Een op de honderd moeders heeft meer dan vijf kinderen

Meisje knutselt hart voor moederdag op school
© Hollandse Hoogte
Nederland telt op Moederdag 2017 bijna 5 miljoen moeders. De helft van hen heeft twee kinderen, een vijfde heeft er één. Een op de vijf moeders heeft drie kinderen. Grote gezinnen zijn niet gebruikelijk: een op de tien moeders kreeg vier of meer kinderen, slechts één procent heeft er minimaal zes. Dat meldt het CBS.

Jonge moeders hebben meestal (nog) maar één kind, zij kunnen er nog meer krijgen. Ruim de helft van de jonge vrouwen verwacht twee kinderen te krijgen, blijkt uit onderzoek.

Moeders naar kindertal, 1 januari 2017
 Aandeel moeders
121
249
321
46
52
6 of meer1

Vooral oudste moeders hebben meer dan drie kinderen

De tijd dat grote gezinnen veel voorkwamen is al enkele decennia voorbij. Vooral de moeders die nu 75 jaar of ouder zijn, hebben vaker vier of meer kinderen: ongeveer drie op de tien, en een op de tien is moeder van zes of meer kinderen. Tegenwoordig is het hebben van twee kinderen het meest gangbaar.

Moeders naar leeftijd en kindertal, 1 januari 2017
 6 of meer54321
jaar 200000,710,688,7
jaar 21000,11,313,784,9
jaar 22000,2217,980
jaar 23000,42,821,175,7
jaar 2400,10,63,823,472,1
jaar 2500,10,64,526,468,4
jaar 2600,10,95,428,365,3
jaar 2700,21,16,231,361,2
jaar 2800,21,4734,257,1
jaar 290,10,31,78,436,952,6
jaar 300,10,41,99,639,948,1
jaar 310,20,62,411,142,243,6
jaar 320,20,62,712,744,739,1
jaar 330,30,73,314,146,934,7
jaar 340,30,83,515,948,930,6
jaar 350,30,83,91750,527,5
jaar 360,514,118,151,225,1
jaar 370,51,14,518,851,623,6
jaar 380,51,14,719,551,722,5
jaar 390,61,24,920,152,221,1
jaar 400,61,2520,252,320,7
jaar 410,71,35,42052,120,5
jaar 420,71,35,220,451,920,4
jaar 430,71,35,120,552,120,2
jaar 440,81,35,420,25220,4
jaar 450,71,35,120,352,320,3
jaar 460,81,35,120,352,520,1
jaar 470,81,35,120,252,819,9
jaar 480,91,35,220,552,919,2
jaar 490,91,35,320,952,818,8
jaar 500,91,45,521,152,718,5
jaar 510,91,55,521,552,618
jaar 5211,55,621,752,617,6
jaar 5311,55,722,252,517,1
jaar 5411,5622,652,216,6
jaar 5511,5622,752,416,3
jaar 561,21,76,323,451,416,1
jaar 571,21,66,223,351,716
jaar 581,21,76,523,451,715,5
jaar 591,31,66,223,651,415,9
jaar 601,31,66,322,951,816
jaar 611,31,76,222,552,216,2
jaar 621,51,762252,716,1
jaar 631,41,65,921,453,416,4
jaar 641,51,65,620,954,216,3
jaar 651,41,45,220,85516,2
jaar 661,61,65,420,25516,3
jaar 671,31,44,919,656,915,8
jaar 681,31,44,919,356,916,3
jaar 691,21,44,819,157,616
jaar 701,21,34,819,457,715,7
jaar 711,41,65,420,555,715,3
jaar 721,41,75,821,954,714,6
jaar 731,61,96,222,653,114,7
jaar 7422,272450,514,3
jaar 751,82,37,624,94914,4
jaar 762,42,78,125,447,414,1
jaar 772,239,326,44514,2
jaar 782,63,510,426,643,213,6
jaar 7934,110,927,440,913,7
jaar 803,44,612,127,139,113,8
jaar 813,95,112,727,437,613,2
jaar 824,55,713,426,736,313,4
jaar 835613,926,335,213,6
jaar 845,46,414,42634,213,7
jaar 8566,914,525,633,213,8
jaar 866,97,514,42532,313,9
jaar 877,27,614,824,531,814,2
jaar 887,97,414,92431,414,4
jaar 898,67,914,623,430,315,2
jaar 909,17,914,523,829,914,9

Relatief veel moeders met groot kindertal in Biblebelt

De grotere gezinnen zijn vooral te vinden in gemeenten die in de zogenoemde Biblebelt liggen. Zo heeft 44 procent van alle moeders in Urk en 33 procent in Staphorst vier of meer kinderen. In andere gemeenten met relatief veel orthodox protestanten, zoals Zwartewaterland, Barneveld en Nunspeet, ligt het percentage tussen de 21 en 23. Ook grotere gezinnen met minimaal zes kinderen komen in de Biblebelt meer voor: 14 procent van de moeders in Urk heeft bijvoorbeeld minimaal zes kinderen, in Staphorst 10 procent.
In het van oorsprong katholieke zuiden van Nederland komen grotere gezinnen minder voor.

Moeders met een migratie-achtergrond steeds minder vaak een groot gezin

Van de ongeveer 450 duizend moeders met vier of meer kinderen heeft 21 procent een niet-westerse migratieachtergrond. Vooral niet-westerse vrouwen die niet in Nederland geboren zijn, de eerste generatie, hebben relatief vaak een groter gezin. Bij de hier geboren tweede generatie is dat veel minder. Van de nu 40- tot 45-jarige Marokkaanse moeders van de eerste generatie heeft 40 procent vier of meer kinderen, van de tweede generatie 15 procent.
Van de circa 70 duizend moeders met zes of meer kinderen is 30 procent van niet-westerse herkomst, voornamelijk van de eerste generatie. Van de tweede generatie moeders met een Marokkaanse achtergrond heeft nog geen 1 procent zes of meer kinderen, van de eerste generatie 4 procent.

Moeders (40-45 jaar) met 4 of meer kinderen naar migratieachtergrond, 2017
 Eerste generatieTweede generatie
Nederlands5,54
Marokkaans39,1215,72
Turks15,68,09
Antilliaans/Arubaans15,55,54
Surinaams8,17,3
Overig
niet-westers
13,464,19
Westers3,594,33

Leeg nest meestal rond de vijftig jaar

Bij bijna de helft van de moeders wonen de kinderen niet meer thuis. Bij moeders onder de vijftig woont in de meeste gevallen nog een of meer kinderen thuis. Van de 45- tot 50-jarige moeders had 8 procent geen thuiswonend kind meer. Daarna neemt het aantal moeders met een ‘leeg nest’ snel toe. Ruim een kwart van de 50- tot 55-jarige moeders en bijna zes op de tien 55- tot 60-jarigen had geen thuiswonende kinderen meer.

Moeders zonder thuiswonende kinderen, 2017
 Geen kinderen thuis
40 tot 45 jaar3
45 tot 50 jaar8
50 tot 55 jaar26,6
55 tot 60 jaar58,3
60 tot 65 jaar82,4
65 tot 70 jaar92,1

Bronnen