AI in de samenleving: ervaringen en opinies

1. Inleiding

Kunstmatige of artificiële intelligentie (AI) maakt steeds meer deel uit van het dagelijkse leven. Gezichtsherkenning op smartphones, film- en muziekaanbevelingen op basis van eerdere beoordelingen, filevoorspellingen en communiceren met chatbots is voor veel mensen tegenwoordig vanzelfsprekend. Ook op de arbeidsmarkt en in de gezondheidszorg raken AI-toepassingen steeds meer ingeburgerd. Denk aan administratief werk, selectie van sollicitanten, planningen van roosters en taken, (medische) afspraken maken en de analyse van röntgen- en MRI-scans die door AI gedaan worden. AI ontwikkelt zich snel en zal in de toekomst een steeds grotere rol gaan spelen in het dagelijks leven. Zelfrijdende auto’s, robots die het huishouden doen, AI als digitale collega die mails opstelt en vergaderverslagen maakt en robots die chirurgische ingrepen doen, kunnen de komende jaren net zo gewoon worden als gezichtsherkenning en chatbots.

Enerzijds kan AI het leven op veel manieren makkelijker maken en helpen bij het oplossen van tal van maatschappelijke problemen (zie bijvoorbeeld OECD, 2024). Anderzijds kan AI echter ook negatieve invloed hebben op de samenleving, zoals de verspreiding van desinformatie, privacy-overtredingen en discriminatie, en zelfs op de nationale veiligheid (AP, 2023; AIVD, MIVD & NCTV, 2024). Of nieuwe AI-toepassingen een plek krijgen in de samenleving, hangt voor een deel af van de opinie van burgers. Is er vertrouwen in AI of wijzen mensen het af? Inzicht in de opinies van mensen over AI is nodig om te voorkomen dat technologische ontwikkelingen losraken van maatschappelijke waarden. Ook biedt opinieonderzoek handvaten om beleid en regels over AI te maken die de zorgen van mensen in acht nemen, bijvoorbeeld bij het gebruik van algoritmen door de overheid. Tot slot kan het verschillen tussen bevolkingsgroepen identificeren, waarmee beleid en wetenschap kunnen inspelen op ongelijkheden. Uit eerdere studies naar de opinies over AI kwam vooral naar voren dat weinig mensen in Nederland vertrouwen hebben in AI en dat menselijke controle belangrijk blijft. Ook zijn er grote zorgen over privacy, misbruik en verspreiding van desinformatie (KPMG, 2025; Waag Futurelab & Nederlandse AI-coalitie, 2024).

Aanvullend op de eerdere studies vroeg het CBS in het opinieonderzoek Belevingen (zie kader) naar de mening van mensen over de rol die AI speelt in het dagelijks leven, op de arbeidsmarkt en in de gezondheidszorg. Staan mensen positief of negatief tegenover de rol die AI hier heeft? En hoe zien mensen de toekomst met AI? Meer gedetailleerd kwamen in het onderzoek de volgende vragen aan bod:

  • Hoe bekend zijn mensen met AI? Maken ze er gebruik van? Welke invloed heeft AI op dit moment op het dagelijks leven? En hoe denken mensen dat dit in de toekomst zal zijn?
  • Vinden mensen dat AI het leven prettiger maakt, of juist ingewikkelder? Denken ze dat AI helpt bij het oplossen van problemen, of dat het juist voor nieuwe problemen zorgt? En in welke mate maken ze zich zorgen over de huidige en toekomstige invloed van AI op de samenleving?
  • Welke gevolgen denken mensen dat AI heeft op de arbeidsmarkt en op de manier waarop mensen hun werk doen? En vindt men dat AI bepaald werk of bepaalde banen zou kunnen overnemen? Hoeveel mensen gebruiken AI eigenlijk al voor hun werk? Maken ze zich zorgen dat hun werk overgenomen wordt door AI?
  • Wat vinden mensen van AI-toepassingen in de gezondheidszorg, zoals chatbots om klachten mee te bespreken en diagnoses gesteld met AI? Denken zij dat de zorgverlening verbetert door het gebruik van AI of juist niet? Verwachten ze dat AI-gebruik tot lagere zorgkosten leidt?

De antwoorden op deze en andere vragen in het onderzoek Belevingen staan in de hoofdstukken 2 tot en met 5. Daarbij worden ook verschillen in AI-ervaringen en -opvattingen tussen bevolkingsgroepen in kaart gebracht.