Voor het eerst meer dan 9 miljoen werkenden

Twee bouwvakkers aan het werk op een gebouw aan de Amsterdamse Zuidas
Het aantal mensen met betaald werk nam in de afgelopen drie maanden met gemiddeld 17 duizend per maand toe en bedroeg in december voor het eerst meer dan 9 miljoen personen. Het aantal werklozen is in de afgelopen drie maanden gedaald met gemiddeld 7 duizend per maand naar 302 duizend in december. Zij hadden geen betaald werk en gaven aan recent naar werk te hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar te zijn. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers. UWV registreerde eind december 223 duizend lopende WW-uitkeringen.

4,0 miljoen mensen hadden in december 2019 om uiteenlopende redenen geen betaald werk. Naast werklozen ging het om 3,7 miljoen mensen die niet recent hebben gezocht en/of niet direct voor werk beschikbaar waren. Zij worden niet tot de beroepsbevolking gerekend. Hun aantal is in de laatste drie maanden met gemiddeld 1 duizend per maand afgenomen.

Werkloosheidsindicator

Om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt in verschillende landen te kunnen vergelijken, wordt vaak gebruikgemaakt van de werkloosheidsindicator van de International Labour Organization (ILO). Volgens deze indicator worden mensen van 15 tot 75 jaar zonder betaald werk die hier recent naar hebben gezocht en direct beschikbaar zijn met ‘werkloos’ aangeduid.

In december waren er 302 duizend werklozen. Hiermee is het aantal werklozen eind 2019, na een lichte stijging in de loop van het tweede en derde kwartaal, weer vrijwel gelijk aan het aantal werklozen aan het begin van het tweede kwartaal. Ook het werkloosheidspercentage is vergelijkbaar. In december was dat 3,2 procent, tegen 3,3 procent in april en mei. In de tussenliggende maanden steeg het percentage naar 3,5.

Dat het werkloosheidspercentage in december 2019 lager ligt dan in april en mei van dat jaar, terwijl er ongeveer evenveel werklozen waren, komt doordat de beroepsbevolking gegroeid is.

Werkloosheid en WW-uitkeringen (x 1 000)
   Werkloosheidsindicator (ILO)
(15 tot 75 jaar, seizoengecorrigeerd)
WW-uitkeringen (15 jaar tot AOW-leeftijd)
2011januari430284
februari425280
maart413270
april411261
mei414256
juni409252
juli425254
augustus427256
september442252
oktober458253
november474258
december473270
2012januari486292
februari482299
maart487296
april502292
mei501291
juni502291
juli518298
augustus517304
september530304
oktober539310
november554322
december572340
2013januari589369
februari601377
maart619380
april625380
mei632378
juni648382
juli666395
augustus670399
september675400
oktober680408
november677419
december687438
2014januari691460
februari699460
maart692454
april684443
mei672436
juni656431
juli648437
augustus637430
september630420
oktober632419
november635425
december643441
2015januari645458
februari633455
maart626443
april625427
mei617416
juni611410
juli603420
augustus604420
september609417
oktober616421
november596427
december588446
2016januari574465
februari581469
maart574470
april572461
mei560448
juni550438
juli541432
augustus521427
september510424
oktober502420
november499410
december482412
2017januari480419
februari473416
maart463415
april456401
mei456386
juni446372
juli436364
augustus426362
september422351
oktober404343
november397337
december395330
2018januari380335
februari367330
maart357327
april355314
mei352301
juni354288
juli348279
augustus353278
september343274
oktober337269
november326267
december329263
2019januari329279
februari312274
maart307268
april300257
mei302251
juni313243
juli313234
augustus321237
september323233
oktober323233
november324228
december302223

UWV: WW daalt nog steeds

Eind december 2019 telde UWV 223 duizend lopende WW-uitkeringen. Dat is 1,9 procent minder dan vorige maand (228 duizend). Eind 2018 waren er nog 263 duizend WW-uitkeringen. Dat komt neer op een afname met 15 procent. In alle beroepsgroepen daalde de WW. De grootste afname is zichtbaar bij agrarische beroepen (-21 procent), zorg- en welzijnsberoepen (-19,1 procent) en pedagogische beroepen (-18,2 procent).

