Auteur: Hanneke Posthumus, Brenda Bos, Vincent de Heij, Lieke Stroucken

Criminaliteit in netwerken van jongeren uit Den Haag Zuidwest

Over deze publicatie

Dit onderzoek geeft antwoord op de vraag in hoeverre jongeren uit Den Haag Zuidwest worden blootgesteld aan verdachten van high impact crimes, zoals geweldsmisdrijven. Hierbij is gebruik gemaakt van een netwerkanalyse waarbij de potentiële contacten uit vijf verschillende netwerken (huishouden, familie, klasgenoten, collega’s en buren) zijn geanalyseerd.

Samenvatting

In 2019 is de Regio Deal Den Haag Zuidwest gestart. De ambitie van deze Regio Deal is om de sociaaleconomische positie en leefbaarheid van Den Haag Zuidwest op te stuwen in de richting van het gemiddelde van Den Haag.

Dit onderzoek richt zich op jeugdcriminaliteit in Den Haag Zuidwest, specifiek op de ‘high impact crimes’ (HIC). High impact crimes zijn vermogens- of geweldsmisdrijven en worden zo genoemd omdat ze een grotere impact hebben op de slachtoffers dan andere vormen van criminaliteit. Hoeveel jongeren uit Zuidwest betrokken zijn geweest bij high impact crimes is bekend uit statistieken. Maar in hoeverre dergelijke misdrijven zijn verweven in de sociale structuren van jongeren is niet bekend. Met andere woorden: in hoeverre worden jongeren (tussen 12 en 27 jaar) uit Zuidwest blootgesteld aan high impact crimes in hun sociale omgeving?

Om dit te onderzoeken is gebruik gemaakt van een netwerkanalyse. We onderscheiden in dit onderzoek vijf verschillende typen sociale netwerken:

  • Huisgenoten;
  • Familieleden (buiten huisgenoten); 
  • Klasgenoten;
  • Buren; 
  • Collega’s. 

Hieronder staan enkele resultaten van het onderzoek:

Jongeren uit Zuidwest worden vaker blootgesteld aan HIC dan elders in Den Haag

Met name de wat oudere jongeren (vanaf 17 jaar) uit Zuidwest worden in hun potentiële netwerk vaker blootgesteld aan verdachten van een high impact crime dan jongeren uit stadsdeel Centrum en uit de rest van Den Haag. Zo bestaat het netwerk van jongeren uit Zuidwest tussen 17 en 22 jaar voor ruim 6 procent aan contacten die verdacht zijn geweest van een high impact crime. 

Met name blootstelling in huishouden, in familie en in de klas

Jongeren uit Zuidwest komen met name in hun eigen huishouden, familie en klas in aanraking met verdachten van high impact crimes. Zo is van de gemiddelde 12- tot 17-jarige jongere uit Zuidwest 7,5 procent van zijn of haar familieleden verdacht geweest van een high impact crime en is van de gemiddelde 17- tot 22-jarige ruim 8 procent van de klasgenoten verdacht geweest.

Verschillen in blootstelling tussen buurten in Zuidwest

Niet heel Zuidwest laat dezelfde resultaten zien. In bepaalde buurten speelt blootstelling aan verdachten van high impact crimes meer dan in andere buurten. Dit hangt ook af van het type netwerk.

Zo zien we in het familienetwerk (buiten het eigen huishouden) tussen de buurten in Zuidwest verschillen in potentiële blootstelling aan verdachten van een high impact crime. Het duidelijkste zien we dit bij de 12- tot 17-jarigen. In de ene helft van de buurten in Zuidwest is ongeveer 9 procent van de familieleden van deze jongeren verdacht geweest van een high impact crime. In de andere helft ligt dit rond 6 á 7 procent.

Ook onder 22- tot 27-jarigen die onderwijs volgen zijn duidelijke verschillen te zien tussen de buurten in Zuidwest. In de buurten Morgenstond-Zuid en Morgenstond-Oost zijn respectievelijk 9 en 8 procent van de studiegenoten verdacht geweest. In de buurten De Uithof (in de wijk Bouwlust en Vrederust) en Morgenstond-West hebben de jongeren de minste kans op verdachte studiegenoten.

Verdachte jongeren worden meer blootgesteld aan criminaliteit dan niet-verdachte jongeren

Jongeren die zelf verdacht zijn geweest van een high impact crime, worden in hun netwerk vaker blootgesteld aan verdachten dan jongeren die zelf niet verdacht zijn geweest. Dit is met name te zien in het huisgenoten-, familie-, en klasgenotennetwerk en geldt voor zowel Zuidwest als stadsdeel Centrum en de rest van Den Haag.

