Ruim drie kwart vaders neemt geen ouderschapsverlof op

19-6-2015 12:00

Ruim drie kwart van de vaders die recht hebben op ouderschapsverlof nam dit niet op in 2013. Bij moeders is dit bijna de helft. Toch namen zowel vaders als moeders vaker ouderschapsverlof op dan tien jaar geleden. Dat meldt CBS.

Aandeel mannen en vrouwen met recht op ouderschapsverlof dat verlof heeft opgenomen, 2003-2013

Recht op ouderschapsverlof, naar geslacht, 2003 en 2013

Na de geboorte van een kind heeft de partner van de moeder recht op drie dagen onbetaald ouderschapsverlof. Sinds 2009 is de periode om ouderschapsverlof op te nemen voor werkende ouders verdubbeld naar 26 weken. Sindsdien is het ook mogelijk om het verlof meer te spreiden of in gedeelten op te nemen, waardoor vooral vaders meer ouderschapsverlof hebben opgenomen. Ouders kunnen tot hun kind 8 jaar is ouderschapsverlof opnemen. Voorwaarde is wel dat een ouder minstens een jaar als werknemer in dienst moet zijn.

Bij mannen verandert de arbeidsduur nauwelijks na de geboorte van het eerste kind. Ze blijven veelal even veel werken of gaan zelfs meer uren werken. Van de vrouwen bleef 58 procent in 2013 na de geboorte van hun eerste kind even veel uren werken. Jonge vrouwen werken, voordat ze kinderen krijgen, al vaker in deeltijd. Een klein deel zou meer willen werken en een nog kleiner deel minder, als het goed te regelen zou zijn. Verreweg de meeste vrouwen die parttime werken willen echter niet meer uren werken.

Tijdens de crisis in de jaren ’80 was de werkloosheid hoog en besloot de regering dit aan te pakken door middel van het creëren van deeltijdbanen. Sindsdien zijn we als Nederland gewend geraakt aan het fenomeen parttime werken. De overgrote meerderheid van de werkende vrouwen wil graag in deeltijd werken. Dat geldt zeker voor moeders. Nederland is daarmee een buitenbeentje in Europa. Het is in Nederland makkelijker om een deeltijdbaan te krijgen in vergelijking met de meeste andere EU-landen, omdat er relatief veel deeltijdbanen zijn.

Redenen om niet te werken

Er werken ook nu nog altijd meer mannen dan vrouwen, ondanks dat de arbeidsparticipatie van vrouwen in de afgelopen 12 maanden is toegenomen. Bij jongeren is de arbeidsparticipatie van mannen en vrouwen nog van een vergelijkbaar niveau. Vanaf de leeftijdsgroep 25- tot 45-jarigen loopt deze uiteen. Een belangrijke reden voor vrouwen in deze leeftijdsgroep om niet te willen of kunnen werken is de zorg voor gezin of huishouden. Deze reden komt bij mannen vrijwel niet voor, daar gaat het vaak om ziekte of arbeidsongeschiktheid.

Personen van 15 tot 75 jaar die niet willen of kunnen werken, naar reden, 2014

2,1 miljoen vaders

Afgelopen jaar telde Nederland ruim 2,1 miljoen vaders in de leeftijd van 15 tot 75 jaar. Bijna 1,5 miljoen (70 procent) van hen hadden een baan als werknemer. In 2014 telde Nederland 423 duizend vaders die als zelfstandige werkzaam waren. Van de 2,4 miljoen moeders is 63 procent werknemer. 255 duizend moeders waren als zelfstandige aan de slag. 79 duizend vaders waren vorig jaar werkloos en 128 duizend moeders.

Bronnen:

Downloads