7. Conclusie
De aantallen NEETs op basis van de EBB en registerdata verschillen. In 2024 ging het om een verschil van 140 duizend. Recent laten beide bronnen een toename van het aantal NEETs zien, wel is die toename in registers sterker dan op basis van de EBB waardoor de verschillen in aantallen tussen de bronnen toenemen. Ook als percentage van het totaal aantal jongeren van 15 tot 27 jaar verschillen de beide bronnen. Op basis van de EBB ging het om 4,1 procent in 2024, op basis van de registerdata om 9,3 procent.
De verschillen tussen de bronnen hebben meerdere oorzaken. Drie zijn deels te kwantificeren, namelijk jongeren in institutionele huishoudens, het al dan niet meenemen van het niet-formele onderwijs en het peilmoment. Door de beide bronnen hierin zoveel mogelijk gelijk te trekken, kom je voor de EBB op 131 duizend NEETs en op basis van de registers op 229 duizend.
Aanvullend op de geconstateerde verschillen tussen beide bronnen in het aantal NEETs, is nagegaan in hoeverre jongeren die in de EBB hebben aangegeven onderwijs te volgen en/of betaald werk te hebben, ook als onderwijsvolgend en/of werkzaam terug te vinden zijn in de registers. Zowel het aantal onderwijsvolgende jongeren als het aantal werkzame jongeren is op basis van de EBB hoger dan op basis van registerdata. Van degenen die volgens de EBB een formele opleiding volgen, is 93 procent ook als onderwijsvolgend terug te vinden in de registraties. Van degenen die in de EBB aangeven werk te hebben, geldt voor 90 procent dat ze ook werkzaam zijn volgens de registerdata.
Tot slot is de selectiviteit in de respons in de EBB een aandachtspunt. De NEETs, en met name jongeren die geen onderwijs volgen, zijn ondervertegenwoordigd in de EBB en hiervoor kan niet volledig worden gecorrigeerd met de weging.
Op basis van bovenstaande kan geconcludeerd worden dat beide bronnen een beeld geven van de niet-onderwijsvolgende jongeren zonder werk in Nederland. Beide bronnen hebben daarbij hun aandachtspunten met als gevolg dat de registers het aantal NEETs wat overschatten terwijl de EBB het aantal NEETs wat onderschat.