Niet-verdachte jongeren uit Zuidwest worden meer blootgesteld aan HIC dan elders

Jongeren uit Zuidwest die zelf niet verdacht zijn geweest van een high impact crime, worden in hun netwerk vaker blootgesteld aan HIC-verdachten dan jongeren uit stadsdeel Centrum of de rest van Den Haag. Niet-verdachte jongeren uit Zuidwest tussen 12 en 17 jaar worden relatief vaak in hun familienetwerk blootgesteld aan high impact crimes, niet-verdachte jongeren tussen 17 en 22 jaar in hun klasgenotennetwerk.

Bij combinatie van verdachte huisgenoten én klasgenoten zijn jongeren zelf ook relatief vaak verdacht

Jongeren uit Zuidwest die in verschillende netwerken worden blootgesteld aan verdachten van high impact crimes, zijn zelf ook vaker HIC-verdachte. Met name jongeren die een verdachte huisgenoot hebben én meerdere verdachte klasgenoten of een verdacht familielid, zijn vaker zelf ook verdacht geweest van een high impact crime. Zo is ongeveer een kwart van de schoolgaande jongeren uit Zuidwest die een verdachte huisgenoot heeft én minimaal tien verdachte klasgenoten zelf ook verdacht geweest van een high impact crime.
 

1. Inleiding

Den Haag heeft, net als alle grotere steden, te maken met sociale problematiek. Van oudsher wordt bij achterstands- of probleemwijken door niet-Hagenaars vaak gedacht aan de Schilderswijk en de Transvaalbuurt. Maar er zijn ook andere wijken in Den Haag die er niet goed voor staan. Met name in Den Haag Zuidwest (de wijken Moerwijk, Morgenstond, en Bouwlust en Vrederust) zijn sociaaleconomische achterstanden ontstaan. De wijken scoren ongunstig ten opzichte van de rest van Den Haag als het gaat om bijstand, armoede, maar ook criminaliteit.

1.1 Bijstand, armoede en criminaliteit 1) in Den Haag en Zuidwest, 2018
kenmerkDen HaagBouwlust en VrederustMorgenstondMoerwijk
Huishoudens met inkomen onder of rond sociaal minimum (%)12,218,619,223,5
Bijstand (% onder 15- tot 65-jarigen)7,314,314,218,0
Geweldsmisdrijven (per 1 000 inwoners)981012
1) Bij criminaliteit geldt hier de pleeglocatie, niet de woonlocatie van de verdachte.


Dit heeft in 2019 geleid tot de Regio Deal Den Haag Zuidwest (Kamerstuk  d.d. 15-7-2019). De ambitie van de Regio Deal Den Haag Zuidwest is om de sociaaleconomische positie en leefbaarheid van Den Haag Zuidwest op te stuwen in de richting van het gemiddelde van Den Haag. 

Dit onderzoek gaat dieper in op de potentiële blootstelling aan criminaliteit van jongeren uit Den Haag Zuidwest. Uit een brainstormsessie met betrokkenen bij de Regiodeal Zuidwest vanuit de gemeente Den Haag, het Ministerie van Binnenlandse Zaken en het Ministerie van Leefbaarheid, Natuur en Voedselkwaliteit kwamen criminele jongeren en de ermee gepaard gaande onveiligheidsgevoelens als één van de meest prangende problemen naar voren. Statistieken laten zien dat jongeren uit Moerwijk, Morgenstond, en Bouwlust en Vrederust bovengemiddeld vaak verdacht zijn van zwaardere misdrijven (zie ook kaart 3.1.2). Dat zegt echter nog niet zoveel over de bredere sociale structuur waarin wijkbewoners zich bevinden. Mensen hebben immers ook veel contacten buiten de eigen buurt, bijvoorbeeld op hun werk, school of familie. Middels sociale netwerkanalyses kan meer inzicht worden verkregen in deze bredere sociale context van jongeren uit Den Haag Zuidwest: in hoeverre zit criminaliteit verweven in hun familienetwerk, onder hun klasgenoten of bij hun collega’s op het werk? 

