Steeds meer studenten wonen hun hele studie thuis
Studenten die in 2015 begonnen met studeren vielen onder het sociaal leenstelsel. Zij bleven vaker tot aan hun afstuderen (in 2020) thuiswonen dan de studenten die een jaar eerder waren begonnen. Daarna is er nog een lichte stijging.
Het CBS en het NIDI hebben gekeken naar studenten aan hbo of universiteit (wo) die voor hun twintigste aan een studie begonnen. Dit nieuwsbericht gaat over studenten die vijf jaar over hun studie deden. Er is ook gekeken naar andere studieduren, daarbij is een vergelijkbare ontwikkeling te zien.
Mannen vaker dan vrouwen
Mannen blijven vaker bij hun ouders wonen dan vrouwen. Van de mannen die in 2020 na vijf jaar klaar waren met hun studie, was 52 procent niet uit huis gegaan. Bij de vrouwen was dat 34 procent. In 2016 was dat nog 40 en 24 procent. Tussen 2021 en 2023 is het percentage thuiswonenden bij mannen licht afgenomen, bij vrouwen nam het juist iets toe.
| Jaar | Mannen (%) | Vrouwen (%) |
|---|---|---|
| 2016 | 40,2 | 23,4 |
| 2017 | 41,0 | 23,8 |
| 2018 | 39,3 | 24,1 |
| 2019 | 41,6 | 24,9 |
| 2020 | 51,5 | 34,3 |
| 2021 | 53,0 | 34,8 |
| 2022 | 51,7 | 36,6 |
| 2023 | 50,1 | 38,1 |
Hbo’ers vaker dan wo’ers
Bij hbo-studenten is het thuiswonen relatief sterker toegenomen dan bij universitaire studenten. Bij afstudeerders aan het hbo steeg het aandeel dat niet uit huis ging van 41 procent in 2016 naar 55 procent in 2023. Bij wo-studenten nam het toe van 19 naar 32 procent.
Hbo-studenten blijven dus vaker thuiswonen dan wo-studenten. Zij zijn vaak jonger als ze gaan studeren, en er zijn meer hbo-instellingen verspreid over het land dan universiteiten, wat de reistijd korter kan maken en het thuis blijven wonen stimuleert.
| Jaar | Hbo (%) | Wo (%) |
|---|---|---|
| 2016 | 41,3 | 19,0 |
| 2017 | 41,1 | 21,0 |
| 2018 | 39,8 | 20,8 |
| 2019 | 41,2 | 22,9 |
| 2020 | 51,9 | 31,3 |
| 2021 | 53,5 | 31,5 |
| 2022 | 54,1 | 32,4 |
| 2023 | 55,4 | 32,0 |
Later uit huis
Studenten die wél tijdens hun studie uit huis gaan, doen dat sinds de invoering van het leenstelsel een stuk later. Van de studenten die in 2016 afstudeerden, woonde 63 procent na het eerste studiejaar nog thuis. In 2023 was dat toegenomen tot 79 procent. Na drie jaar studeren steeg het deel thuiswonenden van 43 procent naar 60 procent.
| Thuiswonend | 1 jaar (%) | 2 jaar (%) | 3 jaar (%) | 4 jaar (%) | 5 jaar (%) |
|---|---|---|---|---|---|
| 2016 | 62,9 | 51,2 | 42,6 | 36,3 | 30,5 |
| 2017 | 61,3 | 50,8 | 43,0 | 37,4 | 31,5 |
| 2018 | 60,4 | 48,8 | 42,1 | 36,8 | 30,7 |
| 2019 | 61,8 | 51,6 | 43,9 | 38,8 | 32,8 |
| 2020 | 74,2 | 65,2 | 58,8 | 51,7 | 42,1 |
| 2021 | 76,7 | 68,2 | 61,5 | 53,3 | 43,5 |
| 2022 | 77,3 | 68,4 | 60,6 | 52,3 | 43,6 |
| 2023 | 79,0 | 68,7 | 60,2 | 51,9 | 43,0 |
Bronnen
Relevante links
- Statistische Trends - Studeren en uit huis gaan nog haalbaar?
- Statistische Trends - Hoe vergaat het studenten in het leenstelsel? Studievoortgang van cohorten studenten van 2007 tot 2015
- Statistische Trends - De groeiende groep jongvolwassen thuiswonenden
- Statistische Trends - Twintigers: tegenwoordig en toen
- Statistische Trends - Woonsituatie en woonbeleving van jongeren, 2012-2021
- Nieuwsbericht - Jongeren die graag het huis uit willen lukt dat minder vaak