Voltijders werken in halve eeuw fors minder

28-8-2006 10:00

De afgelopen 50 jaar is de jaarlijks overeengekomen arbeidsduur van voltijders stapsgewijs verkort. In 2005 werkten voltijders 1 720 uur. Dit is ruim 100 uur minder dan in 1980 en 560 uur minder dan in 1950.

Arbeidsduur van voltijders

Arbeidsduur van voltijders

Verschillen tussen bedrijfstakken

Voltijders werkten in 2005 gemiddeld 1 720 uur per jaar. De bedrijfstakken met de hoogste arbeidsduur zijn de delfstoffenwinning met 1 774 uur en de zakelijke dienstverlening met 1 765 uur. Ook in de horeca en de vervoer- en communicatiesector is de arbeidsduur bovengemiddeld. De industrie en de bouwnijverheid zitten onder het gemiddelde. Het kortst is de arbeidsduur in de gezondheids- en welzijnzorg (1 674 uur) en het openbaar bestuur (1 684 uur). 

Arbeidsduur van voltijders in 2005 naar bedrijfstak

Arbeidsduur van voltijders in 2005 naar bedrijfstak

Arbeidsduurverkorting na 1950

In 1950 lag de arbeidsduur voor voltijders nog op 2 280 uur.
Vandaag de dag is dat 560 uur minder. Deze afname van de arbeidsduur is het gevolg van een combinatie van verkorting van de werkweek en een toename van het aantal verlofdagen, waaronder extra verlofdagen op grond van leeftijd. De belangrijkste mijlpaal bij de verkorting van de arbeidsduur is de afschaffing van de zesdaagse werkweek in de jaren zestig. In de jaren zeventig werd de 40-urige werkweek de norm. Ook van grote invloed was het akkoord van Wassenaar in 1982. In dit akkoord kwamen werkgevers- en werknemersorganisaties overeen om loonmatiging te koppelen aan herverdeling van arbeid om zodoende de massale (jeugd)werkloosheid te bestrijden. Hiermee werd overheidsingrijpen in de loonvorming voorkomen.

Herverdeling van arbeid

Sinds het akkoord van Wassenaar is de arbeidsmarkt sterk veranderd. Veel oudere werknemers hebben via VUT-regelingen de arbeidsmarkt verlaten en werken in deeltijd heeft een grote vlucht genomen. Daarnaast is de arbeidsduur van voltijders in de periode tussen begin jaren tachtig en midden jaren negentig met ruim 100 uur gedaald. Vanaf die tijd is de arbeidsduur stabiel rond 1 720 uur per jaar.
In 2006 is in een beperkt aantal bedrijfstakken de jaarlijkse arbeidsduur iets verlengd. Zo is het aantal vakantiedagen in de bouw met twee dagen verminderd.

Job van der Zwan