Zingeving, maatschappelijke deelname en geluk

2. Data en methode

2.1 Het onderzoek Sociale samenhang en welzijn

Voor dit onderzoek is gebruikgemaakt van gegevens uit de enquête Sociale samenhang en welzijn (SSW) van 2025. In deze enquête is onder andere gevraagd naar de maatschappelijke deelname en het welzijn (zie bijlage 1 voor de vraagstellingen) van de bevolking van Nederland van 15 jaar of ouder. In 2025 is daarnaast een ad-hocvragenblok over zingeving toegevoegd. 

Doorgaans wordt over welzijn gerapporteerd voor de bevolking van 18 jaar en ouder (CBS StatLine, 2026). Omdat zingeving een onderdeel van het subjectief welzijn is, worden ook in dit artikel gegevens over 18-plussers gepresenteerd. In SSW 2025 ging het om 7 551 deelnemers. 

2.2 Kernbegrippen

Zingeving

In 2025 is zingeving aan de hand van verschillende vragen uitgevraagd in een ad-hocvragenblok. Deze vragen zijn opgesteld volgens het conceptuele kader (figuur 2.2.1) en richten zich zowel op de twee hoofdaspecten van zingeving als op verschillende dimensies daarvan (zie bijlage 1 voor de vraagstellingen). De dimensies ‘transcendentie’ (ook wel ‘kippenvelmomenten’ genoemd) en ‘religie/spiritualiteit’ droegen in het voorgaande onderzoek (Coumans & van Muiswinkel, 2022) minder bij aan het verklaren van bovenliggende concepten en zijn daarom in 2025 niet nogmaals uitgevraagd.

2.2.1 Conceptueel kader zingeving, als onderdeel van subjectief welzijn binnen het onderzoek Sociale samenhang en welzijn 2.2.1 Conceptueel kader zingeving, als onderdeel van subjectief welzijn binnen het onderzoek Sociale samenhang en welzijn Subjectief welzijn Eudemonisch welzijn Zingeving Dimensies: Sociaal Persoonlijke ontwikkeling Autonomie Hoop Nut Transcendentie Religie/spiritualiteit Het leven de moeite waard vinden Het gevoel hebben iets bij te dragen aan de samenleving Evaluatief welzijn Tevredenheid met het leven Affectief welzijn Geluk 2.2.1 Conceptueel kader zingeving, als onderdeel van subjectief welzijn binnen het onderzoek Sociale samenhang en welzijn Subjectief welzijn Eudemonisch welzijnZingeving Dimensies: SociaalPersoonlijke ontwikkelingAutonomieHoopNutTranscendentieReligie/spiritualiteit Het leven de moeite waard vinden Het gevoel hebben iets bij te dragen aan de samenleving Evaluatief welzijnTevredenheid met het leven Affectief welzijnGeluk

Naast twee stellingen over het leven de moeite waard vinden en het gevoel hebben iets bij te dragen aan de samenleving, zijn negen vraagstellingen over de vijf dimensies opgenomen. Bij de dimensie ‘sociaal’ gaat het over hoe belangrijk mensen hun sociale contacten vinden. Bij de dimensie ‘persoonlijke ontwikkeling’ gaat het over de vraag naar het belang van persoonlijke ontwikkeling, gevolgd door vier vragen over het opdoen en overdragen van kennis en ervaringen en het aangaan van uitdagingen. De dimensie ‘autonomie’ gaat over of mensen de dingen doen die zij willen en belangrijk vinden. De dimensie ‘hoop’ zegt iets over of mensen hoopvol zijn over de toekomst en de dimensie ‘nut’ gaat in op het gevoel nuttig te zijn. De vragen over het leven de moeite waard vinden, het gevoel hebben iets bij te dragen en over de dimensies ‘sociaal’ en ‘persoonlijke ontwikkeling’ zijn op dezelfde manier uitgevraagd als in de SSW-vragenlijst van 2020. De vragen over de dimensies ‘autonomie’, ‘hoop’ en ‘nut’ zijn nieuw toegevoegd in 2025.

Buiten het ad-hocvragenblok over zingeving is in 2016, 2019 en 2025 nog een algemene vraag opgenomen over het zinvol vinden van het leven (zie bijlage 1). Het zinvol vinden van het leven valt niet binnen het conceptueel kader, maar het hangt– naar verwachting – wel sterk met zingeving samen. Daarom is voor dit artikel nagegaan hoe deze algemene vraag samenhangt met de hoofdaspecten van zingeving.

2.2 Achtergrondkenmerken 

De volgende achtergrondkenmerken zijn gebruikt: 

  • Geslacht (‘mannen’, ‘vrouwen’),
  • Leeftijd (’18 tot 25 jaar’, ’25 tot 35 jaar’, ’35 tot 45 jaar’, ’45 tot 55 jaar’, ’55 tot 65 jaar’, ’65 tot 75 jaar’, ’75 jaar of ouder’), 
  • Behaald onderwijsniveau (‘basisonderwijs, vmbo, mbo1’, ‘havo, vwo, mbo2-4’ en ‘hbo, wo’), 
  • Gestandaardiseerd besteedbaar huishoudensinkomen (in 25%-groepen), 
  • Sociaaleconomische categorie (‘zelfstandigen, waaronder directeuren-grootaandeelhouders, zzp’ers en meewerkende gezinsleden in een familiebedrijf’, ‘werknemers’, ‘studenten’, ‘mensen met een sociale uitkering, waaronder uitkeringen voor werkloosheid, bijstand, ziekte en arbeidsongeschiktheid’, ‘mensen met een pensioenuitkering’, ‘restgroep zonder inkomen’), 
  • Positie in het huishouden (‘alleenwonend’, ‘lid paar zonder kinderen’, ‘lid paar met kinderen’, ‘ouder in eenoudergezin’, ‘thuiswonend kind’), 
  • Religie (‘geen kerkelijke gezindte’, ‘rooms-katholiek’, ‘protestants’, ‘islamitisch’, of ‘overige’)
  • Stedelijkheid van de woongemeente (‘Zeer sterk stedelijk’, ‘sterk stedelijk’, ‘matig stedelijk’, ‘weinig stedelijk’, ‘niet stedelijk’)

Geslacht, leeftijd, onderwijsniveau, religie en positie in het huishouden zijn uitgevraagd in de enquête. Informatie over het gestandaardiseerd besteedbaar huishoudensinkomen, de sociaaleconomische categorie en de stedelijkheid van de woongemeente is afkomstig uit het Stelsel van Sociaal-Statistische Bestanden (SSB) en aan de enquêtegegevens toegevoegd. 

2.3 Analyse 

De mate van zingeving is met behulp van zowel bivariate als multivariate beschrijvende analyses onderzocht. Bivariate analyses zijn uitgevoerd om verschillen tussen bevolkingsgroepen in kaart te brengen. Wanneer verschillen werden gevonden, is met behulp van multivariate logistische regressieanalyses nagegaan of deze verschillen te maken hebben met andere achtergrondkenmerken. Achtergrondkenmerken die sterk met elkaar samenhangen, zoals onderwijsniveau en inkomen, leeftijd en positie in het huishouden, en inkomen en sociaaleconomische categorie zijn ook los van elkaar toegevoegd. In de tekst worden de resultaten van de multivariate analyses alleen weergegeven als de bevindingen over de bivariate verschillen daardoor veranderden of als de multivariate uitkomsten niet aansloten op voorgaand onderzoek of literatuur.