4. Resultaten: beoefening culturele hobby’s
4.0 Resultaten algemeen
Gamen meest beoefende culturele hobby
In 2024 was gamen op de telefoon, tablet, of (spel)computer de meestgenoemde culturele hobby: meer dan de helft (57 procent) van de mensen van 6 jaar of ouder gaf aan in de afgelopen twaalf maanden te hebben gegamed. Dit was ook zo in 2022, toen gamen voor het eerst als antwoordoptie werd toegevoegd. Het aandeel mensen dat games speelt, ligt veel hoger dan de andere culturele hobby’s: zingen (29 procent) en tekenen (28 procent) komen respectievelijk op de tweede en derde plaats. Cabaretbeoefening (1 procent) werd in 2024 het minst vaak genoemd, net als in eerdere jaren.
| Perioden | Instrument bespelen (% van personen van 6 jaar of ouder) | Zingen (% van personen van 6 jaar of ouder) | Tekenen, schilderen of grafisch werk zonder computer (% van personen van 6 jaar of ouder) | Film, videokunst, grafisch ontwerp met computer, fotografie (% van personen van 6 jaar of ouder) | Gamen1) (% van personen van 6 jaar of ouder) |
|---|---|---|---|---|---|
| 2012 | 19,8 | 27,9 | 22,3 | 23,5 | |
| 2014 | 21,2 | 26,9 | 21,0 | 21,5 | |
| 2016 | 21,6 | 30,0 | 24,7 | 22,9 | |
| 2018 | 20,2 | 27,1 | 22,8 | 22,8 | |
| 2020 | 19,8 | 25,2 | 22,9 | 19,9 | |
| 2022 | 20,5 | 28,8 | 25,6 | 20,5 | 52,3 |
| 2024 | 20,3 | 28,9 | 28,2 | 19,4 | 56,9 |
| 1) In de vragenlijst vanaf 2022 | |||||
Het verschilt per hobby hoe het aandeel beoefenaars van culturele hobby’s is veranderd in de periode 2014-2024. Het percentage mensen dat zingt, is gestegen van 27 procent in 2014 naar 29 procent in 2024. Tekenen, schilderen of grafisch werk zonder computer is ook in aandeel deelnemers gestegen: van 21 procent in 2014 naar 28 procent in 2024. Ook het aandeel beoefenaars van beeldhouwen en vergelijkbare hobby’s is licht gestegen van 13 naar 15 procent. De overige hobby’s zijn verder stabiel in het aandeel beoefenaars.
Mediagebruik bleef stabiel
Het percentage personen dat aangeeft het afgelopen jaar boeken te hebben gelezen, is al sinds 2014 stabiel rond de 79 procent. De manier waarop men leest, is wel veranderd: meer mensen hebben via een e-reader een boek gelezen (28 procent in 2024, ten opzichte van 24 procent in 2014). Toch blijft een gedrukt boek het meest gebruikt (72 procent in 2024, ten opzichte van 78 procent in 2014). In 2022 en 2024 is ook de optie luisterboek toegevoegd: in 2024 geeft 17 procent aan van deze manier gebruik te hebben gemaakt.
In 2024 luisterde 94 procent van de mensen van 12 jaar of ouder wel eens naar muziek. Dit percentage is hetzelfde als in 2022 en 2020, toen het voor het eerst werd uitgevraagd. De meeste mensen luisteren muziek via radio of online radio (85 procent in 2024), op de tweede plek via een streamingdienst (71 procent in 2024), en het minst via een eigen collectie, zoals een cd of elpee/vinyl (39 procent in 2024). Het aandeel mensen dat gebruikmaakt van een streamingdienst om muziek te luisteren, is toegenomen. Het aandeel mensen dat via een eigen collectie muziek luistert, is gedaald.
Sinds 2020 wordt ook gevraagd naar het kijken van films, series en documentaires. In 2024 gaf 95 procent van de mensen van 12 jaar of ouder aan een film, serie of documentaire te hebben gekeken in de afgelopen 12 maanden. In 2022 was dit percentage 96 procent. Het merendeel kijkt films via televisie (89 procent) of via een streamingdienst (77 procent). Een kleiner percentage (39 procent) kijkt films digitaal via een platform waar zonder abonnement films besteld kunnen worden.
4.1 Hobbybeoefening naar geslacht
Vrouwen doen meer aan culturele hobby’s dan mannen
De meeste culturele hobby’s worden vaker door vrouwen dan door mannen beoefend. De enige uitzondering is gamen, dat vaker door mannen dan door vrouwen wordt gedaan. Bij sommige culturele hobby’s is er geen significant verschil tussen de geslachten. Het absolute verschil is het grootst bij de twee hobby’s tekenen en beeldhouwen (19 procentpunten meer door vrouwen) en zingen (11 procentpunten meer).
