Rendementen en CO2-emissie elektriciteitsproductie 2015

8-6-2017 14:30
Bij de productie van elektriciteit wordt in veel gevallen gebruik gemaakt van fossiele brandstoffen, wat leidt tot emissies van CO2. Voor evaluatie van energie- en klimaatbeleid is het nuttig om het fossiele energieverbruik en de CO2-emissies per eenheid geproduceerde elektriciteit te berekenen. Deze omrekening is verre van triviaal, onder andere omdat de productie van elektriciteit vaak wordt gecombineerd met andere activiteiten zoals de productie van warmte.
Harmelink Consulting, Agentschap NL, ECN, CBS en PBL (2012) hebben mogelijke methodes voor de berekening van het fossiel (en nucleair) energieverbruik per eenheid geproduceerde/verbruikte elektriciteit en de CO2-emissie per eenheid geproduceerde/verbruikte elektriciteit beschreven en twee standaard methodes voorgesteld:

- Een gemiddelde methode: de integrale methode
- Een marginale methode: de referentieparkmethode

In de notitie “Berekening van de CO2-emissies, het primair fossiel energiegebruik en het rendement van elektriciteit in Nederland” worden deze methodes beschreven en wordt aangegeven voor welke doeleinden deze gebruikt kunnen worden.

Update 2015

De notitie Harmelink et al. (2012) bevat cijfers tot en met het verslagjaar 2010. Sindsdien bepaalt CBS ieder jaar opnieuw de cijfers over de rendementen en CO2-emissies van elektriciteitsproductie. In dit CBS bericht zijn de gegevens over 2015 aan de reeks toegevoegd (tabel 2.1).

Uit de tabel volgt dat het rendementen op fossiele brandstoffen volgens de integrale methode in 2015 is toegenomen ten opzichte van 2014. Dat komt door de toename van de productie van hernieuwbare elektriciteit. Hernieuwbare elektriciteit telt wel in de teller van deze berekening maar niet in de noemer. Het rendement volgens de referentieparkmethode is ongeveer gelijk gebleven. Hierin speelt hernieuwbare elektriciteit geen rol.

Volgens beide methoden is de CO2-emissie per eenheid geproduceerde elektriciteit duidelijk toegenomen. Dat heeft te maken met de toegenomen productie van elektriciteit uit steenkool.
Steenkool heeft een veel hogere CO2-emissie per joule gebruikte brandstof dan aardgas.