De 21ste eeuw heeft voor beleggers nog niet veel goeds gebracht. Tot 2000 zijn de aandelen altijd meer waard geworden. Daarna daalden de rendementen voor beleggers door de internetbubbel en de kredietcrisis. Het gemiddelde rendement sinds 2000 was zowel voor het eerste als het tweede halfjaar negatief. Wel was het verlies in het tweede halfjaar gemiddeld 2 procent groter dan in de eerste helft.

Gemiddeld koersrendement aandelen per maand, 1953–2009

Gemiddeld koersrendement aandelen per maand, 1953–2009

Januari beste maand

Januari is de beste maand voor aandelenbeleggers. De gemiddelde koersstijging in de 57 januarimaanden sinds 1953 bedraagt 2,2 procent. Ook de maanden maart en april geven een gemiddelde koerswinst van meer dan 2 procent (ondanks de dividenduitkeringen die bedrijven doen in deze maanden). September is de enige maand die over de periode 1953–2009 duidelijke koersverliezen laat zien, gemiddeld ruim 2 procent.

Uit deze analyses blijkt dat de oude beurswijsheid enige aanpassing behoeft. Eind juli is de beste maand om te verkopen om pas begin oktober weer in de markt te stappen. De belegger die het zo had gedaan, had gemiddeld ruim 2 procent meer koerswinst gemaakt. Echter, in het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.

Jos van Heiningen

Bron: 111 Jaar statistiek in tijdreeksen, 1899–2010