De verschillen tussen de vrouwen en mannen zijn voor de meeste hobby’s gelijk gebleven. Alleen bij tekenen en beeldhouwen zijn de verschillen groter geworden. In 2014 tekende 15 procent van de mannen, en 27 procent van de vrouwen. In 2024 was dit percentage onder mannen gestegen naar 19 procent, en onder vrouwen naar 38 procent. Bij beeldhouwen is eenzelfde trend te zien: het aandeel mannen dat deze hobby beoefende, lag in zowel 2014 als in 2024 op 5 procent. Bij vrouwen was het aandeel 19 procent in 2014, en 24 procent in 2024.
| Vrouwen (% van personen van 6 jaar of ouder) | Mannen (% van personen van 6 jaar of ouder) | |
|---|---|---|
| Gamen | 51,1 | 55,3 |
| Tekenen, schilderen of grafisch werk | 37,7 | 18,5 |
| Zingen | 34,5 | 23,1 |
| Beeldhouwen en vergelijkbaar | 24,1 | 5,4 |
| Instrument bespelen | 18,9 | 21,6 |
| Filmkunst en vergelijkbaar | 16,4 | 13,2 |
| Verhalen, gedichten of weblogs schrijven | 15,8 | 10,7 |
| Werelddans en vergelijkbaar | 9,1 | 2,6 |
| Toneel spelen | 7,1 | 4,4 |
| Klassiek ballet of moderne dans | 4,9 | 1,1 |
| Cabaret of stand-up comedy | 0,9 | 1,3 |
Boeken lezen populairder onder vrouwen dan mannen
Het aandeel boekenlezers is ook groter onder vrouwen dan onder mannen. Dit geldt voor alle soorten boeken: gedrukte boeken, e-boeken en luisterboeken. In 2024 gaf 78 procent van de vrouwen aan een gedrukt boek te hebben gelezen, tegenover 67 procent van de mannen. Bij e-boeken was dat 34 procent en 23 procent, bij luisterboeken 20 procent en 15 procent. De verschillen tussen de groepen in 2024 wijken niet af van de verschillen in 2014, en zijn dus niet groter of kleiner geworden.
4.2 Hobbybeoefening naar leeftijd
Jongeren beoefenen vaker culturele hobby’s dan ouderen
Voor vrijwel alle culturele hobby’s geldt dat hobbybeoefening lager is, naarmate de leeftijd hoger is. Alleen bij cabaret of stand-up comedy is het aandeel bij jongere en oudere leeftijdsgroepen gelijk.Het aandeel dat culturele hobby’s beoefent, daalt vanaf 20 jaar en is het laagst onder mensen van 70 jaar of ouder.
De drie meest beoefende hobby’s (gamen, zingen en tekenen) zijn bij alle leeftijdsgroepen het populairst. Ook bij mensen van 70 jaar of ouder is gamen de meest beoefende culturele hobby.
| Persoonskenmerken | Gamen (% van personen van 6 jaar of ouder) | Tekenen, schilderen of grafisch werk zonder computer (% van personen van 6 jaar of ouder) | Zingen (% van personen van 6 jaar of ouder) |
|---|---|---|---|
| 6 tot 12 jaar | 93,9 | 79,3 | 59,4 |
| 12 tot 20 jaar | 90,9 | 49,6 | 49 |
| 20 tot 30 jaar | 79,6 | 33,3 | 33,5 |
| 30 tot 40 jaar | 66,3 | 28,1 | 28,6 |
| 40 tot 50 jaar | 58,6 | 23,7 | 25,4 |
| 50 tot 60 jaar | 39,2 | 16,6 | 20,3 |
| 60 tot 70 jaar | 36,1 | 14,9 | 21,3 |
| 70 jaar of ouder | 24,8 | 15,2 | 17,2 |
Kinderen lezen het meest
In 2024 gaf 98 procent van de 6- tot 12-jarigen aan dat ze een boek hadden gelezen, het hoogste aandeel van alle leeftijdsgroepen. 70-plussers lazen met 74 procent het minst vaak een boek.