Waar in het begin nog in brede zin werd gekeken naar de blootstelling van jongeren aan criminaliteit, is gaandeweg het onderzoek de keuze gemaakt om specifiek naar zogenaamde ‘high impact crimes’ te kijken. Door te focussen op dit type misdrijven is de scope van het onderzoek nauwkeuriger afgebakend omdat de wat lichtere vergrijpen, zoals verkeersovertredingen en langdurig schoolverzuim, niet worden meegenomen.

Vanuit de theorie wordt gesteld dat mensen beïnvloed worden door hun sociale contacten: hun familie, buren, leeftijdgenoten op school en hun collega’s. Verschillende empirische onderzoeken onder jongeren bevestigen dit. Jongeren worden door hun leeftijdgenoten beïnvloed in prosociaal gedrag (Barry en Wentzel 2006; van Hoorn et al. 2016) maar ook in antisociaal gedrag, zoals criminaliteit (Monahan et al. 2009). Bij criminaliteit is er daarnaast een zeer grote samenhang met het gedrag van directe familie. Als deze in aanraking is geweest met de politie, is de kans veel groter dat het kind later ook delinquent gedrag vertoont (Farrington et al. 1996; Van Gaalen en Besjes, 2018). 

De onderzoeksvraag is: in hoeverre worden jongeren in Zuidwest blootgesteld aan criminaliteit? En is deze blootstelling sterker aanwezig in het ene netwerk dan in het andere? Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de gemeente Den Haag en de Regiodeal Zuidwest. 

 

2. Methode

2.1 Netwerkanalyse

In het kader van een innovatieproject heeft het CBS in 2017 een methode ontwikkeld om de sociale netwerken van Nederlanders in kaart te brengen. Het gebruikte netwerkbestand is afgeleid vanuit het Stelsel van Sociaal-Statistische Bestanden (Bakker et al., 2014; van der Laan en de Jonge, 2020). In dit stelsel zit een groot deel van de administratieve bronnen die het CBS ontvangt voor wetenschappelijk en statistisch onderzoek. Deze bronnen bevatten informatie over alle personen die wonen of werken in Nederland en ze zijn met behulp van een gepseudonimiseerde  koppelsleutel met elkaar te verbinden. Hierdoor kunnen allerlei relaties tussen personen geïdentificeerd worden met als doel om een zo compleet mogelijk beeld te krijgen van de sociale omgeving van mensen. 

Middels een netwerkanalyse kan de potentiële blootstelling aan bepaalde problematieken nader onderzocht worden. Dit onderzoek richt zich op de blootstelling aan high impact crimes onder jongeren uit Den Haag Zuidwest, maar er zijn tal van andere doelgroepen en problematieken waarvan de sociale structuren middels een netwerkanalyse onderzocht kunnen worden, zoals armoede of zorggebruik. Het huidige netwerkbestand is een experimenteel product. Op dit moment is methodologisch onderzoek gaande naar de robuustheid van de onderliggende methodieken en aannames, met als doel de bruikbaarheid van het netwerkbestand nog verder te vergroten en verbreden.

Dit onderzoek is de eerste verkenning van de mogelijkheden van dit experimentele bestand voor een concrete onderzoeksvraag van een gemeente. Het is een beschrijvend onderzoek waar geen causale verbanden (oorzaak-gevolg) getest worden. Om zicht te krijgen op causaliteit, selectie en onderliggende samenhangen met andere kenmerken, is verdiepend onderzoek nodig.

Concreet worden, door gebruik te maken van de anonieme microdata die beschikbaar zijn bij het CBS, potentiële contacten van personen aan elkaar gekoppeld. Van elke jongere uit Zuidwest is dus een individueel potentieel netwerk samengesteld. Al die netwerken samen zijn vervolgens meegenomen in de analyses waarbij uitsluitend onderzoek gedaan wordt naar groepen en nooit naar individuele personen. De gebruikte data bevatten geen identificerende informatie zoals namen, burgerservicenummers of adressen. Zij kunnen en mogen, zoals vastgelegd in de CBS-wet, uitsluitend gebruikt worden voor wetenschappelijk onderzoek of het maken van statistiek en dus niet voor identificering of opsporing van individuen. Er is geen gebruik gemaakt van telefonie-/GPS-data of sociale media.

