Omslag na zeven jaar oplopend ziekteverzuim

ziek op de bank
© Hollandse Hoogte / Richard Brocken
Het ziekteverzuim onder werknemers was in het tweede kwartaal van 2023 5,0 procent. Dat wil zeggen dat 50 van de duizend te werken dagen werden verzuimd wegens ziekte. Net als in het eerste kwartaal van dit jaar was het verzuim lager dan een jaar eerder. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.

Omdat het ziekteverzuim een seizoenseffect kent (’s winters wordt er meer verzuimd dan in de zomer), worden cijfers niet vergeleken met opeenvolgende kwartalen, maar met dezelfde kwartalen in voorgaande jaren. Van 2016 tot en met 2022 was in elk tweede kwartaal het ziekteverzuim hoger dan een jaar eerder. Vorig jaar ging het nog om 5,4 procent, voor het tweede kwartaal het hoogste percentage in de reeks vanaf 1996. In 2023 is er dus, na zeven jaar van oplopende percentages, een omslag, net als in het eerste kwartaal.

Ziekteverzuim werknemers, 2e kwartaal
JaarZiekteverzuim (%)
'034,6
'044,0
'053,9
'064,0
'074,0
'084,0
'093,8
'104,0
'114,1
'123,9
'133,8
'143,7
'153,7
'163,8
'173,9
'184,1
'194,3
'204,5
'214,7
'225,4
'23*5,0
*voorlopig cijfer

Verzuim in meeste bedrijfstakken lager

In de meeste bedrijfstakken lag het ziekteverzuim lager dan in 2022. Alleen bij de delfstoffenwinning nam het ziekteverzuimpercentage toe van 4,1 naar 4,6. Het minst werd er verzuimd in de financiële dienstverlening (3,1 procent).

Ziekteverzuim werknemers naar bedrijfstak, 2e kwartaal
 2023* (%)2022 (%)
Gezondheids-
en welzijnszorg
7,07,5
Vervoer en opslag6,16,2
Industrie5,76,3
Openbaar bestuur
en overheidsdiensten
5,65,7
Waterbedrijven
en afvalbeheer
5,56,3
Onderwijs5,45,6
Totaal5,05,4
Overige dienstverlening5,05,6
Delfstoffenwinning4,64,1
Bouwnijverheid4,65,3
Handel4,55,0
Energievoorziening4,54,9
Cultuur, sport
en recreatie
4,54,8
Verhuur en overige
zakelijke diensten
4,34,7
Verhuur en handel
van onroerend goed
4,14,1
Horeca3,94,3
Informatie en
communicatie
3,73,8
Specialistische
zakelijke diensten
3,53,8
Landbouw, bosbouw
en visserij
3,44,1
Financiële
dienstverlening
3,13,1
*voorlopig cijfer

Ook minder verzuim in zorg en welzijn

Opnieuw lag het verzuim het hoogst in de gezondheids- en welzijnszorg (7,0 procent). Maar ook in deze bedrijfstak werd minder verzuimd dan in 2022 (7,5 procent). Van de verschillende branches in zorg en welzijn was het verschil het grootst in de gehandicaptenzorg: 7,6 procent van de werknemers in deze branche verzuimde, een jaar eerder was dat 8,4 procent. Ook in de ziekenhuizen en overige medisch specialistische zorg lag het verzuimpercentage lager (6,0 procent in 2023, tegen 6,7 procent een jaar eerder).

In de verpleging, verzorging en thuiszorg was het verzuim nog altijd het hoogste: 8,3 procent van de werknemers in deze branche verzuimde (8,8 procent een jaar eerder). Alleen in het sociaal werk steeg het verzuim nog licht.

De cijfers over de branches binnen de bedrijfstak gezondheids- en welzijnszorg komen uit het onderzoeksprogramma Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn.

Ziekteverzuim werknemers gezondheids- en welzijnszorg naar branche, 2e kwartaal
Branche2023* (%)2022 (%)
Verpleging, verzorging
en thuiszorg
8,38,8
Gehandicaptenzorg7,68,4
Kinderopvang
(incl. peuterspeelzaalwerk)
7,37,7
Sociaal werk7,27,1
Gezondheids-
en welzijnszorg
7,07,5
Geestelijke gezondheidszorg6,86,9
Huisartsen en
gezondheidscentra
6,87,4
Jeugdzorg6,56,8
Ziekenhuizen en overige
medisch specialistische zorg
6,06,7
Universitair medische centra5,56,1
Overige zorg en welzijn5,35,7
*voorlopig cijfer