Minister Kamp: ‘Nederlandse economie zit weer in de voorhoede van Europa’

/ Auteur: Marc Laan
Wat zou minister Kamp er dit jaar van vinden, van De Staat van Nederland , het jaarlijkse CBS-bericht over de economie? De minister van Economische Zaken draait er donderdag 11 februari 2016 tijdens de presentatie van de cijfers, niet lang omheen: ‘We zitten weer in de voorhoede van Europa. Het is fijn dat de Nederlandse economie weer de situatie van vóór de economische crisis heeft bereikt’, constateerde de bewindsman in een goed gevulde zaal van de CBS-vestiging in Den Haag.

Herstel zet door

Het is inmiddels de vierde keer dat CBS zijn jaarcijfers over de staat van de economie presenteert. Alle keren was Kamp er bij om direct na de persconferentie zijn commentaar te geven. In 2013 reageerde hij nog somber: ‘We zitten in een dal’. In 2014 was zijn reactie zuinig op de prille groeicijfers van dat jaar: ’We zitten weer op de goede weg’. En in 2015 klonk het voorzichtig: ‘Het herstel zet door’. Inmiddels constateert de minister dus dat het goed gaat met de BV Nederland.

Sterkste jaar

Hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen van CBS spreekt van ‘het sterkste jaar sinds het uitbreken van de economische crisis’ in 2008/2009’. Het Nederlandse bruto binnenlands product, de maat voor de welvaart, steeg vorig jaar 1,9 procentpunt. De gaskraan in Groningen is gedeeltelijk dichtgedraaid. Wanneer dit niet was gebeurd, had de groei vorig jaar zelfs de 2,3 procent gehaald.

Minder fietsen

De investeringen, de basis voor toekomstige groei, lagen in het laatste kwartaal van 2015 10 procent hoger dan het jaar er voor. Dat is evenwel nog altijd ruim 5 procent onder het niveau van 2008. Van Mulligen plaatst een kanttekening bij de investeringsgroei: die bleef mede op peil door een eenmalige piek van 70 procent in de aanschaf van personenauto’s. Met de verhoogde bijtelling in aantocht bestond er een prikkel om voor 31 december relatief fiscaal aantrekkelijk wagens in te kopen. Het consumentenvertrouwen steeg voorzichtig, maar de consument blijft terughoudend. Zo werden er minder schoenen en minder fietsen gekocht.

Minister Kamp: ‘De hoge werkloosheid is zorgelijk en de gehalveerde gaswinning zal in de Voorjaarsnota gevolgen hebben’

Groei van de export

De export groeide voor het zesde jaar op rij, met 4,2 procent. Bemoedigend noemt de hoofdeconoom de uitvoer van in eigen land gefabriceerde goederen, zoals chemieproducten. ’Daar verdienen wij meer aan dan aan het schuiven met containers voor de wederuitvoer van buitenlandse producten.’

Banengroei

Het aantal banen groeide in het laatste kwartaal van vorig jaar met 48.000, de sterkste banengroei sinds 2011, benadrukt Van Mulligen. Inmiddels telt het land voor het eerst in de geschiedenis tien miljoen banen. Daar staat tegenover dat het aantal vacatures mondjesmaat toeneemt, met vijfduizend per maand, vooral in de ICT, de horeca en de zakelijke dienstverlening. Ook de werkloosheid daalt matig, met vijfduizend personen tot in totaal 600.000. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat zich steeds meer werkzoekenden op de arbeidsmarkt melden, onder wie veel vrouwen.

Stagnerende economische groei

Achter het spreekgestoelte van minister Kamp prijkt de slogan van CBS: ‘Voor wat er feitelijk gebeurt’. Het statistiekbureau voorspelt niet, maar kijkt in de achteruitkijkspiegel hoe de economie zich afgelopen jaar heeft ontwikkeld. Toch waagt de bewindsman deze dag een blik naar de toekomst. Die is niet alleen zonnig, benadrukt hij. ‘Er zijn ongunstige ontwikkelingen in de wereld. De economische groei in China stagneert, evenals die van Rusland en Brazilië. In de Verenigde Staten zien wij tekenen van een mogelijke recessie. De Duitse economie, onze belangrijkste handelspartner, koelt onverwachts af.’ Hij stelt zijn gehoor gerust: ‘In Nederland hebben wij de zaak op orde. Er ligt hier geen recessie op de loer.’

Werkloosheid zorgelijk

Wel ziet hij enkele binnenlandse risico’s. De hoge werkloosheid is ‘zorgelijk’ en de gehalveerde gaswinning zal in de Voorjaarsnota gevolgen hebben voor de overheidsuitgaven, verwacht hij. Verder is er de uitdaging van de asielmigratie, die ‘groter is dan ooit’. ‘Dat leidt tot hogere staatsuitgaven en het betekent dat er minder geld beschikbaar is voor bijvoorbeeld investeringen in de infrastructuur.’ Er zijn economen die voorspellen dat de komst van asielzoekers de economie bevordert, maar Kamp verwacht dat de uitkomst ‘op den duur negatief is, als veel vluchtelingen economisch afhankelijk blijven van de overheid’. Hij citeert cijfers van CBS, waaruit blijkt dat slechts één op de drie statushouders een baan heeft van minimaal dertig uur per week. ‘Van de Eritreërs heeft 30 procent een bijstandsuitkering. Bij de Syriërs is dat 50 procent en onder de Somaliërs zelfs 70 procent. Dat legt beslag op de collectieve middelen.’