We onderscheiden vijf verschillende typen sociale netwerken:

  • Huisgenoten: dit zijn personen die samen een huishouden vormen. Vaak is dit een gezin, maar het kan, met name voor de 20-plussers, ook gaan om vrienden die samen een huis huren of om een samenwonend stel;
  • Familieleden: de Basisregistratie Personen (BRP) bevat informatie over kinderen en wie hun ouders zijn. Op basis hiervan kunnen we ook (uitwonende) broers, zussen, ooms, tantes, neven, nichten en grootouders met elkaar in verband brengen; 
  • Klasgenoten: met behulp van het onderwijsnummer hebben we informatie over de opleidingen van jongeren (van basisonderwijs tot hoger onderwijs). ‘Klasgenoten’ zijn in dit onderzoek gedefinieerd als personen die op dezelfde school en schoollocatie, dezelfde type opleiding, en in hetzelfde leerjaar zitten. Als een persoon meer dan honderd klasgenoten heeft, is een willekeurige selectie gemaakt van honderd klasgenoten;
  • Buren: met behulp van (gepseudonimiseerde) adresgegevens van huishoudens kunnen we afbakenen wie iemands buren zijn. Buren zijn in dit geval de tien dichtstbijzijnde huishoudens binnen een straal van 50 meter. Wanneer er meer dan tien huishoudens binnen deze straal vallen, zijn de tien dichtstbijzijnde huishoudens geselecteerd; 
  • Collega’s: via de Polisadministratie is bekend bij welk bedrijf een werknemer werkt. Werknemers die bij hetzelfde bedrijf werken zijn collega’s. Sommige bedrijven hebben veel werknemers waardoor een netwerk kan bestaan uit heel veel collega’s. Voor deze personen is een selectie gemaakt van de honderd collega’s die het dichtst bij de betreffende persoon wonen.
Potentiële contacten van jongeren uit Den Haag Zuidwest, 2018Potentiële contacten van jongeren uit Den Haag Zuidwest, 2018 2,7 54,5 77,5 huisgenoten 15,9 familieleden klasgenoten collega’s 22,3 burenPotentiële contacten van jongeren uit Den Haag Zuidwest, 20182,754,577,5huisgenoten15,9familieledenklasgenotencollega’s22,3buren
 

Bij deze netwerkanalyse zijn twee belangrijke kanttekeningen te maken:

  • Lang niet alle netwerken komen voor bij alle jongeren. En als ze al voorkomen, dan kunnen ze erg verschillen in grootte. Alle jongeren hebben bijvoorbeeld buren, maar lang niet alle jongeren hebben werk en dus collega’s (zie tabel 2.1.1). Zo hebben bijna negen op de tien jongeren in Zuidwest minimaal één huisgenoot. Als een jongere huisgenoten heeft, dan zijn dit gemiddeld 2,7 personen. Bij jongeren tussen 12 en 17 jaar moet dus bedacht worden dat de meesten op school zullen zitten (en dus een klasgenotennetwerk hebben), maar minder vaak werk hebben (collega-netwerk). En bij de oudere jongeren geldt juist het omgekeerde;
2.1.1 Netwerken van 12- tot 27-jarigen uit Den Haag Zuidwest, 2018
Jongeren uit Zuidwest met type netwerk
% van alle jongeren in Zuidwest
Aantal contacten in netwerk (indien aanwezig)
gemiddelde
Huisgenoten86,42,7
Familieleden73,315,9
Klasgenoten61,454,5
Buren100,022,3
Collega's41,977,5
 
  • De gebruikte databronnen geven niet weer of personen elkaar ook daadwerkelijk kennen en hoe sterk hun relatie is. Er zullen dus personen in iemands afgeleide netwerk zitten met wie in werkelijkheid geen of weinig contact plaatsvindt. Ook zullen er relaties ontbreken. Zo ontbreekt informatie over contacten buiten deze netwerken, zoals vrienden van een sportclub of iemand die je via sociale media kent. De hier toegepaste netwerkanalyse is daarom een benadering van de potentiële sociale omgeving van jongeren. In de rest van dit artikel gebruiken we de term ‘netwerk’ waarbij we in principe het ‘potentiële netwerk’ bedoelen.

2.2 Populatie

In dit onderzoek zijn de netwerken onderzocht van de jongeren die op 1 oktober 2018 in Den Haag en specifiek in Zuidwest (i.e. de wijken Moerwijk, Bouwlust en Vredelust en Morgenstond) woonden. Personen die in een instelling of tehuis woonden zijn niet meegenomen in de onderzoekspopulatie. 

Wijken in Den Haag ZuidwestKaart van de wijken in Den Haag Zuidwest Overig Den Haag Den Haag Zuid-West