UWV: WW nam sterk af onder 50-plussers

Het aantal WW-uitkeringen van 50-plussers nam af met ruim 20 procent ten opzichte van eind 2018. In december 2019 verstrekte UWV bijna 46 procent van de WW-uitkeringen aan 50-plussers. Een jaar geleden was dat nog 49 procent. Zowel de gunstige situatie op de arbeidsmarkt, waardoor het voor werkzoekenden makkelijker is om een baan te vinden, als het stapsgewijs afbouwen van de maximale duur van de WW naar 24 maanden dragen hieraan bij.

Aantal werkenden gestegen en aantal werklozen gedaald

Het aantal werkenden is na het eerste kwartaal van 2014 vrijwel onafgebroken gestegen. Lange tijd daalde tegelijkertijd de werkloosheid, maar gedurende het tweede en derde kwartaal van 2019 nam de werkloosheid iets toe. Dit kwam met name doordat mensen die eerder niet actief waren op de arbeidsmarkt werk gingen zoeken. Degenen die niet meteen aan de slag konden, gingen meetellen in de werkloosheidscijfers. Eind 2019 veranderde dat. Meer mensen die toetraden tot de arbeidsmarkt kwamen direct aan het werk en een kleiner deel werd werkloos

Onbenut arbeidspotentieel

Het CBS publiceert maandelijks over de omvang van de werkzame beroepsbevolking en de niet-werkzame bevolking, waarbij de laatste groep wordt uitgesplitst naar de werkloze beroepsbevolking en de niet-beroepsbevolking (allemaal volgens ILO-definitie).

Met de werkloze beroepsbevolking wordt echter niet het totale onbenut arbeidspotentieel beschreven. Behalve werklozen behoren hiertoe nog andere groepen. Het gaat ook om mensen die óf recent gezocht hebben naar werk óf direct beschikbaar zijn voor werk. Deze mensen worden gerekend tot het onbenut arbeidspotentieel, maar vallen buiten de werkloosheidsdefinitie. Ook deeltijders die meer uren willen werken en hiervoor direct beschikbaar zijn, behoren tot het onbenut arbeidspotentieel.

De grootte en samenstelling van deze groepen worden alleen per kwartaal gepubliceerd. Het totaalbeeld dat de onderstaande figuur weergeeft is gebaseerd op de meest recente kwartaalcijfers (derde kwartaal 2019). Het totale onbenut arbeidspotentieel bestond in het derde kwartaal van 2019 uit 1,0 miljoen mensen, 120 duizend minder dan een jaar eerder. De ontwikkeling van het totale onbenut arbeidspotentieel hangt sterk samen met de ontwikkeling van de werkloosheid.

Beroepsbevolking van 15 tot 75 jaar Niet-beroepsbevolking Niet gezocht en niet beschikbaar Wil en/of kan niet werken Wil wel werken Gezocht en niet beschikbaar Beschikbaar en niet gezocht Vanwege weinig resultaat Vanwege andere reden Beroepsbevolking Werkloos (ILO-definitie) Werkzaam Deeltijd Wil meer uren werken, beschikbaar Voltijd

Het CBS publiceert maandelijks volgens de internationale richtlijnen over de beroepsbevolking. De bijbehorende indicatoren, de werkzame en werkloze beroepsbevolking, worden wereldwijd gebruikt om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt te beschrijven. Daarbij zijn maandcijfers essentieel. Daarnaast publiceert het UWV maandelijks over het aantal WW-uitkeringen. Deze UWV-cijfers over uitkeringen zijn niet één-op-één vergelijkbaar met de indicatoren over de beroepsbevolking.