| Persoonskenmerken | Boeken gelezen (% van personen van 6 jaar of ouder) | Gedrukte boeken (% van personen van 6 jaar of ouder) | E-boeken (% van personen van 6 jaar of ouder) | Luisterboeken (% van personen van 6 jaar of ouder) |
|---|---|---|---|---|
| 6 tot 12 jaar | 97,8 | 97,2 | 13,5 | 32,7 |
| 12 tot 20 jaar | 80,2 | 77,7 | 26,2 | 24,9 |
| 20 tot 30 jaar | 75,5 | 69,8 | 29,8 | 18,6 |
| 30 tot 40 jaar | 76,1 | 68,7 | 32,2 | 24,2 |
| 40 tot 50 jaar | 77,7 | 68,1 | 32,7 | 21,2 |
| 50 tot 60 jaar | 76,3 | 69 | 31,6 | 15,8 |
| 60 tot 70 jaar | 79 | 72,1 | 32 | 7,6 |
| 70 jaar of ouder | 73,5 | 68,7 | 20,3 | 6,2 |
4.3 Hobbybeoefening naar inkomen
Hobbybeoefening verschilt naar inkomen
Bij de culturele hobby’s instrument bespelen, filmkunst of vergelijkbaar en verhalen schrijven is de beoefening in alle onderzochte jaren het hoogst onder de laagste inkomensgroep. Bij alle andere culturele hobby’s is er geen significant verschil tussen de inkomensgroepen.
De beoefening bij de laagste inkomensgroep hangt samen met geslacht en leeftijd. Vrouwen beoefenen vaker een culturele hobby dan mannen (zie paragraaf 4.1), en behoren relatief vaker tot de laagste inkomensgroep. Dit geldt ook voor jongere mensen (zie paragraaf 4.2).
| Hobby | Laagste 20%-inkomensgroep (% van personen van 6 jaar of ouder) | 2e 20%-inkomensgroep (% van personen van 6 jaar of ouder) | 3e 20%-inkomensgroep (% van personen van 6 jaar of ouder) | 4e 20%-inkomensgroep (% van personen van 6 jaar of ouder) | Hoogste 20%-inkomensgroep (% van personen van 6 jaar of ouder) |
|---|---|---|---|---|---|
| Gamen | 51,9 | 50,5 | 56,9 | 54,7 | 51,6 |
| Instrument bespelen | 23,7 | 16,1 | 18,2 | 20,8 | 22,2 |
| Tekenen, schilderen of grafisch werk | 30,3 | 28,9 | 27,4 | 28,4 | 26,6 |
| Zingen | 32,6 | 27,5 | 27,7 | 28,1 | 28,8 |
Het aandeel boekenlezers is groter naarmate het inkomen hoger is. Dit geldt ook voor het luisteren van muziek en het kijken van films.
| Persoonskenmerken | Boeken gelezen (% van personen van 12 jaar of ouder) | Muziek geluisterd (% van personen van 12 jaar of ouder) | Films gekeken (% van personen van 12 jaar of ouder) |
|---|---|---|---|
| Laagste 25%-inkomensgroep | 70,4 | 89,7 | 91,7 |
| 2e 25%-inkomensgroep | 74,1 | 90,6 | 94,0 |
| 3e 25%-inkomensgroep | 76,7 | 95,7 | 96,0 |
| 4e 25%-inkomensgroep | 79,5 | 96,3 | 95,5 |
| Hoogste 25%-inkomensgroep | 85,9 | 97,6 | 97,6 |
4.4 Hobbybeoefening naar plaats in huishouden
Thuiswonende kinderen beoefenen veruit het meest culturele hobby’s
De beoefening van culturele hobby’s verschilt naar huishoudenspositie. Alle culturele hobby’s worden het vaakst beoefend door thuiswonende kinderen. Dit heeft vooral met leeftijd te maken: culturele hobby’s worden vaker beoefend door jonge mensen en thuiswonende kinderen zijn vaak jong. Gamen is met 88 procent de populairste culturele hobby bij thuiswonende kinderen, gevolgd door tekenen (52 procent) en zingen (45 procent). Deze drie hobby’s worden door iedere groep het meest beoefend. Na thuiswonende kinderen beoefenen alleenstaanden en alleenstaande ouders het vaakst een culturele hobby. Leden van een paar met of zonder kinderen beoefenen het minst vaak een culturele hobby.
| Huishoudenspositie | Gamen (% van personen van 6 jaar of ouder) | Zingen (% van personen van 6 jaar of ouder) | Tekenen, schilderen of grafisch werk (% van personen van 6 jaar of ouder) | Instrument bespelen (% van personen van 6 jaar of ouder) |
|---|---|---|---|---|
| Totaal | 56,9 | 28,9 | 28,2 | 20,3 |
| Alleenstaande | 50,3 | 28,0 | 24,9 | 19,3 |
| Lid paar zonder kinderen | 41,8 | 22,0 | 18,3 | 14,5 |
| Lid paar met kinderen | 51,8 | 22,3 | 19,7 | 17,5 |
| Alleenstaande ouder | 56,4 | 32,5 | 34,2 | 15,7 |
| Thuiswonend kind | 88,2 | 45,2 | 51,7 | 32,7 |