Euro onder druk

Sinds zijn introductie op 1 januari 1999 is de gemeenschappelijke Europese munt, de euro, geleidelijk aan steeds meer in waarde gedaald ten opzichte van de Amerikaanse dollar. Vooral sinds oktober van het vorig jaar is het tempo van de daling toegenomen.

In februari was de euro voor het eerst minder waard dan 1 dollar. In april is de waarde verder teruggelopen tot gemiddeld 0,95 dollar en begin mei daalde de koers onder de 0,9. Ter vergelijking: bij de introductie was de euro nog 1,18 dollar waard. Ook ten opzichte van een andere belangrijke munt, het Engelse pond, daalt de euro in waarde.

Koers dollar en pond t.o.v. euro
(maandgemiddelden)

Koers dollar en pond t.o.v. euro (maandgemiddelden)

Een aantal factoren is van invloed op de wisselkoersen. Zo is het met betrekking tot de te verwachten rente-ontvangsten aantrekkelijk te beleggen in een land met een hoge rentevoet. Een stijgende rente zal dan ook vaak leiden tot een hogere wisselkoers.

Een ander aspect is de economische groei. Bij een hoge economische groei stijgt de vraag naar geld. De economische groei in de Eurozone is matig vergeleken met die in de Verenigde Staten. Dit heeft de koers van de euro in de afgelopen maanden negatief beïnvloed.

Een lagere koers van de euro heeft voor de deelnemende landen zowel voor- als nadelen. Enerzijds betekent een lagere koers dat exportproducten uit de Eurozone goedkoper worden, hetgeen de concurrentiepositie op de buitenlandse markten verbetert. Anderzijds wordt de invoer van producten duurder, wat de inflatie kan aanwakkeren.

De meest recente signalen van de valutamarkt zijn wisselend. Organisaties als het Centraal Planbureau en de OECD verwachten een afname van de economische groei in de VS en een toename in de eurozone. Dit zou de koers van de euro kunnen opstuwen. Daarentegen zouden Amerikaanse renteverhogingen remmend kunnen werken op het herstel van de euro als zij groter zijn dan de renteverhogingen van de Europese Centrale Bank.

Martin Mellens