1. Introductie
1.1 Programma Energietranstie Integraal Kostenbeeld (EIK)
Bij het ministerie van KGG is er behoefte om meer inzicht te krijgen in de kosten en financiering van de energietransitie. Gegevens en analyses over de kosten en financiering van de energietransitie zijn van belang om een integraal kostenbeeld van het energiesysteem te krijgen. Het ministerie heeft in 2025 het interne project INKTVIS (Investeringen, KosTen & Verdeling energIeSysteem) opgestart, en heeft de kenniscoalitie energietransitie (KCET) gevraagd om hieraan bij te dragen. De KCET is een consortium van kennisinstellingen van TNO, CBS, PBL, CPB en RVO.
De KCET heeft een meerjarig programmaplan opgesteld, het Energietransitie Integraal Kostenbeeld (EIK), met als doel om vanaf 2026 bij te dragen aan het inzichtelijker maken van de consequenties van energietransitiebeleid voor de samenleving. Het programmaplan is uitgewerkt aan de hand van 10 verschillende werkpakketten.
Een van de doelen van het eerste werkpakket (WP1) is om een overkoepelend beeld te geven van de kosten in het energiesysteem op basis van macro-economische gegevens. Dit beeld wordt samengesteld op basis van gegevens uit onder andere de nationale rekeningen, de overheidsstatistieken en andere economische statistieken van het CBS. Hiermee wordt zicht verkregen op de realisaties in recente jaren, die weer als ijkpunt kunnen dienen voor projecties/scenario’s naar de toekomst.
Momenteel wordt er vanuit WP1 gewerkt aan een notitie over de ‘Kostenbegrippen en scope van het energiesysteem’, wat zal dienen als uitgangspunt voor alle werkpakketten binnen EIK. In deze notitie zullen de gehanteerde scope, definities, classificaties en kostenbegrippen uitgebreider worden toegelicht. Deze notitie volgt medio 2026.
De termen kosten en uitgaven worden vaak door elkaar gebruikt, maar zijn in principe verschillend. Dit wordt in hoofdstuk 2 verder toegelicht. Deze technische toelichting richt zich met name op uitgaven, namelijk a) energie-uitgaven (lopende kosten, bv uitgaven van huishoudens, bedrijven en de overheid aan benzine of verwarming) en/of b) energie gerelateerde investeringen.
Deze technische toelichting hoort bij de gepubliceerde tabellenset ‘Uitgaven binnen het energiesysteem’, dit is een eerste verkenning van de uitgaven binnen het energiesysteem. Omdat deze eerste verkenning van de uitgaven en kosten in het energiesysteem is uitgevoerd voordat de precieze scope en definities zijn vastgesteld binnen EIK, zullen de tabellenset en deze technische toelichting in de toekomst worden herzien om beter aan te sluiten bij de gehanteerde scope en definities in EIK. Daarnaast zal de tabellenset worden uitgebreid met nieuwe variabelen en langere tijdreeksen.
1.2 Uitgaven binnen het energiesysteem
De gepubliceerde tabellensets geven een eerste macro-economische plaatje van de Nederlandse energiehuishouding en geven ook inzicht in de verdeling van energie gerelateerde kosten en uitgaven over verschillende actoren/sectoren, zie figuur 1. Vanuit een nationaal perspectief zijn er in de energietransitie vier belangrijke actorgroepen te onderscheiden, namelijk huishoudens, bedrijven, de overheid en het buitenland. Deze actorgroepen zijn verder uit te splitsen, bijvoorbeeld bedrijven naar verschillende bedrijfstakken.
In deze studie wordt alleen gekeken naar de uitgaven van de verschillende actoren. Echter, uitgaven van de ene actor zijn veelal weer baten voor de ander. Hierdoor zitten in de totale uitgaven dubbeltellingen. Bijvoorbeeld, bedrijven betalen belasting aan de overheid en de overheid geeft subsidies aan bedrijven. Beide geldstromen rapporteren we als uitgaven van de een aan de ander, maar vindt er enkel een herverdeling plaats.
Met het totale kostenplaatje van de Nederlandse energiehuishouding en de verdeling van deze kosten- en inkomstenstromen voor verschillende actorgroepen wordt de basis gelegd voor het doorrekenen van verschillende scenario’s. Met het eindproduct van WP1 is het mogelijk om jaarlijks de ontwikkeling in de gerealiseerde kosten weer te geven, maar ook om dit in perspectief te plaatsen door te kijken hoe de totale kosten zich hebben ontwikkeld in de tijd. Deze tijdreeksen geven (nieuwe) inzichten in de doorwerking van de energietransitie op de verdeling van uitgaven over verschillende actoren.
| Uitgaven | Soort stroom | Inkomsten |
|---|---|---|
| Consumentenuitgaven | Energielevering/ onderhoud/ investeringen | Bedrijfsinkomsten in Nederland |
| Consumentenuitgaven | Belastingen | Overheidsinkomsten in Nederland |
| Bedrijfsuitgaven | Energielevering/ onderhoud/ investeringen | Bedrijfsinkomsten in Nederland |
| Bedrijfsuitgaven | Belastingen | Overheidsinkomsten in Nederland |
| Bedrijfsuitgaven | Nederlandse import | Buitenlandse inkomsten van Nederland |
| Overheidsuitgaven | Subsidies | Bedrijfsinkomsten in Nederland |
| Overheidsuitgaven | Subsidies | Consumenteninkomsten |
| Buitenlandse uitgaven | Nederlandse export | Bedrijfsinkomsten in Nederland |
Het voorliggende technische rapport beschrijft de databronnen, methoden en resultaten van de eerste, voorlopige CBS tabellenset op basis van bestaande statistieken en aanvullende bronnen. In de eerste plaats zijn de data gebaseerd op de gegevens van de Nationale rekeningen, die zijn gebaseerd op de internationale richtlijnen van het SNA (UN, 2008). Hierdoor zijn de energie gerelateerde data uit dit rapport direct vergelijkbaar met de macro-economische indicatoren uit de Nationale rekeningen, zoals het bbp, totale investeringen etc.
De tabellen bevatten onderliggende data voor verschillende kostenvariabelen:
- Investeringen in energie (conventionele en hernieuwbare energie, netwerken en energiebesparing);
- Energie uitgaven, verbijzonderd naar type energieproduct;
- Energie gerelateerde belastingen, verbijzonderd naar soort;